Poortwachtersfunctie financiële markten vereist meer kennis
dinsdag 17 januari 2012 |
1 reacties
De financiële crisis heeft bij publiek, beleidsmakers en ondernemingsbesturen het besef vergroot over de risico's van gestructureerde financiële producten. Dit heeft onder andere geleid tot een roep om een actievere rol van de accountant in het signaleren en beheersen van potentiële risico's.
In reactie daarop is binnen de beroepsgroep een discussie ontstaan over de invulling van een dergelijke poortwachtersfunctie. Het debat spitst zich evenwel vooral toe op de kritiek dat accountants zich bij hun controlepraktijk te veel hebben laten leiden door commerciële prikkels.
Wat ons verbaast, is dat in het publieke debat niet of nauwelijks aandacht wordt besteed aan de vraag of de accountants überhaupt wel voldoende kennis hebben om in de dynamiek van de financiële markten hun maatschappelijke rol waar te maken. Wij betogen dat om de poortwachtersfunctie adequaat te kunnen uitoefenen, de beroepsgroep meer kennis moet bezitten van de financiële markten en haar complexe producten, onder meer door de kennis- en opleidingsvereisten te verhogen.
Dat geldt niet alleen voor de accountants bij financiële instellingen, maar ook voor de accountants die werkzaam zijn in niet-financiële instellingen. Dit omdat de rol van de financiële markten een toenemende invloed uitoefent op het werk van ook die accountants.
In 2008 vielen banken om, terwijl kort daarvoor de accountant nog zijn handtekening onder de jaarrekening had gezet. In kritische reacties hierop hebben leden van de Tweede Kamer de wens geuit dat de accountant zijn poortwachtersfunctie effectiever en stringenter uitoefent.
De NBA heeft in oktober 2011 een rapport gepubliceerd over de poortwachtersfunctie. Het plan is om risico's eerder te signaleren en beter te beheersen. Dit kan volgens de NBA echter alleen worden bereikt als het management de daartoe benodigde informatie aanlevert. In eerste instantie moet de kwaliteit van de verantwoording van de onderneming zelf worden verbeterd, aldus het rapport.
Gegeven de debakels met Enron, DSB, ING Direct en Dexia - om nog te zwijgen over de massale afwaardering van cdo's en daaraan gerelateerde derivaten in de gehele financiële bedrijfstak - vragen wij ons af in hoeverre de accountant daadwerkelijk de bagage heeft om de poortwachtersfunctie waar te maken. Of specifieker, in hoeverre de accountants in staat zijn de door het management aangeleverde informatie te vertalen in een bredere assurance dan nu het geval is en, in het verlengde hiervan, in een meer informatieve controleverklaring.
Dit geldt natuurlijk in eerste instantie voor controleverklaringen van bedrijven in de financiële sector zelf, zoals banken, verzekeraars en beleggingsmaatschappijen. Maar dergelijke producten worden ook gebruikt door niet-financiële bedrijven. En de strengere kapitaalseisen die nu voor banken worden geformuleerd ('Basel III') zullen dat gebruik alleen maar doen toenemen, omdat bedrijven financieringsvormen zullen zoeken buiten de traditionele bancaire sector.
Ook EU-regels ter beperking van staatsgaranties in de semi-publieke sector (bijvoorbeeld woningbouwcorporaties) zullen het gebruik van niet-traditionele vormen van financiering vergroten. Te denken valt aan financieringen van onroerend goed of privaat dan wel publiek geplaatste schuldtitels.
De door de NBA geformuleerde opleidingsvereisten (eindtermen) voor accountants zullen moeten worden aangescherpt op het terrein van financiële producten en markten. Het gaat er dan natuurlijk niet alleen om kennis te nemen van de producten en hun risico's, maar ook te leren wat de indicaties zijn van toe- of afnemende risicograad, zoals: hoge leverage, open posities, mismatches, de wisselwerking tussen krediet- en marktrisico's en imperfecte hedges.
Alleen op deze wijze worden accountants in staat gesteld een vakkundig oordeel te geven over de risico's in de hedendaagse, veranderende financiële markten.
Dennis Vink en Mike Nawas
Reacties (1) | Reageer
Geplaatst door Arnout van Kempen - 17-1-2012 12:53:06
Dat de accountant voldoende kennis in zijn controleteam dient te organiseren is al het geval. Schiet de accountant daarin tekort, dan is optreden aan de orde.
Maar is het zinvol om alle accountants te scholen in kennis die al met al toch maar voor een vrij beperkt aantal accountants relevant is? We hebben pakweg 20.000 accountants (titelhouders) in dit land, en nog eens een aardig aantal in opleiding. Hoeveel van hen zouden werkelijk baat hebben bij de voorgestelde extra opleiding? En hoe gaan we bewaken dat deze kennis actueel blijft? Een extra, specifieke PE-plicht voor alle 20.000?
"Alleen op deze wijze worden accountants in staat gesteld een vakkundig oordeel te geven over de risico's in de hedendaagse, veranderende financiële markten" beweren de auteurs. Ik heb geleerd wat achterdochtig te worden als mensen één oplossing aanbieden, geen alternatieven noemen of zelfs overwogen lijken te hebben, en dan beweren dat het alleen op de door hen voorgestelde wijze kan.
Ook in dit geval geloof ik daar geheel niets van. Natuurlijk zijn er meer oplossingen mogelijk. En persoonlijk denk ik dat iedere oplossing die niet voorziet in gerichte kennistoename, en behoud van die kennis, maar die werkt als een schot hagel, geen goede oplossing is.