WNT

Accountantscontrole op WNT niet meer te doen

Al vanaf de eerste dag dat de Wet Normering Topinkomens (WNT) werd ingevoerd ging het gesprek bij onze klanten niet meer alleen over de jaarrekening. Het ging ook over de portemonnee van de bestuurders. En dan met name dat wij als accountants daar een wettelijke taak hadden gekregen.

Op zich begrijpen wij dat dit thema veel maatschappelijke aandacht krijgt en de overheid misstanden wil voorkomen. Maar we zijn op een punt gekomen waarop juist het tegenovergestelde wordt bereikt. De WNT is door de complexiteit niet meer uitvoerbaar voor instellingen, en accountants willen zich er binnenkort niet meer aan wagen. De meeste accountantskantoren, in ieder geval de grotere, hebben specialistische afdelingen met zelfs juristen moeten optuigen, die het hele jaar lang niets anders doen dan WNT-vraagstukken oplossen. De verhouding tussen kosten en baten is volledig uit het lood geslagen. Dit kan niet de bedoeling zijn geweest van de wetgever.

Deze ontwikkeling moet stoppen nu het nog kan. Vereenvoudig de WNT, zorg dat de kosten in verhouding staan tot de maatschappelijke baten, maak een afzonderlijke WNT-verantwoording, haal de WNT uit de jaarrekeningcontrole en breng de WNT-controle onder bij juristen, fiscalisten of een overheidsinstantie.

Wijzigingen, reparaties en interpretaties

We noemen een paar aspecten. Allereerst de hoeveelheid wijzigingen. Wij kennen geen enkele andere wet die zoveel wijzigingen en reparaties kent als de WNT en die mede daardoor complex is. Met name in de zorg. Daar kan de regelgeving van de ggz niet tegenop (zie ook de open brief wetgevingslasten van de NBA over de WNT, december 2016).

'De verhouding tussen kosten en baten is volledig uit het lood geslagen.'

En het blijft maar doorgaan. De WNT-3 staat voor de deur en de cumulatie van alle wijzigingen, zoals drie opvolgende klassenindelingen en een afzonderlijk regime voor interim topfunctionarissen, leidt tot complex gestapelde afbouwschema's die dit jaar voor het eerst van start gaan. Onze klanten moeten daarvoor juristen inhuren. 

Daarnaast is de wet niet meer uitvoerbaar en controleerbaar, omdat het ministerie van Binnenlandse Zaken (BZK), tussen alle wetswijzigingen door, ook nog regelmatig nieuwe interpretaties toepast. Deze interpretaties, met een substance over form karakter, hebben altijd een nadelig effect op instellingen. Bovendien leiden ze ertoe dat zaken die eerst goed waren, plotseling fout zijn. Welke waarde krijgt daarmee de accountantsverklaring? En hoe ziet de minister dit voor zich, in relatie tot onze plicht (op grond van het controleprotocol) om tot twee jaar terug te moeten corrigeren? De grond was al niet vast, maar hiermee wordt het ook voor ons drijfzand. Opmerkelijk is overigens dat in de zorg BZK en andere overheidsinstanties niets met onze verklaring doen. Zij baseren zich op de gegevens die instellingen in DigiMV hebben ingevuld; gegevens waar geen controle op zit.

Speld in de hooiberg

Wat we daarnaast ook willen benoemen is de materialiteit waarmee de minister en de regelgeving ons dwingen de WNT te controleren: het zoeken naar de 'speld in de hooiberg'. Het gaat niet om belangrijke afwijkingen, maar om kleinigheden. De WNT-verantwoording in de jaarrekening moet tot op de euro juist zijn: de controle is daardoor duizend keer scherper. Je moet bijna iedere euro twee keer omdraaien en vooral het gezond boerenverstand niet teveel gebruiken. Doe je dat wel, dan kom je bedrogen uit.

Zo zullen velen denken dat de premie voor een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering, die de instelling betaalt, niet als een bezoldiging moet worden gezien. Dat is echter helaas wel het geval, tenzij deze premie onder de werkkostenregeling is gebracht. Iedere bezoldigingscomponent moet daarom tot in detail worden ontleed op vragen als: is het te kwalificeren als bezoldiging? Is het belast of onbelast? Hoe wordt het verwerkt? En is het een bezoldiging volgens de definitie van de WNT? Je ontkomt er als accountant daarom niet meer aan om vergaande kennis van specialisten op het gebied van arbeidsrecht, fiscaal recht en algemeen juridisch recht bij de controle te betrekken.

'Opmerkelijk is dat in de zorg BZK en andere overheidsinstanties niets met onze verklaring doen.'

Een voorbeeld uit de praktijk. Bij een van de kantoren komt het team een declaratie van € 33,40 tegen van een bestuurder. Het betreft gevulde koeken voor bij de koffie. De kernvraag die ontstaat is of en hoe vastgesteld moet worden dat dit mogelijk een belaste onkostenvergoeding is. Als het belast is, moet die vergoeding immers worden opgeteld bij de bezoldiging. Een prangend vraagstuk dat uitgezocht moet worden, omdat de bestuurder al op het maximum van de klasse zit. Dan leidt iedere euro extra tot een onverschuldigde betaling die, voordat de accountant de handtekening zet, moet zijn terugbetaald. Als niet wordt terugbetaald moet de accountant deze betaling aan de minister melden. Het vraagstuk is gelukkig, met hulp van drie specialisten met een uurtarief van € 250 en een rekening voor de klant van €937,50, tijdig opgelost. De bestuurder had de koeken gekocht voor de zorgadministratie, om te vieren dat de instelling wederom haar HKZ-certificaat had behaald. Dat zal hij in het vervolg wel uit zijn hoofd laten. Het kader hierbij toont welke vragen zoal aan de orde kwamen.

Casus gevulde koeken

Aan: controleteam
Van: WNT-expert team 

 

Beste accountant,

 

Bij een dergelijk declaratie zou je m.i. de volgende vraag moeten stellen:

  • Waar heeft de declaratie betrekking op (als dat niet uit de declaratie zelf blijkt)
  • Hoe is deze gekwalificeerd/verwerkt:

   - als belast loon

   - eindheffingsloon: gericht vrijgesteld

   - eindheffingsloon: vrije ruimte

   - intermediaire kosten

 

Je kunt dan toetsen of de declaratie juist is gekwalificeerd. Is sprake van intermediaire kosten dan moet je nog een extra toets doen.

 

Kwalificatie loon of eindheffingsloon
Bij deze kwalificaties heb je geen 'probleem' voor de WNT. Het is immers verloond (en zit is het belastbaar loon) of het is vrijgesteld eindheffingsloon.

 

Intermediaire kosten
Intermediaire kosten zijn geen loon en vallen dus niet onder de bezoldiging. Vervolgens moet je echter wel beoordelen of er niet ook een verstrekking aan de bestuurder heeft plaatsgevonden. Met andere woorden: hoe is een eventuele verstrekking aan de bestuurder gekwalificeerd (nihilwaardering, eindheffingsloon of belast loon).

 

Bovenstaande toegepast op de koekendeclaratie:

  • als de koeken een traktatie is die namens de organisatie wordt gedaan -> intermediaire kosten, vervolgens is sprake van een nihilwaardering (consumptie op de werkplek, wel loon maar geen waarde);
  • de koeken zijn een traktatie voor bijvoorbeeld zijn verjaardag -> interne representatie: vergoeding is loon of eindheffingsloon.

Dit is slechts één van de vele voorbeelden waar we ons als accountant mee bezig moeten houden. Onze klanten kunnen het niet meer bijhouden en onze specialisten maken overuren. 

Enorm effect

Uit de WNT-jaarrapportage 2015 blijkt dat inmiddels rond de zesduizend instellingen onder de WNT vallen. Het aantal topfunctionarissen waarvan de bezoldigingsgegevens zijn gemeld, komt neer op ruim 37.000. De WNT eist van ons dat wij vaststellen dat de bezoldiging van al deze personen conform de WNT is. Zoals hierboven aangegeven helpen nieuwe interpretaties van BZK - en onze plicht tot twee jaar terug te corrigeren - daar niet bij. Ieder jaar controleren we dus in feite drie jaar! En dat bij die ruim 37.000 functionarissen. De gemiddelde kosten per instelling bedragen inmiddels circa vijfduizend euro en dan hebben we het niet over complexe WNT-verantwoordingen. Dan gaat dat bedrag al snel over de kop, waarbij er ook voorbeelden zijn tot wel €50.000. BZK gaat hier onderzoek naar doen over 2016.

'Onze klanten kunnen het niet meer bijhouden en onze specialisten maken overuren.'

De hiervoor genoemde aantallen maken het enorme effect van de WNT inzichtelijk. Inmiddels is er weer een nieuwe wet van kracht (Evaluatiewet) en gaat de WNT-3 er nog een schepje bovenop doen. Dan wordt de groep van personen waarop de WNT van toepassing is nog aanzienlijk verruimd tot alle werknemers binnen de WNT-instelling.

De Evaluatiewet regelt voorts een absoluut bezoldigingsmaximum voor leidinggevende topfunctionarissen, ongeacht het aantal functies dat in de (semi)publieke sector wordt vervuld. Mocht een leidinggevende topfunctionaris bij meerdere (semi)publieke instellingen werkzaam zijn, dan mag de totale bezoldiging nooit hoger zijn dan het bezoldigingsmaximum. Als accountant wordt het een interessant vraagstuk hoe wij de volledigheid van deze functies moeten  vaststellen. En nog belangrijker: hoe wij de juistheid van de bezoldigingen buiten de jaarrekening die wij zelf controleren toetsen. Wellicht is het nog wat vroeg om hierover na te denken. Wij hebben bij de wetsconsultaties hierover opmerkingen gemaakt; het wetsvoorstel WNT-3 ligt thans voor advies bij de Raad van State.

De controle van de jaarrekening lijkt op de ingeslagen weg steeds meer een bijproduct te worden; de WNT-controle zelf vormt voer voor fiscalisten en juristen.  Wij kunnen nog tal van voorbeelden noemen. Maar het punt waarbij de WNT-controle, als onderdeel van de jaarrekeningcontrole, op basis van de huidige wet niet meer rationeel en bedrijfseconomisch uitvoerbaar en controleerbaar is, komt snel dichterbij.

Als accountants dragen wij graag bij aan oplossingen om de uitvoering en controle van de WNT wel haalbaar te maken.  

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Gerelateerd

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang vier keer per week (maandag, woensdag, donderdag en vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox..