Arjan Brouwer

Zouden de fundamentele beginselen uit de gedragscode van accountants ook moeten gelden voor overheidsinstanties zoals het OM, vraagt Arjan Brouwer zich af.

Discussie Column

Fundamentele beginselen

In het FD van 12 februari 2021 werd melding gemaakt van de berisping door de Accountantskamer van een FIOD-accountant, die namens het Openbaar Ministerie had opgetreden in een procedure tegen een andere accountant. Een tuchtzaak, en zeker een veroordeling, is heel vervelend voor een accountant en kan er flink inhakken. Ook al is het tuchtrecht bedoeld om van te leren en te verbeteren, een tuchtzaak kan blauwe plekken veroorzaken waar iemand nooit meer overheen komt.

Ik wil dan ook zeker geen extra zout in de wonden strooien van deze persoon. Maar ik werd wel geraakt door een specifieke passage in het artikel, waarvan ik vind dat deze niet onbesproken kan en mag blijven. In het artikel werd de vraag opgeroepen of de FIOD gezien deze berisping "niet beter een aanklager kan aanwijzen die niet gebonden is aan de ijzeren beroepsregels van de accountancy".

De FIOD en het Openbaar Ministerie hebben beide een belangrijke rol bij de opsporing van overtredingen en strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde. Ze kunnen zaken voor de rechter brengen, daar de strafbare feiten onderbouwen en een voorgestelde straf bepleiten. Daarmee hebben deze overheidsorganisaties een belangrijke en verantwoordelijke functie. Het is in het maatschappelijk belang dat de overheid misdadigers en overtreders opspoort en handhavend optreedt. Het is echter ook in het maatschappelijk belang dat de overheid daarbij zeer zorgvuldig handelt richting burgers en bedrijven, want een door het OM aangespannen procedure, zelfs wanneer dat niet leidt tot een veroordeling, heeft een ingrijpende invloed op degene die het betreft. Is het voor organisaties of mensen die een dergelijke verantwoordelijke rol vervullen niet juist passend om invulling te geven aan en aanspreekbaar te zijn op fundamentele beginselen als professionaliteit, integriteit, objectiviteit, vakbekwaamheid en zorgvuldigheid en vertrouwelijkheid, zoals die gelden voor accountants?

Laten we de beginselen die voor accountants gelden eens vertalen naar het OM. Het beginsel professionaliteit betekent dan bijvoorbeeld dat het OM zich onthoudt van elk handelen of nalaten van handelen dat het OM en de overheid in diskrediet kan brengen. Integriteit dat het eerlijk en oprecht optreedt en objectiviteit dat het zich niet ongepast laat beïnvloeden. Het zou bijvoorbeeld betekenen dat het OM in een procedure alle informatie, zowel belastend als ontlastend, naar voren brengt om op basis van alle informatie het aan de rechter over te laten om een oordeel te vellen en het recht op zijn beloop te laten. Dat de belastende informatie niet wordt aangedikt en de ontlastende informatie niet wordt verzwegen. Dat het voor een door het OM voor de rechter gedaagd individu niet afhankelijk is van de kwaliteit van zijn of haar advocaat, bij de vraag of de rechter een evenwichtig feiten patroon krijgt voorgeschoteld. Maar dat men erop mag rekenen dat de overheid daarvoor zorgt.

Vakbekwaamheid en zorgvuldigheid dan, oftewel het beginsel dat het OM haar werk grondig, nauwgezet en tijdig uitvoert. En dat het OM slechts mededelingen doet omtrent de uitkomst van haar onderzoek voor zover zij daarvoor een deugdelijke grondslag heeft. Dat als de door het OM verkregen informatie onvoldoende basis geeft voor een conclusie, zij  zich daarvan onthoudt. Vertrouwelijkheid ten slotte zou betekenen dat het OM geen informatie in een procedure gebruikt, waarvan het weet dat die onrechtmatig is verkregen en dus niet gebruikt mag worden.

Zouden dergelijke beginselen niet juist moeten gelden voor deze overheidsinstanties? Of zou het zo zijn dat de fundamentele beginselen, zoals die voor accountants gelden, het niet goed mogelijk maken om misstanden op een goede manier aan de kaak te stellen? Dat zou curieus zijn, want dat is iets dat in allerlei situaties nu juist van accountants wordt verwacht. In het kader van de NOW-controles bijvoorbeeld. Hierover gaf de voorzitter van de Accountantskamer recent in een interview nog aan dat een golf van tuchtzaken wordt verwacht tegen accountants die geen goedkeurende verklaring afgeven bij de verantwoording. Bepaald geen aantrekkelijk vooruitzicht.

Het dagelijks handelen van accountants wordt beïnvloed door de fundamentele beginselen en accountants zijn hierop aanspreekbaar. Het is niet altijd gemakkelijk om alle beginselen in alle gevallen op de juiste manier toe te passen en af en toe gaat het mis. Dat kan zelfs gebeuren bij de meest integere accountants met de beste intenties. Als ik het op mezelf betrek: mijn intenties zijn goed, maar de uitvoering is soms echt wel minder dan ik had gewild. En kritiek op die uitvoering kan dan toch even pijn doen.

Maar de fundamentele beginselen en de aanspreekbaarheid daarop dragen bij aan de kwaliteit van de beroepsuitoefening en aan het vertrouwen dat belanghebbenden kunnen hebben in accountants. De integere, objectieve, professionele scheidsrechter die een streng doch rechtvaardig oordeel velt. Ook als hij weet dat niet iedereen dat oordeel zal waarderen. Met de fundamentele beginselen als leidraad. Het commentaar in het FD, dat accountants zijn gebonden aan ijzeren beroepsregels, laat zien dat het in de maatschappij ook daadwerkelijk wordt gezien. En daarop mogen we als beroep ook trots zijn.

Wat vindt u van deze column?

Reageer

Arjan Brouwer is partner bij PwC en hoogleraar externe verslaggeving aan de VU Amsterdam. Hij maakte deel uit van de werkgroep Toekomst Accountantsberoep (2014).

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.