Pieter de Kok

Pieter de Kok heeft al een andere afspraak op 17 november, dus bezoekt hij de dag ervoor zijn eigen denkbeeldige versie van een ideale Accountantsdag.

Discussie Column

Een dagje tussen de accountants

Op 16 november ga ik naar de Accountantsdag. Niet op de zeventiende november, want dan ben ik 25 jaar getrouwd en die dag vier ik bij voorkeur met mijn vrouw. Dus ik ga een dag eerder.

Het thema is dit jaar Kwaliteit als kompas en daar valt natuurlijk weinig tegenin te brengen. Toch merk ik dat zo'n thema mij ook een beetje onrustig maakt. We zijn binnen de accountancy bijzonder goed geworden in het organiseren, beschrijven, meten en controleren van kwaliteit, terwijl ik mij regelmatig afvraag of we nog voldoende aandacht besteden aan de vraag voor wie die kwaliteit eigenlijk is bedoeld.

Ik heb daarom alvast een beetje zitten fantaseren over hoe mijn ideale Accountantsdag eruit zou zien. Met hulp van AI had ik daar overigens binnen enkele minuten een prachtig programma van kunnen maken, inclusief inspirerende sprekers, pakkende teksten en een overtuigende afsluiting. Dat is tegenwoordig niet zo moeilijk meer. Iedereen kan met AI een blog, column of presentatie schrijven. De interessantere vraag is of iedereen ook daadwerkelijk iets te vertellen heeft.

Die vraag geldt wat mij betreft net zo goed voor accountants als voor alle andere professionals die zich tegenwoordig geroepen voelen hun visie op de toekomst te delen. Mijzelf inbegrepen. In mijn denkbeeldige programma krijgen daarom vooral mensen buiten onze eigen beroepsgroep het woord. Ondernemers, cfo's, commissarissen, leden van raden van toezicht en mensen uit de publieke sector. Mensen die misschien niet precies weten welke standaarden wij toepassen, maar die wel dagelijks afhankelijk zijn van de informatie die wij produceren en beoordelen.

De eerste spreker is een ondernemer. Hij vertelt dat hij zijn accountant waardeert, maar dat hij soms het gevoel heeft dat wij met grote nauwkeurigheid uitleggen wat er zes maanden geleden is gebeurd, terwijl hij zelf inmiddels alweer drie belangrijke beslissingen verder is. Zijn probleem is niet dat hij onvoldoende cijfers heeft. Hij heeft dashboards, forecasts, margerapportages en cashflowoverzichten in overvloed. Hij wil begrijpen wat ertoe doet, waarom ontwikkelingen plaatsvinden en welke risico's hij misschien nog niet ziet.

Dat gesprek lijkt mij interessanter dan opnieuw een discussie over kwaliteitsindicatoren. Voor ons begint kwaliteit vaak bij de vraag of werkzaamheden aantoonbaar goed zijn uitgevoerd. Voor de gebruiker begint kwaliteit veel vaker bij de vraag of ons werk helpt om beter te begrijpen wat er werkelijk aan de hand is. Dat zijn geen tegenstrijdige doelstellingen, maar ze verdienen wel allebei aandacht.

Later die ochtend zitten vier accountants op het podium: een mkb-accountant, een accountant in business, een overheidsaccountant en een controlerend accountant. Ze krijgen dezelfde casus voorgelegd: een snelgroeiende onderneming met teruglopende marges, toenemende automatisering en een raad van commissarissen die zich afvraagt of de organisatie nog voldoende grip heeft op de bedrijfsvoering.

Wat mij opvalt, is dat alle vier naar dezelfde werkelijkheid kijken en toch andere dingen zien. De accountant in business kijkt naar performance en besluitvorming, de mkb-accountant naar de ondernemer en de bestuurbaarheid, de overheidsaccountant naar verantwoording en publieke belangen, terwijl de controlerend accountant vooral denkt aan risico's, processen en betrouwbaarheid van informatie. Binnen onze beroepsgroep organiseren we deze rollen graag afzonderlijk. De buitenwereld verwacht vooral dat een accountant begrijpt wat er speelt.

Voor de lunch komt een commissaris aan het woord. Zij vertelt dat accountants haar regelmatig veel informatie geven die technisch juist, zorgvuldig geformuleerd en volledig onderbouwd is, maar waarvan zij zich toch afvraagt wat ze ermee moet. Niet omdat die informatie onjuist is, maar omdat zij vooral wil weten waar de accountant zelf spanning ziet. Waar sluiten cijfers en gedrag niet op elkaar aan? Welke ontwikkeling verdient aandacht voordat deze daadwerkelijk tot problemen leidt?

Daar raakt zij voor mij aan de kern van professioneel vakmanschap. Niet alleen vaststellen wat aantoonbaar is, maar ook kunnen duiden wat relevant is. Dat vraagt ervaring, nieuwsgierigheid en professioneel oordeel. Eigenschappen die minder gemakkelijk in een format passen en nog moeilijker zijn te automatiseren.

Tijdens de lunch schuift een jonge accountant aan. Hij vertelt enthousiast over zijn kantoor, waar onlangs weer een nieuwe arbeidsmarktcampagne is gestart. De beelden zijn flitsend, de collega's zijn sportief en de boodschap is dat accountancy vooral hip en happening is. Ik vraag hem welk probleem we daarmee eigenlijk proberen op te lossen. Al meer dan dertig jaar hoor ik dat ons beroep een stoffig imago heeft. Inmiddels begin ik mij af te vragen of vooral accountantskantoren zelf dat beeld hardnekkig in stand houden.

Misschien is het beroep voor veel jonge mensen namelijk helemaal niet zo onaantrekkelijk. Het vraagt intellectuele nieuwsgierigheid, analytisch vermogen, kennis van organisaties, technologie en een behoorlijk ontwikkeld gevoel voor verantwoordelijkheid. Dat lijkt mij inhoudelijk een uitstekend verhaal om nieuwe collega's mee aan te spreken. De jonge accountant knikt, maar zegt dat hij vooral graag meer verantwoordelijkheid zou krijgen en vaker mee zou willen naar klanten. Een interessant antwoord, zeker omdat ik mij afvraag hoeveel arbeidsmarktcampagnes werkelijk over de inhoud van het vak gaan.

Na de lunch staat AI op het programma. Dat kan tegenwoordig bijna niet anders. Ik hoop vooral dat het gesprek niet opnieuw gaat over de vraag of een taalmodel slimmer is dan een junior accountant, hoeveel examens AI inmiddels beter maakt dan studenten en hoeveel accountants er over vijf jaar nog nodig zijn. Ik word een beetje moe van die vergelijkingen. Een taalmodel dat een examenvraag goed beantwoordt, laat daarmee nog niet zien dat het een organisatie begrijpt, tegenstrijdige informatie herkent of verantwoordelijkheid kan dragen voor een professioneel oordeel.

Interessanter wordt het wanneer een cfo laat zien waar AI in zijn organisatie werkelijk iets toevoegt, een data-analist toont wat met transactiedata en process mining mogelijk is en een accountant uitlegt waarom een overtuigend antwoord van een taalmodel nog geen controle-informatie vormt. Ik zou in die sessie ook graag iets horen over het onderscheid tussen deterministische data-analyse en generatieve AI. We praten tegenwoordig gemakkelijk over AI-analytics, alsof iedere analyse ineens intelligenter wordt wanneer er een taalmodel bij betrokken is. Terwijl we met traditionele data-analyse al decennialang omvangrijke datasets kunnen onderzoeken, verbanden kunnen leggen en afwijkingen kunnen identificeren. Met methoden waarbij de gebruikte data, berekeningen en selecties controleerbaar en reproduceerbaar zijn.

AI kan daar veel aan toevoegen. Het kan helpen bij het ontwikkelen van analyses, het schrijven van scripts, het toegankelijk maken van technologie en het interpreteren van bevindingen. Maar bij een accountantscontrole wil ik uiteindelijk wel kunnen reconstrueren hoe een uitkomst tot stand is gekomen. Welke gegevens zijn gebruikt, welke bewerkingen zijn uitgevoerd en waarom leidt een analyse tot een bepaalde conclusie? Een indrukwekkende visualisatie of een overtuigende AI-toelichting is daarvoor niet voldoende.
Juist die combinatie van technologie en professioneel oordeel lijkt mij een interessant onderwerp voor de komende jaren. Niet omdat iedere accountant programmeur moet worden, maar omdat iedere accountant moet begrijpen wat technologie wel en niet voor hem kan betekenen.

Later op de middag gaat het over de organisatie van accountantskantoren. Private equity, schaalvergroting, productiviteit, offshoring en automatisering passeren de revue. Een bestuurder legt uit dat grotere organisaties beter kunnen investeren in technologie, kwaliteitsmanagement en opleiding. Daar heeft hij een punt. Tegelijkertijd vraag ik mij af waarom we in discussies over private equity zo vaak de behoefte voelen om het verhaal vooral positief te presenteren. Alsof groei, professionalisering en innovatie vanzelfsprekend samenvallen met de belangen van een investeerder.

Ik heb op zichzelf niets tegen investeerders die geld willen verdienen. Maar accountantsorganisaties hebben ook een publieke verantwoordelijkheid en die laat zich niet altijd eenvoudig verenigen met schaalvoordelen, rendementsdoelstellingen en een toekomstige verkoop. Het lijkt mij gezond om die belangen gewoon naast elkaar te leggen; zonder private equity bij voorbaat te veroordelen, maar ook zonder alle commerciële argumenten te vertalen naar kwaliteitsverbetering.

Dan stelt een jonge accountant een vraag die de discussie een andere richting geeft. Als steeds meer eenvoudig werk wordt geautomatiseerd, werkzaamheden naar het buitenland verdwijnen en AI het voorbereidende werk overneemt, waar moet hij het vak dan eigenlijk nog leren? Ik vind dat misschien wel de belangrijkste vraag van de middag. We spreken voortdurend over het belang van human in the loop, maar tegelijkertijd ontstaat de verleiding om juist de werkzaamheden waarop jonge professionals ervaring opdoen zoveel mogelijk te elimineren. Er wordt enthousiast gesproken over AI die het werk van junior accountants kan overnemen. Maar als dat ook betekent dat we minder juniors opleiden of aannemen, hebben we over tien jaar misschien een heel ander probleem.
Je kunt niet verwachten dat iemand op zijn dertigste een ervaren professional is, wanneer hij in de jaren daarvoor nauwelijks de gelegenheid heeft gekregen het vak te leren. Natuurlijk hoeft een jonge accountant niet jarenlang facturen af te vinken of eindeloos administratief werk te verrichten. Maar juist door werkzaamheden uit te voeren, fouten te ontdekken, klantgesprekken mee te maken en analyses te bespreken, ontwikkelt iemand het vermogen om professioneel te oordelen.
Misschien moeten we daarom bij iedere businesscase voor AI niet alleen berekenen hoeveel uren technologie bespaart, maar ook welke leermomenten verdwijnen en hoe we die gaan vervangen. Dat lijkt mij een veel relevantere discussie over kwaliteit dan de zoveelste voorspelling over het aantal accountants dat straks overbodig wordt.

Aan het einde van mijn denkbeeldige Accountantsdag krijgen de jonge accountants het podium. Niet om opnieuw te horen dat hun generatie andere verwachtingen heeft of dat zij vooral op zoek zouden zijn naar flexibiliteit, zingeving en een leuke werkomgeving, maar om zelf te vertellen wat zij van het beroep verwachten. Hun verhaal is verrassend nuchter. Ze willen minder bureaucratie, minder hiërarchie om de hiërarchie en minder werkzaamheden waarvan niemand goed kan uitleggen waarom die nog bestaan. Tegelijkertijd willen ze verantwoordelijkheid, klantcontact, technologie en voldoende ruimte om organisaties werkelijk te begrijpen.

Als ik na afloop naar buiten loop, denk ik nog even aan het thema van de dag. Kwaliteit als kompas is een prima gedachte, maar een kompas helpt pas als je weet waar je naartoe wilt. Misschien moeten we op onze jaarlijkse bijeenkomst daarom niet alleen praten over hoe we onze kwaliteit verder kunnen verbeteren, maar vooral ook over wat we als beroepsgroep eigenlijk willen betekenen.
We hebben volop ideeën over technologie, organisatievormen, efficiency, schaalvergroting en het aantrekken van nieuwe generaties. Maar achter al die ontwikkelingen ligt steeds dezelfde vraag: worden wij er ook betere accountants van en hebben de mensen die op ons vertrouwen daar werkelijk iets aan?

Ik ben benieuwd wat 17 november daadwerkelijk gaat brengen. Mijn eigen denkbeeldige programma zit er in ieder geval op. En voor de zekerheid heb ik AI nog maar even gevraagd of het een mooie afsluitende boodschap kon bedenken. Daar kwam iets heel overtuigends uit over innovatie, verbinding en samen bouwen aan de toekomst. Ik heb het toch maar weggelaten.

Wat vindt u van deze column?

Reageer

Pieter de Kok is founder en partner bij Coney Minds.

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.