Magazine

Accountant 2.0

Na de golf boekhoud schandalen kruipen accountants internationaal voorzichtig uit hun schulp. Al dan niet met hulp van anderen ontwikkelen ze ideeën over revolutionair andere (verslaggevings-) concepten. Een stevige dosis onbegrip en verwijten is soms hun deel. Toch lijkt de kiem gelegd voor 'accountant 2.0'.

Dit artikel is verschenen in de Accountant nr. 8, 2007

Bekijk alle artikelen uit dit nummer

» Download dit artikel in pdf

Assurance in de 21ste eeuw

“Omarm verandering of sterf uit, net als de dinosaurussen.” Mike Starr - topman van accountantsnetwerk Grant Thornton - was afgelopen najaar op een congres in Istanbul tamelijk duidelijk over de noodzaak van verandering voor accountants. Na een aantal jaren relatieve radiostilte op het gebied van innovatie beginnen accountants zich gelukkig weer voorzichtig te roeren op dit vlak.

Thema’s als continuous reporting, continuous auditing, narrative reporting, audit software en intelligent agents kunnen rekenen op warme belangstelling. Deze thema’s, die we hier samenvatten onder het paraplubegrip ‘accountant 2.0’ zijn niet nieuw, maar er is wel wat bijzonders aan de hand. Ten eerste doet de aanhoudende stroom aan rapporten en initiatieven vermoeden dat het daadwerkelijk gaat om een krachtige beweging. Ten tweede mengen de accountants zich - als experts op het terrein van verslaggeving - weer nadruk kelijk in het debat, na een jarenlange afwezigheid. En last but not least: het debat komt in een tijd waarin veel onvrede bestaat over de huidige situatie.

Broken reporting

Mike Rake, de internationale voorzitter van KPMG, stelde in november vorig jaar zelfs dat het huidige systeem van verslaggeving door ondernemingen broken was. Rake plaatste zijn opmerking na het verschijnen van een gezamenlijk visiedocument van de ‘large six’ (big four-kantoren plus BDO en Grant Thornton), en kreeg hier en daar een fikse uitbrander voor zijn uitlatingen.

Paul Boyle, chief executive van de Britse Financial Reporting Council vond Rake’s visie gevaarlijke trekjes hebben. In de Financial Times wees hij erop dat het vertrouwen in verslaggeving hoger is dan een paar jaar geleden, en dat er dus geen sprake kon zijn van de door Rake gesuggereerde crisis. Boyle toont zich daarmee een old school conservatieve accountant (oftewel een echte accountant 1.0) en miskende het doel van het visiedocument van de ‘large six’ totaal. Immers, het feit dat iedereen veel vertrouwen heeft in de huidige verslaggeving, wil nog niet zeggen dat die verslaggeving ook de juiste onderwerpen dekt en/of tegemoet komt aan de wensen.

Vergelijk het maar met de kaars: gebruikers wilden hoogstens dat deze wat minder zou druipen, maar hadden geen klachten over de lichtopbrengst. Omdat ze niet wisten dat het veel beter kon, zoals Thomas Edison later bewees met de gloeilamp. De zoektocht naar de gloeilamp is nu precies de achtergrond van het initiatief van de large six.

Tijdgeest

‘de Accountant’ benaderde de hoofdkantoren van de zes firma’s om te horen hoe er daar precies over wordt gedacht. Van degenen die tijdig reageerden - vier van de zes - was William Parrett, ceo van Deloitte Touche Tohmatsu, het duidelijkst. Hij maakt geen keuze over wat het belangrijkste innovatiethema de komende jaren moet zijn, maar stelt wel dat “we dringend behoefte hebben aan een nieuwe benadering voor het meten en waarderen van niet-financiële indicatoren. Net zoals we betrouwbare financiële indicatoren kennen, zo moeten we die ook op andere terreinen ontwikkelen. Van cliënt- en personeelstevredenheidscijfers tot en met data over risicomanagement. Dat vraagt ook om maatwerk informatievoorzieningen”.

Het visiedocument van de large six past uitstekend in de tijdgeest, waarin de geluiden rondom innovatie in de acountantsbranche sterk aanzwellen. Neem bijvoorbeeld Christopher Cox, die als voorzitter van de Amerikaanse beurswaakhond SEC vorig jaar in een speech zijn gewicht al stelde achter een nieuwe manier van rapporteren: “Het is toch ironisch dat we in het huidige tijdperk nog steeds praten over elk jaar een 10K en drie keer per jaar een 10Q (jaar- en kwartaalrapportages, red.), terwijl de wereld om ons heen voortdurend verandert?”

Twee opties

Een ander voorbeeld van de roep om verandering is het paper dat hoogleraar organisatieleer en organisatieverandering Hans Strikwerda in opdracht van het NIVRA schreef onder de noemer ‘De plaats en rol van de controlerend accountant in de 21ste eeuw’. Strikwerda wijst op grote maatschappelijke veranderingen (zie kader) en leidt uit die ontwikkeling twee opties af voor de beroepsgroep. Optie 1 is doorgaan op de huidige weg, en leidt tot het marginaliseren van de beroepsgroep, deels met behulp van XBRL.

Optie 2 biedt meer soelaas doordat, aldus Strikwerda, “de accountant de rol van facilitator krijgt in het proces van belangenafwegingen, door verschillende belangen helder te maken, eenzelfde jaarrekening naar verschillende belangen te interpreteren etc.”.

In dat laatste geval zouden accountants zelfs - á la de advocatuur - tegenover elkaar kunnen komen te staan. Dát de accountant die kant op moet is uiteraard geen feit, hooguit een statement om de discussie verder leven in te blazen. Die discussie is hard nodig, want over één ding is Strikwerda zeker: “De samenleving vraagt niet alleen meer of een jaarrekening correct is en of betrokkenen niet met de hand in de kas hebben gezeten.”

Breed front

Met andere woorden: accountant 1.0 volstaat simpelweg niet meer. De roep om accountant 2.0 klinkt op een breed front. Internationaal zijn de activiteiten van het Corporate Reporting Users’ Forum relevant. Dit forum ontwikkelt vanuit de analistenwereld een visie op de toekomst van verslaggeving. Ook de denktank Report Leadership verdient vermelding. David Phillips, corporate reporting partner PricewaterhouseCoopers en lid van deze denktank, meent dat de komende jaren essentieel zijn voor hoe reporting er over twintig jaar uitziet. Tegen de Financial Times zei hij dit voorjaar: “Er is een terugtrekkende beweging van de pagina’s met cijfers die alleen specialisten iets zeggen. Er is druk van buitenaf op bedrijven om hun strategie in duidelijke taal uit te leggen, en te laten weten waar ze staan op het gebied van governance, sustainability, environmental matters en social responsibility.” Op nationaal niveau moet de opkomst van het Wildschut-overleg (zie pagina 18) worden genoemd, evenals de Accountantsdag die in 2006 als thema ‘innovatie’ kreeg. En ook het feit dat Roger Dassen - topman van Deloitte Nederland - in het Financieele Dagblad verklaarde intelligent agents te ontwikkelen - stukjes software die doorlopend controles kunnen uitvoeren in de systemen van klanten - past naadloos in de evolutie naar accountant 2.0.

Afwijzende reacties

Plannen en ideeën in overvloed dus. Waar het nu om gaat is dat deze niet blijven steken in glossy rapportjes en lezingen in comfortabele conferentieoorden, maar worden vertaald in actie. De zes ceo’s die verantwoordelijk zijn voor het opstellen van het gezamenlijke visiedocument zeggen dan ook vastberaden te zijn om dit document geen zachte dood te laten sterven.

Dat is lastig genoeg, want de reacties waren direct na publicatie weinig hoopgevend. Noël Clehane, coördinator International Affairs bij BDO, was nauw betrokken bij de totstandkoming van het rapport, en was verrast door de reacties: “De pers had eigenlijk erg weinig aandacht, en richtte zich bovendien heel eenzijdig op het real time reporting thema, terwijl dat maar een van de onderdelen is van het rapport. Van de kant van de opstellers van jaarrekeningen - het bedrijfsleven - waren er vooral afwijzende reacties. Onze ideeën werden door hen afgedaan als het ontwikkelen van nieuwe mogelijkheden voor dienstverlening. U moet me geloven: tijdens onze discussies ging het geen moment over de vraag hoe we meer fees kunnen genereren. It didn’t even cross our minds.”

‘Verkeerde timing’

Ook Christian Moullion, als international bestuurslid van Ernst & Young een van de mede-opstellers van het document, benadrukt in een gesprek met ‘de Accountant’ dat het genereren van extra fees geen momentonderwerp van gesprek was in de sessies. Over de reacties zegt hij: “De opstellers vonden ook de timing van ons document verkeerd. Net nu ze zoveel energie hebben gestopt in zaken als Sarbanes-Oxley en IFRS willen ze even een adempauze. Overigens waren ook regelgevers erg terughoudend. Zij willen graag de risico’s beperken en met andere vormen van reporting zijn ze bang de grip te verliezen.”

Terecht of niet, de terughoudendheid is wel begrijpelijk, aangezien de zes kantoren tot hun visie kwamen zonder de buitenwereld erbij te betrekken (zie kader ‘De vos die de kip adviseert’). Jan Hommen, invloedrijk commissaris bij diverse beursfondsen en oud bestuurder van Philips, verwoordde het in zijn Nordemann-lezing van 2006 als volgt: “Het (initiatief van de large six, red.) wordt gezien als nieuwe fee generator, maar vooral als een manier om minder risico en verantwoording te hebben voor onjuiste verslaglegging. Ik ben bang dat dit weer een initiatief is van de beroepsgroep, voor de beroepsgroep maar zonder het bedrijfsleven en dat is jammer.”

Nuttiger informatie

Toch gelooft Moullion dat de beweging naar accountant 2.0 niet te stoppen is: “Ik verwacht dat dit rapport een volgende fase in ons beroep gaat markeren.”

Vanuit PricewaterhouseCoopers komt er desgevraagd een vergelijkbaar geluid. Internationaal ceo Samuel A. DiPiazza noemt de samenwerking tussen de zes kantoren unprecedented, en alleen al daarom erg waardevol: “We wilden niet zozeer uitgaan van de klachten over het huidige reporting systeem, maar vooral vanuit een brede blik kijken naar de informatiebehoeften.

PricewaterhouseCoopers is daar overigens al langer mee bezig, in de multi-stakeholder groep ReportLeadership, waarin ideeën en voorbeelden worden ontwikkeld voor nieuwe manieren van reporting.” Clehane (BDO): “Er heerst ook een misverstand bij de buitenwereld alsof wij met ons rapport zouden pleiten voor meer informatie. Dat is niet zo. We willen vooral niet meer informatie, maar nuttiger informatie.”

Listening tour

Alle geïnterviewden wijzen erop dat de vervolgstappen nu al worden gezet, in de vorm van het opstarten van een dialoog. En daaruit blijkt ook dat ze hebben geleerd van de reacties op het eerste rapport. “De visie van de investeerders zal ons helpen om prioriteiten te stellen in de gewenste innovaties”, zo verwoordt DiPiazza het diplomatiek. Clehane spreekt van een listening tour: “We gaan gezamenlijk de dialoog aan met opstellers, investeerders en regelgevers. We starten in de Verenigde Staten en doen daarna alle financiële centra van Europa aan. Niet om onze visie te doceren of uit te leggen, maar om ons de standpunten en visies van de desbetreffende partijen beter eigen te maken. Laten we wel wezen: we hebben nooit de intentie gehad om een document op tafel te leggen met het idee dat wij precies weten welke kant we op moeten. We wilden alleen maar de discussie opstarten. Ik hoop dan ook dat we straks na de eerste reacties die top of the head kwamen, nu ook diepgaander de mogelijkheden kunnen onderzoeken.”

Homogene visie

Een van de belangrijkste problemen is volgens Clehane het gegeven dat er vanuit investeerders geen homogene visie is op hun informatiewensen: “Dat is voor ons damn hard.” Bovendien geldt dat ook voor de visie van regelgevers, die internationaal nog erg gefragmenteerd werken. Clehane: “Alleen als ook bij die groepen joint thinking ontstaat, kunnen we verder. Die stappen zijn ook nodig voordat de individuele kantoren concrete acties kunnen ontwikkelen voor verdere innovatie. Als we nu bijvoorbeeld vol zouden inzetten op XBRL, zou dat eigenlijk een wild guess zijn.”

Obstakels

Gevraagd naar de belangrijkste obstakels die de vernieuwing kunnen frustreren noemt Moullion het aansprakelijkheidsvraagstuk. “Het is noodzakelijk om het regime voor de aansprakelijkheid van accountants te reviewen. Pas dan kan het spel op de wagen.” Ook DiPiazza ziet een verband tussen die twee zaken: “Opstellers en accountants moeten professional judgment kunnen toepassen, zodat verslaggeving de focus heeft op economic substance, en niet zozeer op het voldoen aan regels. Informatie die belangrijk is voor de besluitvorming van een investeerder mag niet verwateren of worden onderdrukt als gevolg van angst voor onterechte procedures.”

Moullion: “Het aspect speelt vooral in de Amerikaanse markt. Ook door die internationale verschillen is het een lastig proces. Toch geloof ik dat er daadwerkelijk wat gebeurt. We staan op een turning point, zonder precies te weten waar we heen gaan.”

Robert Elliott

Parrett (Deloitte) klinkt erg enthousiast. Volgens hem neemt zijn firma nu al the lead in this area: “We hebben nieuwe webbased software ontwikkeld waarmee professionals kunnen anticiperen op de nieuwe informatieeisen zoals die in het visiedocument zijn opgesomd. We hebben al het nodige bereikt en verwachten nog veel te gaan bereiken.”

Parrett noemt overigens ook nog een obstakel dat door anderen nog niet was genoemd: “Een van de gevolgen van real time reporting zou kunnen zijn dat de markt een andere horizon hanteert. We moeten ons dus afvragen hoe real time reporting kan bijdragen aan meer langetermijndenken bij stakeholders.” Lees: we moeten af van het hijgerige gedrag in de markt.

Eenvoudig zal het allemaal niet zijn, maar niettemin overheerst het optimisme over de komst van accountant 2.0. Het is te hopen dat de vernieuwing daadwerkelijk van de grond komt. Want de tijdgeest en de energie mogen dan uitstekend zijn, fundamentele vernieuwing heeft in de branche geen succesvolle historie. Zo sprak Steve Wallman, destijds baas van de SEC, tien jaar geleden ook al over de ontwikkeling van real time reporting. En wie herinnert zich Robert Elliott nog, de Amerikaanse accountantscoryfee die onvermoeibaar opriep tot innovatie van het vak? Dat was begin jaren negentig ...

Over de vos die de kip adviseert over beveiliging

“De large six zijn de kantoren die adviseerden over het antedateren van aandelenopties. De kantoren die betrokken waren bij Enron en andere schandalen. En de kantoren die hun cliënten reiskosten in rekening brachten die nooit waren gemaakt. En die kantoren vertellen ons nu hoe de toekomst van de verslaggeving eruit moet zien. Dat klinkt als de vos die de kippen adviseert over een betere veiligheid van hun kippenren.” Aldus luidt vrij vertaald de reactie van een bezoeker op Techdirt.com.

De hartenkreet van deze bezoeker vat een klassiek dilemma treffend samen: als de accountant niet vernieuwt, wordt hij beschuldigt van een passieve, conservatieve houding. Komt de accountant echter - zoals nu het geval is - met baanbrekende voorstellen, dan zijn de beschuldigingen over het veiligstellen van de eigen portemonnee niet van de lucht. Zowel Noël Clehane (BDO) als Christian Moullion (Ernst & Young) ziet het als een van de grootste uitdagingen om de innovatie daadwerkelijk van de grond te krijgen: de indruk vermijden dat het om marktontwikkeling door accountants gaat, en daadwerkelijk de dialoog aangaan.

Dat staat of valt met goede communicatie, waarbij het betrekken van derden centraal staat. Het moet gezegd dat de start van het gezamenlijke project wat dat betreft weinig hoopgevend is. In communicatief opzicht werd namelijk zo’n beetje gezondigd tegen alle basisregels, en verloochenden de kantoren hun ‘wij-weten-wat-goed-voor-u-is’-traditie niet. Het visiedocument staat weliswaar vol met termen als global conversation en dialoog, maar werd in werkelijkheid ontwikkeld in een black box. In plaats van een gemeenschappelijke perspresentatie gunde men de primeur van het rapport eerst aan een journalist van de Financial Times. Op de website van het Global Public Policy Symposium was het rapport daags na het verschijnen als pdf’je te vinden, zonder dat er echter enige mogelijkheid was gecreëerd om te reageren. Zelfs het achterlaten van een e-mailadres als geïnteresseerde behoorde niet tot de mogelijkheden. De titel van het document suggereert met het woord vision erin dat het een uitgewerkte route naar de brave new accounting world bevat. Clehane: “We hebben tot het einde toe een discussie gevoerd of we het woord vision al dan niet moesten gebruiken. We hadden het misschien niet moeten doen.”

Typerend is verder nog dat één van de firma’s besloot om de luiken dicht te doen toen ‘de Accountant’ om een reactie vroeg.

Alles opgeteld lijkt de communicatiestrategie vooralsnog meer op dicteren dan op het opstarten van een dialoog. De komende maanden/jaren zal blijken of dat anders kan.

Over de vos die de kip adviseert over beveiliging

Maatschappelijke veranderingen

Vroeger Nu
De leiding ontleent bevoegdheden over werknemers aan het feit dat deze werken met activa die eigendom zijn van de onderneming. Niet gecodificeerde kennis is een belangrijk productiemiddel, maar is geen eigendom van de persoon of de onderneming. Dat vraag om andere technieken voor managerial control. De werkgever heeft minder macht over de werknemer.
Externe kapitaalverschaffers zijn nodig voor de investeringen van grote ondernemingen. De kapitaalsbehoefte is vaak laag, en bij veel bedrijven nemen de externe kapitaalverschaffers ook een bestuurspositie in. Dit verkleint de machtspositie van de accountant.
Activiteiten worden via de hiërarchie gecoördineerd en gecontroleerd. Het marktmechanisme heeft een corrigerende werking op beslissingen of het niet nakomen van contracten omdat deze invloed hebben op het inkomen van de beslisser. De juridische professie wordt belangrijker dan die van de accountant.
De activa zijn eenduidig eigendom van de onderneming en de juridische grenzen van de onderneming vallen samen met de grenzen van de onderneming als economisch systeem. De activa van de onderneming zijn geen geschikte waarderingsgrondslag. De economische waarde van de onderneming kan niet langer worden afgeleid uit de financiële resultaten of positie.
Activa zijn vooral fysiek. Fysieke activa zijn niet meer de belangrijkste bron van rents.
Uitsluitend bedrijf en accountant hebben toegang tot data. Door onder meer XBRL krijgen meer partijen toegang tot de data op basis waarvan de accountant zijn controle realiseert.
De nadruk van corporate governance ligt op bescherming belangen externe kapitaalverschaffers. Nadruk ligt op transparantie, accountability van bestuurders en het vooraf kunnen corrigeren van hun specifieke besluiten. Een beloningssysteem waardoor de prikkels voor de bestuurders zorgen voor belangenbehartiging van de aandeelhouders werkt niet langer.

Hoofdpunten visiedocument large six

In het genoemde visiedocument doen de zes kantoren onder andere voorstellen voor real time reporting door bedrijven, te realiseren via internet. Ook wordt aandacht gegeven aan een meer op maatwerk gebaseerde benadering van verslaggeving, waarbij gebruikers hun eigen informatiewens kunnen vervullen door gebruik van moderne technologie, al dan niet met behulp van XBRL. Daarnaast gaat het visiedocument ook in op de toekomst van (geharmoniseerde) wetten en regels, en wordt het idee geopperd om door speciale forensische audits fraude in het bedrijfsleven tegen te gaan. Met dat laatste zou de accountant dan kunnen inspelen op de hoge verwachtingen die de maatschappij (op dit moment ten onrechte) heeft van zijn frauderechercherende verantwoordelijkheid in de controle van de jaarrekening.

Wat is er mis met accountant 1.0?

Verschillende geluiden (niet uitputtend!) over accountants en verslaggeving:

  • Omvang van de jaarrekening:
    De uit zijn krachten gegroeide IFRS-jaarrekeningen schieten door de omvang hun doel voorbij.
  • Moeilijkheidsgraad van wetten en regels:
    IFRS, en de convergentie daarvan met US GAAP, slaat volgens velen door in theoretische schoonheid en zorgt ervoor dat standaarden voor verslaggeving steeds minder praktisch toepasbaar worden.
  • Behoefte aan andere informatie:
    Niet-financiële informatie is in de huidige maatschappij minstens even belangrijk als financiële. Beslissingen die op basis van een jaarrekening worden genomen gaan vandaag de dag over meer dan alleen de vraag wel of niet in een onderneming te investeren.
  • Gebrek aan maatwerk:
    Zowel een jaarrekening als een accountantsverklaring is nog steeds zo flexibel als een T-ford; er zijn geen verschillende kleuren en uitvoeringen mogelijk voor verschillende doelgroepen, laat staan voor individuen. Nieuwe (internet)technologie maakt op allerlei fronten maatwerk mogelijk, maar is vooralsnog vrijwel geheel voorbij gegaan aan de financiële functie.
  • Accountant doet te weinig aan fraude:
    De maatschappij dicht de accountant een fraudedetecterende rol toe die hij niet kan waarmaken met zijn normale controlewerkzaamheden.
  • Accountant is te duur:
    De jaarrekeningcontrole is volgens veel bedrijven te duur. Totaal nieuwe aanpakken of softwarematige controles kunnen hierin verandering brengen.

Nart Wielaard is strategisch scherpdenker op het snijvlak van maatschappij, technologie en bedrijfsleven. Hij brengt complexe ontwikkelingen terug tot eenvoudige en begrijpelijke verhalen en doet dat in de rol van gespreksleider, adviseur en schrijver.

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.