Magazine

'Informatie pensioentekorten had belegger eerder moeten bereiken'

Veel ondernemingen zijn onvoldoende transparant voor beleggers omdat ze niet aangeven welke gevolgen wel gepubliceerde maar nog niet geëffectueerde IFRS-standaarden zullen hebben voor de jaarrekening. In een recent onderzoek signaleert de Autoriteit Financiële Markten (AFM) dat ruim tweederde van de bedrijven de komende nieuwe standaard voor pensioenen niet juist toelicht. De accountant zal daar scherp op moeten letten, vindt de AFM.

Dit artikel is verschenen in Accountant nr. 10, 2012

Bekijk alle artikelen uit dit nummer

» Download dit artikel in pdf

AFM: komende verslaggevingsstandaarden te vaak veronachtzaamd

Er ligt een nog niet geboekte rekening van 21 tot 22 miljard euro in de bureaula van Nederlandse beursgenoteerde bedrijven. Het zijn verliezen op pensioenregelingen. IFRS had tot nu toe clementie met die tekorten: ze konden naar de toekomst worden doorgeschoven. Maar daar is, met het aanpassen van IAS 19, verandering in gekomen. Ondernemingen met een toegezegde pensioenregeling moeten met ingang van 1 januari 2013 het volledige saldo van de pensioenverplichtingen en pensioenbeleggingen in de jaarrekening opnemen. Dat heeft gevolgen voor zowel vermogen als resultaat van de onderneming.

Die gevolgen kunnen aanzienlijk zijn, becijferde de AFM. Voor sommige ondernemingen kan het effect groter zijn dan vijf procent (van vermogen of resultaat). Het totaal van alle nog niet verwerkte actuariële verliezen van de instellingen die bij de AFM onder toezicht staan, was eind 2011 4,8 miljard euro. Tel daar de forse pensioentekorten van de andere beursgenoteerde bedrijven bij op - zoals Royal Shell, een Plc, een (Britse) public limited company, dus niet onder toezicht bij de AFM - en het bedrag komt voor Nederlandse beursondernemingen boven de twintig miljard euro uit.

“De belegger moet dat weten”, zegt Ton Meershoek, hoofd van de afdeling Toezicht Financiële Verslaggeving van de AFM. “Ondernemingen kunnen niet wachten met het rapporteren van het effect van nieuwe standaarden tot het moment waarop ze effectief worden. Vanaf het moment dat een standaard is gepubliceerd door de IASB, moet in een toelichting bij de jaarrekening worden aangegeven wat de toekomstige gevolgen van die nieuwe standaard zullen zijn.”

Kwantitatief/kwalitatief

Deze verplichting is ook vastgelegd in IAS 8.30 (Accounting Policies, Changes in Accounting Estimates and Errors), maar over de reikwijdte van die standaard “wordt nogal eens gediscussieerd”, aldus Meershoek. “Ten eerste is de vraag of de inschatting van het effect van een komende standaard kwantitatief moet zijn, of dat kan worden volstaan met kwalitatieve gegevens. Dat is niet expliciet omschreven in IAS 8.30. Ten tweede hebben we in Europa het systeem dat nieuwe standaarden pas formeel in werking kunnen treden als ze door de Europese Commissie zijn bekrachtigd. Dat betekent volgens sommigen dat ook de verplichting toekomstige effecten in te schatten pas ingaat als het hele circuit van formele bekrachtiging van de standaarden in Europa is afgerond.” Beide discussiepunten zijn op Europese schaal uitgebreid besproken, in een door de European Securities and Markets Authority (ESMA) georganiseerde EECS (European Enforcement Co-ordination Sessions) over de gelijke handhaving van de toepassing van IFRS in de Europese lidstaten. Ten aanzien van de kwestie kwalitatief/kwantitatief is duidelijk gekozen voor kwantitatief. Meershoek: “Met alle gegevens die beschikbaar zijn, moet een zo goed mogelijke schatting worden opgesteld. Je kunt niet volstaan met mededelingen zoals ‘het resultaat zal afnemen’ of ‘het vermogen zal significant toenemen’. Nee, daar horen cijfers bij.”

Vergelijkbaarheid

Ook ten aanzien van de vraag of met het laten zien van de impact van een komende standaard kan worden gewacht totdat die standaard door de Europese Commissie is bekrachtigd, hebben de Europese toezichthouders gekozen voor een ‘strakke’ oplossing. “Wachten op de formele bekrachtiging beschouwen wij als een onjuiste toepassing van IAS 8.30”, zegt Meershoek. “Bekrachtiging door de Europese Commissie is min of meer de norm en dat weten rapporterende ondernemingen en beleggers ook. Dan is het niet terecht te wachten met het geven van informatie tot het formele moment waarop die bekrachtiging een feit is; daar zijn de financiële markten niet mee gediend.”

Bovendien zou dat betekenen dat Europese ondernemingen telkens later met informatie komen dan bedrijven uit landen buiten Europa, die het systeem van bekrachtiging niet kennen. Meershoek: “En dat belemmert de vergelijkbaarheid van financiële verslaggeving, terwijl het bevorderen van die vergelijkbaarheid juist een van de belangrijkste doelstellingen van IFRS is. Europa zou juist het goede voorbeeld moeten geven, als eerste belangrijke regio die overging op IFRS.”

Verantwoordelijk

Uiteraard zijn het de ondernemingen die als eerste verantwoordelijk zijn voor een juiste toepassing van IAS 8.30, maar de AFM zegt zich daarnaast ook nadrukkelijk te richten op de controlerend accountant. Meershoek: “Wij verwachten van accountants dat zij ondernemingen aanspreken op de juiste toepassing van deze standaard en ook dat zij die juiste toepassing laten meewegen in hun oordeel of de jaarrekening al dan niet een getrouw beeld geeft. De wijze waarop de accountant dit nu doet is voor verbetering vatbaar.” Concrete aanleiding voor die oproep is zoals gezegd het recente onderzoek naar de jaarlijkse financiële verslaggeving, waarbij de aandacht ook uitging naar de gevolgen van de toepassing van IAS 19R, de gewijzigde standaard over pensioenen. Daarbij bleek dat, ondanks IAS 8.30, ongeveer tweederde van de 69 onderzochte ondernemingen de gevolgen van IAS 19R onvoldoende of helemaal niet heeft toegelicht bij de jaarrekening over 2011. Terwijl IAS 19R in juni 2011 is gepubliceerd. De AFM stuitte slechts op vier ondernemingen die een duidelijke kwantitatieve toelichting gaven, zowel wat betreft vermogen als resultaat. Ruim een kwart gaf ook een kwantitatieve toelichting, maar die had alleen betrekking op óf het vermogen óf het resultaat.

Bezorgd

Jerry Wouterson, senior toezichthouder Financiële Verslaggeving bij de AFM, zegt dat hij zich moeilijk kan voorstellen dat het niet mogelijk zou zijn de gevolgen voor vermogen en resultaat kwantitatief in te schatten. “Normaal gesproken kan ervan worden uitgegaan dat de gegevens die daarvoor nodig zijn binnen de onderneming bekend zijn en die kunnen dan ook extern bekendgemaakt worden. Wel is het zo dat nog enkele technische details van de standaard op opheldering wachten en een aantal ondernemingen heeft daarom nog te kampen met onzekerheden. Maar die kan men toelichten.”

De AFM zegt daarom bezorgd te zijn over deze uitkomsten. “Want we weten uit de gegevens die in ons eigen onderzoek door ondernemingen zijn verschaft, dat de impact van deze standaard groot kan zijn”, aldus Wouterson. “Dat heeft alles te maken met de assumpties die de onderneming in het verleden heeft gemaakt, in combinatie met de werkelijke ontwikkelingen op de kapitaalmarkten, en de kenmerken van het deelnemersbestand.”

Verbetering

Overigens wijst Wouterson erop dat bij de halfjaarcijfers 2012 al verbetering is opgetreden. “Het merendeel van de ondernemingen heeft recentelijk al duidelijke vooruitgang laten zien.” Anderzijds: “Dat mag ook wel, want bij de komende jaarafsluiting zal elk beursgenoteerd bedrijf deze cijfers paraat moeten hebben. Het is niet voor te stellen dat men op 31 december 2012 niet beschikt over gegevens die vanaf 2013 definitief in de boeken moeten zijn opgenomen.”

Vervolgens zal de AFM, maar dan met betrekking tot andere gepubliceerde nieuwe standaarden, bij ondernemingen en accountants blijven aandringen op een juiste toepassing van IAS 8.30. Meershoek: “IFRS 10 ligt er, over het consolideren van de jaarrekening. Ook de nieuwe standaard voor joint ventures, IFRS 11, is gepubliceerd. En van IFRS 9 is het eerste deel al enkele jaren geleden gepubliceerd, en de overige onderdelen worden verwacht, over bijzondere waardeverminderingen van financiële instrumenten en over hedge accounting. Ondernemingen moeten over de impact van deze nieuwe standaarden tijdig transparant zijn naar beleggers. Voor een goede werking van de financiële markten is dat onontbeerlijk.”

Geert Dekker is journalist.

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.