Fusie NIVRA-NOvAA: a case of déjà vu

dinsdag 6 oktober 2009 | 8 reacties

Ik volg met (misschien wel te afstandelijke) historische belangstelling het debat op deze site - en elders - over de merites van de NIVRA-NOvAA-fusie. Mijn NIVRA-voorzitterschap in 1991 werd gesierd door veel van dezelfde argumenten, voor en tegen, die nu nog doorklinken.

Maar het NIVRA-bestuur had destijds eerst wat andere noten te kraken. Zoals het 'vlees-noch-vis'-rapport van de Commissie Geelhoed (Rapport Commissie Advisering Stroomlijning Accountantswetgeving, 1990) en een daarop volgend de-facto-geen-fusie wetsvoorstel van minister Koos Andriessen, dat veel te royaal omging met overgangsregelingen en keurmerkverbrassing.

Verder hadden we te maken met een RA-gemeenschap die zichzelf decennialang veel te serieus nam op het punt van het monopoliebehoud op de attestfunctie, en een politiek veel slim-sluwere NOvAA die de RA-stem in het politieke debat iedere keer weer als een houten Klaas liet klinken.

Met behulp van vooral de vertrouwde hand van toenmalig NIVRA-directeur Wim Moleveld is de tegenaanval ingezet op alle fronten, onder (ook nieuw)  professionele pr- en lobbybegeleiding. Het attestmonopolie van de RA werd onceremonieel opgegeven - laat de markt maar beslissen -en als tegenprestatie werd een duivelspact gesloten met de NOvAA.

Samen zijn de twee organisaties toen aan de slag gegaan. Eerst om te proberen de regering op andere gedachten te brengen. En daarna, toen dat niet lukte, om de Tweede Kamer te overtuigen van het NIVRA-NOvAA-standpunt dat het wetsontwerp een wangedrocht was.

NIVRA en NOvAA hebben vervolgens, zij het niet altijd even gemakkelijk, gezamenlijk hard gewerkt aan het concipiëren van een nieuw wetsvoorstel dat uiteindelijk - uniek - als initiatiefwet, met Kamerbrede ondersteuning is aanvaard. Dat voerde tot de huidige situatie: twee pluriforme organisaties, twee keurmerken, die zich deels richten op onderscheiden segmenten van ‘de markt'. De regering trok na deze tour de force het eigen wetsvoorstel in.

Beide organisaties zouden destijds desnoods, als de politiek daarop had gestaan, ook akkoord zijn gegaan met de huidige voorstellen: twee keurmerken en twee kamers binnen één organisatie. Dat was immers een veel beter alternatief dan de toenmalige gedwongen-huwelijksvoorstellen van de regering, met het keurmerkverschralingsgevaar voor de RA's (hoewel we de twee decennia daarna andere manieren hebben gevonden om dat toch te laten gebeuren) en voor de AA's het gevaar van ongewenste RA-intimiteiten. Dat laatste gevaar is met de bestendiging van de AA-titel onder de huidige fusievoorstellen geweken.

We zijn nu bijna twintig jaar verder en hebben nog meer nuttige ervaring opgedaan met samenwerking in de praktijk. Daar zeuren we nooit over de beheersbaarheid van pluriforme organisaties. Ik kan me de politieke voorkeur en druk om met één organisatie te werken dan ook best voorstellen. Ik zie ook geen echte redenen om dat niet te proberen en beschouw paralysis by analysis als een veel groter gevaar.

Wat niet wegneemt dat veel van de argumenten van de tegenstanders best hun theoretische merites hebben en nog steeds een nuttige functie kunnen vervullen bij de uiteindelijk uitwerking. Maar als er geen groot draagvlak gevonden zal worden voor de fusie, zal dat waarschijnlijk niet gebeuren op basis van rationele argumenten maar van emotionele. C'est la vie.

Kortom, het beroep heeft grotere uitdagingen te overwinnen inzake haar toegevoegde waarde en businessmodel. De beroepsorganisatie is al op essentiële functies uitgekleed, deels verdiend, deels om goede redenen, deels door eigen falen: opleidingsvoorwaarden, verslaggevingsstandaarden, controlestandaarden...

Geen wonder dat ook de bibliotheek niet langer figureert als een instituutsprioriteit of erfgoedbewaarder.

Toch zou het goed zijn nog eens goed na te denken over reinventing oneself. Over andere inhoudelijke functies en een ander bedrijfsmodel, waarin de stem van een pluriforme beroepsorganisatie opnieuw - en verrijkt - van wezenlijk belang kan worden. Als faciliteerder en ‘samenbrenger' op onderwerpen van collectief en maatschappelijk belang die beter geanonimiseerd naar buiten kunnen worden gebracht (denk aan systeemrisico's).

Maar ook als 'agent provocateur' in situaties waarin de beroepspraktijk grote vragen oproept (kredietcrisis: waar waren de accountants?) en als peer reviewer en initiërende stem bij onderwerpen die niemand anders op tafel wil leggen, zoals ‘wat zijn de gevolgen van de too big to fail-status van de big four?'.

Of, wie weet, moeten we een nog drastischer vraag stellen: of het hoofdaccent dat nu wordt gelegd op het belang van de openbare functie, niet moet worden verschoven naar het belang to get it right at entry level. Met andere woorden: is de controllerfunctie, met haar onderbelichte publieke taak, maatschappelijk niet veel belangrijker? En de openbare accountantsfunctie niet meer dan een vergulde second opinion - zonder aansprakelijkheid please? Dat zou het traditionele bedrijfsmodel met 180 graden keren.

Ik zou er best een rondetafel zonder stoelen aan willen wijden!

Jules Muis


  • Reageer
  • Print
  • Twitter
  • LinkedIn
  • Delen

Reacties (8) | Reageer


Reacties

Geplaatst door Angela van Os - 17-10-2009 19:01:17

Het belang to get it right at entry level, spreekt mij zeer aan. Al hoewel de right entry opzich al moeilijk kan zijn - het is pas fout als er fout op staat en wanneer weet ik dat het fout was. Als ik wist dat het fout was, had ik het niet gedaan. Ik weet dat de samenleving complexer is geworden en de kredietcrisis zet de zaak verder op scherp. De externe accountant zou mijn inziens goed contact met de accountant in business/controller moeten houden, omdat zij dagelijks in de complexe organisaties rondlopen en hun oren en ogen kunnen zijn. Zo kunnen we op weggaan naar een transparante maatschappij. Ik kan zelf niet beoordelen of dit binnen de beroepsorganisatie geregeld kan worden, dit zal afhangen van het bestuur en de fusievoorstellen of zij de accountant in business/controllers serieus willen nemen.

Geplaatst door Berry Wammes - 16-10-2009 21:13:42

Het afgelopen voorjaar is het NIVRA haar debatcyclus gestart met een sessie over maatschappelijke verwachtingen en de signaalfunctie van het beroep (met dank aan Jules). Wat mij betreft een uitstekend idee om in het voorjaar 2010 de debatcyclus van de nieuwe (pluriforme) beroepsorganisatie i.o. te laten aftrappen met het thema "Get it right at entry level".

Geplaatst door Frank Felten - 16-10-2009 9:04:03

Ik schuif graag aan bij deze rondetafel. Het is (overigens al heel lang) de hoogste tijd dat meer fundamenteel naar ons beroep en de daar (nu nog)onder vallende bloedgroepen gekeken wordt.

Geplaatst door jules muis - 10-10-2009 19:25:11

jawel, Marc, het kantelen van het beroeps macro- bedrijfsmodel zal ongetwijfeld verdere impulsen krijgen vanuit XBRL, maar is ook zonder die ontwikkeling de moeite van het overwegen waard.
En nu we het toch over XBRL hebben, ik heb best bewondering voor haar pioniers maar maak me wat ongerust dat te veel de suggestie wordt gewekt dat het ook wel eventjes de winst en waarderingsbepalings problematiek - denk fair value accounting - in one big swoop kan oplossen. Het (ook goede) nieuws is dat XBRL die problematiek verder uit zal roken, maar niet eventjes digitaal kan oplossen.

Geplaatst door Marc van Hilvoorde - 9-10-2009 19:50:36


Jules, Dick,

Ik heb geen twijfel dat we deze kant op gaan. E.e.a. hangt mijn inziens nauw samen met de mogelijkheden van- en de toepassing van IT in de informatieketen. XBRL identificeert (elektronische) gegevens. De vergelijking van de barcode in de logistieke keten gaat hier op. Bij invoering van de barcode was sprake van een koppeling (‘sticker’) net voor de kassa (vergelijk XBRL voor jaarrekening). Vandaag de dag barcode koppeling reeds bij produktie van (samenstellende onderdelen van) artikelen (vergelijk XBRL/XML voor financiële transacties, elektronische orders, facturen etc.). Vanuit deze visie volgen -voor de hand liggende- voorspellingen over het afnemend belang van de jaarrekening en verslaggeving. Het gaat om het begin van het proces, de invoer. Maar zolang we het hier hebben over de (core) business case van veel kantoren zal de tafel bezet worden worden door zonderlingen en collega’s die zich ophouden in de rafelranden van het beroep.

Geplaatst door jules muis - 9-10-2009 17:26:37

Het ziet er naar uit dat we al drie mensen rond die ronde tafel hebben. Maar mis nog een gevoel van erkenning, initiatief, gezamelijke stem, wil, visie, van diegenen die in de assurance keten het voortouw nemen, in de frontlinie optreden, de CFO's en controllers, en hun opleiders. Zo'n stilte wordt dan gauw ingevuld door functionele groepen die zichzelf beter georganiseerd hebben. Of dat zo'n gesprek ook automatisch leidt tot de conclusie dat er meer is dat ons scheidt - eerder dan alleen maar nuttig onderscheidt - waag ik vooralsnog te betwijfelen. Maar een goed gesprek over de kanteling van het georganiseerd beroeps' bedrijfsmodel kan heel verlichtend werken.

Geplaatst door Dick van Onzenoort - 9-10-2009 16:36:55

Ik lees net (pas) deze weblog. Die laatste alinea springt er -ook wat mij betreft- erg uit. Want inderdaad, deze gedachte/suggestie zou een aardverschuiving met zich meebrengen. Opvallend dat dit (nog) niet een stortvloed aan reacties teweeg heeft gebracht.
Het idee wordt door de heer Muis wellicht wat stellig neergezet (daar is het een weblog voor), maar is zeker de moeite van een rondetafel waard. Immers daarmee zou ook meteen het 'probleem' van de accountant in business met de VGC opgelost worden! Noblesse oblige, of zoals de heer Muis het stelt, get it right at entry level. Dáár begint het algemeen / maatschappelijk belang (zie VGC A-100.1).

Geplaatst door Hans Blokdijk - 9-10-2009 11:20:25

Beste Jules,
Met je laatste alinea sla je wel een spijker op de kop. Als de accountantsverklaring ervaren wordt als een vergulde scond opnion, moeten controllers en auditors natturlijk niet in één beroepsorgansatie zitten! Enige jaren geleden verdedigde de toenmalige NIVRA-voorzitter Frans van der Wel de pluriforme organisatie met het argument dat daarmee de gehele keten van de financiële verslaggeving werd bestreken. Dat leidt dus tot een perceptie van knusheid die niet in het maatschappelijk belang is.
De pluriforme organisatie is ontstaan toen NIVA en VAGA bij de totstandkoming van de WRA bereikten dat al hun titeldragers in het register kwamen. Het resultaat van een lobby die een verenigingsbelang diende waarvoor geen maatschappelijke ratio bestond!


Reageer op dit artikel


 





Laatste reacties






Over de auteur


Archief