De Europese duurzaamheidsrichtlijn CSRD vraagt om een goed debat rondom de kernprincipes van de standaarden, meent Wim Bartels.
Discussie ColumnHet juiste antwoord
De NBA neemt de assurance bij CSRD-rapportages terecht serieus en heeft daarom vereisten ingevoerd om de kwaliteit te helpen waarborgen. Accountants die CSRD-assurance willen verstrekken, moeten hun geschiktheid daarvoor bevestigen met een verklaring aan de NBA. Daarvoor moeten ze kennisnemen van de vereiste competenties, een zelfassessment doen (van de NBA of een andere aanbieder) en deelnemen aan intervisie voordat ze zich bij de NBA laten registreren met een ´CSRD-compliance verklaring´.
De vereiste competenties zijn niet licht: het houdt onder meer in dat je twintig wetten en richtlijnen leert kennen, voordat je CSRD-bekwaam kan zijn.
Mijn oog viel vooral op een van de attitudecompetenties: "Lef om onzekerheden het hoofd te bieden die ontstaan door een nieuw vakgebied waarin de verslaggevingsregels nog in ontwikkeling zijn en er daardoor getoetst wordt aan een norm die minder eenduidig is dan de huidige norm bij financiële verslaggeving."
Dat vereiste is snel geschreven, maar het is nog niet direct eenvoudig om dat toe te passen. Want hoe leer je omgaan met dit type onzekerheden, als je jarenlang hebt gewerkt met afgebakende rapportages waar de normen (overwegend) helder zijn? Wat is het juiste antwoord?
De eis van NBA dat accountants die CSRD-assurance willen verstrekken ook moeten deelnemen aan intervisie, is in dit opzicht een welkome vorm. Het zorgt ervoor dat we als beroepsgroep onze gezamenlijke kennis en ervaring ontwikkelen en dat is goed voor de ontwikkeling van het beroep als geheel.
Door met elkaar praktijksituaties te bespreken, kunnen juist ook individuele accountants van elkaar leren en tegelijkertijd praktische situaties oplossen. De NBA heeft onlangs, door de veel beperktere reikwijdte van bedrijven die onder de verplichting vallen, besloten dat ook andere assurance-opdrachten over duurzaamheidsinformatie voldoende zijn als praktijkervaring om deel te nemen aan de intervisiebijeenkomsten. Daar kan ik me alles bij voorstellen, want het gaat veel eerder over het begrip van het veld, de complexiteit en de onzekerheden waarmee je inherent te maken hebt, dan de precieze rapportageregelgeving waaraan je moet toetsen.
Dat diepere begrip krijgt naar mijn indruk echter nog te weinig nadruk in permanente educatie en de opzet van de intervisiebijeenkomsten. De nadruk ligt op het uitwisselen van ervaringen. Prima uiteraard, maar het is toch vooral belangrijk dat de accountants die CSRD-assurance gaan verstrekken met elkaar de fundamenten van de CSRD en de ESRS goed bespreken. Die fundamenten zijn namelijk zeker in de aangepaste ESRS cruciaal. Het is geen 'lijstje met rapportagevereisten' dat je kunt afwerken, er komt per definitie professionele afweging bij kijken - op basis van verslaggevingsregels die 'nog in ontwikkeling zijn' en 'een norm die minder eenduidig is'.
De vereenvoudigde standaarden leggen met name nadruk op die fundamenten in de eerste standaard en daar moet de nadruk liggen in de intervisie: wanneer is een verslag voldoende voor een fair presentation, geeft het verslag voldoende inzicht in de kernaspecten van de standaarden ('beleid, actieplannen, doelstellingen en KPIs') en welke datapunten kun je met recht weglaten omdat ze niet materieel zijn?
Die afwegingen gaan zeker gepaard met dilemma's en verschillende meningen: wat de één ‘fair presentation’ vindt, zal de ander niet genoeg vinden. Wat de één een materieel datapunt vindt, zal de ander als overbodig zien. En hoe doe je dat, omgaan met 'gebruikersvereisten'?
En dan gaat het niet over 'het juiste antwoord', maar vooral de onderliggende gedachten, afwegingen en inzichten die de deelnemers inbrengen om hun perspectief toe te lichten.
Het moet, kortom, vooral gaan over de achterliggende gedachten, principes en afwegingen in plaats van 'het juiste antwoord'. Dat antwoord is de afgelopen twintig jaar niet eenduidig geworden en zal dat de komende tien jaar ook nog niet zijn, vermoed ik.
De CSRD vraagt om een goed debat rondom de kernprincipes van de standaarden. Dat zal de individuele accountants snel op een hoger plan brengen om CSRD-rapportages te beoordelen op hun kwaliteit en onze beroepsgroep (binnen de onafhankelijkheidsregels) een hoogwaardige sparringpartner laten zijn. En dat is het enige juiste antwoord op deze uitdaging.
Wat vindt u van deze column?
ReageerGerelateerd
Minister komt met reparatieclausule voor implementatie CSRD
Minister Heinen van Financiën wil bij de Nederlandse implementatie van de Europese duurzaamheidsrichtlijn CSRD een 'reparatieclausule' opnemen. Dat moet de bestaande...
CSRD-ontwijking
We mogen kritisch zijn over ondernemingen die de grenzen van de wet opzoeken. Maar we moeten ook kritisch kijken naar wetgeving die soms 'de kat op het spek' bindt,...
Vitamine A: Duurzaamheid gaat over veel meer dan regels
Wat betekent duurzaamheid voor de toekomst van een organisatie? In aflevering 68 van Vitamine A, de podcast voor accountants, spreekt host Sven Budding daarover...
Nieuwe PCAOB-voorzitter waarschuwt accountantssector voor risico's AI en private equity
George Botic, sinds medio 2025 voorzitter van de PCAOB, de Amerikaanse toezichthouder op het accountantsberoep, waarschuwt voor de risico's van private investeringen...
FD: 'Beperking reikwijdte CSRD raakt omzet accountants'
Nu de reikwijdte van de Europese duurzaamheidsrichtlijn CSRD definitief wordt beperkt, verliezen accountantsorganisaties omzet. Daarover bericht het FD.
