'Vrijstelling kleinbedrijf deponeren jaarcijfers onrealistisch'
donderdag 18 maart 2010 |
8 reacties
Het NIVRA ziet weinig in de vrijstelling van zeer kleine bedrijven om de jaarrekening te deponeren bij de Kamer van Koophandel. Deze maand sprak het Europees Parlement zich uit voor die vrijstelling van de deponeringsplicht voor microbedrijven. Volgens Jan Pasmooij en Henk Verhoek zal dit besluit niet leiden tot voordelen voor het kleinbedrijf.
Jan Pasmooij, coördinator ICT Knowledge Center van het Koninklijk NIVRA, noemt het besluit van het Europees Parlement een vorm van volksverlakkerij. Dit vanwege de voorstelling dat het afschaffen van de deponeringsplicht zal leiden tot een besparing van 6,3 miljard euro aan administratieve kosten in Europa.
"De suggestie dat kleine bedrijven geen jaarrekening nodig hebben, berust niet op feiten. Allereerst zijn er fiscale redenen voor kleine bedrijven om een jaarrekening op te stellen. De jaarcijfers zijn onderdeel van de fiscale aangifte, een ondernemer heeft ze dus altijd nodig."
"In de tweede plaats eisen banken in het kader van kredietvoorwaarden dat bedrijven jaarcijfers aanleveren. Ook voor wat betreft het afsluiten van verzekeringen kan ik mij voorstellen dat de vraag naar jaarcijfers naar voren zal komen."
Volgens Pasmooij is deponeren van jaarstukken verder relevant voor kleine bedrijven omdat de informatie bij de Kamer van Koophandel veelvuldig wordt geraadpleegd. "Bijvoorbeeld door leveranciers. Ook raadplegen kredietbeoordelaars op dit moment de registers bij de Kamers van Koophandel."
"Te verwachten valt dat deze organisaties in de toekomst zelf informatie bij bedrijven gaan opvragen als ze die niet meer kunnen vinden bij de Kamer van Koophandel. Dat kan ertoe leiden dat bedrijven geconfronteerd gaan worden met meer uitvragers met ieder eigen informatievragen. Dat betekent juist meer werk en extra kosten voor kleine bedrijven."
Onlangs stelde Ruud Vergoossen, hoogleraar externe verslaggeving en directeur vaktechniek bij BDO, de deponeringsplicht overbodig te vinden in Nederland. "Omdat deponering bij het handelsregister pas uiterlijk dertien maanden na balansdatum hoeft plaats te vinden. Daarnaast gaat het slechts om een gecomprimeerde balans met toelichting, die bovendien niet is onderworpen aan accountantscontrole. De toegevoegde waarde van deze informatie is vrijwel nihil."
Henk Verhoek, coördinator externe verslaggeving bij het NIVRA, vindt daarentegen dat de deponeringsregeling past bij Europese afspraken over transparantie. "Als Koninklijk NIVRA zijn wij geen voorstander van het afschaffen van de publicatieplicht. De eis tot transparantie geldt ook voor microbedrijven."
"Zodra je kiest voor de vorm van een BV, is de consequentie dat je jaarcijfers publiceert. Je bent nu eenmaal niet meer aansprakelijk als persoon, maar als een BV. Dat die publicatie beperkt is en de fiscale waarderingsgrondslagen volgt, is geen probleem."
Verhoek vreest dat de deponeringsvrijstelling zal leiden tot ongelijkheid in de Europese Unie, terwijl er juist behoefte is aan uniformiteit in rapportage en transparantie. "Als de vrijstelling doorgaat, kan elke lidstaat zelf uitmaken of kleine ondernemingen verplicht worden de jaarcijfers te deponeren."
"Beter is het om ook voor micro's op het niveau van de EU afspraken te maken om één level playing field te bereiken. Die afspraken behoeven voor micro's niet meer te omvatten dan een algemeen raamwerk voor financiële verslaggeving en een publicatieregeling."
Pasmooij geeft aan dat door de inzet van XBRL in combinatie met dat algemene raamwerk de kosten voor het samenstellen en publiceren sterk kunnen worden beperkt. "Zo kan wel tegemoet worden gekomen aan de wens van lastenverlichting. Ook kan er invulling worden gegeven aan de behoefte aan transparantie. Zeker als dit op Europese schaal zou gebeuren."
Reacties (8) | Reageer
Geplaatst door Dick van Offeren - 9-4-2010 10:17:26
"Stoer" staat niet voor niets tussen aanhalingstekens. Dat was blijkbaar onduidelijk. Als je het weglaat verandert er niets aan mijn redenering: Bij rechten horen plichten en bij activiteiten hoort informatieverstrekking, als je de BV-vorm wenst te gebruiken.
J.J.M. van Eechoud koppelt de BV-vorm aan de fiscale achtergrond. De redenering komt erop neer dat als een éénmans-BV niet publiceert de grootaandeelhouder de consequentie van persoonlijke aansprakelijkheid aanvaardt.
Mijn visie is dan dat blijkbaar bij de pensioen BV een vorm van rechtspersoonlijkheid wordt gebruikt waarvoor die niet is bedoeld. De BV-vorm is toch ontwikkeld om de aansprakelijkheid te beperken?
Eerder stelde ik dat de conclusie is dat de rechtsvorm van de BV minder geschikt is voor de micro-onderneming. Hieraan kan de pensioen BV die voor fiscale redenen is opgericht, worden toegevoegd.
Dan moet volgens mij de discussie zijn dat er een rechtsvorm moet worden ontwikkeld (of gekozen) die voldoet aan de eisen van deze functie.
Het ondernemingsrecht biedt de rechtsvormen aan. Als je daarvan gebruik wilt maken dien je daarvan de consequenties te aanvaarden.
Geplaatst door J.J.M. van Eechoud - 8-4-2010 22:06:08
Wat de keuze voor de BV-vorm met stoerheid te maken heeft ontgaat mij. Voor honderdduizenden BV's alleen al in Nederland is de achtergrond een fiscale.
Waarom geen parallel te trekken met de groepsjaarrekening: als een dochter (lees: éénmans-BV) niet publiceert aanvaardt de moeder (lees de grootaandeelhouder) de consequentie van persoonlijke aansprakelijkheid.
Ik ben achterdochtig over de motieven van de tegenstanders van afschaffing!
Geplaatst door Dick van Offeren - 23-3-2010 9:28:27
Frans van Osch schrijft: "Maar wat nou als de overheid een "idiote publicatieplicht" verlangt of een publicatieplicht die zijn doel voorbijschiet?" Daarover zijn wel een paar opmerkingen te maken. De 'overheid' heeft de BV ingesteld en heeft daarbij gezocht naar evenwicht tussen beperking van aansprakelijkheid en uitbreiding van transparantie. Als BVs worden geconfronteerd met "idiote publicatieplicht" is dat volgens mij het gevolg van de (blijkbaar onjuiste) keuze voor de BV-vorm. De aandeelhouder van de BV wenst wel de voordelen maar niet de nadelen. Dat is volgens mij geen oprechte keuze. Als het een acuut maatschappelijk probleem is, moet de aandeelhouder in de BV een andere rechtsvorm kiezen, of moet het ondernemingsrecht een rechtspersoon creëren die in deze specifieke situatie een daarbij passend evenwicht vindt tussen beperking van aansprakelijkheid en uitbreiding van transparantie. Een andere vraag is wat er nu eigenlijk moet worden gepubliceerd als een BV een zeer geringe omvang heeft? Geen personeel, dan ook geen personeelsgerelateerde informatieverstrekking. Geen vreemd vermogen, dan ook geen vreemdvermogengerelateerde informatieverstrekking. U voelt het al aan: geen activiteiten, geen informatieverstrekking over activiteiten.
Kortom: bij rechten horen plichten en bij activiteiten hoort informatieverstrekking, als je zo "stoer" bent de BV-vorm te gebruiken.
Geplaatst door Frans van Osch RA - 22-3-2010 15:13:28
Hieronder (19-3-2010 10:21:01) brengt Dick van Offeren een interessant punt in. Zijn zienswijze is "Wie zo "stoer" is een BV te willen hebben, moet daarvan de publicatieconsequenties dragen." Op het eerste gezicht valt daar wat voor te zeggen. Maar wat nou als de overheid een "idiote publicatieplicht" verlangt of een publicatieplicht die zijn doel voorbijschiet? Moet dat dan kritiekloos worden ondergaan? Mij dunkt van niet.
Van Offeren bepleit tevens om het door de artikelen 2:396 en 397 BW gemaakte onderscheid tussen kleine, middelgrote en grote ondernemingen af te schaffen. Daarmee gaat hij voorbij aan de belangenafweging tussen enerzijds de publicatieplicht van ondernemingen en anderzijds het maatschappelijk belang. Ten onrechte gooit hij alle ondernemingen op één hoop én al het maatschappelijk belang van die ondernemingen op één hoop. Daarmee gaat hij voorbij aan elke vorm van nuancering.
Kernpunt is en blijft of met de publicatieplicht het beoogde doel wordt bereikt. Hieronder (18-3-2010 22:46:41) duidde ik reeds dat dit m.i. geheel niet geval is. Daarbij moet worden bedacht dat een overheid die aan wie of wat dan ook verplichtingen oplegt, deze op deugdelijke wijze moet kunnen motiveren. Kan zij dat niet, dan maakt zij zich belachelijk; werkt er hard aan om niet meer te worden gerespecteerd. Mij dunkt is dat een overheid waarop niemand zit te wachten. Zelfs het NIVRA niet.
Geplaatst door Drs J.H.Meijran RA - 19-3-2010 10:31:04
Denk eens aan de vele Pensioen B.V`s.Wat moet een ander daar in `s hemelsnaam mee. Het kost alleen maar geld. Onzin dus die deponeringsplicht, zeker in dit voorbeeld: afschaffen dus.
Geplaatst door Dick van Offeren - 19-3-2010 10:21:01
Helemaal eens met NIVRA. Wie zo "stoer" is een BV te willen hebben, moet daarvan de publicatieconsequenties dragen. Beperking van de aansprakelijkheid impliceert uitbreiding van de transparantie. Daarom is bepleit ik de vrijstellingen die nu gelden voor kleine en middelgrote ondernemingen, de bekende artikelen 2:396 en 397 BW, geheel af te schaffen. Niet minder maar meer publicatie-eisen ook voor kleine en middelgrote rechtspersonen, is mijn stelling. De fiscus en de bank kunnen hun informatiebehoefte krachtig afdwingen. Maar andere belanghebbenden kunnen, ook bij kleine en middelgrote rechtspersonen een informatiebehoefte hebben, vooral bij conflicten.
Het kan zijn dat de conclusie is dat de rechtsvorm van de BV minder geschikt is voor de micro-onderneming. Dan moet volgens mij de discussie zijn dat er een rechtsvorm moet worden ontwikkeld die voldoet aan de eisen van de micro-onderneming. Iedere belanghebbende die zaken doet met een dergelijke micro-onderneming weet dan welke beperkingen gelden voor de informatieverschaffing en kan daarop zijn voorwaarden aanpassen.
Het NIVRA behartigt volgens mij met deze stellngname belangen van het economisch en het maatschappelijk verkeer.
Geplaatst door H.J. Brouns RA - 19-3-2010 9:26:51
Zoals aan elke kant zijn er diverse aspecten te belichten en heeft iedereen een beetje gelijk.
Feit is echter wel dat het laten opstellen van deponeringsstukken door accountants- of administratiekantoren het bedrijfsleven geld kost en het maatschappelijk belang van dergelijke stukken zeer beperkt lijkt vanwege tijdstip en beknoptheid.
Het niet meer hoeven deponeren door microbedrijven leidt derhalve wel degelijk tot een kostenbesparing op entiteit niveau, maar m.i. niet tot maatschappelijke schade.
Ik schaar mij dus in het kamp der voorstanders.
Geplaatst door Frans van Osch RA - 18-3-2010 22:46:41
Doelstelling van deponering van de jaarrekening bij de Kamer van Koophandel is dat derden deze voor hun eigen besluitvorming kunnen opvragen en beoordelen. Fraai voorbeeld daarvan vormen leveranciers en kredietbeoordelaars. Precies zoals in bovenstaand persbericht vermeld.
Deze doelstelling wordt niet bereikt. Een oordeel vellen over de kredietwaardigheid aan de hand van de jaarrekening is op zichzelf genomen al een heikele zaak. Het wordt des te riskanter als de oordeelsvorming plaatsvindt aan de hand van een inmiddels verouderde jaarrekening. De meeste jaarrekeningen, en zeker die van het midden- en kleinbedrijf, zijn al verouderd bij het opstellen daarvan. Laat staan bij deponering of de inzage van zo'n gedeponeerde jaarrekening, nog veel later.
Anders gezegd: de jaarrekening is geen goed middel en levert in aanzienlijke mate "schijnzekerheid". De doelstelling van deponering wordt niet gehaald en dus dient deponering te worden afgeschaft.
Overigens, voor het beoordelen van de kredietwaardigheid zijn betere instrumenten beschikbaar; ik noem het betalingsgedrag en branchekennis.
Een heel ander verhaal is de vraag of kleine(re) bedrijven een jaarrekening moeten opstellen. Dat moeten zij voor de fiscus en dat is begrijpelijk. Ze hoeven het niet te doen voor zichzelf; voor hun eigen sturing. Het midden- en kleinbedrijf gebruikt voor de eigen sturing doorgaans andere middelen. Deze ondernemers zitten bovenop hun business en beschikken zo nodig over ad hoc overzichten. Voor hen is de jaarrekening meestal mosterd na de maaltijd.
Tenslotte de vermeende behoefte aan gelijkheid in Europa en aan uniformiteit. Gelijkheid en uniformiteit kunnen naar hun aard nimmer zelfstandige behoeften zijn. Het zijn per definitie afgeleiden van andere behoeften; in feite zijn het "slechts" middelen om andere behoeften te bevredigen. Daar waar het gaat om deponering van de jaarrekening van kleine ondernemingen bij de Kamer van Koophandel zijn zoals hierboven al aangegeven geen realistische behoeften aan de orde; laat staan behoeften ter zake "gelijkheid in Europa" of aan "uniformiteit".
Met dit persbericht wekt het NIVRA wederom de indruk zich op te werpen als louter behartiger van gevestigde belangen. Datis jammer.