Magazine

'Boeren hebben recht op tijd, perspectief en waardering'

De agrarische sector staat op scherp sinds het kabinet ingrijpende stikstofplannen lanceerde. Achter de schermen zien agro-accountants dat het al langer schuift in de sector, die klem zit tussen de wereldmarkt, overproductie en milieuvraagstukken. Aan hen de opdracht om te midden van alle emoties nieuw perspectief te bieden. “Mijn taak is om de realiteit tussen de oren van de boer te krijgen.”

Dit artikel is verschenen in Accountant nr. 4, 2022

Bekijk alle artikelen uit dit nummer

» Download dit artikel (pdf)
» Download het hele nummer (pdf)

Henk Vlaming

“Ik zag allang aankomen dat het zwaar zou worden in de veehouderij”, zegt Robert van Lierop, adviseur bij FarmAdvies, een accountants- en advieskantoor dat in de varkenshouderij is gespecialiseerd. “Overproductie en milieu staan al twintig jaar op de agenda, maar dat heeft nooit geleid tot een landbouwbeleid voor de lange termijn. Je kunt het de individuele boer niet kwalijk nemen dat hij nu voor het blok staat.”

Van Lierop is niet de enige in de accountancy die het onheil zag naderen voor de bijna 29.000 veehouders in Nederland. “Het Europese landbouwbeleid is er vanaf 1950 op gericht om zelfvoorzienend te worden op het gebied van voedsel, zoals we nu met energie willen doen”, zegt André Vink van accountantskantoor ABAB. “Zoveel mogelijk kilo’s en liters per hectare halen, zo is de landbouw ingericht.”

De keerzijde van deze productiviteit is dat de landbouw verantwoordelijk is voor zestig procent van de stikstofuitstoot in Nederland, volgens cijfers van RIVM. Daar gaat nu rigoureus het mes in, waardoor de hele sector op scherp staat.

Paniek

“De paniek onder veehouders begrijp ik heel goed”, zegt Rick Hoksbergen van accountants- en advieskantoor Countus. “Je zal maar agrarisch ondernemer zijn in een gebied waar de stikstofuitstoot met zeventig procent moet verminderen. Veel veehouders zien dat als een reductie van hun bedrijf met zeventig procent, zonder dat er perspectief wordt geboden. Natuurlijk maken zij zich zorgen over hoe ze straks hun hypotheek en hun zakelijke leningen moeten betalen.”

Het is niet voor het eerst dat boeren zich overvallen voelen door regelgeving. “In 2015 werd het melkquotum afgeschaft”, zegt Jeroen Klein van accountantskantoor Vermetten. “Melkveehouders wilden uitbreiden met grotere stallen voor meer melkvee. Maar drie jaar later werden de fosfaatrechten toegekend, soms voor minder koeien dan waarvoor de veehouder had geïnvesteerd. Een deel van die stallen was onbruikbaar, terwijl de veehouder er wel de kosten van had. Moeten boeren nu krimpen vanwege de stikstofreductie, dan kloppen de berekeningen voor de bedrijfsvoering opnieuw niet meer.”

Veel boeren zien de bui opnieuw hangen. Ze hebben zich in de schulden gestoken voor uitbreiding en modernisering, die hun waarde dreigen te verliezen door de opgelegde stikstofreductie. “Allerlei regelingen hebben geleid tot forse investeringen in bijvoorbeeld emissiearme stallen en luchtwasinstallaties”, zegt Van Lierop. “Als je daarin investeert, moet je ook de kans krijgen om dat in tien of vijftien jaar terug te verdienen.”

Maar in veel gevallen is dat niet zo, waardoor veel boeren geen uitweg meer zien. Weg kunnen ze niet, want uitkoopregelingen zijn nog niet uitgewerkt, weet Vink. “Er is nog geen zak met geld waarop je kan intekenen, er wordt nog niets concreets aangeboden vanuit de overheid. De zaak verkopen is ook niet gemakkelijk. De courantheid van het boerenbedrijf is heel beperkt, door alle onzekerheden rond de
stikstofmaatregelen.”

Het roer omgooien biedt ook niet iedereen soelaas. “Heb je een boerderij in de Flevopolder, dan is het lastig om sommige producten te vermarkten”, zegt Klein. “En ben je boer in de Alblasserwaard, dan kun je niet zomaar overstappen op akkerbouw, daar is de grond niet geschikt voor.”

Bij de hand nemen

Het is nu aan de agro-accountant om de boer bij de hand te nemen. “Juist nu is onze adviesrol van groot belang”, zegt Hoksbergen. “Boeren voelen zich persoonlijk verbonden met hun bedrijf, het is in deze complexe situatie moeilijk om er zakelijk naar te kijken. Wij als agro-accountants begrijpen de emoties, maar we blijven er professioneel naar kijken. Je helpt de boer door feiten op een rij te zetten, zodat hij inzicht krijgt in wat de stikstofmaatregelen betekenen in zijn geval.”

Niet voor elke boer is er een toekomst weggelegd, zo weten de agro-accountants. Sommige veehouders vinden dat prima, maar voor anderen is het een boodschap die ze niet willen horen. “Mijn taak als adviseur is om de realiteit tussen de oren van de boer te krijgen”, zegt Van Lierop. “Dat doe ik op basis van de cijfers. Je hebt deze schulden, dit is je bezit en dat is je perspectief om een gezonde balans te vinden tussen risico’s en kansen. Is dat perspectief er niet, stop dan nu en niet over vijf of tien jaar.”

Er zullen uitgekochte veehouders zijn die dan eindigen met schulden, dat voelt niet altijd fair, erkent Van Lierop. “Maar laat je de mogelijkheid voorbijgaan, dan weet je niet welke kans je daarna nog krijgt. Ook al is deze boodschap niet prettig, dan breng ik die toch. Maar voor een boer is zijn bedrijf geen financieel verhaal, maar een levensvervulling. Daarom zorg ik dat ik een nieuw boek opensla zodra het oude dicht moet. Hoe graag wil je als boer nog in de intensieve veehouderij blijven werken, als je gedwongen bent je product af te staan aan de markt zonder de prijs te kunnen bepalen? Vanuit dat gezichtspunt kun je werken aan nieuw perspectief.”

Sectorkennis

De agro-accountant kan deze rol van adviseur alleen oppakken door de materie tot in de puntjes te beheersen, betoogt Jeroen Klein. “Continu ben je in gesprek met de boeren. Over waar het naar toe gaat, welke scenario’s er mogelijk zijn, welke stappen ze kunnen nemen. Op elke vraag moet je antwoord hebben. Je volgt de ontwikkelingen rond de sector, je verdiept je continu in de vakliteratuur, je weet welke regelingen er zijn en hoe de boer er gebruik van kan maken. Als accountant moet je dit allemaal beter weten dan de boeren zelf.”

Vinger aan de pols is vanouds een pré voor agro-accountants. De landbouw is een enorme sector, die gegroeid is naar een omzet van ongeveer 30 miljard euro per jaar. Er staat in totaal voor meer dan 90 miljard aan activa op de balans. Ter vergelijking: het financieel resultaat in de deelsector melkveehouderij bedroeg vorig jaar 816 miljoen euro, net zoveel als de netto-omzet van Schiphol. De landbouw is niet alleen kapitaalintensief, maar ook complex. Ondernemers zijn afhankelijk van de wereldmarkt, die hen dwingt om maximaal te produceren tegen de laagste kosten. Dat wringt als ook milieu en leefbaarheid deel van de bedrijfsvoering moeten zijn. In de sector komen steeds meer bedenkingen tegen de onmogelijke eisen van de wereldmarkt. Die heroriëntatie valt samen met de stikstofcrisis.

“De hele sector is tegen de plannen van de overheid die er nu liggen”, zegt Hoksbergen. “Maar vraag aan boeren wie er gelooft dat we het over tien jaar nog net zo doen als nu, dan wordt de groep van tegenstanders al veel kleiner. In een transitie houdt iedereen zo lang mogelijk vast aan wat er is, tot dat onhoudbaar wordt. Veel boeren zien dat, ze merken dat er iets schuift en dat dit gevolgen heeft. De weerstand zit niet hierin, maar in het tempo en de manier waarop veranderingen worden doorgevoerd. Boeren hebben recht op tijd, perspectief en waardering.”

Nieuwe marktgebieden

Agro-accountants zien steeds meer veehouders uitwijken naar een minder omstreden bedrijfsvoering. Soms naar de akkerbouw of de biologische veehouderij, anderen kiezen voor technische innovaties die stikstofuitstoot verminderen. Soms testen ze nieuwe marktgebieden uit, zoals agrarisch natuurbeheer of directe verkoop aan consumenten. De omzet in de multifunctionele landbouw, zoals dit soort alternatieve productiviteit wordt genoemd, is tussen 2018 en 2020 gestegen met vijftien procent, tot meer dan een miljard euro omzet.

“De vraag is of je als boer voedselproducent of leverancier van grondstoffen wil zijn”, zegt Vink. “Voedsel heeft toegevoegde waarde, bij grondstoffen gaat het om een zo laag mogelijke kostprijs. Uiteindelijk willen de meeste boeren voedsel produceren.” De intensieve veehouderij blijft echter bestaan, in nog grotere bedrijven dan nu. De bedrijfsvoering lijkt er meer op management dan op agrarisch ondernemerschap, zegt Van Lierop. “Je moet financieel anticiperen op ontwikkelingen in de markt en de regelgeving goed in de gaten houden. Boeren die hiervoor kiezen hebben de vaktechniek op orde, zijn goed opgeleid, kopen goed in en zeilen scherp aan de wind. Dit soort mensen kan in elke sector uit de voeten.”

Uiteindelijk zal de transitie in de landbouw leiden tot een kleiner aantal boerenbedrijven, verwacht Jeroen Klein. Maar de sector wordt ook gevarieerder en vitaler. “Er zullen meer grote, kapitaalintensieve bedrijven komen en een aantal kleinere bedrijven die in deelgebieden actief zijn. Deze ontwikkeling is ook voor ons accountants gunstig. De vraag naar advies zal alleen maar toenemen.”

Big agro-four adviseren over stikstofdossier

De vier grootste accountantskantoren voor de landbouwsector (ABAB, Alfa, Countus, Flynth) zijn historisch verbonden in de VLB. De 95-jarige vereniging was vanouds een overlegorgaan van accountants van de standsorganisaties in de landbouw. De VLB heeft een bedrijfskundige en een juridische sectie. “Omdat er specifieke casuïstiek van toepassing is voor de landbouw”, zegt VLB-voorzitter Fou-Khan Tsang, in het dagelijks leven bestuursvoorzitter van Alfa Accountants en Adviseurs.

Lobbyen doet de VLB niet. Wel zijn er contacten met ministeries, overwegend over de uitvoering van het fiscale en landbouwbeleid. “Aan politiek doen wij niet, we zijn kennispartner van de overheid. We kunnen vertalen hoe regelgeving landt op het erf.”

Vanuit die rol belegde de vereniging in juni een congres over het stikstofdossier. “We hebben aangegeven dat er meer ruimte moet zijn voor innovatie door middel van de best technical means, zoals die ook voor andere sectoren gelden”, aldus Fouk Tsang. “Daarnaast hebben we geadviseerd om het fiscale regime dat geldt bij onteigening door de overheid ook van toepassing te verklaren bij uitkoopregelingen voor boeren. Dit om te voorkomen dat boeren een blauwe enveloppe op de mat krijgen nadat ze zijn uitgekocht, met alle onrust van dien. Ook hebben we gepleit om een gedeeltelijke staking mogelijk te maken en de herinvesteringsreserve te kunnen inzetten voor investeringen in een andere bedrijfstak. Ten slotte hebben we aandacht gevraagd voor de impact van de plannen op het erf. Als agro-accountants zien wij dat het daar niet alleen gaat om boeren en ondernemers, maar vooral om mensen.”

Henk Vlaming is journalist.

Gerelateerd

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.