De fusie en de toekomst van de PBO
donderdag 15 april 2010 |
5 reacties
Minister De Jager heeft de Kamer antwoord gegeven op enkele schriftelijke vragen. De brief met antwoorden is geruststellend voor NIVRA en NOvAA. Om de hele discussie te kunnen volgen moeten ook de Handelingen van de Tweede Kamer over dit onderwerp worden meegenomen. Deze zijn hier en hier te vinden. Verder is de brief van de minister aan de Kamer over dit onderwerp van belang, die hier te vinden is.
Accountantswetgeving zou niet afhankelijk moeten zijn van een toevallige meerderheid in het parlement of een toevallig goed gezinde minister. Accountants, en met name NIVRA en NOvAA, zouden zich zorgen moeten maken over de tekenen des tijds. Ik heb via deze blog al eerder gewezen op artikel 28 Wta.
Voeg daar de vraag van Kamerlid Vos (PvdA) aan toe: "Het is misschien een wat theoretische vraag, maar is het mogelijk om zonder het NIVRA en de NOvAA te leven omdat de Wta het toezicht al regelt?"
Kamerlid Weekers (VVD) voegt toe: "De AFM houdt nu immers toezicht op accountants die wettelijke taken uitvoeren en voor niet-wettelijke taken hoeft geen publiekrechtelijk orgaan in stand te worden gehouden."
In zijn brief van 18 maart 2010 aan de Kamer legt de minister uit dat de fusieorganisatie een breed scala aan accountants zal omvatten. Niet alleen controleurs van jaarrekeningen, maar van alles eigenlijk. De minister doet dan alsof het een soort natuurwet is dat al die verschillende beroepen, omdat ze toevallig een titel met elkaar delen, geregeerd moeten worden door een PBO. En dat roept vragen op, vanzelfsprekend, voor wie de Handelingen gelezen heeft.
En daar heeft de minister een curieus antwoord op. Kort samengevat is zijn redenering als volgt:
De PBO-status is ingevoerd omdat het maatschappelijk verkeer halverwege de vorige eeuw in de wirwar van beroepsbeoefenaren niet meer snapte wie nu een behoorlijke accountant was, en wie niet. En die situatie is niet veranderd, dus moet de PBO-status behouden blijven.
Maar de minister onderkende in zijn vorige brief nog dat de titel minder en minder verband houdt met de status van (wettelijk) controleur. De wirwar aan mensen die zich accountant noemden uit de periode van een halve eeuw geleden is nu dus vervangen door een wirwar aan mensen die zich accountant noemen. En de vooruitgang van dit geheel is dan dat de meerderheid aan accountants die helemaal niet optreden als accountant, zoals de wetgever de term bedoeld had, zich moeten houden aan regelgeving die bedoeld is voor accountants, zoals de wetgever de term bedoeld had.
Samenvattend: de minister blijkt een grote sympathie te hebben voor de huidige situatie en is bereid die te handhaven. Een behoorlijke argumentatie daarvoor levert hij niet. Sterker, hij probeert twee argumenten, die vooral zien op de transparantie van de accountantsmarkt en die elkaar volstrekt tegenspreken, samen te voegen.
Tel daarbij op dat de Kamer vrij breed de vraag stelt waarom we eigenlijk een PBO nodig hebben om het beroep te reguleren, nu we al de AFM hebben, en dat de Wta al een artikel bevat dat impliciet zegt "we hebben de PBO's niet nodig, maar als ze goed hun best doen mogen ze wel blijven" en je gaat je toch afvragen hoe lang de PBO-status nog houdbaar is.
Het antwoord op die vraag wordt gevonden door die andere vraag te beantwoorden: doen de PBO's genoeg hun best?
Arnout van Kempen
Reacties (5) | Reageer
Geplaatst door Maarten Mennen - 16-6-2010 15:28:31
Arnout,
Alles draait om het continu kunnen demonstreren van het zijn van de 'vertrouwensman van het maatschappelijk verkeer'.
Een blijvende alertheid op de kwaliteit en daarmee het imago van ons beroep is daarbij aan de orde en onderschrijft de noodzaak voor een effectieve PBO.
Geplaatst door Leja Gouwens - 28-4-2010 9:49:05
Beste Arnout,
In je blog wordt de publieke status van het beroep wel heel gemakkelijk overboord gegooid. We willen onze professie toch niet aan het spel van de vrije krachten overlaten? Ik ben overigens geenszins bang dat we het niet zelfstandig redden, integendeel. De markt heeft grote behoefte aan goede accountants en financieel adviseurs en dat zal voorlopig nog wel zo blijven. Maar of de kwaliteit en betrouwbaarheid van het financiële verkeer gebaat is met het opheffen van de PBO durf ik te betwijfelen en wel om de volgende redenen:
• De AFM houdt weliswaar toezicht maar is niet verantwoordelijk voor kwaliteitsbevordering en – waarborging van het beroep; dat is de PBO.
• Een groot deel van de markt, onder andere het MKB, valt buiten de reikwijdte van de AFM. Ook daar zijn betrouwbare en deskundige accountants, gekenmerkt door een beschermde titel, hard nodig. NIVRA en NOvAA, alsmede de nieuwe PBO, borgen de kwaliteit, o.a. door toe te zien op de PE-plicht en deze te handhaven via de tuchtrechter.
• Je hebt het over de tand des tijds, maar om het over deze tijd te hebben: De kredietcrisis heeft het belang van verantwoordelijke, deskundige accountants met een beproefde gedragscode door de gehele financiële keten – dus ook accountants in business – duidelijk gemaakt. Het zou me verbazen als de commissie De Wit ook niet iets over integriteit en de waarborging ervan zal zeggen.
• Als beroep hebben we decennialang geïnvesteerd in deskundigheid en kwaliteit. Dankzij de beschermde status kunnen we ‘free riding’ hard aanpakken. NIVRA en NOvAA melden jaarlijks tientallen gevallen van ongeoorloofd titelgebruik. Moeten we dit gedurende vele jaren opgebouwd maatschappelijk kapitaal, juist in een tijd van complex en ondoorzichtig financieel verkeer, nu zomaar aan de straat zetten? De maatschappij heeft baat bij een herkenbare en betrouwbare accountant.
• Je vraagt je af of PBO’s genoeg hun best doen. Het kan natuurlijk altijd beter en zelfgenoegzaamheid mag absoluut geen kans krijgen. Mijns inziens hebben de beroepsorganisaties niet stil gezeten. Ik weet dat er achter de schermen veel wordt gedaan. En waar zouden we zijn zonder bijvoorbeeld de NV COS, NVOA en VGC?
Leja Gouwens
voorzitter NIVRA Young Professionals
Geplaatst door Gert Jochems - 21-4-2010 11:33:31
Een sterk punt van Arnout.
accountants zullen nog veel meer dan nu het geval is, besef moeten hebben van hun imago. Neem alleen al de krant van afgelopen week: "onroerend goed fraude", "goede doelen affaires". Zolang zelfregulering door PBO's maatschappelijk -op zijn minst-onvoldoende zichtbaar is zijn de vragen van Vos en Weekers (en vele anderen) volstrekt begrijpelijk.
Gert Jochems, Financial Markets Conduct.
Geplaatst door Arnout van Kempen - 20-4-2010 14:47:54
Mijn betoog is slechts een poging de tekenen des tijds onder de aandacht te brengen. Steun van MinFin is van groot belang voor de beroepsorganisaties, maar uiteindelijk zal het beroep geworteld moeten zijn in brede steun in de Kamer.
Die brede steun is er simpelweg niet. En de steun van MinFin, immers ook de bezorgers van artikel 28 WTA, is slechts flinterdun en tijdelijk.
Niet een slimme politieke lobby, maar een overtuigende prestatie die door 'het maatschappelijk verkeer' wordt gezien en gewaardeerd, levert een nieuw fusie-huis dat op de rotsen gebouwd is. Iedere andere aanpak levert een fundering van zand.
Leden die instemmen met de fusie, zouden naar mijn mening zich geen zorgen moeten maken over de vraag of dit particuliere belang of dat groepsbelang wel netjes afgewogen wordt behartigd. De enige relevante vraag die de leden aan het bestuur zouden moeten stellen, en blijven stellen, is: wat hebt u vandaag gedaan om het vertrouwen van de maatschappij in ons beroep te herwinnen of te vergroten?
Geplaatst door Hans Blokdijk - 19-4-2010 16:39:43
Dit betoog is mij niet alleen uit het hart, maar ook uit het hoofd gegrepen!