Discussie Opinie

Natuurlijk moet Brussel het voortouw nemen bij bepalen regels voor duurzaamheidsverslag

De Europese Commissie publiceerde een richtlijn voor duurzaamheidsverslaggeving. Goede zaak om snelheid te maken hiermee, vindt Ralph ter Hoeven.

Ralph ter Hoeven

Er zijn van die momenten dat er geschiedenis wordt geschreven in de ontwikkeling van standaarden voor de jaarrekening. Ongeveer vijftig jaar geleden werden dergelijke regels voor het eerst in onze Nederlandse wet opgenomen (Wet op de Jaarrekening van Ondernemingen). Later volgden de Vierde en de Zevende EG-Richtlijn ter harmonisatie van het jaarrekeningenrecht. In het begin van deze eeuw werd IFRS verplicht gesteld voor beursgenoteerde ondernemingen.

Gemene deler: al deze mijlpalen betroffen de jaarrekening zelf, met daarin de hardere financiële informatie. Het bestuursverslag kwam er tot dusver karig vanaf. Slechts een aantal regels in de EU-Richtlijn 'Niet-financiële informatie'. Alleen al het woord niet-financieel geeft te denken. Zouden we de aard van deze informatie niet iets positiever kunnen duiden, in plaats van met een beschrijving wat het niet is? Doet me denken aan de studie niet-westerse sociologie en het grapje hierover dat de 50-plussers onder de lezers ongetwijfeld zullen kennen.

Hoe dan ook, woensdag 21 april 2021 markeerde een belangrijk moment, omdat de Europese Commissie de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) publiceerde, samen met andere voorstellen. De richtlijn moet (uiteraard) nog worden goedgekeurd door de Europese Raad en het Parlement, maar gezien de urgentie is het streven dat de bestuursverslagen over 2023 al aan de nieuwe eisen moeten voldoen. Dit betekent een verdere codificatie van het jaarrekeningrecht naar het voorste deel van het jaarverslag. Een mijlpaal dus.

Reacties niet overwegend positief

De reacties op de CSRD waren zeker niet overwegend positief. Na een voorzichtig compliment over de voortvarendheid van Brussel volgde al snel een bezwaar: waarom moet Europa nu deze standaarden gaan bepalen? Het zou immers beter zijn als dit door een internationaal orgaan als de IFRS-Foundation wordt opgepakt. Er kan dan aan een globaal raamwerk worden gewerkt, waardoor regionale verschillen in standaarden worden voorkomen. Dit bezwaar lijkt gegrond. Ook ik ben in beginsel (bijvoorbeeld op het gebied van financiële standaarden) voorstander van wereldwijde harmonisatie. Maar dit keer geef ik Brussel groot gelijk. Er is alle reden om nu het ene te doen en het andere niet na te laten...

Waarom doen?

  • Omdat de tijd verschrikkelijk dringt. Europa heeft zich gecommitteerd aan een Green Deal: in 2050 moet de economie CO2-neutraal zijn. En onlangs is overeengekomen dat de doelstelling voor CO2-reductie in 2030 verder wordt aangescherpt (55 procent verlaging ten opzichte van 1990). Daarnaast bevat de Green Deal nog meer doelen op het gebied van duurzame energie, circulaire economie, landbouw en biodiversiteit.
  • Omdat de standaarden nadrukkelijk gezien moeten worden als onderdeel van een veel groter pakket om deze bredere doelstellingen te bereiken. Het persbericht van de Europese Commissie maakt dit gelijk al duidelijk. De CSRD is onderdeel van besluiten op het gebied van de EU Taxonomie (lijst van duurzame activiteiten) en financiële dienstverlening.
  • Omdat door het EU-actieplan op het gebied van sustainable finance (het stimuleren van beleggingen en financieringen in duurzame activiteiten) en met name de Sustainable Finance Disclosure Regulation (SFDR) er al op korte termijn grote behoefte is aan betrouwbare informatie over duurzaamheidsactiviteiten van ondernemingen. De SFDR is erop gericht de duurzaamheidsprofielen van beleggingsfondsen beter inzichtelijk te maken. Zo worden er drie hoofdclassificaties (grijs, lichtgroen, groen) onderscheiden. Maar dan moeten fondsmanagers op korte termijn wel over informatie kunnen beschikken om de classificatie goed te bepalen. Door de standaarden zelf te ontwikkelen kan de EC rekening houden met deze verordeningen en specifieke wensen van gebruikers van informatie.
  • Omdat de EC zo een voortrekkersrol kan spelen in de ontwikkeling van duurzaamheidsstandaarden, ook wat betreft de gelaagdheid. Zo worden er lichtere regels voorgesteld voor het beurgenoteerde midden- en kleinbedrijf. Ik denk hierbij ook aan de Green Deal die stimulerend heeft gewerkt op Japan, de VS en het VK, die onlangs soortgelijke aanscherpingen op hun 2030-doelstellingen bekend hebben gemaakt.
  • Omdat de Europese Commissie sowieso besluiten moet nemen omtrent het toepassingsgebied (voor wie gelden de regels: beurs/niet-beurs/dochtermaatschappijen) en het verplicht stellen van (accountants)controle op deze informatie. Het toepassingsgebied wordt nu verbreed naar beursgenoteerde ondernemingen (micro-ondernemingen uitgezonderd) en grote niet-beursgenoteerde En dat betekent dat de EU-Jaarrekeningrichtlijn wordt uitgebreid. Ook zal de informatie door een deskundige moeten worden gecontroleerd, waarbij het huidige voorstel is dat voorlopig met een lichte mate van zekerheid wordt gewerkt. Ook dit is een mijlpaal die er uiteraard aan moet bijdragen dat greenwashing wordt voorkomen.
  • Omdat de EC in één moeite door digitale oormerking van informatie-elementen (tagging) door middel van een vastgestelde taxonomie verplicht kan stellen, zoals dat ook voor financiële informatie geldt (artikel 19d).

Waarom niet nalaten?

  • Omdat de aangepaste artikelen in de Jaarrekeningrichtlijn vooral als kapstok bedoeld zijn. Meer specifieke regels worden uitgewerkt in Delegated Acts (Nadere Voorschriften). Deze zullen worden uitgewerkt door de European Financial Reporting Advisory Group en die hebben alleen al in deze maand twee meetings staan met de IFRS Foundation. Zo kan er gezamenlijk worden gewerkt aan bijvoorbeeld sectoreisen voor duurzaamheidsinformatie die wereldwijde werking kunnen hebben.
  • In de EU-Jaarrekeningrichtlijn is opgenomen dat de standaarden elke drie jaar worden beoordeeld en dat in deze beoordeling ook internationale standaarden expliciet moeten worden meegenomen (artikel 19b).

Snelheid

We moeten één ding niet vergeten. Ook als de standaarden door een internationaal orgaan worden ontwikkeld, moet nog een goedkeuringsproces ter opname in de EU-wetgeving volgen. Het lopende, zeer moeizame, IFRS 17 goedkeuringsproces maakt nog maar eens duidelijk dat de EU het recht heeft aanpassingen te maken. Dat is nu eenmaal onderdeel van het wetgevend proces in onze Unie, waarin de Raad en het Parlement het laatste woord hebben.

De urgentie in het licht van de bredere 2030/2050-doelstellingen, de grote behoefte aan betrouwbare informatie ter beoordeling van het duurzaamheidsbeleid en het voorkomen van greenwashing, rechtvaardigen alleszins de snelheid die de EU nu ontwikkelt. Snelheid en momentum waar het helaas lang genoeg aan ontbroken heeft.

Wat vindt u van deze opinie?

Reageer Spelregels debat

Ralph ter Hoeven is partner bij Deloitte Accountants en hoogleraar externe verslaggeving aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.