NS kan nu 'maatschappelijke waarde' laten zien
Het werd tijd om het begrip bedrijfswaarde opnieuw te definiëren, meenden onderzoekers van consultancybureau ftrprf, Rotterdam School of Management en Nyenrode. Zo ontstond de Futureproof Index, die de waarde van bedrijven niet alleen financieel, maar ook maatschappelijk en ecologisch concreet becijferd. De onderzoekers gingen er mee rekenen voor de NS. "Deze som maakt inzichtelijk waar nu echt de waarde zit."
Ronald Bruins
Professor Dirk Schoenmaker was vanaf de start nauw betrokken bij de ontwikkeling. De aanleiding was simpel. "We wilden een manier ontwikkelen die laat zien wat bedrijven nu écht bijdragen of kosten aan de samenleving. Niet alleen financieel, maar het complete plaatje." Het ging de onderzoekers niet om een nieuwe ESG‑index of een hippe duurzaamheidsindicator. Nee, er moest een waarderingsmodel komen dat net zo logisch voelt als de financiële balans. "Als je financiële cijfers kunt controleren, kun je maatschappelijke waarde ook in euro’s uitdrukken. Je moet alleen de stap durven zetten."

Dirk Schoenmaker
Min dertig procent
Eerst lichtten de onderzoekers, onder leiding van Schoenmaker en op basis van openbare bronnen, 23 AEX-bedrijven door. Wat bleek? Deze kosten de maatschappij gezamenlijk meer dan ze opleveren. Tegenover de totale financiële waarde van de AEX-bedrijven staat een negatief sociaal en ecologisch saldo van maar liefst min dertig procent. Basis van de analyse is financiële en duurzaamheidsverslaglegging en aanvullend brononderzoek. Lijstaanvoerder is Philips met een futureproof ratio van 4,86. Dit betekent dat de maatschappelijke waarde van Philips bijna vijf keer zo hoog is als de financiële waarde van het bedrijf. Hekkensluiter is ArcelorMittal met een negatief maatschappelijk rendement van min 12,01. Shell en Heineken scoren ook 'rood'.
Helderheid
De eerste keer dat Schoenmaker de integrale waarde van AEX‑bedrijven doorrekende, schrok hij niet van de uitkomst. "Maar wel van de helderheid: van de 23 bedrijven hadden we een totale maatschappelijke balans van min dertig procent. Financieel gezond, maatschappelijk negatief. Eén getal maakt dat plotseling glashelder."
'Dit is precies het bredere gesprek dat we nodig hebben.'
Die helderheid maakte ook de NS nieuwsgierig. Directeur Duurzaam Ondernemen Sacha Göddeke zag de methode. "Dit is precies het bredere gesprek dat we nodig hebben. We praten in Nederland bij openbaar vervoer bijna altijd over kosten, over stiptheid en vertragingen, maar zelden over de waarde van treinvervoer. En die waarde is veel groter dan mensen denken."

Sacha Göddeke
Voor Göddeke was de uitkomst vooral een bevestiging. "Dankzij het openbaar vervoer kunnen miljoenen mensen meedoen. Naar werk, studie en naar familie reizen. Dat is een gigantische maatschappelijke waarde. Maar deze konden we moeilijk zichtbaar maken." Volgens haar is de methode vooral de start van een gesprek. "We kunnen nu fact‑based laten zien hoe essentieel openbaar vervoer is voor Nederland. Niet alleen economisch, maar ook sociaal en ecologisch." Ze ziet dat ook in Den Haag het gesprek begint te verschuiven. "Investeringen in openbaar vervoer zijn geen kostenpost, maar maatschappelijke rendementsinvesteringen. Dat is echt een andere manier van kijken."
Waar voegt NS waarde toe?
Cfro Angelique Magielse van de NS herkent die omslag in de organisatie. "Onze financiële mensen gingen ineens rekenen in CO2. We hebben hen echt meegenomen in wat het klimaatakkoord betekent, hoe SBTi‑doelen zijn opgebouwd, welke impact keuzes in de praktijk hebben en hoe deze methode in elkaar zit. Het werd niet alleen een duurzaamheidsverhaal, maar gewoon een businessverhaal. De methode helpt ons om intern betere discussies te voeren. We zagen bijvoorbeeld dat onze uitstoot weliswaar negatief is, maar heel beperkt. En dat vertragingen impact hebben. Sturen op het tegengaan van vertraging, naast het sturen op punctualiteit, heeft dus nut. Dat soort uitkomsten geven richting aan waar je moet verbeteren en waar je juist al waarde toevoegt."
Geen hype
De methode is niet specifiek voor accountants ontwikkeld. Maar het is volgens Schoenmaker onvermijdelijk dat het vak ermee te maken krijgt. "Dit is geen hype. Het is een logische volgende stap. We begrijpen waardecreatie steeds beter. We weten ook steeds beter hoe je waarde meet. Als dat zo is, komt onvermijdelijk de vraag naar assurance."
'Je hebt straks teams nodig met kennis van CO2‑beprijzing, biodiversiteit, sociale impact en waarderingskunde.'
Hij wijst op de ontwikkeling van de CSRD, waar nu nog limited assurance wordt verplicht. "Daar gaat de EU uiteindelijk wel op weg naar reasonable assurance. Met Trump en een teruggang met de Omnibus, zie je een tijdelijke lijn naar minder administratieve lasten en meer olie en gas. Maar klimaatverandering gaat onverminderd door. Daardoor wordt het steeds belangrijker om te meten welke risico's bedrijven lopen in die transitie.
Oftewel: de wal keert het schip. Daarmee krijgen CSRD en deze methode, die ik ooit wel in de CSRD terecht zie komen, ook weer meer aandacht. Kortom, dit is een tijdelijke dip."
Methode gebruiken
De hoogleraar ziet de ontwikkelde methode als een groeimodel. "Verdiep je er als accountant eerst eens in. Wat kan ik hiermee? Of: wat kunnen de bedrijven waar ik voor werk ermee? En oefen met de berekening. Immers, daar zijn accountants meester in. Dus eerst oefenen, dan verdiepen. Dat gaat met de berekening van de hier geboden integrale waarde precies zo." Hij verwacht dat accountantskantoren zijn methode overnemen en gebruiken bij hun klanten. "Dat zou een logisch gevolg zijn."
Voor de accountants die ermee werken, betekent het een verbreding van hun werkveld. "Het vak van accountant wordt breder. Je hebt straks teams nodig met kennis van CO2‑beprijzing, biodiversiteit, sociale impact en waarderingskunde. Net zoals je nu al IT‑auditors of waarderingsspecialisten laat aansluiten bij de controles."

Angelique Magielse
Achteruitkijkspiegel
Magielse, zelf registeraccountant van oorsprong, ziet de ontwikkelingen positief. "Toen ik werd opgeleid, keken we als accountant voor het merendeel in de achteruitkijkspiegel. Bijna alles ging over cijfers van gisteren. Maar steeds meer gaat accountancy over vooruitkijken. Dat maakt het vak leuker en relevanter." Ze merkt bovendien dat de financiële afdeling van de NS nu anders kijkt. "We hebben controllers die de KPI over vermeden CO2 uitrekenen. Die zeggen letterlijk: linksaf is beter dan rechtsaf, want dan vermijden we méér CO2. Het gaat niet meer over een bijlage bij een duurzaamheidsrapportage, maar dit is integraal onderdeel van de bedrijfsvoering."
'Accountants moeten bedrijven helpen om het materiële van het niet‑materiële te scheiden.'
Duurzaamheidsteams en financiële teams komen dichter bij elkaar te liggen door de becijferingen. "Duurzaamheidsmanagers vinden het fantastisch dat dit gesprek eindelijk in euro’s gevoerd kan worden", zegt Göddeke. "Je krijgt cfo's mee op basis van cijfers, niet alleen op basis van morele overtuiging. Dat opent deuren."
De crux is materialiteit
Levert de integrale waardering extra complexiteit op? Immers, er zijn al de CSRD, de jaarrekening en talloze methodes om duurzaamheid te meten. Volgens Schoenmaker is die zorg misplaatst. "We sluiten moeiteloos aan op de CSRD. Ook bij ons is de crux materialiteit. Niet elk detail doet ertoe. Het gaat om de paar factoren waar de echte waarde zit. Dat zijn er meestal maar drie of vier. Juist daardoor is de methode geschikt voor elke organisatie, ook het mkb. Het is als de tachtig-twintig-regel. Als je 80 procent van de impact goed in kaart brengt, begrijp je de essentie van je bedrijf." Daar ligt volgens hem de rol van accountants: "Accountants moeten bedrijven helpen om het materiële van het niet‑materiële te scheiden. Dat is precies hun vak."
De vraag blijft of de financiële markten de integrale waarde ook gaan waarderen. Volgens Schoenmaker gebeurt dat al. "Sinds Parijs 2015 zie je dat CO2 langzaam wordt ingeprijsd. Biodiversiteitsrisico's komen nu op. Het gaat langzaam, maar het gebeurt. Daarmee krijg je al langzamerhand stranded assets. Als jij een fossiel storage‑systeem hebt dat niet kan worden omgebouwd, dan heeft het een eindige levensduur. Bedrijven weten dat, investeerders weten dat en accountants gaan dat ook moeten meenemen."
Voorsorteren
De maatschappelijke realiteit dwingt bedrijven om verder te kijken dan financiële winst, zegt Schoenmaker. "Denk aan klimaatverandering, sociale ongelijkheid en druk op leefbaarheid. Met plannen voor sociale en ecologische waarde sorteer je voor op regulering, marktverwachtingen en ook werknemers die bij een fatsoenlijk bedrijf willen werken. Accountants, die het vak van betrouwbaarheid en controle vertegenwoordigen, zullen uiteindelijk het speelveld moeten bewaken waarin deze nieuwe waarderealiteit plaatsvindt."
"Als je score onder nul uitkomt, heb je gewoon een businessmodel dat niet houdbaar is. Ook al maak je vandaag winst. Dan gaan er op een gegeven moment bellen rinkelen. Bij banken, bij werknemers, bij toezichthouders. De markt wordt langzaam wakker."
Göddeke en Magielse stemmen daarmee in. "Een integrale waardebenadering geeft niet alleen inzicht, maar ook trots, richting en handelingsperspectief. NS is van onschatbare waarde voor Nederland", zegt Göddeke. Magielse tot slot: "Dat mogen we en dat kunnen we nu laten zien."
Gerelateerd
Banken scoren slechter op duurzaamheidsbeleid
Vijf Nederlandse banken scoren in 2026 lager op hun duurzaamheidsbeleid dan enkele jaren geleden. Dat blijkt uit de nieuwe Eerlijke Bankwijzer, een gezamenlijk initiatief...
Milieudefensie vindt klimaatplannen van grote bedrijven nog steeds onvoldoende
De klimaatplannen van 28 grote bedrijven die actief zijn in Nederland, zijn nog altijd niet in lijn met de klimaatdoelen. Die conclusie trekken Milieudefensie en...
Klimaatraad: overheid moet inzetten op gedrag bij duurzaamheid
De overheid moet meer inzetten op gedrag bij het maken van beleid voor duurzaamheid en de betutteling van burgers moet stoppen. Dat schrijft de Wetenschappelijke...
Vitamine A: Een goed gesprek over strategie en duurzaamheid
Duurzaamheid raakt steeds nadrukkelijker aan strategie, risico's en de continuïteit van ondernemingen, ook nu wetgeving verandert en de politieke aandacht verschuift....
Voor duurzaamheidsbeleid is het oosten al 'het centrum van de wereld'
Oud-Greenpeace-activiste Faiza Oulahsen werkt nu als directeur duurzaamheid bij KPMG in Nederland. Samen met haar Britse KPMG-collega John McCalla-Leacy staat ze...
