Kostenregeling schrikt bedrijven af (FD)
vrijdag 28 oktober 2011 |
0 reacties
Nog geen 10% van de Nederlandse bedrijven is dit jaar overgestapt op het nieuwe fiscale regime voor werkkosten. Dit teleurstellende percentage meldde staatssecretaris Frans van Weekers van Financiën deze week in een brief aan de Tweede Kamer.
Taco Mulder
Amsterdam
De regeling, die bepaalt hoe werkgevers moeten omgaan met de kosten voor zaken als vakliteratuur, het personeelsfeest, en de mobiele telefoon, is te complex geworden.
Ter vervanging van de 29 aparte kostenregelingen koos het vorige kabinet voor een eenvoudiger aanpak. Bedrijven mogen hun werknemers naar eigen keuze belastingvrij vergoedingen en verstrekkingen bieden tot een maximum van 1,8% van de loonsom van de betrokken onderneming. Alles wat boven deze zogeheten vrije ruimte uitkomt, wordt belast tegen 80% bij de werkgever of kan worden belast bij de werknemer, zo luidde het aanvankelijke voorstel van toenmalig staatssecretaris Jan Kees de Jager.
Na heftig protest uit werkgeverskring dat dit tot een forse stijging van de loonkosten zou leiden, werd het voorstel aangepast. Belangrijkste wijzigingen: er kwam een overgangstermijn van drie jaar, 2011 tot 2014, waarin bedrijven ieder jaar kunnen kiezen tussen de oude en de nieuwe werkkostenregeling (wkr).
Een aantal kosten, zoals verhuiskosten en rentekorting op hypotheken, werd buiten de nieuwe opzet gehouden. De vrije ruimte wordt daardoor minder snel opgesoupeerd. Wel verlaagde De Jager het percentage tot 1,4%. Anders zou er geen sprake zijn van een budgetneutrale operatie.
Dat percentage heeft Weekers nu weer verhoogd naar 1,5%. De nieuwe wkr dreigt echter net zo gedetailleerd en ingewikkeld te worden als de oude regeling. Dat komt omdat er drie bijzondere categorieën werkkosten blijven bestaan, die de eenvoud verstoren. Dat zijn de gerichte vrijstellingen, de nihilwaarderingen en de intermediaire kosten.
Tot de eerste categorie horen zaken als vakliteratuur, cursussen en verblijfskosten die niet als loon worden gezien. Deze vergoedingen of verstrekkingen mogen onder voorwaarden onbelast worden gegeven.
De tweede categorie heet nihilwaarderingen. Deze geldt voor zaken die op de werkplek worden gebruikt en die door de werkgever ter beschikking worden gesteld, bijvoorbeeld werkkleding. De derde categorie zijn de intermediaire kosten. Die schiet de werknemer voor, zoals de kosten van een zakenlunch of kosten voor de auto van de zaak.
'De nieuwe regeling is een onuitvoerbaar gedrocht geworden', zo karakteriseert Jan Bertram Rietveld van belastingadvieskantoor Ernst & Young. 'Van de vereenvoudiging die De Jager in gedachte had, is niets terecht gekomen.'
Gerard van Westen, extern adviseur bij Deloitte, meent dat Weekers met zijn brief aan de Kamer reageert op de tegengeluiden vanuit het veld. 'Inhoudelijk stelt deze tussenevaluatie weinig voor. Ik hoop dat hij het lef heeft om het hele voorstel in te trekken als blijkt dat het niet werkt.' Beide fiscalisten constateren dat het aantal vrijstellingen en bijzondere regelingen onderhand groter is dan de 29 categorieën onder het oude systeem. 'Voor grote bedrijven is de overgang naar het nieuwe systeem een crime, meent Rietveld. 'Zij moeten hun hele administratie doorploegen om te kijken welke bedrijfskosten het karakter hebben van een vergoeding- of verstrekking.'
Bank-verzekeraar ING heeft deze inventarisatie dit jaar gemaakt. Het overleg met de or over de invoering moet nog beginnen.
- De computer en de mobiele telefoon zijn ook een terugkerend strijdpunt tussen werkgever en fiscus. De tablet zit daartussenin. Is het beeldscherm groter dan 7 inch dan is het een computer, kleiner een mobiel. De computer op het werk valt niet onder de wkr. Het mobieltje ook niet, mits voor 10% professioneel gebruikt.
- Als het personeelsfeest buiten de onderneming wordt georganiseerd, komen de kosten ten laste van de vrije ruimte. Dat is niet het geval wanneer het feest binnenshuis plaatsvindt, aldus Rietveld van Ernst & Young. Fiscalist van Westen bestrijdt die visie dat de partytent op het eigen parkeerterrein onbelast is.
- Het gebruik van de ballpoint die werknemers van hun werkgever krijgen, wordt in de werkkostenregeling op nihil gewaardeerd. De kosten ervan hoeven dus niet te worden opgevoerd. voorwaarde is wel dat de ballpoint ter beschikking is gesteld. Als de pen leeg is, moet die strikt genomen worden teruggegeven.
- De rouwkrans voor een overleden werknemer valt onder de geschenken uit piëteit en sympathie. voor deze categorie geldt een maximum van € 25 per geschenk. De kosten boven het maximum moeten dus worden opgevoerd in de vrije ruimte van 1,6% van de loonsom. De werkgever kan ook kiezen de eindheffing van 80% te betalen.
Copyright (c) Het Financieele Dagblad, 2011. fd.nl
Reacties (0) | Reageer