Verbod op commerciële prikkels?

vrijdag 18 november 2011 | 2 reacties

Eind september 2011 pleitte de NBA in een consultatiedocument voor aanpassing van de Verordening Accountantsorganisaties met een verbod op het belonen van commerciële prikkels bij wettelijke controleopdrachten. Een reactie van de NBA Young Profs.

Onafhankelijkheid van de accountant is van vitaal belang voor het vertrouwen in de financiële markten en de integriteit van de financiële jaarrekening. Recente financiële crises hebben het vertrouwen in deze onafhankelijkheid van de accountant aanzienlijk geschaad. Een belangrijke kritiek is dat accountants zich teveel hebben laten leiden door commerciële prikkels.

De in de media meest genoemde bron van commerciële prikkels zijn de adviesdiensten die de accountant naast de wettelijke controle verleent aan dezelfde klant. Eurocommissaris Barnier stelt in zijn Groenboek voor om accountantskantoren te laten kiezen tussen controle of advies. Dit is gebaseerd op de veronderstelling dat niet de controlewerkzaamheden maar de bijkomende adviesdiensten de driver zijn voor de winst van een accountantskantoor.

De tweede belangrijke bron voor commerciële prikkels is het behoud van de huidige controleklant. Deze bron is in de media veelal onderbelicht, maar moet niet worden onderschat. Zo stellen Ettredge, Chan en Emeigh (2011) dat tijdens de economische crisis van 2007-2009 accountants, vanwege de druk op de eigen resultaten, minder snel geneigd waren tot het geven van negatieve going concern verklaringen bij hun belangrijke controleklanten, dan bij controleklanten waar ze minder van afhankelijk waren.

Als reactie op de kritiek doet de NBA nu een voorstel tot een verbod op commerciële prikkels bij wettelijke controleopdrachten. Onze reactie op de voorgestelde aanpassing geven wij aan de hand van drie door de NBA in het consultatiedocument gestelde vragen.

1. Bent u het eens met het in het voorstel gekozen uitgangspunt dat de regeling betrekking moet hebben op alle leden van het controleteam bij een bepaalde cliënt en niet alleen op de ‘Key Audit Partner' zoals in de Code of Ethics staat?

De veronderstelling van de NBA die hieraan ten grondslag ligt (overigens zonder toelichting), is dat de key audit partner weliswaar een doorslaggevende rol heeft in het auditproces, maar niet de key decision maker is.

Velen in de accountantspraktijk zullen dit herkennen. De partner geeft weliswaar de controleverklaring af, maar laat zich hierbij veelal inhoudelijk adviseren door de (senior) manager van het auditteam. Ook onderzoek laat zien dat niet de partner maar de (senior) manager de grootste invloed heeft op het auditproces. Tot slot blijkt in de praktijk dat ook de overige teamleden commerciële prikkels ervaren, op basis van bijvoorbeeld cross-selling.

De NBA Young Profs zijn het daarom eens met het NBA-voorstel om het verbod niet te beperken tot de key audit partner maar van toepassing te verklaren op het gehele controleteam. Mogelijk wordt de jongste assistent hiermee onevenredig geraakt, maar in de praktijk zal deze veelal toch nog geen commerciële KPI's hebben.

2. Bent u het eens met het voorstel om het verbod betrekking te laten hebben op alle diensten, inclusief het verkrijgen van wettelijke controle opdrachten en niet alleen op non-assurance services zoals in de Code of Ethics staat?

Zoals hiervoor is geschetst, geven ook wettelijke controleopdrachten commerciële prikkels (het willen behouden van controleklanten). Wij ondersteunen dan ook het NBA-voorstel om de verordening aan te passen voor zowel wettelijke controleopdrachten als adviesdiensten.

3. Is lid 3 van het voorstel voor de aanpassing VAO, om beoordeling en beloning van ondernemersvaardigheden, als onderdeel van de totale beoordeling en beloning in het kader van de carrière ontwikkeling niet onmogelijk te maken, op een juiste wijze verwoord?

Het voorstel van de NBA is theoretisch en maatschappelijk goed uit te leggen, maar vanuit praktisch oogpunt is wel een belangrijke kanttekening te plaatsen. Het huidige voorstel voor lid 3 biedt namelijk onvoldoende handvatten om daadwerkelijk het verbod te kunnen implementeren. Dat huidige voorstel luidt als volgt: ‘Het eerste lid, onderdeel b en c zijn niet bedoeld om het beoordelen en belonen in het kader van de normale carrièreontwikkeling en het zijn van partner binnen een accountantsorganisatie onmogelijk te maken'.

Naar onze mening is dit geen eenvoudige opgave. Zo is de financiële sector al een aantal jaren bezig om richtlijnen te ontwikkelen voor het beloningsbeleid bij banken. En dan nog richten deze richtlijnen, zoals de Code Banken, zich alleen op het financiële beloningsbeleid en niet eens op het human resources-beleid ten aanzien van bijvoorbeeld carrière- en persoonlijke ontwikkeling.

Verwachten dat accountantsorganisaties nu zelf in korte tijd een HR-beleid kunnen ontwikkelen dat enerzijds economische prikkels ontbeert en anderzijds ondernemerschap stimuleert, is volgens de NBA Young Profs niet realistisch zonder nadere handreiking vanuit de beroepsorganisatie.

De NBA Young Professionals juichen de continue ontwikkeling van het accountantsvak toe en onderschrijven dat richtlijnen inzake commerciële prikkels zich niet moeten beperken tot de key audit partner en tot de adviesopdrachten. Maar het huidige voorstel voor aanpassing van de VAO geeft accountantsorganisaties nog onvoldoende handvatten om hier daadwerkelijk invulling aan te geven.

Namens de Adviescomissie NBA Young Profs

Joko Tenthof van Noorden


  • Reageer
  • Print
  • Twitter
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Delen

Reacties (2) | Reageer


Reacties

Geplaatst door Johan Nelemans - 19-11-2011 12:39:45

Om Pieter wellicht enigszins gerust te stellen, ik mag graag geloven dat, in ieder geval sinds het uitbrengen van het rapport van algemene bevindingen kwaliteit accountantscontrole en kwaliteitsbewaking door de Autoriteit Financiële Martken (AFM), de betrokkenheid van de externe accountant bij de uitvoering van de controle is toegenomen.

Mijn ‘geloof’ is mede gebaseerd op ervaringen uit de praktijk. Ik constateer dat de externe accountant op vele momenten in het controleproces, onder meer door een elektronisch dossier, wordt ‘gedwongen’ om zijn betrokkenheid zichtbaar te maken en ook tussentijds kennis te nemen van belangrijke bevindingen en conclusies. De pre audit meeting is en blijft een waardevol instrument voor de externe accountant om belangrijke aandachtspunten mee te geven aan het controleteam, waar trouw gebruik van wordt gemaakt. Ook bevindingen uit de interim-controle en eindejaarscontrole worden tijdig onder de aandacht van de externe accountant gebracht.

Overwegend constateer ik dat externe accountants in voldoende mate betrokken zijn om verantwoordelijkheid te kunnen nemen voor de algehele kwaliteit van de controleopdracht, hetgeen weliswaar een noodzakelijke, maar ook zeer positieve ontwikkeling is. Daar ik heb begrepen dat ook externe accountants ‘maar’ mensen zijn, zullen er in de praktijk ongetwijfeld goede en minder goede voorbeelden waarneembaar zijn. Echter, de ontwikkelingen die ik waarneem zijn veelbelovend.

En om mijn mede (senior) managers en daarmee mijzelf gerust te stellen, de toegevoegde waarde van onze rol is hierdoor zeker niet minder geworden.

Geplaatst door Pieter de Kok - 18-11-2011 10:51:19

Voilá, goed om een bijdrage van NBA Young Profs te lezen! Blij mee!

Nu gaat het stuk om commerciele prikkels, maar interessant vind ik echter ook deze paragraaf, is een ander onderwerp, maar in het licht van de kwaliteitsdicussie (leg maar even een linkje) een zorgwekkende vaststelling, waarvan ik juist dacht dat dit beeld zou zijn veranderd..

"Velen in de accountantspraktijk zullen dit herkennen. De partner geeft weliswaar de controleverklaring af, maar laat zich hierbij veelal inhoudelijk adviseren door de (senior) manager van het auditteam. Ook onderzoek laat zien dat niet de partner maar de (senior) manager de grootste invloed heeft op het auditproces".

Als senior manager bij een Big4 kantoor (alweer zes jaar geleden) heb ik bovenstaande uiteraard ook zo ervaren. Niet bij alle partners, maar bij een aantal zeker wel. "Hallo, waar en met wie is de eindbespreking ook alweer?", was geen onbekend SMS berichtje op de dag van slotbespreking...:)

Verwachten wij met elkaar nu juist niet dat de audit partner juist niet veel meer in het proces zijn stempel 'komt' drukken om het kwaliteitsvraagstuk voor een deel verder op te lossen? Kennis overdragen, mensen beter maken, er boven op zitten?

Partners?

Pieter, partner in uitvoering


Reageer op dit artikel


 





Laatste reacties






Over de auteur


Archief