Magazine

FYI

Jonge piloot uit Florida is al voor zijn twintigste accountant - Europese bedrijven rapporteren ook zonder verplichting vaak over duurzaamheid - Expats - AFM benadrukt belang van goede informatiebeveiliging bij accountantsorganisaties - Flink deel van mkb-ondernemers overweegt wisseling van accountant - Helft Nederlanders vraagt AI om financieel advies - Studenten hebben te negatief beeld van accountantsberoep.

Dit artikel is verschenen in Accountant nr. 2, 2026

Bekijk alle artikelen uit dit nummer

» Download dit artikel in pdf
» Download het hele nummer (pdf)

Jonge piloot uit Florida is al voor zijn twintigste accountant

Student Caleb Byers uit Florida behaalde op 3 december 2025, drie maanden voor zijn twintigste verjaardag, al de titel van certified public accountant (CPA). Hij werkt bij Forvis Mazars en is daarnaast al een aantal jaren piloot.

Byers had na zijn middelbareschooldiploma nog maar zo'n tweeënhalf jaar nodig om een bachelor- en masterdiploma te halen en het CPA-examen af te leggen. Tegelijk deed hij ook al praktische ervaring op als medewerker in de auditpraktijk bij Forvis Mazars. Hij studeerde online aan de Western Governors University en ziet zichzelf niet als "geniale nerd", maar als "een heel normale jongen", stelt hij tegenover de Amerikaanse vaksite Journal of Accountancy.

Zijn vader richt zich als 'serie-ondernemer' op de luchtvaartindustrie. Zoon Caleb kreeg thuisonderwijs, deed al jong zakelijke vaardigheden op en begon al snel met boekhouden. Ondertussen behaalde hij op zijn zeventiende ook zijn pilotenbrevet. Hij overwoog een carrière als piloot, maar koos uiteindelijk voor de accountancy, volgens hem een stabiele carrière met goede doorgroeimogelijkheden. In oktober 2025 ging Byers aan de slag op het Forvis Mazars-kantoor in Tampa, Florida.

Niet de jongste CPA ooit
Al behaalde Byers zijn CPA-titel op zijn negentiende, hij is niet de jongste CPA ooit. Die titel ging in 2023 naar James Chilimigras, die al vanaf zijn twaalfde eveneens online studeerde aan Western Governors University. Hij had uiteindelijk aan slechts 74 dagen genoeg om de vier onderdelen van het CPA-examen te behalen en was toen pas vijftien jaar oud.

In Nederland zijn dergelijke leeftijden voor afstuderende accountants niet haalbaar, maar de accountantstitel behalen kan wel relatief snel. Zo ontving de destijds 23-jarige Kirsten Bakker uit Amsterdam in november 2015 haar diploma bij de NBA, als jongste afgestudeerde registeraccountant sinds de invoering van de praktijkopleiding.

Europese bedrijven rapporteren ook zonder verplichting vaak over duurzaamheid

Europese bedrijven kiezen er in veel gevallen voor om hun duurzaamheidsrapportage voort te zetten, ondanks het wegvallen van de verplichte rapportage onder het EU-Omnibus-vereenvoudigingspakket.

Dat blijkt uit een studie van duurzaamheidsplatform Osapiens. Maar liefst 90 procent van de bedrijven die buiten de reikwijdte van de Europese duurzaamheidsrichtlijn CSRD vallen, geeft aan de rapportageactiviteiten te behouden of zelfs uit te breiden. Bijna 89 procent verwacht de komende twaalf maanden meer te investeren in tools en automatisering voor duurzaamheidsrapportages. Volgens 90 procent is duurzaamheidsrapportage al (gedeeltelijk of volledig) geïntegreerd met de financiële rapportageprocessen.

De resultaten tonen aan dat duurzaamheidsrapportage steeds minder wordt gezien als louter wettelijke verplichting, maar meer raakt ingebed in de wijze waarop organisaties risico's beheersen, kapitaal toewijzen en communiceren met investeerders, klanten en partners, zo stelt Osapiens. Respondenten noemen beter inzicht in klimaat-, supply chain- en operationele risico's als het grootste voordeel van duurzaamheidsrapportage.

Andere vaak genoemde voordelen zijn meer vertrouwen bij investeerders dankzij auditbare informatie, het voldoen aan rapportage- en auditvereisten van klanten en partners en betere afstemming tussen finance en sustainability in besluitvorming.

Spanning
Hoewel de bereidheid om te blijven rapporteren hoog is, wijst het onderzoek wel op een structurele spanning. Hoewel 90 procent van de uit de scope gevallen organisaties dus aangeeft door te willen gaan met rapporteren, verwacht 84,5 procent dat verminderde regelgevende druk op termijn zal leiden tot minder interne middelen voor duurzaamheidsrapportage. Als belangrijkste interne drempels worden budgetbeperkingen, versnipperde datasystemen, zwakke technologische integratie en onduidelijke interne verantwoordelijkheden genoemd.

Het onderzoek is gebaseerd op een survey die in december 2025 en januari 2026 werd gehouden onder Europese bedrijven met meer dan duizend medewerkers.

Expats

Ervaringen van Nederlandse accountants in den vreemde. Dit keer: Jacco Moison AA, head of audit, financial reporting and climate related disclosures bij Financial Markets Authority in Auckland, Nieuw Zeeland.

'De lijnen zijn hier korter'

"Toen ik eind twintig was, had ik het wel gezien in Nederland. Ik werkte bij PwC, waar ik samenstel- en auditopdrachten deed. Ik vond mijn werk leuk - vooral de audit - maar steeds dezelfde klanten ging mij vervelen. Ik werkte al korte periodes in Engeland en Zwitserland en dat was goed bevallen. Mijn baas stelde voor dat ik twee jaar naar het buitenland zou gaan. Er waren twee landen die actief op zoek waren naar ervaren accountants: Nieuw Zeeland en Australië. Ik had geen voorkeur. Toen het kantoor in Nieuw Zeeland het snelst reageerde,
gaf dat de doorslag."

Bier
"In 2006 begon ik bij PwC in Auckland. In het begin denk je dat de overgang heel makkelijk zal zijn. Toch was het wel wennen. Vaktechnisch was de grootste uitdaging dat ik kennis maakte met IFRS. Dat was nieuw voor mij, maar gelukkig ook voor mijn collega's, want Nieuw Zeeland ging in 2007 over op de nieuwe boekhoudregels. Ook de culturele verschillen waren groter dan ik had gedacht. De eerste dag nam ik cola bij de lunch. Tot mijn verbazing bestelden mijn collega's bier. Over alcohol deed twintig jaar geleden niemand moeilijk. Dat is inmiddels wel veranderd. Ook aan de indirectheid moest ik wennen. Collega's geven elkaar geen negatieve feedback. Kritiek hoor je vaak pas een jaar later bij je beoordeling. Dan hoor je dat je promotie niet doorgaat, vanwege een fout die je een paar maanden geleden maakte. Collega's vonden mij te direct, terwijl klanten het juist waardeerden. Een andere eigenaardigheid is dat Nieuw Zeelanders heel snel praten. Dat was zeker in het begin lastig. Tijdens een audit zat ik met collega's tegenover een cfo. Ik verstond geen woord van wat hij zei. Na afloop bleek dat de anderen hem ook niet hadden verstaan, maar niemand durfde er wat van te zeggen.

Aan het einde van het tweede jaar ontmoette ik mijn huidige vrouw. Eerst heb ik de periode met twee jaar verlengd. Vervolgens moesten we besluiten wat we gingen doen. Mijn vrouw is ook een expat en komt oorspronkelijk uit China. Naar Nederland gaan zou een grote stap zijn. Wat de doorslag gaf, was het gesprek wat ik met mijn werkgever had. Terug in Nederland zou ik mijn oude werk weer op moeten pakken. Dat sprak mij niet aan. Ik wilde juist binnen de internationale tak werken met beursgenoteerde bedrijven. Als AA werd ik daar te licht voor bevonden. Onterecht vond ik. Zelf beoordeel ik anderen ook niet op hun opleiding. Wat heeft iemand gedaan? Wat is zijn passie? Dat is veel belangrijker. Ik heb hier dingen bereikt die ik in Nederland niet had kunnen realiseren.

Sinds 2012 werk ik bij de FMA. Voor de positie als hoofd van de auditafdeling van de FMA heb je in Nederland veel meer concurrentie en dan ben ik ook nog eens AA. Die titel kennen ze overigens niet in Nieuw Zeeland. Je kunt hier straks voor het eerst accountant worden zonder dat je universiteit hebt gedaan. Wat ik daar van vond, wilde een vakgenoot weten. Ik ben zelf een accountant zonder universitaire opleiding, merkte ik op."

Minister-president
"Het mandaat van de FMA kun je vergelijken met dat van de AFM. We hebben wel een andere opzet. In Nederland doet de AFM onderzoeken naar accountantskantoren rond een thema als ethiek of fraude. De FMA kijkt vooral naar de kwaliteit van de audit en doet dat steekproefsgewijs bij de twaalf grootste accountantskantoren. Een ander verschil is dat we als toezichthouder veel kleiner zijn. Mijn team bestaat uit twaalf medewerkers. Bij de AFM zitten in zo'n team al snel zeventig á tachtig mensen. Ik heb regelmatig contact met mijn collega van de AFM. Als ik naar een internationale bijeenkomst ga van de IFIAR, zitten we naast elkaar.

Nieuw Zeeland heeft maar vijf miljoen inwoners en dat merk je. De lijnen zijn hier korter. Je moet niet vreemd opkijken als je een telefoontje krijgt van de minister-president. En soms lijkt het alsof iedereen elkaar kent. Er is bijvoorbeeld een netwerk van mensen die naar dezelfde scholen gingen. Toen mijn zoon naar een bepaalde school wilde, gaf de baas van mijn vrouw aan dat hij de directeur van die school kende. Hij wilde wel een briefje sturen. Liever niet, dacht ik. Die man werkt bij een accountantskantoor. Ik blijf graag onafhankelijk."

AFM benadrukt belang van goede informatiebeveiliging bij accountantsorganisaties

Accountantsorganisaties moeten het maximale doen om hun informatiebeveiliging verder te versterken. Dat benadrukt toezichthouder Autoriteit Financiële Markten (AFM), op basis van inzichten die zijn verkregen bij de oob-accountantsorganisaties.

Digitale incidenten bij grote organisaties laten zien hoe kwetsbaar die kunnen zijn. De impact raakt vaak niet alleen de getroffen organisatie, maar ook (sub)leveranciers, klanten en soms zelfs financiële markten, aldus de AFM. Voor accountantsorganisaties, die werken met gevoelige cliënten transactiedata en afhankelijk zijn van digitale systemen, is een toekomstbestendige informatiebeveiliging daarom essentieel, benadrukt de toezichthouder.

Raamwerk voor informatiebeveiliging
Veel incidenten ontstaan door menselijke fouten, gebrekkige monitoring of onduidelijkheid over verantwoordelijkheden. Een robuust raamwerk voor risicomanagement biedt houvast om informatiebeveiliging toekomstbestendig in te richten en de 'hacker als wekker' te voorkomen, aldus de AFM. De toezichthouder noemt de Good Practice Informatiebeveiliging van De Nederlandsche Bank als voorbeeld van een goed risicomanagementraamwerk, dat ook voor accountantsorganisaties handvatten biedt voor een "proportionele en samenhangende aanpak" van informatiebeveiligingsrisico's.

Versterkingspunten
Op basis van de verkregen inzichten bij oob-accountantsorganisaties komt de toezichthouder met een aantal "versterkingspunten", die ook accountantskantoren met een reguliere vergunning kunnen helpen bij het verder versterken van hun risicomanagement. Een raamwerk voor informatiebeveiliging is pas effectief wanneer het aantoonbaar werkt, benadrukt de AFM. De toezichthouder vraagt daarom aan alle accountantsorganisaties om extra aandacht te besteden aan een "veilige, toekomstbestendige beheersomgeving". De komende jaren blijft IT-risicobeheersing een prioriteit van de toezichthouder.

Flink deel van mkb-ondernemers overweegt wisseling van accountant

Bijna vier op de tien (38,5 procent) van de Nederlandse mkb-ondernemers overwoog het afgelopen jaar serieus van accountant of belastingadviseur te wisselen, of ging daar daadwerkelijk toe over.

Dat blijkt uit onderzoek onder mkb-beslissers in Nederland. Ruim 60 procent van de ondervraagden dacht de afgelopen twaalf maanden op enig moment aan wisseling van accountant. De bereidheid om over te stappen komt voort uit een relatie die voor de meerderheid van de ondervraagden voornamelijk 'transactioneel' van aard is. Bijna twee derde omschrijft de samenwerking als voornamelijk reactief: de accountant verzorgt de compliance en is buiten deadlines en problemen nauwelijks aanwezig. Slechts 13,4 procent heeft wat zij omschrijven als een echte sparringpartner.

Prijs en kwaliteit
Tegelijk is er geen sprake van massale ontevredenheid. Op de vraag naar de prijs-kwaliteitverhouding van het compliancewerk beoordeelt 55,9 procent dat als goed en 12,3 procent als uitstekend. De onderliggende wens is niet een andere accountant, maar een andere invulling van de relatie. Ook is 37,4 procent bereid meer te betalen voor een accountant die het hele jaar door proactief adviseert, in plaats van hoofdzakelijk compliance verzorgt. Daarnaast zegt 33,5 procent hetzelfde bedrag te willen betalen, maar dan met aanzienlijk meer service.

In totaal verwacht dus ruim 70 procent meer waarde; ofwel via een hogere vergoeding, ofwel via een hoger serviceniveau voor de bestaande kosten. Slechts 14 procent zegt niet meer te willen betalen, ongeacht het serviceniveau.

AI
Van de ondervraagden verwacht 43 procent dat de relatie met de accountant de komende vijf jaar grotendeels hetzelfde blijft. Eén op de vijf beslissers (19,6 procent) ziet de rol van de accountant krimpen door AI en digitale tools en 8,4 procent verwacht financiële taken vaker zelf uit te voeren. Maar 14,5 procent verwacht dat de accountant juist belangrijker wordt als vertrouwde adviseur in een complexer wordend speelveld.

Het onderzoek werd in april 2026 in opdracht van Ravical uitgevoerd door Multiscope, via panelonderzoek onder mkb-beslissers in Nederland die samenwerken met een externe accountant en/of belastingadviseur.

Helft Nederlanders vraagt AI om financieel advies

Meer dan de helft (55 procent) van alle Nederlanders vraagt AI inmiddels om hulp bij financiële vraagstukken. Onder jongeren is dat zelfs meer dan driekwart (76 procent).

Dat blijkt uit internationaal onderzoek van online bank bunq onder zevenduizend respondenten, waaronder duizend volwassen Nederlanders. Het grootste deel van de Nederlandse respondenten gebruikt AI om beter te budgetteren (18 procent) en scherpere financiële doelen te stellen (15 procent). Bijna vier op de tien noemt tijdsbesparing als belangrijkste reden om persoonlijke financiële vraagstukken aan AI voor te leggen. Verder denkt 69 procent van de Nederlandse respondenten dat de kans op fraude afneemt door het gebruik van AI bij banken. Een derde van hen noemt dat voor financiële instellingen de belangrijkste AI-functionaliteit om te implementeren.

Vertrouwen
Eén op de drie ondervraagden zegt dankzij AI meer vertrouwen te hebben gekregen in de persoonlijke financiën. Tegelijk denkt 62 procent dat financieel advies waardevoller en/of kwalitatief beter is als dit van een mens komt, dan van een chatbot. Drie op de vijf Nederlanders gebruiken hiervoor liever de chatbot van hun bank dan een generiek AI-model, zoals ChatGPT. Meer dan 40 procent van de Nederlandse respondenten controleert het geldadvies dat door AI wordt gegeven soms of geregeld. Slechts 12 procent heeft zoveel vertrouwen in AI, dat zij het onmogelijk achten dat daar ooit slecht financieel advies uitkomt.

Studenten hebben te negatief beeld van accountantsberoep

Studenten hebben vaak een te negatief beeld van het werk van accountants. Dat verkleint de kans dat ze voor het beroep kiezen en draagt dus bij aan het tekort aan accountants.

Tot die conclusie komen economen van Tilburg University. Het groeiende tekort aan accountants, vooral bij grote kantoren, wordt vaak verklaard door hoge werkdruk, strenge opleidingseisen en uitstroom onder jonge medewerkers. Maar volgens de Tilburgse economen is een onderbelichte oorzaak dat studenten "structureel" een te negatief beeld van het werk van
accountants hebben. Uit het onderzoek blijkt dat het accountantsberoep in de praktijk afwisselender, inhoudelijk uitdagender en autonomer is dan veel studenten vooraf denken.

Die mismatch tussen verwachting en werkelijkheid verkleint de kans dat studenten überhaupt voor accountancy kiezen en dat kan het personeelstekort verder aanjagen. Vooral bij de big four is de kloof groot: studenten hebben daar een duidelijk pessimistischer beeld van het werk dan bij middelgrote kantoren. Het onderzoek suggereert dat niet alleen werkdruk of regelgeving, maar ook beeldvorming een rol speelt in de krapte op de arbeidsmarkt.

Misverstanden
Studenten verwachten dat het werk vooral routinematig en compliance-gedreven is, met weinig autonomie en veel overuren. Accountantskantoren investeren al jaren in voorlichting via gastcolleges, carrièrebeurzen en netwerkborrels, maar het onderzoek geeft aan dat conventionele wervingsactiviteiten nauwelijks helpen om het beeld van studenten realistischer te maken. Alleen in-house days, waarbij studenten daadwerkelijk een kijkje nemen binnen het kantoor, blijken enig effect te hebben. Volgens de onderzoekers wijst dit op een fundamenteel informatieprobleem: studenten baseren hun beeld van het beroep op onvolledige of vertekende informatie. De onderzoekers pleiten daarom voor nieuwe benaderingen, zoals het integreren van realistische praktijkvoorbeelden in het onderwijs en nauwere samenwerking tussen universiteiten.

De onderzoekers analyseerden enquêtegegevens van 344 business- en accountancystudenten en 161 junior accountants, werkzaam bij zowel big four-kantoren als middelgrote accountantsorganisaties.

Aanmelden nieuwsbrief

Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.