Accountants en onafhankelijke wetenschap
woensdag 13 februari 2008 |
3 reacties
In zijn
afscheidsrede (18 januari 2008) aan de Erasmus Universiteit komt Kor Mollema met zes stellingen. In de laatste uitgave van 'de Accountant' is daaraan een
artikel gewijd. Ik haal vier van zijn stellingen aan:
- Meer voorschriften geven het métier wel even meer gewicht maar dragen niet bij aan de effectiviteit.
- Haast even belangrijk is dat de audit in al zijn verschillende vormen zich als een métier presenteert.
- De verwachtingskloof kan worden verkleind door de pretentie te verlagen en alternatieven aan te reiken.
- De basis voor het creëren van een echte toekomst ligt in het doen van objectief onderzoek naar de toegevoegde waarde van het beroep.
Stellingen dagen uit en zijn betwistbaar. Zo vraag ik mij af of meer voorschriften het beroep - dat klinkt mij minder verheven in de oren dan 'métier' - het meer gewicht geven en of zij echt niet bijdragen aan de effectiviteit ervan.
Ook is de noodzaak betwistbaar dat de audit zich in al zijn vormen - vrije woordkeuze - als eenheidsworst presenteert. De verwachtingskloof verkleinen door onze pretenties te verlagen? Of gaat het erom de pretenties waar te maken door puike prestaties neer te zetten?
Betwistbaar of niet, Mollema daagt uit en reikt zijn gedachten aan. Zoals een hoogleraar dient te doen. Prima dus. Aan het botsen der meningen ontspringt immers de waarheid.
Mijn belangstelling ging met name uit naar de laatst aangehaalde stelling. Bij de onderbouwing in zijn rede noemt Mollema het feit dat het binnen zijn universiteit moeilijk is om hoogleraren aan te stellen. Enerzijds omdat het aantal gepromoveerden binnen ons vakgebied gering is en anderzijds door de strenge onderzoekseisen die worden gehanteerd.
Mollema maakt vooral met het eerste feit een terecht punt. Het aantal promovendi binnen het vakgebied is te gering. NIVRA-Nyenrode heeft een aantal jaren geleden het initiatief genomen tot het instellen van de NIVRA-Nyenrode Essayprijs. Studenten die voor hun scriptie het cijfer acht of hoger halen, worden uitgedaagd een essay te schrijven en mee te dingen naar een eervolle prijs.
Dit initiatief heeft zijn vruchten afgeworpen. Diverse prijswinnaars zijn verder gegaan op het wetenschappelijk pad en beogen binnen afzienbare tijd te promoveren; wie weet worden zij ooit hoogleraar.
En ook de instelling van de essayprijs van de NIVRA Young Professionals is een stap in de goede richting.
Mollema hanteert in zijn stelling ook de woorden ‘objectief onderzoek'. Op dat punt heb ik een wens. Ik pleit niet alleen voor meer promovendi, een voorportaal voor het hoogleraarschap, maar ook voor meer
onafhankelijkheid bij universitaire collega's.
Dit laatste is toch een kernwoord dat kleeft aan ons beroep én aan de wetenschap. Maar hoeveel onafhankelijke hoogleraren hebben wij eigenlijk binnen ons vakgebied?
Te weinig. De meeste hoogleraren zijn tevens verbonden aan een accountantskantoor of een andere instelling. Zij participeren niet of nauwelijks in het debat over onderwerpen die gezichtsbepalend zijn voor het beroep. De boekhoudschandalen en de kredietcrisis zijn daar belangrijke voorbeelden van.
De knuppels in het hoenderhoek worden geworpen door onafhankelijke collega's als Jules Muis (nota bene vanuit Washington) en Brenda Westra. En door Hans Blokdijk, een hoogleraar
emeritus, die ik waardeer voor zijn bijdrage aan het debat en die best nog 25 jaar jonger had mogen zijn.
Kortom: met de laatste stelling van Mollema ben ik het van harte eens!
Reacties (3) | Reageer
Geplaatst door Herman van Brenk - 15-2-2008 18:11:37
Marcel, het is toch vreemd dat accountantskantoren de ontwikkeling van hun eigen vakgebied tegenhouden? Ik vind het een vreemde situatie als de kantoren deze hoogleren beperken in een vrij debat. Ik ben niet zo van dat politieke gedoe, maar dat komt waarschijnlijk omdat ik nog niet zo lang in de accountancy werk. Bij deze wil ik het opnemen voor mijn scriptiebegeleider (Barbara Majoor). Ik vind dat zij wel actief het debat zoekt, ondanks dat zij is verbonden aan KPMG.
Geplaatst door Marcel - 14-2-2008 22:18:33
Of Herman, zou het soms komen omdat de meesten tevens verbonden zijn aan een accountantskantoor en zij niet vrij zijn om zich in het debat te mengen? Ik denk dat hem daar voor een belangrijk deel de kneep zit. De kennis en kunde staat buiten kijf. Die is heus wel aanwezig. Het is dan ook geen kwestie van kunnen, maar van belangen en willen!
Geplaatst door Herman van Brenk - 14-2-2008 21:37:30
Marcel, ik ben het eens met je betoog dat er meer wetenschappelijke verdieping moet komen. Het probleem is echter dat in de praktijk een tekort aan mensen is. Hierdoor staan jonge mensen fors onder druk en nemen zij niet de tijd zich wetenschappelijk te verdiepen. Of krijgen ze de tijd niet? Ik heb het idee dat wetenschappelijke analyses in onze praktijk niet echt worden gewaardeerd. Het gaat om efficient werken. De tijdsdruk is volgens mij ook de reden dat hooglereraren die in de praktijk werken geen tijd nemen om actief deel te nemen aan het debat. Wie weet komt er in de nabije toekomst wel een generatie promovendi die onafhankelijk is en actief discussies voert met een breed publiek.