Nieuws

Minister praat Kamer bij over opvolging aanbevelingen Kwartiermakers

Minister Eelco Heinen van Financiën heeft de Tweede Kamer via een brief bijgepraat over de opvolging van de belangrijkste aanbevelingen uit de slotrapportage van de Kwartiermakers toekomst accountancysector. Ook informeert hij de Kamer over de uitvoering van twee aangenomen moties.

De minister benadrukt in de brief dat elke accountant "maatschappelijk belangrijk werk" doet en dat er dus "geen twijfel mag zijn over de kwaliteit" van het werk van accountants. Accountantsorganisaties moeten accountants, controlemedewerkers en specialisten zo veel mogelijk vrij houden van zaken als tijdsdruk of budgetdruk, via een goed stelsel van kwaliteitsbeheersing en een kwaliteitsgerichte cultuur, aldus Heinen. "Mijn beeld is dat zowel accountantsorganisaties als accountants zich inspannen om te doen wat nodig is om de kwaliteit van het werk van de accountant te bevorderen."

Evaluatie stelsel beroepsreglementering

De kwartiermakers concludeerden in hun slotrapportage Druk en tegendruk dat de NBA in haar rol te weinig doorzettingskracht heeft, zo schrijft de minister. Daarom is eerder een evaluatie aangekondigd van het stelsel van beroepsreglementering van accountants.

Daarbij wordt ook gekeken naar de rol, taken, bevoegdheden, governance, financiering en bestuurlijk toezicht voor de NBA. De evaluatie is in gang gezet door onderzoeksbureau SEO en duurt uiterlijk tot september. Daarna zal Heinen de Kamer informeren over de uitkomsten en eventuele "passende maatregelen".

Herziening beroepsprofielen

Verder verwijst Heinen in de Kamerbrief naar het deeladvies van de Expertgroep Educatie over de herziening van de beroepsprofielen. Belangrijk als "ijkpunt voor de modernisering van de opleidingen tot accountant", aldus de minister, want een moderne opleiding is aantrekkelijker om te volgen en dus goed voor de instroom.

De ledenvergadering van de NBA stemde in juni 2025 in met de herziene beroepsprofielen, waarmee de Commissie Eindtermen Accountantsopleiding (CEA) ruimte kreeg om de eindtermen voor de accountantsopleidingen "fundamenteel anders" te beschrijven dan nu, aldus Heinen. De nieuwe eindtermen zijn meer thematisch vormgegeven en beschrijven theorie en praktijk zoveel mogelijk geïntegreerd. Ook worden ze conceptueler van aard en minder gedetailleerd en specifiek. De CEA wil de herziene eindtermen eind 2026 bekendmaken, na een "proces van inspraak, zodat de uiteindelijke eindtermen breed draagvlak hebben", zo schrijft de minister. "Mijn beeld is dat de CEA zorgvuldig te werk gaat om de opleidingen tot accountant aantrekkelijker te krijgen, beter studeerbaar en toekomstbestendiger."

In een tweede fase komen meer fundamentele onderdelen van het advies van de Expertgroep Educatie aan de orde, zoals nieuwe opleidings- of beroepstitels. "Het is belangrijk dat de NBA aan de tweede fase gaat werken", stelt Heinen, die daarover regelmatig overleg wil met betrokkenen "en waar nodig aandringen op ambitie en voortvarendheid".

Toezicht AFM

De kwartiermakers deden ook de aanbeveling om na te gaan of de AFM goed is toegerust voor haar toezichtstaak. Volgens de AFM zelf zijn de normen waaraan accountantsorganisaties moeten voldoen "afdoende" om haar toezicht te kunnen uitoefenen, mits de aangenomen Wijzigingswet accountancysector in werking treedt. "Ik concludeer dat de AFM goed is toegerust", schrijft Heinen, die de Wijzigingswet accountancysector en de daarbij behorende algemene maatregel van bestuur en ministeriële regeling in werking wil laten treden op 1 juli 2026.

Kwaliteitsindicatoren

Zoals eerder gemeld blijft de invoering van de kwaliteitsindicatoren (AQI's) vooralsnog beperkt tot de zes oob-accountantskantoren. Enkele van die kantoren rapporteren al vrijwillig over kwaliteitsindicatoren in hun transparantieverslag, ziet de minister.

Een ministeriële regeling ter vaststelling van de kwaliteitsindicatoren treedt in werking op 1 juli aanstaande. Heinen blijft de invoering van de AQI's volgen, "met het oog op vergelijkbaarheid en begrijpelijkheid van deze informatie". Na drie jaar volgt een evaluatie.

Structuurmaatregelen en kwaliteitsgerichte cultuur

De kwartiermakers zagen geen overtuigende voordelen van overheidsingrijpen in de eigendomsstructuren van accountantskantoren, maar stelden wel dat grote kantoren zelf maatregelen kunnen nemen om commerciële belangen te beheersen, omdat die ten koste kunnen gaan van de controlekwaliteit.

Zo kunnen kantoren met een gescheiden winst-en-verliesrekening inzicht bieden in geldstromen tussen de controle- en de adviestak. Ook kunnen kantoren de variabele beloning beperken tot kwaliteitscriteria en commerciële prikkels in die variabele beloningen beperken. De NBA heeft de minister gemeld dat de oob-kantoren beloning en winstverdeling toelichten in hun verslaggeving en de grote reguliere vergunninghoudende kantoren kwaliteit vooropstellen bij beloning, of geen variabele beloning toekennen. "Ik roep kantoren hierbij op vrijwillig deze maatregelen door te voeren en hierover te rapporteren", zo schrijft de minister. 

Heinen ziet ook dat de kantoren en de NBA "zich realiseren dat kwaliteit van de wettelijke controle valt of staat met een kwaliteitsgerichte cultuur". De NBA en de AFM vragen daar regelmatig aandacht voor, via toetsingen, toezicht of normverduidelijking. De minister roept kantoren op te blijven werken aan de kwaliteitsgerichte cultuur en zal daar in zijn gesprekken met de sector aandacht aan blijven besteden. Heinen is ook positief over de inzet van "innovatieve tools", als dat goed is voor de kwaliteit. "Dit kan ook gunstig zijn voor de prijs van de wettelijke controle", stelt hij in de brief. 

Kamermoties

De Tweede Kamer nam tijdens de behandeling van het wetsvoorstel Wijzigingswet accountancysector ook twee moties aan. Heinen komt daar in zijn brief op terug.

De eerste motie van Kamerleden Van Eijk (VVD) en Vermeer (BBB) riep op tot actieve betrokkenheid bij implementatie van de nieuwe beroepsprofielen en bewaken hoe die modernisering uitpakt voor de instroom, professionele ontwikkeling en continuïteit binnen het mkb. "Deze motie bezie ik vanuit de discussie in de accountancysector over accountants met en zonder de bevoegdheid om wettelijke controles uit te voeren", aldus de minister. "Ook voor het kleinbedrijf moeten er immers accountants zijn en blijven."

Heinen vindt dat hbo-studenten "vrij moeten zijn om te kiezen voor de accountantsopleiding die bij hen past". Op suggestie van de NBA onderzoekt het kabinet ook of en waar een adviserend accountant (meer) subsidie- en bekostigingscontroleverklaringen mag uitvoeren dan nu het geval is.

Een tweede motie van Van Eijk en Vermeer vraagt om te onderzoeken hoe de wettelijke controletaak van accountants kan worden beperkt en vereenvoudigd, zodat de kwaliteit van controles kan worden gewaarborgd zonder "onnodige uitbreiding" van wettelijke verplichtingen. Heinen heeft dat besproken met de NBA. Hij geeft in de brief aan de Kamer uitleg over de regelgeving voor accountants en zal bij de NBA "regelmatig informeren of zij ruimte ziet voor regeldrukvermindering" in de beroepsreglementering.

Minister Heinen denkt de Kamer na de zomer te kunnen informeren over de uitkomsten en implicaties van de evaluatie van het stelsel van beroepsreglementering. Hij geeft dan ook weer een update over de opvolging van de aanbevelingen van de kwartiermakers.

Gerelateerd

Aanmelden nieuwsbrief

Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.