Accountancystudenten kunnen trots zijn op hun diploma
maandag 5 september 2011 |
7 reacties
In zijn column van juni 2011 gaat Marco Moling in de eerste twee lange alinea's in op een aantal problemen aan het hbo zoals die thans in brede kring worden gesignaleerd. Ik vraag mij af wat zijn ongenuanceerde bijdrage toevoegt aan deze discussie.
Moling doet afbreuk aan de kwaliteit van het onderwijs die het hbo ook thans levert. Fouten in het onderwijssysteem dienen te worden gecorrigeerd, maar aan de tendentieuze benaderingswijze van Moling is geen behoefte. Bovendien is deze in hoge mate kwetsend voor al die docenten én managers die zich inspannen om goed onderwijs te leveren.
Door mijn directe betrokkenheid bij hbo accountancy heb ik aanleiding om wat dieper in te gaan op Molings evenzeer tendentieuze beschrijving van die specifieke opleidingen. Een beschrijving die wordt gekenmerkt door een gebrek aan kennis van het onderwerp.
Moling spreekt zijn twijfel uit over het niveau van de studenten, waargenomen in zijn rol als gastdocent. Allereerst wijst enig historisch besef uit dat de ‘volwassen' generatie immer twijfelt aan het niveau van leerlingen en studenten. Maar nu de inhoud.
Moling stipt achtereenvolgens aan: bonuspunten, hercorrecties, te gemakkelijk geven van vrijstellingen op basis van elders verworven competenties, en ‘show'-literatuurlijsten, zonder dat dit behoorlijk wordt uitgewerkt. Alles wordt ondergeschikt gemaakt om maar de tendens te bevestigen dat het bij hbo accountancy ook wel niet zal deugen.
En passant merkt hij nog iets op over niet-accountants die de kernvakken verzorgen. Moling weet toch ook, dat het enige échte kernvak voor de accountant controleleer is? Er is geen reden waarom niet-accountants geen externe verslaggeving of BIV/AO zouden kunnen geven.
Hoe verzekert de opleiding Accountancy (AC) aan het hbo het niveau?
In de eerste plaats vindt toezicht niet alleen plaats vanuit de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie maar ook vanuit de Commissie Eindtermen Accountantopleiding (CEA). Deze neemt haar verantwoordelijkheid door niet alleen de eindtermen voor accountants vast te stellen, maar ook zich er met een solide toezichtsysteem van te overtuigen dat de eindtermen bij de opleidingen echt worden gerealiseerd, zowel bij de universiteiten als het hbo.
Voorts kent hbo accountancy een landelijk examen, de Overall toets (OAT), een geïntegreerde toets van de drie kernvakken. De slagingsnormen worden centraal vastgesteld en er is landelijk toezicht op de wijze van corrigeren en het toekennen van punten door de docenten van de betrokken opleidingen.
Voorts is landelijk exact afgesproken welke CEA eindtermen in de bachelorfase worden behandeld (170 ects gemeenschappelijk, exclusief stage en afstuderen). De Overall toets wordt afgenomen in het vierde jaar en het is vrijwel uitgesloten dat deze kan worden behaald als het daaraan voorafgaand curriculum - bestaand uit tal van relevante vakken voor de accountant - op onvoldoende niveau zou zijn gedoceerd en getoetst.
Hoe Moling aan de informatie komt dat de kernvakken zouden worden uitgekleed is mij een raadsel, ik wijt het aan een gebrek aan kennis.
De geïnteresseerden wil ik desgewenst nader informeren hoe secuur de landelijke afspraken over de accountancyopleiding zijn gemaakt en worden nageleefd, leidend tot de conclusie dat de studenten op een eenduidig en overtuigend hbo-niveau worden opgeleid.
Accountancystudenten hebben alle reden om trots te zijn op hun bachelor diploma, ze hebben er hard voor gewerkt.
Jan de Groot
(namens het bestuur van het AC-scholenoverleg)
Reacties (7) | Reageer
Geplaatst door Rutger Rulkens - 19-4-2012 6:53:42
Na het lezen van Jan de Groot's betoog, waarbij ik weer op zijn hand was, las ik Marco's tegenreactie. Marco scoort ook wel de benodigde punten. Ik denk nu, vechten jullie het maar uit. Eén mening wil ik nog delen. En dat is mijn antwoord op de vraag of de OAT te moeilijk is: (ik) JA! Die is absoluut te moeilijk. Ik heb ook Externe Verslaggeving mogen doceren. Ik heb een oefenexamen gemaakt waarbij de vakidioten de vingers kunnen aflikken. Ik ben bereid om zowel Jan als Marco gelijktijdig de opgave toe te mailen. Degene die mij als eerste de juiste antwoorden geeft, heeft de discussie gewonnen. Ik hoor het wel. Succes ermee!
Geplaatst door Jurroen Cluitmans - 9-9-2011 21:41:55
Soms zijn reacties in minder dan 500 woorden onderuit te halen. Als dhr Moling spreekt over "de reeds jarenlang bedroevende slagingspercentages" - overigens prefereer ik met Van Dale 'slaagpercentages' - dan wordt duidelijk dat hij de feiten niet kent. Op de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen slaagt ongeveer 3/4 van de studenten de eerste keer voor de OAT en ook bij andere hogescholen komen dergelijke cijfers voor.
Wederom, net als in zijn oorspronkelijke artikel, presenteert dhr. Moling zijn persoonlijke ervaring op een hogeschool als de zogenaamde waarheid voor alle accountantsopleidingen aan het hbo.
Zijn opmerking dat belastingrecht voor de AA een aanvullend kernvak is, deel ik overigens volledig. Maar ik niet alleen. Het AC-scholenoverleg heeft dit uitgesproken en op de HAN is de omvang in EC's van belastingrecht in de bachelor zelfs groter dan die van controleleer, externe verslaggeving en bestuurlijke informatievoorziening.
Het zou dhr. Moling sieren als hij zijn redeneringen zou baseren op feiten en niet op suggesties.
Jurroen Cluitmans is coördinator accountantsopleiding (bachelor, post-hbo, praktijkopleiding AA) aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen en bestuurslid van het AC-scholenoverleg.
Geplaatst door Harry Mock RA - 6-9-2011 17:37:47
Heer de Reijer,
Haalt de Accountancy 2015 ?
Geplaatst door drs EC (Erik) de Reijer RA - 6-9-2011 10:28:54
Accountants die controleren? Vergeet je taak niet!
De problemen in de accountancy vinden hun oorzaak in de focus van veel accountants op de controle van de jaarrekening. Dit is de verwachtingskloof van het maatschappelijk verkeer en hun klanten enerzijds en de accountants anderzijds.
Naast controleren beschrijft COSO nog drie wezenlijke aspecten; te weten de Strategic, Operations en Compliance. Deze laatste drie betreffen het in control zijn van de business. Dit zijn de onderwerpen waarvan de ondernemer s-nachts wakker ligt. De ondernemer heeft behoefte aan professionele ondersteuning bij zijn bedrijfsactiviteiten. Dit is als eerste het realiseren van zijn strategische doel, het beheersen van zijn bedrijfsafdelingen en de interne beheersing (of administratieve organisatie).
Een accountant die zich richt op alle vier de aspecten van COSO ontmoet een tevreden klant. De accountant heeft hier zelf eveneens baat bij. Behalve dat een periodiek overleg over de lopende kernactiviteiten en de risico’s de professionele gretigheid bevredigt is het in control zijn van de activiteiten de basis voor de te controleren externe verslaggeving. De interne beheersing dient robuust te zijn omdat de accountant hierop steunt. Een accountant kijkt dus niet zozeer terug op afgelopen jaren, hij kijkt vooruit.
Ikzelf focus mij op 2015. Welke beheersingsmaatregelen laat ik nu in de software en de procedures verankeren zodat wij er in 2015 op kunnen steunen? Hoe leggen wij de basis dat het automatisch goed gaat met goedgekeurde software, point of sales en cloud? Het in control zijn van de onderneming beschouw ik als een, zelfs de, kerntaak van de accountant. Ik merk dat de ondernemer dat ook van zijn accountant verwacht. Het is een mooie dienst die de ondernemer waardeert. Met de luiken open houdt in dat de accountant ziet wat de ondernemer en het maatschappelijk verkeer vraagt. Het sluit ook aan bij de literatuur uit 1992 (COSO ICIF) en 2004 (COSO ERM).
En het controleren, dat gaat automatisch goed dankzij accountants die jaren geleden de interne beheersing op orde brachten met goede software en procedures.
Geplaatst door Edwin Mafficioli del Castelletto - 5-9-2011 17:39:11
De HEAO Accountancy opleiding heeft als afsluiting het OAT examen en de post-Master RA opleiding heeft als afsluitend examen Financial Auditing. Deze examens zijn breed en van een bepaald niveau (hoog) dat het niet voor te stellen is dat er een onvolwaardig diploma behaald wordt. Daarnaast is het zo dat voor deze examens geen compensatie van punten mogelijk is met eerder behaalde vakken. Maar het allerbelangrijkste is dat beide examens centraal worden opgesteld, dat wil zeggen onder supervisie van de examencommissie en dus niet onder supervisie van één enkele school.
Ik ben het daarom helemaal eens met Jan de Groot; accountancy studenten kunnen trots zijn op hun diploma. Onafhankelijk van de school waar deze opleiding gevolgd is.
Geplaatst door Arnout van Kempen - 5-9-2011 15:56:23
Ik begrijp dus dat de opleiding drie kernvakken heeft, een echt kernvak en een aantal relevante vakken, dat studenten die hard werken trots mogen zijn en dat de ad hominem nog steeds een populair argument is.
Wat ik niet begrijp is waarom de kwaliteit van de opleidingen, hbo of anders, niet primair wordt uitgedrukt in de tevredenheid van de afnemers: de werkgevers. Valt daar nog iets zinnigs over te zeggen?
Geplaatst door Marco Moling - 5-9-2011 9:48:32
Jan de Groot reageert op mijn eerdere column over de vastgestelde tekortkomingen binnen het hbo-onderwijs en de gerechtvaardigde vraag mijnerzijds of de kwaliteit van het huidige hbo-accountancy-onderwijs (AC-onderwijs) wel van voldoende niveau is.
Reacties juich ik immer toe. Een goede reactie zorgt immers voor discussie en houdt ons allen gezond scherp. De reactie van De Groot is er echter een van een bestuurder. Ook deze personen zijn nodig, gaf ik al aan in mijn column. Zijn reactie is echter erg voorspelbaar en voegt mijn inziens weinig toe aan zaken die de meesten al wisten. De kernvraag blijft.
Allereerst lijkt, volgens De Groot, aan mijn tendentieuze benaderingswijze geen behoefte te bestaan. Dergelijke reacties hoor en lees je wel vaker van bestuurders als onderwerpen worden aangesneden die niet in hun straatje passen. Dat geen behoefte bestaat aan gerechtvaardigde vragen vanuit mijn betrokkenheid als accountant, docent maar ook idealist heb ik echter niet kunnen ontdekken.
Naar aanleiding van mijn column heb ik tot mijn grote verbazing moeten constateren dat vele docenten maar ook scholieren binnen het AC-onderwijs het hebben toegejuicht en positief hebben gereageerd dat dergelijke zaken in mijn column kritisch onder de loep worden genomen. Zo kwetsend, als De Groot doet veronderstellen, was het volgens mij dan ook niet.
De huidige afstand tussen de bestuurder en de docent lijkt daarmee nogmaals onderstreept te worden.
De Groot geeft verder aan dat mijn column erop is gericht dat ook het AC-onderwijs niet deugt. Als De Groot goed zou hebben gelezen weet hij dat ik met vele voorbeelden aangeef dat het er op lijkt dat het AC-onderwijs ook aan kwaliteit aan het inboeten is. Helaas voor De Groot heb ik voor mijn column maar vijfhonderd woorden. Dus niet alles is binnen deze bandbreedte wetenschappelijk te onderbouwen.
Vervolgens laat De Groot het instrumentarium zien om de lezer te overtuigen dat het toezichtmodel ervoor zorg draagt dat het AC-onderwijs wel hbo-volwaardig is.
Dat toezichtmodel is niets nieuws. Waren de onlangs afgetoetste hbo-opleidingen ook niet geaccrediteerd?
Het opvallende is dat in zijn bijdrage wel vleiend wordt gesproken over de OAT-toets en de eisen daaraan. Niet wordt ingegaan op de reeds jarenlange bedroevende slagingspercentages,
en de oorzaak daarvan. Is de OAT-toets te moeilijk? Ligt het aan onvoldoende kennis bij de student? Waren de vooraf getentamineerde vakken wel van voldoende niveau? Helaas blijft De Groot ons het antwoord schuldig. Misschien behoeven de eindtermen van de CEA een nadere bestudering.
In zijn verdere betoog verwijt De Groot mij een gebrek aan kennis. Met dertien jaar onderwijservaring binnen het AC-onderwijs voor zeven (hoofd)vakken heb ik blijkbaar niet aan zijn normenkader voldaan.
En passant merkt hij nog op dat het enige échte kernvak voor accountants controleleer is. Ik mag hopen dat De Groot dit niet serieus bedoelt maar als grap. Misschien is hij vergeten dat er ook nog AA-accountants worden opgeleid binnen zijn AC-scholen, die in de praktijk nauwelijks controleren. Misschien zou er voor deze groep, als aanvullend écht kernvak, belastingrecht dienen te zijn. Het zij De Groot vergeven. Ik verwijt hem geen gebrek aan kennis.