Column arbeidsrecht

'Een negatieve referentie, (on)zorgvuldig handelen?'

Wanneer een werknemer solliciteert bij een potentiële werkgever, vraagt deze regelmatig naar referenties. De werknemer is gebaat bij een positieve referentie, maar wat als de ex-werkgever negatief is over zijn ex-werknemer?

Het hof Arnhem-Leeuwaren oordeelt in een uitspraak van 21 augustus 2018 dat een ex-werkgever in beginsel zoveel mogelijk relevante informatie aan de potentiële werkgever dient te verschaffen. Deze relevante informatie kan (mede) bestaan uit informatie die negatief kan uitvallen voor de werknemer. 

Schade door negatieve referentie

In de uitspraak van het hof Arnhem-Leeuwarden gaat het om een invaldocent die zijn ex-werkgever aansprakelijk stelt voor de door hem geleden schade als gevolg van diens negatieve referentie. De ex-werknemer stelt dat hij vanwege de negatieve referentie niet is aangenomen bij de potentiële werkgever. Daarnaast stelt de werknemer dat de ex-werkgever geen informatie van een eerdere ex-werkgever in de referentie had mogen noemen.

De werknemer in kwestie heeft over het afgeven van een referentie geen afspraken gemaakt met de ex-werkgever. Volgens het hof stond het de ex-werkgever vrij om de referentie door een ander dan een leidinggevende van de ex-werknemer (een stafmedewerker) te laten verstrekken. De toenmalige leidinggevende was daarnaast niet meer in dienst bij de ex-werkgever en de stafmedewerker was op de hoogte van het 'dossier' van de ex-werknemer. Overigens, nu de ex-werknemer in een sollicitatieprocedure zijn ex-werkgever aanwijst als referent, geeft hij daarmee toestemming tot het afgeven van gegevens over zijn persoon en over zijn functioneren. Het hof verwijst hier naar artikel 6 lid 1 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en art. 8 van de Wet bescherming persoonsgegevens, die tot de invoering van de AVG gold.

Aansprakelijkheid ex-werkgever

Wanneer een werknemer het risico van een negatieve referentie over zijn persoon of functioneren wil uitsluiten, dient hij dit expliciet bij de referent aan te geven. Het hof verwijst naar artikel 7:656 lid 3 BW, waaruit blijkt dat een werknemer de keuze heeft of bepaalde onderdelen in het getuigschrift worden opgenomen. Een opgave van de wijze waarop de werknemer aan zijn verplichtingen heeft voldaan, de wijze waarop de arbeidsovereenkomst is geëindigd en de reden daartoe indien de arbeidsovereenkomst vanwege de werkgever wordt opgezegd kunnen op verzoek van de ex-werknemer buiten het getuigschrift blijven. 

Wanneer de ex-werknemer de ex-werkgever verzoekt bepaalde informatie niet te verstrekken, kan de referent de afweging maken of hij de referentie (nog) wil afgeven. Wanneer de ex-werkgever besluit om als referent op te treden, dient hij een correct beeld van de ex-werknemer te verstrekken. Het onthouden van noodzakelijke informatie kan immers onzorgvuldig handelen (en daarmee aansprakelijkheid voor de schade) jegens een eventuele nieuwe werkgever opleveren. Het hof verwijst hier naar artikel 7:656 lid 5 BW, waaruit volgt dat het in het getuigschrift door schuld of opzet opnemen van onjuiste mededelingen aansprakelijkheid kan opleveren voor de ex-werkgever voor de schade van zowel de ex-werknemer als derden. 

Relevante informatie

Het uitgangspunt is dat de referent zoveel mogelijk relevante informatie aan de potentiële werkgever mag (en zelfs moet) verstrekken. Maar wanneer is er nu sprake van relevante informatie? Of sprake is van relevante informatie zal volgens het hof onder meer afhankelijk zijn van de door de potentiële werkgever gestelde vragen, de ernst van gedragingen van de ex-werknemer, de belangen van derden, het tijdsverloop na negatieve gebeurtenissen en de eventueel getoonde verbetering. Hierbij dient niet te worden meegewogen dat deze relevante informatie ertoe kan leiden dat de ex-werknemer niet wordt aangenomen door de potentiële werkgever. 

Naast het door het hof genoemde uitgangspunt dat de referent in beginsel zoveel mogelijk relevante informatie dient te verschaffen, oordeelt het hof dat de informatie niet uitsluitend voort hoeft te komen uit eigen waarnemingen van de referent. Ook informatie van personen die bij de referent werkzaam zijn en informatie die is verkregen van een derde, zoals een vorige werkgever, dient - indien relevant - aan de potentiële werkgever te worden verstrekt. De referent mag geen twijfel hebben over de juistheid van de informatie die van een derde is verkregen. Ook wanneer de informatie achteraf onjuist blijkt te zijn, handelt de referent niet onzorgvuldig indien de referent ten tijde van het verstrekken van de informatie niet hoefde te twijfelen aan de juistheid van de informatie van bijvoorbeeld een eerdere werkgever.

In dit geval hoeft de referent niet te twijfelen aan de informatie die hij van een vorige werkgever krijgt. Daarnaast is de informatie - op grond van de eerder genoemde handvatten - relevant en dient de referent deze informatie aan de potentiële werkgever te verstrekken. De ex-werkgever heeft dan ook niet onzorgvuldig jegens de ex-werknemer gehandeld. Of de ex-werknemer door de negatieve referentie niet is aangenomen, is volgens het hof derhalve niet relevant. 

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Gerelateerd

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.