Meer AI, minder vertrouwen in resultaat
Nederlandse organisaties gebruiken kunstmatige intelligentie steeds breder, maar zijn steeds minder positief over de vooruitgang en de opbrengsten die dat oplevert.
Dat blijkt uit de nieuwste Global AI Pulse van KPMG, een wereldwijd kwartaalonderzoek onder ruim 2.100 bestuurders en topmanagers. Het aandeel dat betekenisvolle bedrijfswaarde uit AI haalt, daalde van 82 procent in het tweede kwartaal naar 68 procent in het derde kwartaal.
Ook het vertrouwen in de houdbaarheid van de eigen AI-strategie op langere termijn nam af, van 81 naar 65 procent. Het aandeel organisaties dat de sturing en risicobeheersing voldoende vindt voor grootschaliger AI-gebruik, zakte van 77 naar 62 procent.
Zestien procent heeft AI ingebed in dagelijkse werkprocessen en stimuleert het gebruik binnen teams actief. Slechts 4 procent zegt in de fase te zitten waarin AI aantoonbare bedrijfsresultaten en groei oplevert. Wereldwijd liggen die aandelen op 22 en 10 procent.
Beter beeld
Wereldwijd ziet KPMG vergelijkbare ontwikkelingen, maar minder uitgesproken dan in Nederland. "Organisaties krijgen een beter beeld van wat er nodig is om AI duurzaam te verankeren en beoordelen hun eigen vooruitgang daardoor kritischer", zegt Alexandra van der Tuin, verantwoordelijk voor AI bij KPMG Nederland.
Volgens KPMG verschuift de aandacht van invoering naar de organisatie van AI binnen bedrijven. Naarmate de technologie meer wordt gebruikt, nemen vragen over verantwoordelijkheid, toezicht, kosten en opbrengsten toe. Ook datacentercapaciteit, geopolitieke ontwikkelingen, digitale soevereiniteit en veiligheid spelen daarbij een rol.
Ruim een derde van de Nederlandse organisaties, 36 procent, past AI inmiddels organisatiebreed toe en werkt aan optimalisatie. Technische belemmeringen nemen af, maar organisatorische vraagstukken blijken lastiger. Het aandeel dat voldoende vooruitgang ziet in de samenwerking tussen mens en AI daalde van 73 naar 57 procent. Wereldwijd is dat 66 procent.
Scholing
Bij- en omscholing van medewerkers wordt door 35 procent van de Nederlandse organisaties als belangrijke maatregel genoemd, tegenover 50 procent wereldwijd. Nederlandse organisaties passen wel vaker taken en werkprocessen aan.
AI blijft een belangrijke investeringsprioriteit, al daalde het aandeel bestuurders dat de technologie als topprioriteit noemt van 81 naar 73 procent. Cyber- en databeveiliging won aan belang: 45 procent noemt dit een prioriteit, tegen 28 procent aan het begin van het jaar.
Gerelateerd
Synergie tussen mens en AI is bepalend voor het succes van accountantskantoren
Klanten vragen naar AI bij hun accountant, jaarrekeningcontroles kunnen met behulp van AI efficiënter en doeltreffender worden verricht. Toch blijft een controle...
Deloitte-onderzoek: AI versnelt werk, maar organisaties worstelen met rendement
Organisaties zetten kunstmatige intelligentie steeds breder in, maar slagen er nog niet altijd in daar optimaal rendement uit te halen. Vooral de inrichting van...
Pheijffer: meer transparantie nodig over miljardeninvesteringen in AI
Techbedrijven investeren miljarden in AI, maar hun financiële verslaggeving maakt lang niet altijd duidelijk welke risico’s daarmee gepaard gaan. Hoogleraar Marcel...
Het onzichtbare AI-risico
Het risico op misplaatst vertrouwen in AI is reëel, weet Joris Joppe. Maar het is net zo belangrijk om te kijken naar de organisatie achter de software die wordt...
DNB: impact van AI op accountants is groot
Een aanzienlijk deel van de Nederlandse beroepsbevolking heeft een beroep waarin de opmars van AI voor grote verandering kan zorgen. Dat geldt ook voor accountants....
