Zorg

Hoe boeren de zorgboeren?

Het aantal zorgboerderijen in ons land groeit snel. Hun verslaggeving verdient tegelijk aandacht. Jan Popping dook in de kenmerken, resultaten, het verdienmodel, de betrokken accountants en de manco’s in de verantwoording.

Jan Popping 

Nederland telde in 2018 totaal 1.250 zorgboerderijen, met een gezamenlijke omzet van 250 miljoen euro en daarmee gemiddeld 200.000 euro per bedrijf, volgens 'Kijk op multifunctionele landbouw WUR'. De sector groeit met zo'n 15 procent per jaar als kool. 'Boerenzorg' past prima bij populaire thema's zoals 'groen' en 'duurzaam', met oog voor de natuur, het milieu en dierenwelzijn en de trend naar vermaatschappelijking van de zorg en kleinschaligheid ervan. Tegelijk vormen zorgactiviteiten voor een agrarisch bedrijf een interessante extra inkomstenbron, of zelfs de hoofreden van bestaan.

Zorgboerderijen kenmerken zich door mengvormen van zorgverlening met agrarische activiteiten in een enorme diversiteit, al naar gelang cliënt, soort zorg, of bedrijfstype en -grootte. Leeftijd en de lichamelijke en/of geestelijke aandoeningen, de hulp- en zorgvraag en de duur-  en zwaarte ervan kunnen sterk verschillen en dat geldt daarmee ook voor de geboden zorg. Meestal ligt het accent op dagactiviteiten en begeleiding, en bij grotere bedrijven ook wel in combinatie met allerlei aanvullende en specialistische vormen van zorg zoals verpleging, logeermogelijkheid, langdurige opvang en woonvoorzieningen, respectievelijk therapie en behandeling.

De agrarische kant kent eveneens vele facetten: land- en tuinbouw, veeteelt, natuurbeheer, kwekerijen, aangevuld met recreatieve voorzieningen, een landwinkel, manege, kinderopvang etc., als geheel ook wel aangeduid met multifunctionele landbouw. Soms valt de identiteit af te lezen aan de bedrijfsnaam van de zorgboerderij, ontleend aan een agrarisch product, het favoriete dier, type of ras, de partner van de boer die de zorg verleent of een naam waarin de signatuur, de regio of een specifieke activiteit doorklinkt. Er zijn biologische- en ecologische bedrijven, leer-, werk-, speel- en beleefboerderijen etc., met focus op arbeidsintegratie, autisme, coaching, dementie, opvoedproblemen, verslaving of zelfredzaamheid.

'Zorgboerderijen kenmerken zich door mengvormen van zorgverlening met agrarische activiteiten in een enorme diversiteit.'

Zorgboerderijen zijn landelijk en regionaal vaak verenigd in federatief- of coöperatief verband ten behoeve van belangenbehartiging, samenwerking, kwaliteit en keurmerken. Zo telt de Federatie Landbouw en Zorg meer dan achthonderd leden. Interessante bronnen voor verdere informatie zijn www.zorgboeren.nl en www.lto.nl .

Rapportage

Op www.jaarverslagenzorg.nl deponeren zorginstellingen hun rapportage over het afgelopen jaar en ook vele zorgboeren moeten voldoen aan deze wettelijke verplichting. Voor het boekjaar 2019 (2020 is nog niet beschikbaar) konden uit dit bestand van bijna vijfduizend organisaties ruim vierhonderd individuele zorgboeren met meerjarige bedrijfsresultaten worden achterhaald, en een samenvatting van 649 stuks. Het vergde nogal wat spit- en graafwerk omdat zorgboerderijen ook vaak onder een eigennaam, rechtsvorm, dier, product, dienst, locatie of synoniem (hof, hoeve, erve etc.) staan opgenomen.

Onderzocht werden de jaarverslagen en DigiMV, de digitale versie ervan, waarin ook gegevens staan over onder andere de identiteit van de rechtspersoon, de aard van de hoofdactiviteit en uiteraard de financiële- en personele kengetallen.
De eenmanszaak, de maatschap en de vennootschap onder firma (VOF) vormen samen het leeuwendeel van de rechtsvormen. Kenmerkend is hier de sterke persoonlijke betrokkenheid van de boer/boerin, of de maat/vennoot/firmant met de zorgactiviteiten. Ook de financiële binding is groot, omdat het risicodragend eigen vermogen meestal wordt gevormd door de ondernemers zelf en mede een voorziening is voor de 'oude dag'. Grotere bedrijven zijn vaker een BV of stichting.   

De aard van de activiteit is overwegend Jeugdhulp (JH) gefinancierd uit de Jeugdwet (JW), soms in combinatie met andere zorg, zoals geestelijke gezondheidszorg (GGZ), gehandicaptenzorg (GHZ) of verpleging, verzorging en thuiszorg (VVT). Zorg van het type GGZ, GHZ of VVT wordt meestal door wat grotere organisaties geboden, of via samenwerkingsverbanden.
Interessant is ook een specificatie van de verleende zorg. De opbrengsten van de zorgprestaties en maatschappelijke ondersteuning vallen in de categorieën Zorgverzekeringswet (ZVW), de Wet langdurige zorg (WLZ), de Jeugdwet (JW), de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) en Overig, en daarmee ook de financiers ervan. De gemeente speelt hierbij een hoofdrol (JW en WMO).  

Federatief, 649x

Zorgboeren, verenigd in vier stichtingen (Bezinn, Landzijde, ZBZH, SZZ) en drie coöperaties (CBZ, CKZ en CLZ), vormen met 649 stuks de grootste categorie, met een totale omzet van ruim 106 miljoen euro en daarmee gemiddeld ca. 164.000 euro per aangesloten bedrijf.
Hierbij de kanttekening dat boeren hierover een fee betalen, maar individueel vaak extra opbrengsten genereren uit overige zorg- of bedrijfsprestaties. Het type zorg is pluriform: GGZ, GHZ en JH. De specificatie van de financiering: 40 procent JW, 27 procent WLZ, 27 procent WMO en 6 procent Overig. Opvallend was de sterke omzetgroei van 20 procent. 

Individueel, 410x

De totale balanswaarde was 269 miljoen (8 procent groei) en de omzet 241 miljoen (een groei van 10,9 procent, gemiddeld ruim 587.000 euro per zorgboerderij). Gezien de grote bandbreedte worden hieronder de belangrijkste bedrijfseconomische resultaten samengevat in tabellen voor bedrijven van verschillende omvang. Opmerking: sommige zorgboeren rapporteerden zowel individueel als in federatief verband, dus dubbelop. Ook werden fouten en manco's aangetroffen en per eind april 2021 misten nog tientallen organisaties die eerder wel opgave deden in jaarverslagenzorg. Soms druppelt er nog een verslag over 2019 binnen, terwijl tegelijkertijd de verslaglegging over afgelopen jaar per 1 april 2021  startte. Uitkomsten zijn dus niet geheel compleet en nauwkeurig, maar worden wel als maatgevend gezien. Cijfers werden afgerond.
Aan de 'onderkant' bleven 33 stuks met een omzet onder 100.000 euro buiten beschouwing en aan de 'bovenkant' 77 stuks. Met opbrengsten tot 5 miljoen zijn de laatste in feite kleinere, reguliere zorgorganisaties en vaak stichtingen die complexere zorg bieden. Hieronder drie 'plaatjes' voor kleinere, middelgrote en grotere zorgboeren. In elke categorie werden honderd stuks onderzocht op diverse kenmerken en bedrijfsmatige uitkomsten.

'In elke categorie werden honderd stuks onderzocht op diverse kenmerken en bedrijfsmatige uitkomsten.'

Balans en Omzet (x 1000) spreken voor zich en gelden voor de gemiddelde zorgboerderij. Solvab = solvabiliteit (eigen vermogen/balans). Winst = netto bedrijfsresultaat na belasting en als deel van de omzet. PK = Personeelskostenratio (personeelskosten/omzet). Op de regel eronder de mutatie, of eerdere uitkomst. De opbrengst categorieën werden al genoemd waarbij Rest = overige zorgopbrengsten (vaak PGB, persoonsgebonden budget), SUBS = subsidies en Bedrijf = overige bedrijfsopbrengsten. De bedrijfsvormen (zoals eenman, maatschap etc.) behoeven geen verdere toelichting en de aard van de zorg (JH, GHZ etc.) werd eerder aangeduid. 

Tabel 1 kleinere zorgboeren, omzetklasse 106.000 t/m 244.000, 100xDe winst lijkt fors, maar is een beloning voor verrichte arbeid en het ondernemersrisico en wordt doorgaans gedeeld met meerdere firmanten (vaak echtgenoten of meewerkende partners). Een ander mogelijk misverstand: de winst is geen 'netto inkomen', maar vormt de basis voor de  inkomstenbelasting. De relatief lage omzet en personele kosten (weinig ingehuurde medewerkers) zijn typerend voor het eenmansbedrijf, maatschap of VOF. De personeelskostenratio, een maatstaf zoals die in de zorgmarkt wel gehanteerd wordt als prestatie indicator, is dus in feite 37,2 procent + 23,9 procent = 61,1 procent. Voor grotere instellingen in de zorgmarkt is dit meestal iets hoger.

Tabel 2 middelgrote zorgboeren, omzetklasse 248.000 t/m 455.000, 100xBij grotere ondernemingen stijgt het aandeel personele kosten door de inhuur van meer medewerkers, en ook het type zorgverlening (meestal meervoudig) en de rechtsvorm verschuiven. Opvallend is de lage subsidiebijdrage bij alle boeren, klein of groot. Ook een commanditaire vennootschap en coöperatie kwamen als rechtsvorm voor en als zorgactiviteit ook Jeugdbescherming.

Tabel 3 grote zorgboeren, omzetklasse 456.000 t/m 859.000, 100x

'Verdienmodel' en personele aspecten

Mede omdat er enkele artikelen in de pers verschenen over 'verdienmodellen' van zorgboeren die hun hobby soms zouden financieren ten koste van de zorg, wordt hieronder wat verder ingegaan op resultaten en personele uitkomsten.
Genoemd werd al de personeelskostenratio die iets onder marktconform ligt, ergo verhoudingsgewijs geen bovenmatige beloning. De gemiddelde loonkosten per werknemer in alle 410 bedrijven werden becijferd op 47.700 euro per fte per jaar, eveneens lager dan in de zorgmarkt gebruikelijk is. We zagen opmerkingen over 50 werkuren of meer per week en toerekening van loonkosten van dertig a veertig euro per uur.
Verder bleek dat 43 van de 410 bedrijven met verlies draaiden, overigens meestal de grotere-, als stichting (25x) of BV. Ook werd gekeken naar de 'doorsnee zorgboer' met de rechtsvorm eenmanszaak, maatschap en  vennoot. Dat waren er 235 van de 300. De winst per 'kop' (eenman, maat of firmant) kwam gemiddeld uit op 59.600 euro. Dit alles duidt niet op buitensporige verdienmodellen, maar eerder op het tegendeel.
Wat verder opvalt is het lage gemiddelde verzuim van onder 3,7 procent op basis van 410 waarnemingen. Hoe kleiner de organisatie, hoe minder verzuim en omgekeerd. Stagiaires en vooral vrijwilligers spelen een belangrijke rol: samen bijna evenveel als de totale personeelsinzet.

Wat valt verder op?

Opmerkelijk is de moeite die zorgboerderijen hadden met de rapportages, waarbij regelmatig gebreken werden aangetroffen. In een toelichting op de website van jaarverslagenzorg lazen we:"Let op! Bespreek met uw accountant of administratiekantoor welke aanpassingen gedaan moeten worden om een volledig beeld te geven in de jaarrekening van de zorginstelling.

'Opmerkelijk is de moeite die zorgboerderijen hadden met de rapportages, waarbij regelmatig gebreken werden aangetroffen.'

Aanvullend op wat al werd gemeld is overduidelijk dat de 'multifunctionele zorgboerderij' rekening moet houden met veelomvattende en complexe wet- en regelgeving zoals die geldt voor agrarische bedrijven én zorginstellingen, met meerdere belanghebbenden, uitgebreide rapportages en een gedegen boekhoudkundige verantwoording. Zonder uitputtend te zijn: bestemmingsplan en milieueisen, duurzaamheid en energie, kwaliteitsborging en eventuele certificatie, en een wirwar van financiële aandachtspunten, waaronder aftrek- en andere bijzondere posten, heffingen, onroerend goed, premies, rechten, subsidies, toerekening van baten en lasten, uitkeringen, vergoedingen, verstrekkingen en vrijstellingen. Niet te vergeten de btw (met verschillende tarieven, indien er sprake is van gemengde prestaties, en correcte afdracht) en algemene regelgeving zoals voor privacy (AVG) en gedurende de gehele levenscyclus: van oprichting, financiering, keuze van de rechtspersoon t/m eventuele opsplitsing, verkoop- of andere afwikkeling. Dit alles met een gezonde dosis ‘boerenverstand’ bij de praktische toepassing ervan. Enkele zorgboeren voegden kopieën van belastingaangiftebiljetten en jaaropgaves met banksaldi en zelfs rekeningnummers toe, dit kan zeker niet de bedoeling zijn. 

Accountants

De verscheidenheid in (vooral kleine, lokale ) accountants- en administratiekantoren die betrokken zijn, is fors en dat geldt nog meer voor de fees voor accountancy, administratie en adviesdiensten: gemiddeld anderhalf procent van de omzet en sterk situatiegebonden, gezien de grote spreiding. Grotere en vaker voorkomende kantoren zijn ABAB, Accon avm, Alfa, Countus en Flynth. Zij zijn lid van de Vereniging voor Accountants- en Belastingadviseurs ‘VLB’ die hun belangen op agrarisch gebied behartigt.
Opmerkelijk is dat op de websites van deze accountants de aandacht voor zorgboerderijen (als sector, branche, segment of door referenties) meestal  beperkt is en dat geldt zeker voor bedrijfskundige analyses. Wel doet ABAB soortgelijk onderzoek en daarom werd dit kantoor om commentaar gevraagd.

ABAB

"Een zorgboerderij is van origine een bijzonder soort familiebedrijf en maakt een sterke ontwikkeling door, zo is ABAB Accountants en Adviseurs ook in deze branche meegegroeid", aldus Urban Luijkx, relatiemanager van ABAB voor zorgboeren. "Voor zorgboerderijen zijn er nauwelijks actuele kengetallen of bedrijf vergelijkende cijfers. Deze onderzoekpublicatie is vooral interessant gezien de omvang en classificaties: dit ten behoeve van meer representatieve benchmarks. De uitkomsten zijn grotendeels herkenbaar en sluiten goed aan bij ABAB's eigen analyses. Onze 'zorglandbouwmonitor' is kleinschaliger en meer gedetailleerd en richt zich zowel op ondernemers met een zorgboerderij als hoofdactiviteit, of als neventak. Elk kwartaal wordt inzicht geboden in bedrijfsvergelijkende opbrengsten en kosten, met als doel rendementsverbetering door bijsturing in de bedrijfsvoering. En uit onze praktijk blijkt zeker geen sprake van buitensporige verdienmodellen."

'Uit onze praktijk blijkt zeker geen sprake van buitensporige verdienmodellen.'

CIBG

Het Agentschap CIBG is een uitvoeringsorganisatie van het ministerie van VWS en speelt een belangrijke rol bij het faciliteren van de aanlevering van de stukken voor de jaarverantwoording. Gezien de mankementen in de verslaglegging werd ook deze instantie om een reactie gevraagd.
De uiterste inleverdatum voor de jaarrapportage over 2020 is 1 oktober 2021. Er is (helaas, J.P.) geen aparte categorie zorgboeren in jaarverslagenzorg, zo stelt CIBG. Zorgboeren met jeugdhulp vallen onder Jaarverantwoording Jeugd en als zij Wlz- en of Zvw-zorg bieden (meestal de eerste) en een WTZi-toelating hebben onder Jaarverantwoording Zorg. Beide Jaarverantwoordingen zijn van toepassing, kennen subtyperingen en soms is ook sprake van nadere typering. De WTZi regelt wie wel/geen toelating nodig heeft. Er zijn ook regels voor hoofd- of onderaanneming en volledige- of vereenvoudigde verantwoording. De verantwoording van personeel in DigiMV is afhankelijk van de organisatievorm. Onderstreept wordt dat zorgorganisaties zelf verantwoordelijk zijn voor de juistheid, volledigheid- en tijdigheid van aanlevering en dat zij zich over het volledige bedrijf verantwoorden, in plaats van alleen over het zorgdeel, en ook dat maten/vennoten zich bij personeel als zelfstandige registreren. Vragen over organisatorische- en financieel inhoudelijke zaken zijn vaak sterk casusgerelateerd. Dan moet contact worden opgenomen met de intermediair, zoals het administratiekantoor of een (zorg)accountant. 

Tot zover over CIBG als 'sanity check'. Met de nadrukkelijke aanbeveling dat accountantskantoren hun zorgboeren (voor zover rapportageplichtig) bij de verslaglegging over 2020 extra aandacht geven bij de 'invuloefening'. Enkele zorgboerderijen brachten afgelopen april al verslag uit over het boekjaar 2020, maar soms ook alsnog (zeer verlaat) over 2019 en ook niet zonder andere tekortkomingen. Ondanks de nieuwe look and feel van jaarverslagenzorg, met extra rapportage vereisten en de toelichting erop, blijft het een uitdagende exercitie. Soms ook blijkend uit het expliciete commentaar van sommige boeren...

Jan Popping is zelfstandig adviseur in de zorgmarkt en directeur van J.P. Adviesbureau BV.

Gerelateerd

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.