Accon avm: Belangrijke veranderingen voor renteloos lenen
woensdag 17 maart 2010 |
1 reacties
Met ingang van 1 januari 2010 kunnen ouders niet meer renteloos geld lenen aan hun kinderen zonder heffing van schenkingsrecht. Onder werking van de oude Successiewet kon dat wel als de geldverstrekker op elk gewenst moment de terugbetaling kon eisen. Alle huidige renteloze direct opeisbare geldleningen vallen onder de nieuwe regeling.
Mr. Tom van Baaren, belastingspecialist van accon■avm, krijgt er veel vragen over van de ondernemers die hij begeleidt. Hij legt uit:
In de situatie van een direct opeisbare renteloze of laagrentende (lager dan 6 procent) lening, veronderstelt de nieuwe wetgeving dat de geldverstrekker het vruchtgebruik aan de geldlener heeft geschonken. Over het genoten vruchtgebruik moet aan het einde van het jaar dan ook schenkingsrecht worden voldaan.
Deze heffing van schenkbelasting kan worden voorkomen door een nieuwe overeenkomst van geldlening aan te gaan. De nieuwe overeenkomst moet een opeisbaarheidstermijn hebben van één jaar of langer. Ook moet hierbij een marktconforme rente zijn overeengekomen. Deze rente kan lager liggen dan de gemelde 6 procent. In veel gevallen valt hiermee zelfs fiscaal voordeel te behalen, oplopend tot 52 procent van de totaal betaalde rente.
Een voorbeeld
Ouders hebben in 2008 aan hun kind een bedrag geleend van 200.000 euro. Ze hebben hierbij bepaald, dat de ouders deze te allen tijde kunnen opeisen en dat het kind hiervoor geen rente hoeft te voldoen.
Vanaf 2010 wordt het jaarlijkse voordeel gesteld op 6 procent van 200.000 euro is 12.000 euro. De vrijstelling bedraagt 5.000 euro, zodat 7.000 euro belast is. Het tarief bedraagt 10 procent, waardoor de verschuldigde schenkbelasting uitkomt op 700 euro.
Stel dat de ouders en hun kind een nieuwe overeenkomst aangaan, waarbij de geldlening is aangegaan in verband met de aanschaf of renovatie van een woning of voor een onderneming. Als de rente 5 procent (10.000 euro) is en daadwerkelijk wordt betaald, heeft de schuldenaar recht op belastingteruggave. In dat geval hoeft de geldlener per saldo slechts 48 procent van de rente te dragen.
In ons voorbeeld is de rente over de gehele som 10.000 euro. Hiervan is 52 procent aftrekbaar, waardoor het kind 4.800 euro als rentelast ervaart. De ouders kunnen dit bedrag - met gebruikmaking van de jaarlijkse vrijstelling - eventueel weer schenken aan hun kind. Hierover is dan geen schenkbelasting verschuldigd.
Reacties (1) | Reageer
Geplaatst door Mick - 27-12-2011 22:37:34
Wanneer de ouders de 4800 rente van hun kind ontvangen, moeten zij deze dan evengoed optellen bij hun inkomen wanneer het betaalde rentebedrag vervolgens weer geschonken wordt aan hun kind? Het is immers inkomen geweest.