Discussie Opinie

Zij-instroom in het accountantsberoep

Betere toegankelijkheid van het accountantsberoep voor zij-instromers kan bijdragen aan het oplossen van het huidige tekort aan accountants. Dat stelt ook eisen aan de opleiding.

Pieter Jansen en Bas Hidding

Sinds enkele jaren zijn er in vele beroepen tekorten op de arbeidsmarkt. In de accountancy was dat al iets langer het geval dan in andere beroepen. Voorheen was accountancy voor starters een 'veilige haven' op de arbeidsmarkt: terwijl het in veel beroepen moeilijk was om een startfunctie te vinden, boden accountantskantoren aanhoudend emplooi aan grote aantallen starters.

Nu er veel van die veilige havens zijn, wordt het voor accountantsorganisaties steeds moeilijker om mensen te werven. Het gunstige arbeidsmarktperspectief is niet langer onderscheidend. Voor al die in de accountancy werkzame bestuurders, managers en recruiters die ervaren hoe moeilijk dat is, hebben we slecht nieuws: Het wordt de komende jaren nog véél moeilijker. De studentenaantallen in de bachelor- en master-opleidingen in accountancy dalen al enkele jaren. De demografische ontwikkelingen en het beschadigde maatschappelijk aanzien van het beroep stemmen ook niet hoopvol voor een verhoging van de instroom van jonge mensen. Daar tegenover staat dat de vraag naar assurancediensten in de maatschappij in de komende jaren alleen maar zal toenemen.

Een prima opleiding

Om te voorkomen dat de geringe toestroom van nieuwe beroepsbeoefenaren gaat leiden tot steeds verder oplopende tekorten in het aanbod van accounting- en assurancediensten voor bedrijven en not-for-profit-instellingen, zijn drastische aanpassingen in de opleiding en de toegang tot het accountantsberoep noodzakelijk. Nederland mag trots zijn op haar accountantsopleidingen: Er is een redelijk samenhangend geheel van bachelor-, postbachelor-, master- en postmaster-opleidingen dat, in combinatie met de praktijkstage, goede accountants (voor zowel de samenstelpraktijk als voor audit) opleidt.

Dat geheel is waardevol, maar wel veel te beperkt. Het nadeel van de huidige opleidingen tot accountant is dat deze functioneren als een spreekwoordelijke tunnel: Wie niet vroeg genoeg voorsorteert komt er bijna niet meer in. Voor een opleiding tot hooggeschoolde professional is een startkwalificatie als accountant (AA of RA) in een aanvaardbaar aantal jaren te realiseren, maar dat geldt uitsluitend voor studenten die reeds heel jong (op zeventien- tot negentien-jarige leeftijd; bij aanvang of vrij snel na aanvang van een bacheloropleiding) de keuze voor accountancy maken. Onderwijsinstellingen en accountantsorganisaties moeten die groep studenten vooral blijven koesteren. Dit 'tunnelmodel' van de opleiding heeft echter ook grote nadelen: 'Zij-instroom' voor diegenen die iets later de keuze voor het accountantsberoep maken is zeer onaantrekkelijk. Zij-instromers hebben, afhankelijk van hun studiefase, veel achterstanden (zogenaamde deficiënties) in te halen. Dat is een gevolg van de (inflexibele) wijze waarop de eindtermen van de opleidingen door de Commissie Eindtermen Accountantsopleiding (CEA) zijn gestructureerd.

Eindtermen: graag minder star, meer maatwerk en ruimte voor zij-instroom

De eindtermen voor de accountantsopleiding, die de CEA oplegt aan de onderwijsinstellingen, zijn onvoldoende flexibel. Voor de drie hoofdvakken Auditing, Internal Control en Financial Accounting geldt bijvoorbeeld dat RA's in hun opleiding voor ieder van die vakken minstens dertig studiepunten aan onderwijs moeten doorlopen. Voor een reeks andere vakken gelden ook zulke eisen, zij het voor een kleiner aantal studiepunten.

Los van de vraag of het verstandig is om zulke gedetailleerde eisen op te leggen aan goed functionerende onderwijsinstellingen, zijn deze eisen met enige goede wil best verdedigbaar voor studenten die de opleiding volgens het huidige tunnelmodel doorlopen. Voor zij-instromers zijn die eisen echter onnodig uitvoerig en dwingend. Een praktijkstage die korter is dan de geldende drie jaar is voor zij-instromers ook goed verdedigbaar, mits zij reeds over praktijkervaring in een ander beroep (bijvoorbeeld als organisatieadviseur) beschikken.

In de opleiding tot (startende) professional in de accountancy is het noodzakelijk dat studenten zich op drie typen eindtermen ontwikkelen. In de eerste plaats betreft dat de specifieke, bij het domein van de accountancy behorende vakgebieden (onder andere de drie eerdergenoemde hoofdvakken). Het is vanzelfsprekend dat aan die hoofdvakken in de opleiding een substantieel aantal studiepunten gespendeerd wordt. In de tweede plaats krijgen en verdienen analytische en onderzoeksvaardigheden ruime aandacht: accountants verzamelen, ordenen, analyseren en rapporteren informatie. In de derde plaats moeten accountants in hun opleiding inzicht ontwikkelen in de relatie tussen theorie en praktijk, om hun kennis te kunnen toepassen. De combinatie van de opleiding en de praktijkstage is bedoeld om te leiden tot realisatie van de eindtermen. Zo draagt goed onderwijs, in bijvoorbeeld Auditing, bij aan (1) het verwerven van kennis van het vakgebied; (2) de ontwikkeling van analytische en onderzoeksvaardigheden en (3) het leren toepassen van theoretische kennis in de praktijk.

Een compacte opleiding

Zij-instromers, die reeds een gedegen opleiding op bachelor- of masterniveau hebben afgerond (bijvoorbeeld in bedrijfskunde, economie, finance of organisatiesociologie) hebben een hele weg te gaan in het opdoen van kennis in voor accountancy specifieke vakgebieden. In de ontwikkeling van analytische vaardigheden en het leren toepassen van academische kennis in de praktijk (met name als ze reeds over praktijkervaring beschikken) hebben die zij-instromers al de nodige bagage en kunnen zij daarom een veel snellere leerweg doorlopen.

Voor die zij-instromers bepleiten wij maatwerk en sterk ingekorte opleidingen. Het is zeker mogelijk om hen na een compacte opleiding in het accountantsberoep te laten starten en hen op verantwoorde wijze versneld de kwalificatie van AA of RA toe te kennen. Zo is het doorlopen van 30 studiepunten in ieder van de drie hoofdvakken onnodig: een deel van de via die drie hoofdvakken te verwerven competenties (analytische vaardigheden, leren toepassen van theoretische kennis) hebben zij-instromers reeds opgedaan. Bij zij-instromers met praktijkervaring zou een ingekorte praktijkstage ook tot de mogelijkheden moeten behoren. Afsluitende examens voor de hoofdvakken kunnen daarbij waarborgen dat het beoogde eindniveau ook door zij-instromers wordt behaald.

Diversiteit, innovatie en kwaliteit

Het verbeteren van de toegankelijkheid van het accountantsberoep voor zij-instromers, wat wij hierbij bepleiten, heeft tal van voordelen. Zo kan het een bijdrage leveren aan de oplossing van het tekort aan startende accountants op een arbeidsmarkt die voor starters tal van andere, ook aantrekkelijke mogelijkheden biedt. Tevens kan het innovatie in de accountancy ondersteunen: meer multidisciplinariteit en meer diversiteit (ook in vooropleiding) zijn bekende bronnen van vernieuwing en kwaliteitsverbetering in tal van beroepen.

Ten slotte is de mogelijkheid tot zij-instroom in het belang van studenten, door hen niet langer zo vroeg in hun opleiding de hele specifieke keuze voor accountancy te laten maken. Er gaat nu te veel talent verloren en dat kan de beroepsgroep zich niet langer permitteren.

Wat vindt u van deze opinie?

Reageer Spelregels debat

Prof. dr. Pieter Jansen is sinds 2016 hoogleraar controlling en directeur van de RC-opleiding van de Rijksuniversiteit Groningen. Eerder was hij aan de RUG directeur van de BSc-, pre MSc.- en MSc.-opleidingen Accountancy & Controlling. Sinds 2017 is hij ook in deeltijd verbonden aan Flynth Adviseurs & Accountants.

Bas Hidding RA is bestuursvoorzitter van Flynth adviseurs en accountants.

Gerelateerd

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.