Magazine

Geknipt en geschoren: Jan Bouwens

Hoogleraar accounting aan de Universiteit van Amsterdam, onderzoeker, actief deelnemer aan het accountantsdebat en bestuurder van de kersverse Foundation for Auditing Research (FAR).

Dit artikel is verschenen in Accountant Q2, 2016

Bekijk alle artikelen uit dit nummer

» Download dit artikel in pdf

Geen doorsnee kapper voor een wetenschapper.

“Hij is duur. Maar het scheelt echt, vooral als je haar iets ouder wordt. Toen ik een jaar bij Harvard zat? Daar ging ik ook naar een dure kapper. Nee, veel verschil met Nederlands knippen is er niet.”

U bent zelf geen accountant, hoe komt dat zo?

“Zo is het gelopen. Na mijn hbo-opleiding leraar economie en recht ging ik werken als uitvoerder van de begroting van de Universiteit van Tilburg. Daar raakte ik geïnteresseerd in management accounting. Zo kwamen bestuurders met vermoedelijke eindejaarcijfers waarvan je vooraf al kon zien dat ze niet zouden uitkomen. 's Avonds studeerde ik economie. Later vroeg de vakgroep accounting me om daar te werken en ging ik promoveren.”

Luistert de praktijk genoeg naar onderzoek?

“Als een zaak breed leeft hebben in de politiek de emotie en het buikgevoel van de samenleving meer invloed dan onderzoek. Maar als de overheid uit eigen beweging met maatregelen komt, wordt er wel meer geluisterd. Ik probeer in discussies over accountancy en de financiële wereld wat nuchterheid te brengen.”

Is dat ook de rol van de FAR?

“Nee, bij de FAR gaat het er om feiten en factoren boven tafel te halen die bepalend zijn voor de kwaliteit van het accountantswerk. Het is uniek dat kantoren daarvoor gegevens gaan verstrekken.”

Dat wilden ze nooit. Waarom nu wel?

“Omdat ze zelf ook de problemen wel zagen en beseften onvoldoende zicht te hebben op de precieze oorzaken. In welke richting ik zelf denk? Ik hoop op meer inzicht in de invloed van de auditteamsamenstelling. Zo wil de AFM dat de partner minstens tien procent van de door het auditteam bestede tijd voor zijn rekening neemt. Maar misschien zou dat bij sommige klanten wel twintig moeten zijn, of vijf, of minder.”

Heeft onderzoek tot nu toe bijgedragen aan de auditkwaliteit?

“Moeilijk te zeggen, maar we weten wel iets over bepaalde factoren, zoals de eigen stijl van auditors. Je ziet per persoon een vast patroon in hoe scherp bijvoorbeeld naar de winst wordt gekeken. Om echt te weten wat de root causes van die verschillen zijn, zouden de relevante persoonlijkheidskenmerken in kaart moeten worden gebracht.”

Ik las ooit iets over religieuze achtergrond.

“Daar is onderzoek over. Protestanten kijken strenger, staan manipulatie niet toe. Ook de inbreng van specialisten en mate van ervaring in het team zijn interessant. Alleen protestanten aannemen dus? Nee, haha, we gaan geen beleidsadviezen geven. We brengen alleen beleidsrelevante uitkomsten naar buiten. Ik denk dat we het inzicht echt gaan verhogen en dat de sector daarvan gaat profiteren. De eerste resultaten verwacht ik rond mei 2017.”

Herkent u een accountant aan zijn of haar uiterlijk?

“Nee. Wel een commercieel georiënteerde accountant in vergelijking met accountants die het vak belangrijker lijken te vinden. Die eersten uiten zich in hun kleding iets uitbundiger, vinden bepaalde brillen belangijker, horloges, auto's. Hoewel ik er ook een ken die al negen jaar in dezelfde Audi A6 rijdt.”

Zijn er nog interessante onderzoeksbevindingen die u kwijt wilt?

“Ja, over zelfoverschatting. We hebben een grote groep masterstudenten accountancy tien vragen gesteld, over feitelijkheden zoals ‘hoe lang is de Nijl’. Daarbij mochten ze zelf een range kiezen, groot of klein. Als je die range vaak fout hebt, interpreteren we dat als zelfoverschatting. Onder managers vind je altijd dat mannen zichzelf vaker overschatten dan vrouwen. Zeventig procent vindt zichzelf beter dan de gemiddelde bestuurder, bij de vrouwen dertig procent. Maar bij deze accountants is het omgekeerd en bleken juist vrouwen vaker overmoedig en zekerder over hun eigen antwoord. Toch interessant om eens verder te bekijken.”

Rob Peetoom Hair & Beauty

In de Amsterdamse Bijenkorf, een van negentien salons. Filosofie van Rob Peetoom: “Ik kan goed knippen, maar dat kunnen meer kappers. Maar niet iedereen kan snel zien hoe je het haar zo kunt knippen dat het bij haar of zijn uitstraling en persoonlijkheid past.”

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.