Magazine

Omkoping: zero-tolerance rukt op

De OESO heeft Nederland de les gelezen over de mate waarin de overheid zich inspant om omkoping te bestrijden van buitenlandse overheidsdienaren door Nederlandse bedrijven. Daarbij worden ook aanbevelingen gedaan ten aanzien van de rol en de opleiding van accountants. Terecht? “Facilitation payments in de jaarrekening, daar gaat de OESO niet over.”

Dit artikel is verschenen in Accountant nr. 3, 2013

Bekijk alle artikelen uit dit nummer

» Download dit artikel in pdf

Dubbele normen en ‘gezonde Hollandse koopmansgeest’ zitten bestrijding corruptie dwars

Het zal niet zo'n prettig bezoekje geweest zijn. Vorig jaar kwam een OESO-delegatie op visite in Den Haag, om te onderzoeken hoe het staat met de Nederlandse inspanningen in het opsporen en vervolgen van omkoping in het buitenland. Gesprekken met ministeries en andere overheidslichamen werden aangevuld met ontmoetingen met representanten van de private sector. “Accountants en advocaten waren goed vertegenwoordigd”, weet Dick Alblas, director van Grant Thornton Forensic & Investigation Services (FIS). Maar er waren ook uitnodigingen uitgegaan naar zestien bedrijven. Er kwamen er drie opdagen. ‘Het team was teleurgesteld’, schrijft de OESO in het evaluatierapport dat in januari 2013 verscheen.

Schrobbering

In dat rapport krijgt Nederland - niet geheel onverwacht - een flinke schrobbering ten aanzien van de vorderingen die zijn gemaakt met het implementeren van de Anti-Bribery Convention van de OESO. Alblas, ook bestuurslid van Transparency International Nederland: “Nederland leeft nog steeds niet alle onderdelen van het anti-corruptieverdrag na. Daar is de OESO bezorgd over. Het aantal onderzoeken naar omkoping en het aantal veroordelingen zijn opvallend laag - veroordelingen ontbreken zelfs geheel - en daaruit komt het beeld naar voren dat ons land onwillig staat tegenover het vervolgen van buitenlandse corruptie.” En dat terwijl er niet bepaald aanwijzingen zijn dat omkoping door Nederlandse bedrijven nu minder vaak voorkomt. ‘Bij Nederlandse bedrijven lijkt de bereidheid om smeergeld te betalen om klanten te winnen of te behouden te zijn gestegen. Bestuurders negeren het risico op vervolging om targets te behalen’, zo concludeerde Ernst & Young in zijn Global Fraud Survey 2012. ‘Achttien procent van de ondervraagden rechtvaardigt het betalen van steekpenningen. In 2010 was dit maar vier procent.’

Actieve omkoper

Peter Schimmel, partner bij Grant Thornton FIS, schreef mede naar aanleiding van die survey vorig jaar op Accountant.nl: “Het Nederlandse bedrijfsleven lijkt in toenemende mate een actieve omkoper of heeft in ieder geval die perceptie van zichzelf.” Schimmel zegt nu: “We gaan in dit opzicht gebukt onder onze ‘gezonde Hollandse handelsgeest’ van leven en laten leven, voor wat hoort wat etc. Je hoort steeds vaker dit type morele rechtvaardiging als het om bepaalde transacties, betalingen gaat. Dat is gevaarlijk.”

Heeft de OESO dus gelijk? “De algemene constatering dat Nederland hier meer prioriteit aan moet geven, is juist”, vindt Schimmel. “Daarnaast constateert men bijvoorbeeld dat de veiligheid van klokkenluiders niet voldoende is gewaarborgd en dat is inderdaad een ernstig punt. Ten aanzien van enkele details slaat de OESO echter de plank mis.”

Dat betreft volgens Schimmel en Alblas zeker de aanbevelingen over de verslaggeving. De OESO vindt dat Nederland moet voorschrijven dat de zogeheten facilitation payments expliciet in de jaarrekening moeten worden opgenomen. Facilitation payments - in het Nederlands noemt de een het smeergeld, de ander versnellingsgeld - zijn (kleine) betalingen aan ambtenaren voor werkzaamheden die tot hun normale takenpakket behoren. Alblas: “Ten eerste: de OESO gaat helemaal niet over de Nederlandse verslaggevingsregels. Ten tweede: zouden Nederlandse ondernemingen daartoe verplicht worden, dan kan hen vervolging wachten in andere landen.”

Spagaat

Die onmogelijke situatie vloeit voort uit de internationaal zeer verschillende wettelijke status van deze betalingen. In sommige landen zijn ze zonder meer toegestaan. In het Verenigd Koninkrijk zijn ze sinds de Bribery Act van juli 2011 echter zonder meer verboden. In de Foreign Corrupt Practices Act (FCPA) van de Verenigde Staten zijn ze onder stringente voorwaarden acceptabel. De OESO heeft ze in de Anti-Bribery Convention niet verboden, maar hamert wel voortdurend op transparantie wat dit betreft.

Nederland maakt de zaak er niet eenvoudiger op door een spagaat te maken: wettelijk zijn facilitation payments verboden, maar in een speciale aanwijzing heeft de minister van Justitie bepaald dat overtredingen niet vervolgd worden. Een van de voorwaarden om niet vervolgd te worden is dat ‘de gift transparant in de administratie van de onderneming moet worden opgenomen en niet verheimelijkt mag worden’.

“Maar dat is dus wat anders dan daarvoor expliciet in de jaarrekening een post inrichten”, zegt Schimmel. Doet een Nederlandse onderneming dat wel en zijn er bijvoorbeeld verbanden met het Verenigd Koninkrijk - een agentschap kan al voldoende zijn - dan staat het Britse Openbaar Ministerie onmiddellijk op de stoep.

Gemeld

Die dubbele status van dit type betalingen zadelt de Nederlandse accountant op met een extra probleem. “En dat wordt niet opgelost met de aanbeveling van de OESO”, vindt Schimmel. De COS zijn duidelijk genoeg: nagenoeg alles wat strafbaar is, moet gemeld worden. Maar laat de accountant het onderwerp vervolgens rusten, omdat er toch geen strafvervolging wordt ingesteld? En meldt hij hetzelfde type betalingen volgend jaar dan weer?

“We krijgen er veel vragen over van collega-accountants en van bedrijven”, zegt Alblas. “We maken dan duidelijk dat de enige echte oplossing richting zero-tolerance gaat. Natúúrlijk kan de accountant de discussie hierover aanzwengelen: als je in Thailand alleen je rijbewijs kunt halen met wat extra geld onder tafel, kun je dan niet beter een auto met chauffeur huren? Het is maar een voorbeeld. Als binnen een bedrijf die discussie op gang komt, is vaak de enig mogelijke uitkomst dat men gezamenlijk besluit: we stoppen er helemaal mee. Maar: de koopmansgeest waar we het eerder over hadden en de dubbele normen rond deze betalingen, zijn een flinke sta-in-de-weg.”

Pragmatisch

De Amerikanen en vooral Britten hebben nu wel het voortouw genomen in een zero-tolerance-aanpak en volgens Schimmel laat Nederland zich daarmee - heel pragmatisch gezien - de kaas van het brood eten. “Er zit ook een bepaalde naïviteit in het Nederlandse beleid. Die twee landen halen nu enorme sommen geld binnen met boetes voor omkopende bedrijven. Siemens heeft honderden miljoenen dollars moeten betalen en de Amerikanen halen veel meer uit de omkopingszaak van Philips in Polen dan Nederland. Los van het bestrijden van de verderfelijkheid van corruptie, zou dat ook een argument kunnen zijn voor een steviger aanpak.”

Omkoping: aandacht in het onderwijs

De OESO beveelt onder meer aan dat er in Nederlandse opleidings- en trainingsprogramma's voor het accountantsberoep meer aandacht komt voor de overtreding van omkoping van buitenlandse ambtenaren en voor de verslaggevingseisen die in de Anti-Bribery Convention worden genoemd. Leen Paape, dean en bestuurslid van Nyenrode Business Universiteit: “In alle colleges over forensische accountancy komt dit onderwerp aan de orde, veelal aan de hand van actuele voorbeelden zoals de Klimop-zaak, terwijl ook de juridische ontwikkelingen - zoals de Bribery Act - worden behandeld. Of het genoeg is of te weinig, dat is niet zo eenvoudig aan te geven. De jurist zal het snel te weinig vinden.”

Paape zegt dat er ook aandacht in het onderwijs is voor het feit dat de accountant in internationale wet- en regelgeving steeds nadrukkelijker een rol krijgt toegedicht in het signaleren van omkoping. “Daarom is kennis over het relevante juridische kader zo belangrijk en kennis over de manier waarop de risico's rondom juridische zaken bij ondernemingen moeten worden ingeschat.” Overigens is er nu in het accountancyonderwijs eerder sprake van een tendens minder aandacht te besteden aan juridische vakken (commissie Dassen) dan meer. Paape: “Dat vind ik inderdaad geen logische ontwikkeling.”

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.