Insolventie: accountant kom tijdig in actie!
woensdag 24 juni 2009 |
2 reacties
Op 15 juni 2009 was ik aanwezig bij de NOvAA-themabijeenkomst 'Voorkomen is beter, accountant en insolventie'. Opmerkelijk, en ook wel een beetje teleurstellend, was dat er vooral werd gesproken over de nieuwe insolventiewet, als opvolger van de huidige faillissementswet. Als deze wet er komt, en dat is nog maar de vraag, wordt onder meer de positie van de andere schuldeisers verbeterd ten opzichte van de staat. Bovendien wordt er niet meer gestuurd op liquidatie, maar meer op doorstart.
Er werd de nodige aandacht besteed aan de deskundigheidseisen voor de bewindvoerder/insolventiespecialist (opvolger van de huidige curator). Over de huisaccountant bestond weinig discussie: die moet voor dit werk een andere (externe) accountant naar voren laten komen, die los staat van de emotie, ook geen langdurige relatie hoeft maar zakelijk en snel de beste oplossingen zoekt.
Interessant is de vraag wie een rol speelt bij vroegtijdige signalering van de noodzaak tot bijsturing. Dat zijn drie partijen:
Allereerst de ondernemer zelf. Over het algemeen is deze echter te optimistisch ingesteld om de signalen echt op waarde te schatten.
Ten tweede is er de accountant. Deze zou de signalen wel degelijk kunnen zien, en dat gebeurt ook wel. Maar ondanks de vertrouwensrelatie blijkt het moeilijk om een en ander bespreekbaar te maken. Bovendien is zijn advies al snel 'verdacht' omdat het omzet voor hem genereert. Mogelijk is hij ook huiverig voor het spanningsveld met de verklaring (continuïteitsvraag) die hij afgeeft, ook al hoeft dat niet, als er maar tijdig wordt gereageerd!
De derde partij is de bank. Deze krijgt signalen, maar vaak toch met wat vertraging. Pas als bijzonder beheer aan de orde komt, worden er specialisten naar de klant gestuurd om te helpen. Of negatiever gesteld: om te redden wat er te redden valt. Uit deze werkwijze komt overigens wel het gros van de huidige doorstarts voort.
De recovery rate is bij een formele reorganisatie (doorstart na faillissement) zes procent. Bij een informele reorganisatie is dat zestig procent, tien keer zoveel. Tijdig ingrijpen is dus duidelijk succesvol.
Als er wordt gestreefd naar het verhogen van het aantal situaties die niet tot liquidatie leiden, lijkt de huisaccountant dus de meest aangewezen partij om actie te ondernemen. Hij is als eerste externe partij op de hoogte en is dichtbij om het bespreekbaar te maken.
Afgezien van het feit dat zijn advies 'verdacht' kan zijn (eigenbelang), blijkt echter ook dat de vertrouwensrelatie toch minder groot is dan altijd werd aangenomen. Tijdens de themabijeenkomst werd aan de zaal gevraagd wie zich ziet als 'geweten' van de klant en signaleert en bespreekt als iets niet de goede kant op gaat.
Het aantal vingers dat werd opgestoken was verbluffend gering.
Mogelijk speelt hier ook een rol dat accountants erg zijn gesteld op feiten: zaken moeten aantoonbaar, bewijsbaar zijn. En 'signalen' hebben naar hun aard iets ongrijpbaars. Daarom is een accountant misschien wat huiverig om dit te bespreken met zijn klant, die daar bovendien misschien niet zo voor open staat.
Zelf heb ik bij de oriëntatie voor de opstart van mijn eigen consultancybedrijf ervaren dat accountants niet erg geneigd zijn om een andere adviseur bij hun klanten naar binnen te laten komen. Ze vinden die werkzaamheden zelf interessant en een enkeling gaf in een eerlijke bui toe dat 'broodnijd' ook een rol speelt.
Bij het tijdig bijsturen van ondernemingen die zich in de verkeerde richting ontwikkelen zijn de huisaccountants echter cruciaal. Op hen rust de taak om hun klant op de problemen te wijzen en te adviseren hiervoor een externe deskundige in te huren.
De continuïteit van hun relatie met de klant komt hiermee niet onder druk te staan. Dus: accountant kom in actie!
Hans Doorenspleet
Reacties (2) | Reageer
Geplaatst door Tom Koning - 1-7-2009 13:40:54
Een schipper in zwaar weer kan niets buiten zien dus moet op zijn instrumenten varen. Een ondernemer in zwaar weer moet dat dus ook. Die informatie hebben accountants verstand van. Juist in deze tijden zou een accountant een ondernemer moeten vragen naar zijn analyses op een dieper niveau dan liquidiqiteitsbegroting en orderportefeuille (wat kost het om welke mensen te ontslaan, hoeveel marge en cash leveren mijn producten eigenlijk echt op en welke alternatieven zijn er, hoeveel omzetdaling kan ik eigenlijk aan enz). Deze informatievoorziening is de deskundigheid van de accountant, draagt bij aan tijdiger signaleren van problemen, onderbouwen van bewuste keuzen en naar deze analyses zal worden gevraagd door bankiers of informal investors. Ergo, schoenmaker blijf bij je leest, wees het instrumentenpaneel van de ondernemer of ijk het aanwezige instrumentenpaneel.
Geplaatst door Willem D. Okkerse - 28-6-2009 21:55:37
Volgens u zijn er drie partijen.
1. De ondernemer zelf
2. De accountant
3. De bank
Stellingen :
Bij de meeste involventies is het echter zo dat :
1) De ondernemer het niet wil zien
2) De accountant ziet het te laat
3) En als het gezien wordt denkt de bank alleen aan zich zelf.
Gaarne introduceer ik bij u een vierde partij. In dit geval b.v. ons OK-Rating Instiutute.
Als onafhankelijke derde zonder broodnijd omdat er geen accountantwerk wordt uitgevoerd is practisch ieder involventie twee tot drie jaar voor dato te voorspellen en ALLE insolventies tenminste één jaar van te voren.
Gezien het bestaande trackrecord van de OK-Score : Enron, Worldcom, Parmalat, Landis en zelfs het Ahold debacle geloven de ondernemers juist wel de OK-Score. Omdat de OK-Score rating ook gebruikt wordt als scherprechter bij het selecteren van AEX aandelen en daarmee een rendement maakt van 93% in zes jaar en zes maanden (ca. 100 procent meer de index zelf) kan bij de bank worden aangetoond dat de bank zelf niet kan raten dan wel een fatsoenlijke kredietlijn vaststellen.
(Anders zouden hun eigen fondsen die in Nederlandse aandelen beleggen wel beter resultaten hebben. De beste is nauwelijks beter dan de index zelf.)
En dan de accountants zelf :
Enkele jaren geleden heb ik samen met een collega in een postacademische opleiding 65 RA's een voorspelling laten maken over een vijftal bedrijven. Deze excercitie maak ik nog regelmatig o.a. aan de Universiteit van Leuven. Het is altijd bijzonder frappant om te zien dat noch die toenmalige RA's, noch de MBA studenten in Leuven of recentelijk nog een groep fraude-experts tot een goede oplossing komen.
Overigens ik bied u deze proef gratis aan.
Samenvattend :
Door een correcte en early warning van een rating krijgt de accountant een adviesrol in het verbetertraject, hij krijgt materiaal in handen voor de onderhandelingen met de bank en de bank heeft de zekerheid dat de onderneming voorlopig nog niet omvalt.