Nieuws

‘Wetenschappelijke validatie van controlemethodologie noodzakelijk’

Innovatie in de accountancy moet worden afgestemd op de behoeften van gebruikers en wetenschappelijke validatie van de controlemethodologie is nodig om het vertrouwen in de accountant te versterken.

Dat stelde prof. dr. Joost van Buuren RA gisteren aan de orde in zijn inaugurele rede met de titel 'Voorbij de tempo doeloe in accountancy. Over de noodzaak van de academisering van de controlemethode'. Van Buuren aanvaardde met het uitspreken van zijn oratie de leerstoel Auditing and Assurance aan de Nyenrode Business Universiteit. De kern van zijn rede: het vakgebied was in de afgelopen jaren niet vernieuwend genoeg en komt te weinig tegemoet aan de wensen van de gebruikers. Meer wetenschappelijke validatie en betere afstemming met gebruikers moet daar verandering in brengen.

Onvoldoende vernieuwend

In de afgelopen jaren is het functioneren van de accountant steeds weer bediscussieerd, ondanks alle acties die het beroep heeft ondernomen, stelt van Buuren. De kern van het probleem is volgens hem dat accountants in de afgelopen jaren onvoldoende vernieuwend zijn geweest op hun wettelijke taak: het controleren van jaarrekeningen.

Deze dienst is in de afgelopen vijftig jaar volgens hem niet wezenlijk gewijzigd: de accountant geeft al sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw een zogenaamde ‘getrouw beeld’-verklaring met een ‘redelijke mate van zekerheid’. Dit vindt van Buuren opvallend, omdat de wereld sindsdien sterk is veranderd en het in andere sectoren heel normaal is dat er geconcurreerd wordt op kwaliteit om aan de wensen van klanten tegemoet te kunnen komen. “De goede oude tijd is voorbij dat de accountant bepaalt wat een relevante controle is en met een defensieve houding de status quo probeert te behouden. De lat moet hoger.”

Grondhouding

Van Buuren roept op tot een nieuwe grondhouding, die zich richt op het actief afstemmen van de behoeften van belanghebbenden en het versterken van het vertrouwen in de effectiviteit van de controle door meer wetenschappelijk onderzoek. Dit zijn volgens hem twee zijden van dezelfde spreekwoordelijke medaille van de accountantsfunctie.

“Juist nu accountants volop bezig zijn met het vernieuwen van de controle met behulp van data-analyse, is het van belang deze vernieuwingen eerst te valideren, alvorens grootschalig in te gaan zetten. Dat wetenschappelijk onderzoek nu nog onvoldoende is ingebed in de bedrijfsvoering en innovatieagenda van de kantoren, blijkt onder andere uit het zeer lage aantal gepromoveerde accountants die bij de kantoren werken”, stelt van Buuren.

Daarom adviseert hij kantoren in te zetten op promotieonderzoeken en het opzetten van onderzoek- en ontwikkelingsafdelingen. Alleen bij forse investeringen kan volgens hem voldoende onderzoek- en ontwikkeling plaatsvinden binnen de accountancy en kan de accountant zich gaan onderscheiden op kwaliteit.

Verdienmodel

Door de academisering zal het verdienmodel van accountants wijzigen en kapitaalsintensiever worden, stelt hij. Zo zal een significant deel van het inkomen naar onderzoek en ontwikkeling gaan om de concurrentie te kunnen bijhouden. Van Buuren: “Door wetenschappelijk onderzoek wordt het beroep kennisintensiever, complexer, uitdagender en daarmee ook aantrekkelijker. Het geeft het beroep een upgrade.”

Samenwerking van kantoren zal volgens hem een must zijn om de concurrentie bij te kunnen houden, vooral voor de kleinere kantoren. Van Buuren: “Het gebruik van open-source codes met algoritmes voor data-analyses kunnen goede mogelijkheden bieden voor het delen van kennis over de eigenschappen en de effectiviteit van controlemethodologie.”

Van Buuren vindt ook dat de rol van de IAASB als standard-setter “zal moeten veranderen naar een rol waarin continue innovatie van controlemethodologie centraal staat, daaraan kwaliteitseisen stelt en afstemming blijft zoeken met belangengroepen. Hetzelfde geldt voor de Nederlandse beroepsorganisatie, de NBA”.

Gerelateerd

Magazine

'Accountants ervaren te weinig professionele ruimte'

Anna Gold heeft nadrukkelijke opvattingen over de effecten van negatieve berichtgeving in de media, de beperkte relatie tussen compliance en kwaliteit en de noodzaak tot streven naar openheid zonder angst. Tweede uit de serie interviews met hoogleraren uit de categorie 'unusual suspects'. “Als wij onze bevindingen niet overbrengen en vertalen naar de praktijk, dan wordt de helft van het doel gemist.”

x 0 Luc Quadackers

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.