Onderzoek: creatief boekhouden is controller niet vreemd
vrijdag 27 november 2009 |
17 reacties
Bijna een derde van de controllers past wel eens boekhoudtrucs toe om de bedrijfsresultaten te beïnvloeden. Dat blijkt uit een onderzoek van het Controllers Instituut (CI) in samenwerking met recruitingbureau Robert Walters. Een sterke verbondenheid met het bedrijfsmanagement lijkt debet aan dit verschijnsel.
De resultaten zijn afkomstig uit de Salary Survey 2009, op 24 november gepresenteerd tijdens een bijeenkomst bij het NIVRA in Amsterdam. Aan het onderzoek deden 701 RA's en RC's mee.
Jan Bouwens, hoogleraar Accounting aan de Universiteit van Tilburg, analyseerde de door Rutger Kamphuis (Robert Walters) gepresenteerde onderzoeksresultaten.
Van de respondenten geeft 31 procent aan noodzakelijke uitgaven soms uit te stellen. Het naar voren halen van opbrengsten om zo de bedrijfswinst te kleuren, gebeurt door een kwart van de ondervraagden. Eén op de vijf ondervraagden koopt extern in om een balanspost te creëren teneinde een betere eindafrekening te kunnen laten zien. Omboekingen doen eveneens twintig procent van de ondervraagden.
"Ik wist niet dat dit in deze mate speelde", zegt Bouwens. "Deze vorm van boekhouden lijkt niet netjes, het is niet de taak van de controller winst bij te stellen. Maar we kennen onvoldoende van de aard van de aanpassingen om hier definitieve uitspraken over te doen."
"Maar het verbaast me ook niet totaal dat controllers creatief boekhouden. Vaak moeten ze meebuigen met het management. Als ze opdracht krijgen om boekhoudkundige aanpassingen te maken, dan moeten ze daar gehoor aan geven. Of ze melden aan een hogere manager dat creatief boekhouden niet door de beugel kan, maar dat betekent dat ze klokkenluiden. Dat is niet altijd een aantrekkelijk vooruitzicht. We weten hoe het klokkenluiders vergaat."
Dezelfde problematiek ziet Bouwens bij accountants. "Die hebben het net zo moeilijk, ook de externe accountants. Zij hebben ook te maken met cfo's die hun ideeën hebben over wat moet gebeuren."
Volgens Bouwens wordt de onafhankelijkheid van een controller mede bepaald door de positie binnen de organisatie. "Het maakt veel verschil of een controller opereert vanuit een afdeling finance & accounting, of wanneer er een directe aansturing is vanuit het management."
Vorige maand verwees Bouwens in een artikel in MCA, het tijdschrift van het CI, naar een dit jaar verschenen onderzoek van Victor Maas en Michal Matejka. Daaruit blijkt dat controllers zich meer verbonden weten met de manager dan met hun functionele rol als controller. Daaruit kan een rolconflict ontstaan, aldus Bouwens.
Dit rolconflict wordt sterker naargelang de functionele lijnen strakker worden aangetrokken. De onderzoekers zien dat dan de kans toeneemt dat de controller rapportages bijstelt ten gunste van de lokale manager. Ook neemt de kans toe dat de almaar aangetrokken centrale regels worden geschonden.
"Ik weet geen pasklare oplossing voor dit probleem", zegt Bouwens. "Daarvoor moeten we eerst meer onderzoek doen. Het CI-onderzoek is vooral beschrijvend. Een oplossing zou kunnen zijn om een controller toe te voegen als de control-functie dicht bij de business staat."
Voor het Controllers Instituut zijn de resultaten reden om zich "continu sterk te maken voor de naleving van de gedragscodes voor RA's en RC's en te stimuleren dat beroepsgenoten met elkaar in gesprek blijven over integriteit en ethische dillemma's tijdens de vele cursussen en bijeenkomsten die we over deze thema's organiseren," aldus CI-voorzitter Paul Kelder.
Reacties (17) | Reageer
Geplaatst door Jan Bouwens - 6-12-2009 14:16:36
Geachte heer Van de Langenberg en RickNL,
Het onderzoek gedaan onder controllers duidt erop dat de Nederlandse controller in business gemiddeld 25% van zijn tijd besteedt aan werk dat we als boekhouden kwalificeren. De controller is dus actief betrokken bij de administratie. Als u hem dicht tegen de CFO aanzet zal hij sterker naar de CFO luisteren, zet u hem dichter tegen de unit managers aan, dan zal hij meer luisteren naar de business manager. Dat is wat we vinden in het onderzoek. Nu is het de vraag wat het beste is, een business partner of een controller met een volledig rechte rug. De voorstanders van het eerste hebben liever een controller die vooral de business voort helpt, de voorstanders van de tweede categorie stellen voorop dat de kwaliteit van de cijfers voorop. Ik heb geen definitief antwoord op wat het beste is. Ik weet ook niet of we omstandigheden kunnen identificeren waaronder het een of het ander het beste is. Daar moeten we naar gaan kijken in verder onderzoek. Ik ga hierop in het Decembernummer van MCA.
Geplaatst door RickNL - 4-12-2009 10:27:43
Een controller heeft niets te zoeken in de boekhouding, hij moet er met z'n vingers van afblijven, hij mag alles zien, hij mag de cijfers challengen en voorstellen doen om de cijfers te coorigeren maar de verantwoordelijkheid voor integere cijfers blijft de verantwoordelijkheid van de accountants. Controllers moeten zich bezighouden met risico analyse, relevante voortgang en performance rapportage opstellen, het ontwerpen en onderhouden van beheerssystemen en het implementeren van process verbeteringen in de organisatie. Hij is het bedrijfseconomisch geweten van de organisatie maar bepaalt niet wat de resultaten zijn.
Geplaatst door Ronald van de Langenberg - 3-12-2009 9:51:06
Geachte heer Bouwens,
Op het risico dat ik de discussie te lang doorvoer, wil ik toch graag reageren op de probleemstelling "controller dicht bij de business versus de controller onafhankelijk van de business".
In mijn beleving is het om bedrijfsmatige redenen noodzakelijk dat een controller dicht op de business zit.
Een controller heeft namelijk een belangrijke functie in het ten behoeve van de business beheersen van kosten, doorrekenen van kostprijzen, marges en investeringen en andere opportunities, het analyseren van cijfers en trends ten behoeve van besluitvorming en het tijdig signaleren van afwijkingen, enzovoort.
Zelfs bij een zeer kleine onderneming zonder afzonderlijke F&C functie kijkt de directeur naar de omzet, de kosten (marge) en naar zijn bankrekening als stuurelement. Zonder stuurelement kan een business niet worden beheerst.
Daarmee is de controller een onlosmakelijk deel van de business en kan het ook niet anders dan dat hij/zij bij besluitvorming en uitvoering betrokken is en zich daaraan gecommitteerd voelt.
Een centrale controlfunctie, los van de business units kan hierin naar mijn mening onvoldoende voorzien. Ik zie eigenlijk alleen voordelen als het gaat om verslaglegging en het feit dat managers zich minder direct met (beïnvloeding van) de verslaglegging zullen bemoeien omdat het zich op afstand beweegt en daarover minder gezag geldt.
Ik constateer overigens dat daarmee de hele discussie met name wordt getrokken naar de internal control problematiek van de (zeer) grote ondernemingen.
Wellicht heb ik een wat romantisch beeld, maar ik zie de schoonheid van kleine overzichtelijke units (waarin de controller onderdeel is van het business management team). Ik ben helaas te jong om de details van de besturing van het vroegere business model van BSO/Origin mee te hebben gemaakt. Wat ik ervan weet was dat het bestond uit kleine onafhankelijke units die telkens als ze te groot werden weer werden opgeknipt.
Is dat geen beheersmodel waarin je beïnvloeding van de verslaggeving in elk geval beperkt tot kleine elementen van het geheel ?
Geplaatst door Jan Bouwens - 2-12-2009 20:10:18
Geachte heer Langenberg,
Ik weet niet of uw suggestie gaat werken. We weten dat als een accountant dicht tegen de business aan gaat zitten hij onbewust meebuigt met het management. Ik heb zo mijn twijfels over de vraag of het goed is accountants of controllers heel dicht op de business te zetten. Deze uitspraak ontleen ik mede aan het onderzoek dat ik deed namens het Controllers Instituut.
Controllers die zijn gekoppeld aan een businessunit manager zijn onbewust geneigd feiten ten gunste van deze manager uit te leggen. Strakkere regels vanuit het centrale niveau zijn geen oplossing om deze neiging tegen te gaan, sterker nog, businesscontrollers raken erdoor in een rolconflict. Nader onderzoek is nodig om vast te stellen of de mate waarin de controller betrokken wordt bij de besluitvorming leidt tot betere besluitvorming en dus goed is voor de onderneming.
De uiteindelijke vraag is in welke rol de controller zijn taken het beste uitvoert, onder de hoede van de centrale controlfunctie of onder de hoede van de businessunit manager. Deze vraag kan alleen in de praktijk worden beantwoord. Het is dan van belang dat de beslissers in de praktijk op de hoogte zijn van de gevolgen die welke koppeling dan ook met zich meebrengt. Er is nog onvoldoende bekend van de controlfunctie om een definitief oordeel te vormen over wat een goede of een slechte uitvoering is van de controlfunctie. Wellicht moeten we concluderen dat de controlfunctie eenvoudig niet bestaat.
Een vergelijkbaar probleem speelt naar mijn idee voor de accountant. Maar meer onderzoek is nodig om hier meer definitieve uitspraken over te doen.
Geplaatst door Ronald van de Langenberg - 2-12-2009 10:24:27
Zonder aandelen, geen topbaan !
Een interessante stelling, maar alleen toepasbaar op beursondernemingen.
- Hoe om te gaan met familiebedrijven ?
- Welke niveaus worden tot topbanen gerekend ?
Ik zou liever willen pleiten voor de bredere invoering van interne accountantsdiensten die zowel een diepgaande kennis van de business hebben, als de onafhankelijkheid om rechtstreeks aan bestuur, commissarissen en audit committees kunnen rapporteren.
Geplaatst door Ronald van de Langenberg - 2-12-2009 10:14:18
Geachte heren Bouwens en Schmidt,
Ik ben even enkele dagen van kantoor geweest en heb pas nu van de opvolgende discussie kennis genomen.
Indien en voor zover ik wat te fel ben geweest met verwijzingen naar stemmingmakerij, hiervoor mijn excuses. Desalniettemin constateren we allen dat waarschijnlijk te makkelijk wordt verondersteld dat variabele beloningen van financial and risk officers wordt gezien als een relevante factor in de kredietcrisis.
Wat ik mis in de discussie is de kwestie van de 'legitieme' creativiteit. Laat ik dit toelichten.
Zelf ben ik na mijn tijd bij Moret (interim) controller / financial manager geworden. Ik ben bij het NIVRA opgeleid door hoogleraren die nog het jaren '70 winstbegrip omarmden: Winst is datgene dat je als dividend kunt uitkeren zonder dat je het ondernemingsvermogen aantast. Bovendien ben ik opgegroeid met de idee dat een controller bij voorkeur conservatief is. Dat is het paradigma van waaruit ik denk en opereer.
In concreto heb ik een voorkeur om in goede tijden voorzieningen en accruels ('potjes') te vormen en deze in minder goede tijden aan te wenden.
Dit plaatst mij direct op gespannen voet met accountants die zijn opgeleid met IFRS, mark to market en embedded value begrippen. (Grofweg) Winst = de toename van je vermogen. Bedrijfswaarde = contante waarde toekomstige opbrengsten etc.
Zonder in discussie te willen gaan over de inhoudelijke wenselijkheid/juistheid van de verslaggevingsregels, constateer ik dat in de praktijk paradigma's botsen en dat op die momenten controllers vanuit wellicht verouderde paradigma's creativiteit gaan toepassen om zoveel mogelijk van hun eigen paradigma in stand te laten.
Ik wil dus de stelling innemen dat een belangrijk deel van het 'creatief boekhouden' om legitieme redenen plaatsvindt, danwel dat de subjectieve afweging betreffende 'substance over form' dit rechtvaardigt.
Aan de door u beiden opgeroepen discussie over de vraag of men meer of minder 'liegt' als men anderen benadeeld, moet wellicht een meer altruïstische variant worden toegevoegd: Het verkeerd toepassen van regels om een op zichzelf legitiem belang te realiseren.
Een andere dimensie die ik aan de discussie wil toevoegen is de vraag of mensen meer of minder genegen zijn om "te liegen" (waaronder ik dan ook begrijp overdrijven, bagataliseren, onvolledig of ondeskundig zijn) wanneer zij zich achter een ander kunnen verschuilen.
Zonder daar ruime empirische ervaringen mee te hebben ben ik geneigd om te stellen dat mensen meer geneigd zijn om een betwistbaar standpunt (omtrent waardering, winstrealisatie etc.) te verdedigen indien zij zich achter anderen kunnen verschuilen. Wanneer financial of risk officers zelf de verantwoordelijkheid moeten nemen zonder dat ze kunnen verwijzen naar openbare markten, andere deskundigen in of buiten het bedrijf etc. worden ze voorzichtiger.
Ik vind deze dimensie aan de discussie relevant wanneer ik naar de rol van accountants kijk. Het wijzen op de verantwoordelijkheid van het bestuur is zelfs in de accountantsverklaring terecht gekomen. Maar heeft het feit dat accountants uiteindelijk altijd naar een bestuur/CFO kan wijzen niet een mitigerend effect op de zelfstandige oordeelsvorming.
Zonder dat accountants meeprofiteren van variabele beloningen stemmen fiatteren zij wel de jaarrekeningen.
Dit laatste is mede ingegeven door de opmerking van de heer Schmidt: "In het bijzonder in de accountantswereld blijft het ingeval van precaire onderwerpen en problemen meestal erg stil."
Verder mijn complimenten aan u beiden en met name de betrokkenheid van de heer Schmidt. Ik ben zelf 43, maar heb op dit moment andere prioriteiten dan academisch onderzoek. Het raakvlak tussen sociologie en economie vind ik echter wel het meest interessante van de economische wetenschap.
Geplaatst door Arie W Schmidt - 1-12-2009 13:20:24
Geachte Jan Bouwens,
Ook weer hartelijk dank voor je laatste reactie en in het bijzonder voor je twee emails. Ben het er roerend mee eens: in ieder geval zonder aan te houden aandelen enz. geen topbaan.Een erg interessante gedachte. Als ik niet bijna 82was, zou ik wat dit delicate onderwerp betreft. wel promotieonderzoek willen doen.Gezien de bonusbelangen van velen, zal men op een terdege wetenschappelijk onderzoek wel niet zitten te wachten. Tot slot nog de opmerking dat je tot de weinigen behoort, die reageert en een discussie aangaat. In het bijzonder in de accountantswereld blijft het ingeval van precaire onderwerpen en problemen meestal erg stil.
Geplaatst door Jan Bouwens - 1-12-2009 11:22:39
We kunnen wel de kans op zelfverrijking verkleinen. Dat gaat als volgt.
Als we aan bestuurders denken zouden we kunnen overwegen hen te verplichten voor de lange termijn aandelen in 'hun' bedrijven te nemen. Bij aanstelling moet de manager bij contract laten vastleggen dat hij de aandelen ook na zijn uitdiensttreding aanhoudt en dat hij geen optie mag afsluiten tegen eventuele koersdalingen van het aandeel van het bedrijf. Uiteraard moet zijn/haar welvaart serieus in het geding zijn bij koersstijgingen en koersdalingen. De overheid zou kunnen overwegen het bestuurders te verplichten aandelen in het door hen bestuurde bedrijf te nemen. Zonder aandelen geen topbaan!
Geplaatst door ArieW.Schmidt - 1-12-2009 10:17:29
Geachte professor Bouwens,
Gezien uw uitvoerig commentaar verwijs ik tot slot naar een artikel in de Volkskrant van 24oktober 2008, dat ik u separaat per email toezend. Volgens dat artikel stellen vijf deskundigen (o.a. hoogleraren Cools, Mertens, Goodijk en een Hay Group medewerker)dat variabele bonussen vaak verkeer uitpakken en de kredietcrisis mede hebben veroorzaakt.Personeelsmanager van ABNAMRO Kilian Wawoe die op zijn onderzoek aan de Vrije Universiteit al dan niet reeds is gepromoveert pleit voor afschaffing van variabel loon.
Wie gelijk heeft,mag het zeggen.Met vriendelijke groet
Geplaatst door Jan Bouwens - 29-11-2009 15:34:02
Geachte heer Schmidt,
In Paying people to lie van Michal Jensen (2003) worden meningen verkondigd en wordt aangenomen dat iedereen valt voor de verleiding om te liegen als dit goed betaalt. Onderzoek van Gneezy uit 2000: Deception: The Role of Consequences (American Economic Review) laat zien dat mensen terughoudend zijn te liegen als ze daar anderen mee benadelen. Wel laat hij zien dat naarmate het financiële voordeel voor de leugenaar oploopt, deze meer gaat liegen. Echter, u moet er rekening mee houden dat het geen een-periode-spel is. De leugenaar kan en zal na verloop van tijd gevat worden. Dat heeft een mitigerend effect op de kans op liegen. Ik wil graag toegeven dat er wordt gelogen maar waar het om gaat is te weten of dit op grote schaal gebeurt.
Voorts stel ik vast dat u kennelijk niet zelf wil beoordelen of de vragen van KPMG voldoende basis bieden voor uw uitspraak dat is “gebleken dat het belonings-en bonussenbeleid de belangrijkste oorzaak van de kredietcrisis is” Deze uitspraak heeft KPMG nooit gedaan. Zij zeiden dat 500 managers deze mening waren toegedaan. Deze meningen geven echter een wankele basis voor de conclusie dat het beloningsbeleid de schuld is van de kredietcrisis. Als KPMG de relatie tussen beloning en kredietcrisis had willen onderzoeken dan is het volstrekt onvoldoende af te gaan op meningen daarover. Zelfs of beter juist die van risk managers geven zo’n basis niet.
We weten uit onderzoek dat meningen worden gevoed door de waan van de dag, dat juist deskundigen zich laten leiden door overdreven zelfvertrouwen en dat mensen in het algemeen geneigd zijn een logische verklaring te vinden voor het onverklaarbare om van daaruit verder te kunnen gaan. U kunt hiertoe het werk van de marketeer Ariely (Van Chicago) en de organisatieonderzoekers Russo (Cornell) en Schoemaker (Chicago) raadplegen als u dat zou willen. Ik wil hier niet mee uitsluiten dat beloning de schuld is of een rol speelt in de huidige crisis, ik heb alleen geen overtuigend bewijs gezien dat zulk een conclusie ondersteunt. Het is eerder het tegendeel. Ik geef dus graag toe dat mensen gaan liegen als daar toe worden betaald, echter we kunnen niet de uitspraak aan dat bedrijven hier geen maatregelen tegen treffen en dat de aspirant leugenaar voor deze gaat liegen zijn toekomst in overweging neemt. Voor het eerste vond ik samen met mijn PhD student empirisch bewijs binnen Free Record Shop en in een grote sample van Britse bedrijven. Voor het laatste vindt Gneezy dat mensen terughoudend zijn over te gaan tot liegen als zij daar anderen mee benadelenm zelfs als die anderen niet weten dat ze worden benadeeld.
Geplaatst door Arie W. Schmidt - 29-11-2009 14:33:55
Geachte professor Bouwens bedankt voor uw uitgebreide reacties. Wat het onderzoek van KPMG betreft ben ik uiterst benieuwd naar hun commentaar op uw zienswijze/kritiek. Betrokken N.V. lijkt mij daarvoor de meest geschikte partij.
Zelf wil ik nog wel opmerken, dat opmerkingen zoals "lijkt me sterk en het lijkt er meer op" bij mij niet als sterke argumenten overkomen. Tot slot uit accountant nr.11 blijkt niet hoogleraren Vosselman en Schenk uw mening ondersteunen. Het boek the Financial Numbers Game en het artikel Paying people to lie zijn in dit verband aardig leesvoer.
Geplaatst door Jan Bouwens - 28-11-2009 20:56:18
Wellicht nog een opmerking over het onderzoek van KPMG ‘Never again?’.
Het feit dat mensen (ook deskundigen) zeggen dat belonings-en bonussenbeleid de belangrijkste oorzaak van de kredietcrisis is, wil niet zeggen dat dat ook de oorzaak is. We weten dat mensen zoeken naar een oorzaak als zij niet kunnen verklaren waarom een situatie zich voor hun ogen voltrekt. Mensen kunnen het moeilijk verdragen als zij een situatie niet begrijpen en zoeken dan naar voor de hand liggende verklaringen.
Als u het onderzoek van KPMG leest dan luidde de vraag die werd gesteld: ‘Elements of risk management most at fault in contributing to the credit crisis.’ Vervolgens werden de respondenten uitgenodigd aan te geven welke elementen hadden bijgedragen aan de kredietcrisis. Inderdaad vond 52% van de risk managers dat de ‘Incentives and remuneration’ ‘most at fault’ waren. Maar deze vraag is niet valide. Er wordt gevraagd naar een mening en daarin wordt ook nog gevraagd een causale relatie te leggen. Wanneer men zou willen weten of het beloningsbeleid heeft bijgedragen aan het de crisis, dan zou men moeten kijken naar de situatie voor de crisis en het beloningsbeleid in die tijd. Men zou dan kunnen kijken of voor banken met sterkere incentives Credit Default Swaps eerder in waarde gingen stijgen (teken dat de bank zijn verplichtingen niet kan nakomen). Echter in het KPMG-onderzoek wordt gevraagd aan ‘Chief Risk Officers’ een causaal verband te leggen tussen crisis en beloning. Hebben de risk managers dan bekeken en vastgesteld dat zo’n verband zich voordoet? Dat lijkt me sterk. Het lijkt er meer op dat deze officers graag een verklaring zoeken voor gebeurtenissen die ze wellicht niet kunnen verklaren op basis van hun risicomodellen. Bovendien, als zij dat nu weten, waarom hebben zij dan niet eerder aan de bel getrokken?
Geplaatst door Jan Bouwens - 28-11-2009 16:30:47
Ik wil graag deze uitnodiging gebruiken om een paar zaken recht te zetten. In de eerste plaats bestaat empirisch bewijs voor de stelling dat beloning weinig te maken heeft met onoorbaar gedrag. Als we hiervoor een verklaring zoeken, hebben we meer kans deze te vinden binnen de persoonlijkheid van de manager. Overmoedige managers hebben de neiging hun eigen werkelijkheid te creëren. Zie hiertoe ondermeer:
http://weblogs.nrc.nl/schinkel/2009/10/20/pas-op-voor-dromers-in-uw-bedrijf-jan-bouwens/
Tevens wil ik verwijzen naar een onderzoek van Stanford waaruit blijkt dat een de meestextreme vorm van winststuring, namelijk fraude, niets te maken heeft met variabele beloning. Ik verwijs u graag naar de volgende site voor een nadere onderbouwing van deze stelling. http://www.mejudice.nl/node/117
Ten slotte wil ik de lezer erop attent maken dat bedrijven hun prestatiemeetsysteem aanpassen op mogelijke vormen van sturing. Ik wil niet zeggen dat dit in elke bedrijf goed gaat maar voor de meeste bedrijven is dat wel het geval.
Geplaatst door Arie W. Schmidt - 27-11-2009 15:26:59
Wat de mijnsinziens niet onderbouwde reactie van de heer Bouwens aangaande onjuiste verklaringen i.v.m.beloningen enz.(laatste 2 zinnen) betreft, die ligt voor de hand. Vide Accountant nr. 11 is betrokkene immers de mening toegedaan dat zonder prestatiebeloning de bedrijvigheid lang niet zo hard zal groeien als hij heeft gedaan. Uit internationaal onderzoek van KPMG onder 500 bestuurders van banken is evenwel gebleken dat het belonings-en bonussenbeleid de belnagrijkste oorzaak van de kredietcrisis is.
Wat de reactie van de heer R.v.d. L betreft, wil ik slechts opmerken, dat creatief handelen op elk niveau kan plaatsvinden.
Geplaatst door Jan Bouwens - 27-11-2009 13:47:00
Ik vind het jammer dat er wordt gesproken van stemmingmakerij. Het was juist niet de bedoeling met de presentatie stemming tegen accountants of controllers te kweken. Het CI en ik hebben juist de nuance opgezocht door geen conclusies hieraan te verbinden. Dit betekent echter niet dat we ons de vraag moeten stellen hoe omvangrijk sturing is en bovenal waarom deze plaats heeft. Pas als we dat oorzaken weten, kunnen we het fenomeen van sturing verklaren. Ik hoop dan ook op suggesties uit het veld die ons verder helpen te begrijpen wat er gebeurt. Bevindingen in de doofpot stoppen lijkt me een weinig vruchtbare weg. Of bonussen de oorzaak zijn? Dat is niet wat we vinden in de data waarover we thans beschikken. Wat voor velen voor de hand lijkt te liggen en soms ook in de praktijk wordt gezien duidt niet noodzakelijk op de verklaring van een fenomeen. Wel weten we uit onderzoek dat voor de hand liggende maar onjuiste verklaringen een lang leven beschoren zijn. Beloning is er een van.
Geplaatst door Ronald van de Langenberg - 27-11-2009 12:04:35
De belangrijkste zin uit het bovenstaande artikel is: "Maar we kennen onvoldoende van de aard van de aanpassingen om hier definitieve uitspraken over te doen."
De rest neigt naar stemmingmakerij en verdachtmakerij zonder deugdelijke grondslag, accountants onwaardig.
Creativiteit is soms helaas noodzakelijk, juist om tot een goed beeld omtrent resultaat en vermogen te komen of om niet ten prooi te vallen aan de grilligheid van marktomstandigheden en verslaggevingsregels (denk aan de mark-to-market discussies).
Het benutten van mogelijkheden die de regelgeving biedt door controllers kan zeer rationeel zijn en in het belang van de onderneming en diens stakeholders. De nieuwe paradigmas van accountants (bijv. IFRS versus de vroegere jaren 70-stijl actuele waarde) kunnen in de ogen van controllers en CFO's juist zeer irrationeel zijn. (Moet ik de waardestijging van mijn onroerend goed als resultaat gaan verantwoorden terwijl dit niet uitkeerbaar is en bovendien subjectief en onderhevig aan de waan van de dag ? Waarom kan ik nog geen reorganisatievoorziening vormen als ik weet dat er een grote reorganisatie aankomt ? Waarom moet ik mijn debiteurenvoorziening op historische afschrijvingen onderbouwen terwijl de wereld om me heen instort ? etc.)
Ik vermoed dat de grote meerderheid van de controllers voor aanpassingen van de winst een goede en realistische onderbouwing heeft, gebaseerd op een streven naar goed inzicht en niet primair geleid door rationele afwegingen in de belonings- en carrieresfeer.
Een goede controller/CFO voert desnoods ook overleg met zijn accountant als hij signaleert dat het onnadenkend toepassen van regels tot verkeerde uitkomsten leidt en maakt problemen op die wijze tot een gedeeld probleem.
Ook accountants kennen het probleem dat nuchter zakelijk verstand op gespannen voet kan komen te staan met de toepassing van regels, remember het good-old substance over form, maar zij kunnen de verantwoordelijkheid voor het daadwerkelijk toepassen afschuiven op controllers en CFO's. Dat is wel net zo makkelijk.
Ik wil zeker niet alles goedpraten, maar om te veronderstellen dat creativiteit per definitie een gebrek aan integriteit impliceert gaat veel te ver en vergt inderdaad nader onderzoek en nadere onderbouwing.
Stemmingmakerij lijkt me zeer onwenselijk en in strijd met het oude GBR artikel 5.
Geplaatst door Arie W. Schmidt - 27-11-2009 11:22:41
Dat een hoogleraar zoals de heer Bouwens zelfs niet wist dat het creatief boekhouden enz. in de gevonden mate enz. plaatsvindt, vind ik meer dan zorgelijk Hieruit blijkt, zoals ik reeds vele malen opperde, dat vele toezichthouders zoals commissarissen, accountants enz. daarvoor blind zijn, danwel niet weten of willen weten hoe de hazen lopen. Verstrekken van bonussen werkt e.e.a. toch in de hand en dienen zodoende te worden afgeschaft, werkt creatief boekhouden alleen maar in de hand. Desalniettemin zijn vele geleerden een andere mening toegedaan.