De zwijgzame accountant. Vragen aan PwC
maandag 30 maart 2009 |
22 reacties
Een provinciale onderzoekscommissie onderzoekt de beleggingen van de provincie Noord-Holland bij de IJslandse bank Icesave. In dat kader wil de commissie graag de provinciale accountant, de heer Goldstein van PwC, horen.
PwC laat in een persbericht weten dat de accountant niet voor de commissie zal getuigen.
Ik citeer drie passages uit het persbericht:
(1) 'Het staat ons niet vrij op grond van de Wet toezicht accountantsorganisaties en de Verordening gedragscode. Deze verplichten ons tot geheimhouding over onder andere zaken die personen betreffen en daarom kunnen we niet meewerken aan een publieke hoorzitting.'
(2) 'Wij hechten er aan te benadrukken dat in de Provinciewet (artikel 151 b jo 151c) is vastgelegd welke personen verplicht zijn gehoor te geven aan een uitnodiging van de onderzoekscommissie. In tegenstelling tot de Wet op de Parlementaire enquête 2008 is in de Provinciewet niet vastgelegd dat de accountant dient te verschijnen. Daarmee ontbreekt ook een wettelijk kader waarbinnen de accountant kan meewerken aan een dergelijk onderzoek.'
(3) 'Mede gelet op de rol die wij in het maatschappelijk verkeer wensen te vervullen, hebben wij de afgelopen weken op basis van vrijwilligheid alle medewerking gegeven om alle vragen van de commissie te beantwoorden.'
De citaten geven aanleiding tot een paar vragen:
- Ik vraag mij af op welke specifieke bepaling in de Wta PwC zich nu precies baseert. Artikel 26 van de Wta regelt de geheimhoudingsplicht, maar spreekt niet specifiek over - zoals PwC wel doet - 'zaken die personen betreffen'.
- Hoe consequent is PwC in de analyse van de wettelijke bepaling, nu ze de geheimhouding - op vrijwillige basis - wel wil breken om de vragen van de commissie te beantwoorden, maar deze niet breekt voor een openbare hoorzitting?
- Heeft PwC overwogen de cliënt, de provincie Noord-Holland, te vragen om opheffing van de kennelijk knellende geheimhoudingsverplichting? Zo ja: wat was het antwoord? Zo nee: waarom niet? Immers, op deze wijze kan het ‘vertrouwelijke karakter' van gegevens worden opgeheven en waarom zou de provincie, die wel mee moet werken aan het onderzoek, die geheimhouding niet opheffen?
- Waarom staat de Verordening Gedragscode (VGC) een openbaar verhoor in de weg? Is die stelling gebaseerd op de algemene geheimhoudingsbepaling?
- Is PwC bekend met artikel A-140.7 sub d van de VGC, dat handelt over het bekend maken van vertrouwelijke informatie bijvoorbeeld aan ‘in het openbaar bestuur functionerende onderzoekscommissies en aan de Algemene Rekenkamer'?
- Is PwC ermee bekend dat de daarbij behorende inleidende bepaling niet alleen ziet op situaties waarin het verplicht is vertrouwelijke informatie bekend te maken, maar ook op situaties waarin het ‘maatschappelijk juist' is?
Een verzoek tot opheffing van de geheimhoudingsplicht aan de cliënt en/of een beroep op artikel A-140.7 sub d, lijkt met een beetje goede wil een oplossing te bieden voor het probleem waarvoor (de accountant van) PwC zich gesteld ziet.
Gelukkig maar, dan kan PwC toch nog in een openbare hoorzitting de rol vervullen die zij in het maatschappelijk verkeer wenst. En die het maatschappelijk verkeer wenst...
Reacties (22) | Reageer
Geplaatst door Arnout van Kempen - 3-4-2009 20:49:11
55 pagina's notulen is een flinke kluif, maar het is gelukkig buitengewoon boeiend materiaal. Dank voor het aanreiken hiervan.
Het heeft mij geen reden gegeven anders te denken over de wens de accountant publiek te verhoren.
Geplaatst door Arnout van Kempen - 3-4-2009 20:36:39
Zodra ik kan lezen dat PS een wettelijke bevoegdheid heeft in deze, begin ik onder de indruk te raken. Tot die tijd zegt het me niet zoveel dat een accountant de wet terzijde zou moeten schuiven om PS een plezier te doen. Volgens mij zijn die 150 mensen op het Binnenhof toch echt niet PS van Noord Holland.
Geplaatst door Peter Verheij - 3-4-2009 19:45:46
De heren Blokdijk en van Kempen twijfelen aan de intenties van de Provinciale staten rondom dit onderzoek. Zij hebben het over '(onfris) populisme'. Ik raad hen aan eerst even het verslag van PS van 30 oktober 2008 tot zich te nemen:
www.noord-holland.nl/Images/65_134189.pdf
ben benieuwd of die kwalificatie daarna overeind blijft
Geplaatst door Peter Verheij - 3-4-2009 19:22:27
Arnout,
Ik reageer nog even op de volgende citaten:
"Ooit leerde een wetgevingsambtenaar me een gouden regel: accountants moeten een stoppen te doen alsof zij de mening van het maatschappelijk verkeer vertolken, dat doen 150 mensen op het Binnenhof wel voor ze!"
"Ik vind het zorgwekkend als wet en regelgeving zo makkelijk terzijde wordt geschoven, omdat we allemaal maar moeten "aanvoelen" dat het maatschappelijk belang dat wil."
Het belang van "het maatschappelijk verkeer" is een wezenlijk uitgangspunt in ons beroep. De vraag doet zich echter voor 'wie is dat maatschappelijk verkeer?'.
Dat is in dit geval niet zo moeilijk. We hebben hier te maken met democratische vertegenwoordigers (PS) die iets onderzoeken. Dat zou toch zwaar moeten wegen.
Indien PS besloten heeft tot waarheidsvinding via een onderzoekscommissie zouden belangen van maatschappelijk verkeer (i.c. PS als vertegenwoordiger daarvan) en accountant parallel moeten lopen.
Curieus genoeg wordt dat door PWC dus blijkbaar anders gezien.
Geplaatst door Marcel - 3-4-2009 10:56:09
Beste Hans,
hoor of verhoor, populisme of niet, apen uit de mouw, Zwarte Pieten en valkuilen: daar gaat het allemaal niet om.
Ik blijf herhalen dat het gaat om een kwestie van maatschappelijk belang waarin een onderzoekscommissie onderzoek moet doen. De dubbele moraal die je bij PWC zou kunnen zien, namelijk in beslotenheid geen punt maken van de geheimhouding - die in die setting wel degelijk door PWC terzijde wordt geschoven - en voor het (ver)horen in het openbaar wel een beroep doen op de geheimhouding oogt en is schizofreen.
Natuurlijk is PWC geen verdachte. Ik ga ervan uit dat zij hun werk goed en degelijk - zoals accountants meestal doen - hebben gedaan. Uit niets blijkt tot nog toe het tegendeel. Het gaat in deze kwestie die door de commissie ook helemaal niet om de accountant als scharnierpunt. Het gaat erom dat deze een bijdrage kan leveren aan de waarheidsvinding.
Of het nu om bouwfraude, hbo-fraude of soortgelijke kwesties gaat: accountants hebben moeite met hun maatschappelijke rol. Met alle respect voor bijvoorbeeld Arnout die hieronder veelvuldig en vastbijtend reageert en een andere positie inneemt dan ik: het gaat hier niet om de strakste uitleg van regels. Het gaat niet om het juridiseren. Maatschappelijk gezien is het ook een kwestie van: 'waar een wil is, is een weg'. Maar als je de weg niet wilt zoeken, zul je die ook niet vinden. Wie kan hier gaan klagen over een eventuele schending van de geheimhoudingsplicht? Wie kan hier eventueel tot aansprakelijkstelling overgaan? Koudwatervrees, tenzij je weet dat er iets niet goed zit in je eigen handelen (zoals bij de bouwfraude het geval was, waarin het accountantsberoep vele verwijten werden gemaakt). Als de klant toestemming geeft en de accountant zorgvuldig antwoord geeft is er niets aan het handje.
Groet,
Marcel
Geplaatst door Hans Blokdijk - 3-4-2009 9:49:55
Deze hele zaak geeft mij een nare smaak in de mond. Ik ben echter enigszins onzeker over de feiten: ik meen begrepen te hebben dat PwC een afzonderlijk onderzoek heeft ingesteld naar de affaire. Maar het kan ook zijn dat de vragen betrekking hebben op de reguliere jaarrekeningcontrole; dat moet dan die over 2007 zijn geweest.
De accountant is opgeroepen als getuige. Maar wat valt er nog te getuigen als PwC kennelijk steeds alle vragen van de Statencommissie beantwoord? DE commissie lijkt een verborgen agenda te hebben, en die aap komt uit de mouw van Marcel: hij spreekt namelijk van een 'verhoor'. Die term past bij een verdachte, niet bij een getuige; daarbij past de term 'hoor'. Het lijkt een poging om de Zwarte Piet naar de accountant te schuiven.Ik kan mij goed voorstellen dat PwC niet in die valkuil wenst te tuimelen. De Statencommissie wil kennelijk 'parlementaire-enqyuêtecommissietje spelen en daarmee onsterfelijke roem vergaren: dit lijkt mij onfrsi populisme! Boevndien stelt PwC dat daarvoor de wettelijke basis ontbreekt. Op dit argument van PwC gaat Hans Kuil niet in. Kortom, enige scepsis ten aanzien van de motieven lijkt mij op zijn plaats.
Geplaatst door Meindert Brunia - 2-4-2009 23:27:34
Buitengewoon boeiend om dit allemaal te lezen en een mooie voortzetting op de 'bezemklas' VGC die ik in december bij Arnout mocht volgen.
Net als Peter Verheij ben ik actief in het lokaal bestuur en inderdaad: sinds de dualisering is het PS (of gemeenteraad) die de accountant aanwijst die de jaarrekeningcontrole doet. Bij andere of additionel opdrachten ligt dat bij GS. Ik ga er van uit dat PWC wordt gehoord in het kader van de jaarrekeningcontrole. Opdrachtgever PS vraagt dus nu op een specifiek onderdeel de bevindingen toe te lichten. Lijkt me iets waar welek regel dan ook over geheimhouding niet van toepassing is. Die regels worden er wel door PWC bijgehaald. Waarom? Na herlezing van het persbericht denk ik dat het zit in het woord 'publieke'. PWC wil niet dat anderen meeluisteren. Vraag is nu: is het aan de opdrachtgever te bepalen wie er allemaal aan tafel zitten om de uitleg van de accountant aan te horen of is het de accountant die hier beperkende voorwaarden kan stellen? Ik weet het juridisch juiste antwoord niet, maar ik kies voor de openbaarheid die inherent is aan het openbaar bestuur. Is trouwens ook nog aardig: stel dat PWC wel meewerkt aan een 'besloten' verklaring en vervolgens doet iemand een beroep op de Wob. De provincie heeft dan volgens mij nauwelijks een mogelijkheid zo'n verzoek te weigeren.
Geplaatst door Marcel - 2-4-2009 21:26:18
Nogmaals Arnout: als de vertrouwelijkheid wordt opgeheven - en waarom zou de opdrachtgever van de accountant die verplicht is aan het onderzoek van de commissie, dat niet doen? - vervalt jouw argument.
En ook indien dat niet het geval is valt er nog een boom over op te zetten.
Maar goed: we zijn het dit keer niet eens. Let's agree to disagree.
Geplaatst door Arnout van Kempen - 2-4-2009 21:25:26
Kijk, dat bedoel ik dus. Hoogleraar Hans Kuijl: ""Het gedeeltelijk recht op geheimhouding is vastgelegd in de regels van het NIVRA. Dat is weliswaar een zelfstandig bestuursorgaan, maar de provincie is een hogere overheid. Daarvoor geldt dat het verschoningsrecht van een accountant niet in de wet is geregeld. Dat maakt deze kwestie redelijk eenvoudig. De accountant is geen wettelijke geheimhouder, punt."
Het is zo makkelijk meningen te geven die goed vallen. Maar een geheimhoudingsrecht? Dat bestaat helemaal niet voor accountants. En de VGC terzijde schuiven omdat een provincie dat graag heeft, wat is daar in hemelsnaam de juridische onderbouwing bij?
Het spijt me, maar als zo extreem slordig naar de regels wordt gekeken, is het makkelijk nieuwsberichtjes maken met meningen die goed vallen. Maar meer dan goedkoop scoren is het niet.
Ik vind het zorgwekkend als wet en regelgeving zo makkelijk terzijde wordt geschoven, omdat we allemaal maar moeten "aanvoelen" dat het maatschappelijk belang dat wil.
Hoe inhoudelijk we het ook eens kunnen zijn met elkaar: dit is niet de weg.
Geplaatst door Arnout van Kempen - 2-4-2009 21:20:21
De Wta is ook redelijk principle-based opgezet. Het kamerlid dat zo nodig artikel 26 moest toevoegen, was daar wellicht minder goed van op de hoogte. Maar wet is wet, en de VGC gaat niet boven de wet.
Geplaatst door Peter Verheij - 2-4-2009 13:47:51
Arnoud,
ik bedoel met 'exegese' natuurlijk niet de wetgeving opzij te zetten. Maar vooral de uitleg die daaraan gegeven wordt. Maar al te veel worden de regels als 'excuustruus' gebruikt om maar niet te doen wat (bijna) iedereen aanvoelt dat de bedoeling is. Dat blijkt in dit geval wel uit de reactie van de commissievoorzitter
laten we niet de regels maar de principes (zoals ook in de VGC opgenomen) weer in ere herstellen en de boventoon laten voeren. Het rulesbased denken/handelen heeft al te veel schade aangericht....
Geplaatst door Arnout van Kempen - 2-4-2009 13:04:58
Hoezeer we het ook inhoudelijk eens zijn met ons allen (en dat zijn we, zo te lezen allemaal in de rij reacties), ik blijf zeuren.
Wie de wet- en regelgeving afdoet als "exegese" en vrijwel als bijzaak ziet, raakt (ook al weet ik dat dit relatief grote woorden zijn) de kern van de rechtstaat.
Ja, het beroep moet zich diepe, heel diepe zorgen maken over haar imago, haar beeldvorming, maar bovenal over haar maatschappelijke relevantie. Ik heb daarover nooit anders betoogd, en durf te beweren dat ik mijn kleine bijdrage geleverd heb juist op dit vlak.
Maar het MOET langs de band van de regelgeving. Daar ben ik heilig van overtuigd. Het is niet eens zozeer omdat het zielig is voor accountants om ze aan te spreken terwijl de regels falen, het is vooral een van de kernproblemen waar we het over hebben: de accountant moet zich nu juist realiseren dat hij een belangrijke functie heeft in het bewaken van naleving van de regels door ondernemers. Dan kan je niet tegelijk zeggen: beste accountant, waar de regels rond geheimhouding u het bos in sturen, moet u maar niet te goed naar de regels kijken, en gewoon doen wat u meent dat goed is. Want dat heeft de maatschappij zo graag.
Ooit leerde een wetgevingsambtenaar me een gouden regel: accountants moeten een stoppen te doen alsof zij de mening van het maatschappelijk verkeer vertolken, dat doen 150 mensen op het Binnenhof wel voor ze!
Geplaatst door Marcel - 1-4-2009 15:15:56
Beste Peter,
je raakt de kern van mijn betoog. Schrijf er eens een bijdrage over vanuit jouw rol binnen het openbaar bestuur. Het is nog beter indien de visies van binnenuit komen en niet van een relatieve derde aan de zijlijn, zoals ik.
In het kader van deze thematiek is het aardig nog eens terug te kijken naar het rapport van de commissie-Schutte die over de HBO-fraude ging. Daar speelde soortgelijke thematiek. Twee accountantskantoren wilden hun dossiers wel ter inzage geven aan de onderzoekscommissies, twee anderen niet.
Nou wilde het toeval dat twee accountantskantoren door de commissie waren ingeschakeld voor het doen van onderzoek en twee niet.
Rara: wie wilde er wel inzage geven en wie niet?
Het gaat bij het antwoord niet om de vraag wie er gelijk had. Het gaat om het beeld dat we als beroep in dit soort kwesties telkens weer weten op te roepen. Een beeld waar ik van gruw, maar dat was geloof ik al duidelijk.
Groet,
Marcel
Geplaatst door Peter Verheij - 1-4-2009 14:56:51
Hoi Marcel,
Zeer terechte vragen aan PWC. Ik deel je opvatting over geheimhouding irt VGC en WTA ten volle.
Maar nog los van alle 'excegese' van de regels zoals die kan worden gemaakt lijkt hier iets heel anders aan de hand.
Een accountant in de publieke sector moet wat mij betreft tussen de oren hebben dat openbaarheid van bestuur van wezenlijk belang is voor het functioneren van een democratie. Daar doelt VGC A-140.7 sub d dus ook op.
Dan telt even geen excegese maar sensitiviteit voor de politiek-bestuurlijke omgeving waarbinnen je je werk doet. Het gaat mij als accountant én raadslid erg aan het hart als ik mijn beroepsgenoten op dit punt in het duister zie tasten en de meest vreemde kronkelredeneringen zie maken. Angst is een slechte raadgever. Geheimhouding wordt in deze context al snel als geheimzinnigheid uitgelegd.
Wat erger is, is dat hier de facto geheimhouding lijkt te worden toegepast ten opzichte van de opdrachtgever zelf. VGC en WTA hebben het nog altijd over 'derden'. Het betreft namelijk een onderzoekscommissie van de Provinciale Staten, en wie was ook al weer sinds de dualisering opdrachtgever van de accountant? Provinciale Staten! Ben benieuwd of PWC wel een rapport durft uit te brengen aan PS en of hij/zij daarover durft te praten met PS.
Dit geeft aanleiding voor een aanvullende vraag: Wie ziet deze accountant feitelijk als zijn opdrachtgever? Gedeputeerde Staten (gecontroleerde) of Provinciale Staten (formeel opdrachtgever).
Mijn opvatting is dat het accountantsberoep zichzelf overbodig maakt als zij zich in dit soort situaties niet kwijt van wat van haar door het maatschappelijk verkeer verwacht wordt. Hoezo vertrouwensman van het maatschappelijk verkeer?
Geplaatst door Marcel - 31-3-2009 22:55:28
Beste Arnout,
de regelgeving had inderdaad sterker gekund. Juist daarom past het ook te kijken naar maatschappelijke belangen
Truste,
Marcel
Geplaatst door Arnout van Kempen - 31-3-2009 22:39:00
Beste Marcel,
hoewel PwC me aan het hart gaat (zo onverwacht is mijn steun niet, als je weet dat ik mijn tijd bij Coopers & Lybrand zakelijk als mijn mooiste jaren beschouw) is mijn punt niet eens zozeer deze casus, of een principieel verschil van mening.
Wat mij triggerde was je uitleg van een stuk regelgeving dat gewoon niet erg sterk is. Je uitleg is niet het grootste probleem, maar de kwaliteit van de regelgeving.
Ik herinner me heel goed hoe artikel 26 er in is gekomen, en waarom een toelichting bij dat artikel in de memorie van toelichting ontbreekt. Het was een onnodige toevoeging aan de wet, slechts toegevoegd omdat een kamerlid een statement wilde maken, niet omdat het onderwerp regeling in de Wta behoefde.
Maar dat is nog tot daar aan toe. De regelgeving op dit punt in de VGC is echt een drama als je het mij vraagt. Want wat staat er?
A-100.4: Gij zult geheimhouden
A-140.7: Het kan best eens beter zijn regel A-100.4 maar gewoon te negeren
A-140.8: Als u dan toch A-100.4 gaat negeren, doe het dan wel zrogvuldig.
Wat is dat in hemelsnaam voor regelgeving? Ofwel je bepaalt als regelgever welke uitzonderingen mogelijk zijn, of er zijn geen uitzonderingen mogelijk. Maar een artikel dat op zichzelf géén uitzonderingen toestaat, maar slechts constateert dat het wel eens maatschappelijk juist kan zijn om een regel te negeren?
Natuurlijk, er is alle reden om PwC te vragen duidelijkheid te geven. Ik heb een hoge pet op van PwC, maar ik ben niet naief genoeg om te denken dat het onmogelijk is dat PwC hier iets te lichtvaardig met haar maatschappelijke verantwoordelijkheden is omgegaan.
Maar mijn probleem in dit alles is dat een kantoor dan misschien wat dapperder had mogen zijn, maar dat de regelgever, met name middels de VGC, accountants in een onmogelijke positie plaatst.
Geplaatst door Marcel - 31-3-2009 22:16:49
Beste Johan,
mooie analyse. Je toont aan welke gremia betrokken zijn en ook makkelijk is aan te geven waar maaatschappelijke belangen versus 'indekbelangen' liggen. Zie in dit verband ook de reactie van Meindert Brunia. Laat ik deze beschouwen als 'stemmen vanuit het maatschappelijk verkeer'.
Beste Arnout,
je kunt me nog niet overtuigen. Ik zaai in mijn blog wellicht wat verwarring door in relatie tot artikel 26 WTA over de opheffing van de geheimhoudingsplicht te spreken. Juister is het te spreken over het opheffen van de vertrouwelijkheid van gegevens of informatie. Met als gevolg dat de geheimhoudingsplicht die voortvloeit uit de WTA niet meer aan de orde is. Dan komen we dus wel degelijk uit bij de VGC en kan ook worden verwezen naar A-140.7.
Een dergelijke opheffing van de geheimhoudingsplicht komt vaker voor, veelal in zaken waar de klant een belang heeft bijvoorbeeld in het kader van een due dilligence.
Ben overigens benieuwd hoe hiermee (opheffing geheimhoudingsplicht) in casu is omgegaan toen het ging om de vrijwillige medewerking in besloten kring. Het is toch wonderlijk dat in die beslotenheid andere principes worden toegepast dan wanneer het gaat om het afleggen van openbare verantwoording.
Kern van mijn punt is dat besloten is dat een provinciale commissie onderzoek moet doen naar het beleggingsbeleid van de verantwoordelijken binnen de provincie. Laatstgenoemden zijn gehouden daaraan mee te werken. Zij kunnen - ik zou haast zeggen: moeten - er mijns inziens dan ook in begunstigen dat partijen die in hun verlengde activiteiten hebben uitgevoerd, indien verzocht door een onderzoekscommissie, werkzaamheden uit te laten voeren. Dat past in een democratisch bestel waarin dergelijke commissies in leven worden geroepen.
Meer in het algemeen is het wonderlijk dat accountants ten behoeve van klanten vaak goed uit kunnen zoeken waarom iets wel kan dat een klant wil, terwijl tegenover de overheid en derden vaak wordt gezocht waarom iets niet zou kunnen.
Jij legt de geheimhoudingsplicht in de WTA strak en absoluut uit. Mijns inziens vergeet je daarbij dat in combinatie met de BTA ruimte is om normen nader in te vullen via verordeningen die overigens ook de goedkeuring behoeven van de Minister van Financien.
Via artikel 25 WTA kom je uit bij artikel 35 BTA. Strekking daarvan is dat er in verordeningen en dergelijke naadere regels gesteld kunnen worden inzake vakbekwaamheid, onafhankelijkheid, objectiviteit en integriteit.
In dat rijtje staat niet de geheimhouding. Dat is jammer en zwakt mijn betoog enigzins af. Wel staat er een verwijzing naar de Wet op de Registeraccountants (WRA en wel artikel 19), de basis waarop Verordeningen zijn gebaseerd. Een wettelijke basis dus met - hoewel de verordeningen door de Ledenvergadering worden vastgesteld - als extra waarborg de goedkeuring van de Minister. Je gaat hier wellicht te snel door in feite te zeggen dat de WTA de VGC buiten werking stelt.
En laat in een via deze route goedgekeurde verordening - de VGC - nu juist de bepaling over de geheimhouding zijn opgenomen. Deze schept ruimte - als je de wil hebt - om de geheimhoudingsverplichting te verbreken of buiten werking te stellen indien dat 'maatschappelijk juist' is. En mij dunkt dat dat in onderhavige kwestie aan de orde is.
Je ziet het juist dat de WTA ten tijde van het onderzoek naar de bouwfraude en ook niet tijdens de HBO-fraude in werking was. Point taken. Maar toentertijd golden ook discussies over geheimhoudingsplichten. Ik heb de onderzoekscommissies mogen bijstaan en heb enige ervaring met het slaan van bressen in de 'verdedigingslinies' van de kantoren. Ook in mijn tijd bij de FIOD-ECD.
Overigens heeft PWC via de woordvoerder inmiddels ook op de discussie gereageerd, blijkens een berichtje op de site. Daarin staat dat het kantoor zich beroept op de WTA en op jurisprudentie, overigens zonder daarbij aan te geven wat en hoe precies.
Tot slot: ik val niemand aan en verwijt niemand iets. Ik stel vragen en denk mee over zaken die ons beroep aangaan. Niet zozeer vanuit de kant van het accountantskantoor, maar vanuit het maatschappelijk verkeer. De kern van de WTA is nu juist dat deze wordt geduid als de opdrachtgever an de accountant. Ik zie niet in welk maatschappelijk belang zich ertegen verzet dat in deze kwestie de accountant meewerkt aan een openbaar verhoor. Juist de Parlementaire Enquetecommissie Bouwnijverheid heeft laten zien welke maatschappelijke meerwaarde daarin zit. Kijk nog maar eens terug naar de verhoren van collega's Joling, Kruithof, Rozekrans, Van Schaik.
Geplaatst door Arnout van Kempen - 31-3-2009 17:22:10
Helaas Marcel, maar je betoog vwb het opheffen van de vertrouwelijkheid door de klant gaat niet op, en valt ook niet te vegrelijken met de situatie rond de bouwfraude.
In die tijd bestond de Wta nog niet, zo uit mijn hoofd, maar veel belangrijker: de reden dat dáár gegevens moesten worden onttrokken aan de geheimhouding had een wettelijke basis. En DAT is in Wta 26 net zo goed geregeld.
Waar je echter naar verwijst is het gegeven uit de VGC dat de klant de geheimhoudingsplicht kan opheffen. Maar dat is een VGC-bepaling, en géén onderdeel van Wta 26.
En dat was de kern van mijn betoog. Je mag van mij PwC verwijten wat je wil. De status van de bedoelde commissie is mij niet bekend, en daar heb ik me dan ook zo voorzichtig mogelijk over uitgelaten.
Maar ik ben niet onvoorzichtig over je beweringen over de mogelijkheid van een klant om de geheimhoudingsplicht op te heffen. Die ontbreekt simpelweg in artikel 26 Wta.
Geplaatst door Johan Visser - 31-3-2009 16:02:48
Beste Marcel, even een GBV analyse zonder goed bedoelde beroepsregels.1.Client van PWC is de provincie2.Provincie heeft als hoogste orgaan Provinciale Staten.(gekozen door de burgers van de provincie)3.Uit/namens PS worden Gedeputeerden aangesteld die bijgestaan worden door ambtenaren.4.Gedeputeerden worden gecontroleerd door PS.5.PS laat zich bijstaan door externe Accountant PWC.6 Er gaat wat fout onder leiding van Gedeputeerden.7.PS wil weten wat er mis is gegaan 8.Accountant PWC komt niet want werkt plotseling slechts voor Gedeputeerden terwijl PS het hoogste orgaan is .Bizar.Nog een keer: accountants werken voor de aandeelhouders,worden daar door betaald en werken niet voor het manegement.Mutatis mutandis is dat bij de Overheid net zo.Of ben ik nou gek?
Geplaatst door Marcel - 31-3-2009 8:19:50
Goedemorgen,
steun uit onverwachte hoek voor PWC. Das mooi.
Ik heb enige ervaring met dit onderwerp, zij het niet zozeer vanuit WTA/VGC. Als secreatris van de Parlementaire Enquetcommissie Bouwnijverheid wonnen we in het hoger beroep van een kort geding van Deloitte en als adviseur van de commissie die de HBO-fraude onderzocht heb ik ook met dit bijltje bij twee accountantskantoren gehakt. En daarnaast gedurende mijn tijd bij de FIOD-ECD.
Arnouts betoog gaat niet op. Als de vertrouwelijkheid van d einformatie door de opdrachtgever wordt opgeheven is er geen 'vertrouwelijkheid van gegevens' meer. En daar gaat 26 WTA over.
Maar goed: ik zie vast wat zaken over het hoofd die PWC doordacht zal hebben en gaat ophelderen. Daar kunnen we dan weer van leren.
Blijft in ieder geval nog die inconsequentheid over. Want ook daar gaat Arnout te snel. De onderzoekscommissie is namelijkniet de klant, maar is vanuit PWC bezien een derde.
Wordt vervolgd.
Groet,
Marcel
Geplaatst door Arnout van Kempen - 31-3-2009 0:40:08
Ook PwC spreekt niet over "zaken die personen betreffen", maar over "onder andere zaken die personen betreffen".
Het moge curieus zijn dat PwC de geheimhoudingsplicht volgens Wta artikel 26 zo beschrijft in een persbericht, het is niet onjuist. In tegendeel, artikel 26 Wta, eerste lid stelt "Een externe accountant die tijdens het verrichten van een wettelijke controle de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, is verplicht tot geheimhouding van die gegevens, behoudens voor zover hij bij of krachtens wettelijk voorschrift tot mededeling verplicht is."
PwC is kennelijk van mening dat het vertrouwelijke karakter van informatie alleen al volgt uit het feit dat het personen betreft. Daar kan je het mee oneens zijn, het neemt niet weg dat door de "onder andere" toevoeging, de stellingname van PwC op dit punt moeilijk valt te betwisten.
Of PwC inconsequent is als de accountant wel bereid is te praten met een orgaan van de gecontroleerde entiteit, en niet met het publiek, weet ik niet. Het lijkt mij niet zo vreemd. Is sprake van het verbreken van de geheimhouding als je met een orgaan van de entiteit spreekt? Lijkt me niet vanzelfsprekend.
Wat PwC heeft overwogen weet ik niet, wat ik wel zou hebben overwogen als ik voor PwC had moeten nadenken over deze casus is dat de Wta NIET de figuur kent van "opheffing van de geheimhoudingsplicht" door de gecontroleerde entiteit. Deze plicht wordt slechts opgeheven door de wetgever. In de memorie van toelichting die ik online kan vinden, artikelgewijze toelichting, ontbreekt de toelichting bij artikel 26. Ik herinner me dat dit artikel op verzoek van de Kamer is ingevoegd, dus uit de Handelingen zal wel duidelijk zijn wat de bedoeling van de wetgever precies is geweest, maar zuiver op grond van de wet lijkt het me wat te makkelijk om te stellen dat het aan de entiteit is om "het vertrouwelijke karakter" van gegevens op te heffen. De wet legt die beoordeling juist evident bij de accountant.
Aangezien wet boven verordening gaat, zijn de beschouwingen over de VGC maar beperkt van betekenis, lijkt me.
Geplaatst door Meindert Brunia - 30-3-2009 22:59:34
Marcel,
De vraag stellen is hem beantwoorden, en dat maar liefst zes keer. Ook ik krijg sterk de indruk (voorzichtig geformuleerd) dat Pwc hier gebruik maakt van gelegenheidsargumenten of, met een mooi Nederlands woord, van drogredenen. Dat is ernstig. Maar het is nog veel ernstiger wanneer Pwc dat zelf niet beseft en oprecht denkt dat deze argumentatie hout snijdt. Dat kan ik niet geloven.