Tuchtrecht

Persoonlijk contact soms niet nodig

Een registeraccountant neem de samenstellingsopdracht over van een overleden collega. Als de klant ruzie krijgt met een koper krijgt de accountant een klacht aan zijn broek.

Accountantskamer

Zaaknummers:
21/199 Wtra AK
Datum uitspraak:
16 juli 2021
Oordeel:
ongegrond
Maatregel:
geen
Status:
nog niet definitief
Vindplaats:
ECLI:NL:TACAKN:2021:50

Lex van Almelo

Belangrijkste feiten

Een accountantskantoor stelt sinds 2004 de jaarrekeningen van een uitzendbureau samen. De verantwoordelijk registeraccountant werkt bij één van de vestigingen van het kantoor. Als hij eind 2016 overlijdt werken er geen accountants meer bij deze vestiging. De klantenportefeuille van de accountant wordt verdeeld over accountants van andere vestigingen.

In juli 2017 stuurt één van de opvolgers een opdrachtbevestiging naar het uitzendbureau, die de dga op 1 mei 2018 ondertekent. Volgens de opdrachtbevestiging verleent het kantoor de volgende diensten:

  • het samenstellen van de jaarrekeningen;
  • het verzorgen van de publicatiestukken;
  • het verzorgen van de notulen van de algemene aandeelhoudersvergadering;
  • het verzorgen van de aangiften vennootschapsbelasting;
  • het verzorgen van de aangiften inkomstenbelasting van de dga.

De accountmanager van de vestiging waar de overleden accountant werkte, maakt deel uit van het team dat de samenstellingsopdrachten uitvoert. Medio 2017 vraagt de dga de accountmanager hem te adviseren over de aandelentransactie als een werknemer van het uitzendbureau de onderneming wil kopen. De accountmanager voert hiervoor  (advies)werkzaamheden uit en stuurt eind december 2017 vier conceptovereenkomsten naar de dga en de koper, met de regiodirecteur van het kantoor in de cc. De dga en de koper hebben dan al een intentieovereenkomst gesloten, waarbij is afgesproken dat de koper een deel van de koopsom direct betaalt en voor de rest een achtergestelde lening krijgt van de dga.
In mei 2018 spreken de twee bovendien af dat de koper een korting krijgt als de geconsolideerde EBITDA in de boekjaren 2018 tot en met 2021 onder een bepaald niveau uitkomt.

De opvolger van de overleden registeraccountant stelt in mei 2018 de jaarrekening van het uitzendbureau samen; de dga ondertekent de jaarrekening nog dezelfde dag. De dga stelt de jaarrekening een week later vast als enig aandeelhouder en deponeert deze bij de Kamer van Koophandel. Begin juni 2018 worden alle aandelen van de dga overgedragen aan de koper.

In 2019 krijgen de koper en de dga ruzie over:

  • niet-afgedragen btw;
  • een nog niet afgerekende rekening-courantverhouding tussen de dga en de holding;
  • de korting op de koopprijs aan de hand van de gerealiseerde EBITDA.

De dga stelt het accountantskantoor eind september 2019 aansprakelijk voor gemaakte fouten bij de advisering van de aandelentransactie. De accountmanager heeft het accountantskantoor een half jaar eerder verlaten.

In november 2019 legt de Belastingdienst beslag bij onder meer het uitzendbureau vanwege het geschil over de niet-afgedragen btw. Het bureau en de dga eisen in kort geding dat het accountantskantoor het (elektronisch) dossier afgeeft. Tijdens de zitting bereiken zij een akkoord, waarna het kantoor enkele stukken verstrekt.

In augustus 2020 stelt de dga het accountantskantoor nogmaals aansprakelijk. De beroepsaansprakelijkheidsverzekering van het kantoor wijst de aansprakelijkheid eind 2020 schriftelijk af. De dga dient een klacht tegen de accountant in bij de Accountantskamer.

Klacht

De accountant heeft:

a. nooit persoonlijk kennis gemaakt met de dga en de onderneming;

b. onvoldoende toezicht gehouden op de werkzaamheden van de accountmanager;

c. onvoldoende toezicht gehouden op de regiodirecteur;

d. twee heren gediend;

e. aan de dga niet de namen verstrekt van de personen die binnen het kantoor verantwoordelijk zijn voor de klachtafhandeling en het kwaliteitssysteem;

f. in de jaarrekening 2017 van het uitzendbureau de winstverdeling niet juist verwerkt.

Oordeel

De klacht is ongegrond.

Ad a Geen kennismaking

Uit (onder meer paragraaf 28 van) Standaard 4410 volgt dat een accountant om de samenstellingsopdracht te kunnen uitvoeren voldoende inzicht moet verwerven in de activiteiten van de entiteit, waaronder (onder meer) het administratieve systeem en de administratieve vastleggingen.

De opvolger heeft erkend dat hij nooit persoonlijk contact heeft gehad met het management van het uitzendbureau. Het is vaste rechtspraak van de Accountantskamer dat een accountant volgens Standaard 4410 en het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid in het algemeen persoonlijk contact moet hebben met de klant, voordat hij aan de opdracht begint, zodat hij zich op basis van eigen waarneming een oordeel kan vormen over de activiteiten van de klant en de persoon of personen die de klant vertegenwoordigen. Zie bijvoorbeeld deze uitspraak en deze uitspraak.

Hoewel het beter was geweest als de accountant wel contact had opgenomen, vindt de Accountantskamer het ontbreken van persoonlijk contact in dit specifieke geval niet tuchtrechtelijk verwijtbaar, omdat:

  • de dga en het uitzendbureau geen nieuwe klanten van het kantoor waren;
  • het kantoor al meer dan tien jaar de samenstellingsopdracht had;
  • daardoor een langlopende klantrelatie bestond met de dga en het uitzendbureau;
  • de accountant de samenstellingsopdracht als opvolger heeft overgenomen in verband met het overlijden van zijn voorganger;
  • het daarbij de bedoeling was dat hij slechts tijdelijk de samenstelwerkzaamheden zou overnemen;
  • de opvolger werd ondersteund door een team dat de klant al geruime tijd kent;
  • vergeleken met de voorgaande jaren geen bijzonderheden stonden in de jaarrekening;
  • de relatie tussen de dga en het accountantskantoor toen nog soepel verliep.

Daarom mocht de opvolger in dit geval afgaan op de informatie die het samenstellingsteam in het samenstellingsdossier had gestopt. Dat het team wist dat de dga het uitzendbureau wilde verkopen, leidt niet tot een ander oordeel. De aandelen zouden pas na balansdatum kunnen worden verkocht, waardoor deze transactie niet van invloed zou zijn op de cijfers. Bovendien was op dat moment nog onzeker of de aandelentransactie daadwerkelijk zou doorgaan, onder meer omdat de koper de financiering nog niet rond had.

Ad b Onvoldoende toezicht op accountmanager

De accountant had alleen een samenstellingsopdracht en kan daarom alleen vaktechnisch verantwoordelijk worden gehouden voor de werkzaamheden die de accountmanager heeft verricht als lid van het samenstellingsteam en niet voor diens advieswerkzaamheden. Voor de advieswerkzaamheden heeft de opvolger geen opdracht aanvaard, terwijl hij zich ook niet heeft bemoeid met de advisering. Bovendien werken binnen het accountantskantoor nog meer accountants en is het niet duidelijk waarom juist de opvolgend samensteller verantwoordelijk zou zijn voor de adviesopdracht.

De opvolger is dus niet vaktechnisch verantwoordelijk voor de advieswerkzaamheden van de accountmanager. Daarom kan hem niet worden verweten dat hij daarop onvoldoende toezicht heeft gehouden.

Ad c Onvoldoende toezicht op regiodirecteur

De accountant heeft verklaard dat hij niet vaktechnisch verantwoordelijk is voor het handelen van de regiodirecteur en heeft er daarbij op gewezen dat de regiodirecteur degene is aan wie hij moet rapporteren. Verder was de accountant niet op de hoogte van het verzoek om het dossier toe te sturen en wist hij ook niet hoe de regiodirecteur had gereageerd op dat verzoek.

Ad d Twee heren dienen

Hierboven is al vastgesteld dat de accountant niet vaktechnisch verantwoordelijk is voor de advieswerkzaamheden van de accountmanager. Hij kan daarom ook niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk worden gehouden voor het eventuele niet-objectieve handelen van de accountmanager.

Verder bestrijdt de accountant dat hij na de aandelentransactie de accountant van het uitzendbureau en de koper is geweest. Naar zijn zeggen heeft hij alleen de jaarrekeningen 2016 en 2017 samengesteld voor het uitzendbureau, voordat de aandelen werden verkocht.

Ad e Namen niet doorgeven

De dga en het uitzendbureau hebben de opvolgend samensteller nooit op de hoogte gesteld van hun klacht en hem ook nooit gevraagd de namen van de desbetreffende personen door te geven. De e-mail van 12 januari 2021, waarin zij vroegen om deze informatie, was gericht aan de jurist van het accountantskantoor.

Ad f Verwerken winstdeling

Voor de beoordeling van dit klachtonderdeel moet worden gekeken naar titel 2 van het Burgerlijk Wetboek en RJk A4 ‘Gebeurtenissen na balansdatum’. Volgens RJk A4.101 zijn er twee soorten gebeurtenissen, te weten gebeurtenissen die wel respectievelijk geen nadere informatie geven over de feitelijke situatie op balansdatum.

Omdat de juridische overdracht van de aandelen plaatsvond na balansdatum was er geen reden om de verkoop al in de cijfers van de jaarrekening 2017 te verwerken. De dga was toen immers nog eigenaar van de onderneming. Er was daarom geen gebeurtenis na balansdatum die nadere informatie geeft over de feitelijke situatie per balansdatum. Gebeurtenissen na balansdatum die géén nadere informatie geven over de feitelijke situatie per balansdatum worden niet in de jaarrekening verwerkt, tenzij zij een grote betekenis hebben voor de rechtspersoon omdat de continuïteitsveronderstelling vervalt en de jaarrekening wordt opgesteld uitgaande van liquidatie van het geheel van de werkzaamheden van de rechtspersoon (RJk A4.106). Toen de jaarrekening 2017 werd samengesteld had de accountant echter geen reden om aan te nemen dat er onzekerheid bestond over de continuïteit. Bij de verwerking van de winst heeft hij dan ook terecht geen rekening gehouden met de afspraak over de winstdeling.

De Accountantskamer merkt “ten overvloede” op dat de accountant zich er bij een (voorgenomen) overname van bewust moet zijn dat zo’n situatie onder bepaalde omstandigheden vermeld moet worden in de toelichting. De klacht gaat echter alleen over de cijfermatige verwerking van de winst in de jaarrekening 2017 en niet over de toelichting.

Maatregel

Geen.

Annotatie Lex van Almelo

Een registeraccountant neemt de samenstellingsopdracht over van een overleden voorganger, die werkte op een andere vestiging van het kantoor. Het samenstellingsteam verandert verder niet. De accountmanager van die andere vestiging blijft deel uitmaken van het team en gaat de klant adviseren bij de verkoop van de aandelen. Die verkoop krijgt uiteindelijk in 2018 zijn beslag. De accountant heeft dan de jaarrekening over 2017 al samengesteld. De verkoper en de koper krijgen ruzie over de afwikkeling van de transactie. Die ruzie slaat over naar het accountantskantoor, waar de accountmanager inmiddels is vertrokken. Dus dient de verkoper/klant maar een klacht in tegen de opvolgend samensteller.

Zonder succes. De opvolger had alleen een samenstellingsopdracht en is daarom niet vaktechnisch verantwoordelijk voor de advieswerkzaamheden van de accountmanager. Hij is evenmin vaktechnisch verantwoordelijk voor de regiodirecteur, die volgens de klager niet adequaat heeft gereageerd op een verzoek om informatie. Wel is hij verantwoordelijk voor de jaarrekening 2017. Maar daarin hoefde hij de (voorgenomen) overname niet te verwerken en de winstdelingsafspraak tussen verkoper en koper evenmin. Dat was namelijk een gebeurtenis na balansdatum, die geen nader informatie geeft over de situatie na de balansdatum en ook geen twijfels opriep over de continuïteit. Soms moet er wel iets over in de toelichting staan. Maar omdat daarover niet wordt geklaagd, gaat de Accountantskamer daar niet inhoudelijk op in.

De uitspraak is vooral interessant vanwege de overwegingen over het persoonlijk contact met de klant. Bij samenstellingsopdrachten is persoonlijk contact in het algemeen de beste manier om inzicht te krijgen in de activiteiten en administratie van de onderneming en de persoon van de directeur(en). Dat is vaste rechtspraak van de tuchtrechter. Maar soms kan het achterwege blijven:

  • als het gaat om een oude klant van het kantoor en een langlopende klantrelatie;
  • als het kantoor de (samenstellings)opdracht al vele jaren heeft;
  • de (samenstellings)opdracht slechts tijdelijk wordt overgenomen, bijvoorbeeld omdat de voorganger is overleden;
  • de opvolger daarbij wordt ondersteund door het team dat de klant al geruime tijd kent;
  • er vergeleken met de voorgaande jaren geen bijzonderheden in de jaarrekening staan;
  • de relatie met de klant soepel verloopt.

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.