Zorg

Accountantskantoren in de zorgmarkt: sterk in beweging

De zorgmarkt verkeert in een transitie naar meer 'marktwerking'. Accountantskantoren in de zorg ook: het aantal transfers nam fors toe.

Binnen care (zorginstellingen) is het marktaandeel van de big four (Deloitte, EY, KPMG, PwC) de afgelopen jaren sterk afgenomen, ten gunste van BDO en Verstegen. Samen vormen ze in feite de big six. Maar ook overige kantoren wonnen hier flink terrein. In cure (ziekenhuizen) bleven de big four, ondanks terugval, dominant aanwezig. Alleen BDO wist te profiteren.

Een jaar of vijf geleden was het aantal transfers (wisselingen van kantoor) nog zo’n zeven procent per jaar, afgelopen jaar was dat in care ongeveer het dubbele (!) en in cure circa tien procent. Dit komt vooral omdat de big four afscheid aan het nemen is van kleinere klanten.

'In cure (ziekenhuizen) bleven de big four, ondanks terugval, dominant aanwezig.'

In diverse verslagen gaven bestuurders publiekelijk (!) blijk van hun ongenoegen hierover. En trouwens ook van de hoge tarieven en kwaliteit van dienstverlening van de gevestigde accountantskantoren.

Onderzoek

Dit onderzoek is gebaseerd op de jaarstukken en bestuurlijke rapportages die zorgorganisaties verplicht deponeren op de website www.jaarverslagenzorg.nl. In het onderzoek is gekeken naar betrokkenheid en honoraria van het controlerend accountantskantoor, en naar de specificatie van de rekening. Genoemde kantoren werden gevraagd om een sanity check te geven op de verschuiving zoals die berekend werd: de 'winst-en-verliesrekening' van honoraria en klanten. De reactie varieerde van alert, laat tot geen. Kantoren hadden moeite met de afstemming, omdat ze kennelijk niet registreren wat instellingen zelf in hun jaarstukken over accountants en fees melden.

Ook met 'opvallende' instellingen werd contact gezocht. Hun animo om te reageren was (voorspelbaar) laag gezien de 'vertrouwensrelatie met de accountant'. Hoewel cijfermatig kloppend moet bedacht worden dat, na de deadline van 1 juni, ook per begin september er nog rapportages ontbraken (een slecht voorteken), instellingen zonder fee-vermelding werden genegeerd en organisaties soms een 'gemengd' karakter hebben. Het doet niet af aan de essentie van de constateringen.

Accountantskantoren in care

592 zorginstellingen (vooral van het type GGZ, GHZ, VVT, ook Jeugdhulp, Maatschappelijke Opvang, Revalidatie) met een omzet vanaf € 5 miljoen werden onderzocht. Daarmee was een totale omzet van bijna € 33,5 miljard en 417.000 werknemers (fte) gemoeid. Deze getallen zijn wat lager dan in eerder onderzoek, hetgeen heeft te maken met overnames en inkrimping van personeel. De totale honoraria van de controlerende accountantskantoren bedroegen circa € 65 miljoen, 7,5 procent meer dan een jaar eerder. De specificatie van de doorsnee declaratie was 67 procent voor controle, 23 procent voor overige controle (AO/IC), 4 procent voor fiscaal advies en 6 procent overig. De groei zat hem vooral in controle (67 + 23 is totaal 90 procent, in eerdere jaren was dat 87, respectievelijk 81 procent), vanwege nieuwe regelgeving en extra controleverklaringen door de decentralisatie van het Sociaal Domein.

De gemiddelde klant in care betaalde € 110.000; de fee groeide in 2016 in de GGZ sector met 13 procent, in VVT bijna 10 procent en in GHZ 3 procent. Een vergelijk met de verdeling van de honoraria in 2013 toont de aanzienlijke verschuiving in marktposities over de afgelopen drie jaar. Voor 2016 tekent dit beeld zich nog veel scherper af:

Tabel 2 geeft inzicht in de fees van nieuwe klanten en hun aantal, onder aftrek van de fees en klanten die 'weglekten'. Maar liefst 84 instellingen veranderden van kantoor (14 procent). Een handvol ging in een periode van drie jaar zelfs even vaak over van kantoor: van a naar b naar c, of terug naar a.

'De big four wisselt kleinere klanten in voor grotere.'

De big four wisselt kleinere klanten in voor grotere, wat ook uit de gemiddelde orderwaarde valt af te leiden. Door deze beweging groeiden BDO en Verstegen opnieuw aanzienlijk, waarbij opviel dat deze nauwelijks in elkaars vaarwater zaten. Ook 'Overig' profiteerde nadrukkelijk van deze dynamiek. Bij de 23 nieuwe klanten moet wel worden aangetekend dat deze naar negentien verschillende kantoren verhuisden.

Onder tabel 3 hetzelfde plaatje als onder tabel 1, maar dan voor cure. De cijfers spreken voor zich. De fee groeide met 26 procent  het sterkst bij UMC’s, bij STZ-ziekenhuizen
was dat 16 procent en bij algemene ziekenhuizen 6 procent. Het aandeel controle was ongeveer 85 procent.

In cure was de mutatiegraad bijna 10 procent; vermeldenswaardig is dat BDO in één jaar drie ziekenhuizen won.

Wat valt er verder op

Uit een analyse van de 84 mutaties in care bleek dat de totale geldswaarde ervan (een vergelijk van de nieuwe en eerdere fee) minimaal verschilde. Offerteprijzen van genoemde kantoren wijken meestal niet meer dan 10 a 15 procent van het gemiddelde af. Instellingen zijn selectief in hun Request for Proposal (RFP), maar de personeelskrapte noopt kantoren tot eenzelfde kieskeurigheid.

'Welkomkortingen' werden er ongetwijfeld gegeven, maar tegelijk viel op dat in meerdere gevallen de fee aanzienlijk toenam.'

'Welkomkortingen' werden er ongetwijfeld gegeven, maar tegelijk viel op dat in meerdere gevallen de fee aanzienlijk toenam. Dit kan wellicht duiden op een 'inhaalslag' in controlewerkzaamheden.

Bijzonder was ook dat transfers soms gepaard gingen met een aanpassing van de fee van het kantoor waarvan afscheid werd genomen. Meestal ging deze omhoog, soms omlaag. In hoeverre dit met meer- of minderwerk met terugwerkende kracht te maken had, of dat er ook commerciële overwegingen meespeelden, zal van de specifieke situatie hebben afgehangen.

Proposalverzoek

Tjerk Overduin, manager Finance & Control bij Zorginstellingen Pieter van Foreest, was betrokken bij een aanbesteding van accountantsdiensten die in 2016 leidde tot de overgang van EY naar PwC. "Gestart werd met een verkenning: een rondvraag in de markt en bij vergelijkbare collega-instellingen. Na kennismakingsgesprekken en presentaties werd vervolgens een drietal kantoren uitgenodigd dat een RFP kreeg toegestuurd. Opmerkelijk was dat één kantoor twee partners voorstelde (voor controle, respectievelijk als strategische spiegelfunctie), hoewel dit niet werd gevraagd. De keuze van de raad van toezicht, ondersteund door de raad van bestuur en Overduin, was gebaseerd op een aantal criteria, waaronder prijs en kwaliteit (vakkennis en ervaring) van de accountant, in combinatie met de 'klikfactor', en daarbij gelet op de fase waarin de organisatie verkeerde. Harde criteria en het meer softe 'gevoel van best passend' gaven dezelfde uitkomst. De offertes verschilden, ook voor wat betreft prijs, die an sich zeker niet doorslaggevend was. Het initiatief van een afvaller tot een interview 'waarom men het niet was geworden', wat lang niet altijd gebruikelijk is, werd door de zorginstelling gewaardeerd."

Nieuwe ronde

De 'marktwerking' in cure is nog bescheiden. De big four maken er blijvend de dienst uit, met BDO nadrukkelijker als runner up. Het wekt verbazing dat nog steeds geen enkel ander accountantskantoor zich wist te kwalificeren, zelfs niet de grote met een internationaal profiel. Kleinere, categorale ziekenhuizen en zelfstandige behandelcentra bleken wel kansrijker voor andere kantoren.

Citaten van bestuurders in (publieke) jaarverslagen

'De samenwerking van de accountant is in het verslagjaar geëvalueerd. Dit heeft geleid tot het opvragen van nieuwe offertes bij accountantskantoren. Op basis van deze aanbiedingen is een keuze gemaakt voor één van de aanbieders.'

'Een evaluatiegesprek vond plaats met de accountant. In dat gesprek kwam naar voren dat het accountantskantoor, door een enorme groei, niet altijd even adequaat gereageerd had.' Overigens stond er ook: 'Het gesprek gaf voldoende vertrouwen om met elkaar door te gaan.'

'Besloten is een nieuw eenjarig contract af te sluiten en er is besloten kritisch te evalueren.'

'Met de accountant is overleg gevoerd over diens gehanteerde tarief.'

'De accountant heeft ons mondeling medegedeeld de controle per direct niet meer te willen uitvoeren. Met als reden dat de zorgexpertise uit hun regiokantoor verdwijnt en dat het algemeen beleid is om afscheid te nemen van kleine opdrachtgevers.'

'Najaar 2016 werd de Raad van Toezicht onaangenaam verrast door de mededeling van de accountant dat zij wegens eigen reorganisatie 'kleinere' klanten afstootte. Op een erg ongelukkig moment in het jaar moest de Raad van Toezicht op zoek naar een andere accountant.'

Mondeling, reacties zoals: 'Vraagtekens bij de hoge tarieven van gevestigde kantoren, zeker voor routinematige, reguliere controlediensten ('afvinken') en standaard WNT-verklaringen' en soortgelijk.

In care ligt de situatie geheel anders. Naast de gevestigde kantoren zijn er vele andere - klein en groot - actief, maar nauwelijks met meerdere zorgklanten. Bij kleine instellingen buiten dit onderzoek (onder € 5 miljoen omzet) is er nog meer versnippering, maar er zijn ook enkele kantoren met een behoorlijk klantenbestand, als uitvalsbasis naar grotere zorgorganisaties. Het 'opschuiven' van gevestigde kantoren naar het hogere segment biedt kleinere accountants nieuwe kansen.

'De 'marktwerking' in cure is nog bescheiden.'

De technologische ontwikkelingen, zoals data-analyse, 'slimme' controletechnieken, kunstmatige intelligentie en robotica, gaan volgens de NBA ('Trends in Accountancy 2016-2017') in de praktijk in kleine stapjes, met 'eerst zien dan geloven'. Maar er zijn uitzonderingen die de regel bevestigen. Deze ontwikkeling kwam er in de verslaglegging van zorginstellingen bekaaid af, maar wat niet is…

Opvallend is ook dat in care een kleine twintig (!) instellingen in hun bestuurlijk verslag expliciet aangaven dat in 2017 de keuze van een nieuw kantoor aan de orde is.

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Gerelateerd

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.