'Onderbouwing MCA-rapport niet sterk genoeg'
Bij het MCA-rapport zijn methodologische kanttekeningen te plaatsen, betoogt Eva Eijkelenboom. De onderbouwing van de aanbevelingen vindt zij niet sterk genoeg.
Eva Eijkelenboom, werkzaam bij Erasmus School of Law en KPMG, is in 2019 gepromoveerd op een onderzoek naar kwaliteitsbevorderende wetgeving voor accountantsorganisaties. In een opinie in het Financieele Dagblad zegt zij de oproep van de MCA om de oorzaken van problemen in de accountantssector vast te stellen toe te juichen. "Een goed onderbouwde, brede discussie over de beste methode om toekomstige incidenten te voorkomen is wenselijk." Volgens haar is er echter het een ander mis met de methodiek achter het rapport van de MCA, waardoor het risico ontstaat dat er maatregelen worden genomen die niet goed zijn onderbouwd.
Eijkelenboom wijst er op dat de onderbouwing van het onderzoek "grotendeels lijkt te volgen uit anonieme citaten". Daarnaast ontbreekt een literatuurlijst. Ook zet zij haar vraagtekens bij de timing van het publiceren van het rapport. "In mijn promotieonderzoek toonde ik aan dat negatieve publiciteit in de accountantssector leidt tot haastige en ondoordachte wetgeving. Dat draagt niet bij aan vertrouwensherstel. Publicatie van het MCA-rapport net na het politieke kerstreces en voorafgaand aan publicatie van het eindrapport van de Commissie Toekomst Accountancysector (CTA), is dan ook spelen met vuur."
Eijkelenboom vindt het ook opmerkelijk dat de MCA zegt dat het de controle van niet-financiële informatie door accountants wil monitoren, terwijl het tegelijkertijd de aanbeveling uit het interim-rapport van de CTA onderschrijft dat de controle van niet-financiële informatie niet voorbehouden moet zijn aan accountants. "Onduidelijk is dan ook waarom er toezicht op accountants nodig is voor deze niet specifiek aan accountants voorbehouden taak. Zou de monitoring van de nieuwe MCA zich in dat geval niet moeten uitstrekken tot alle controleurs van niet-financiële informatie?"
Volgens Eijkelenboom zal meer toezicht ook niet leiden tot het verdwijnen van incidenten. "Dat is niet alleen onhaalbaar maar ook onwenselijk. Incidenten hebben ook een preventieve werking. Preventieve branden zorgen voor vruchtbare grond."
- Opinie Eva Eijkelenboom (Financieele Dagblad)
Gerelateerd
Onderzoek: Accountantskantoren willen sterker inzetten op adviesdiensten
Nederlandse accountantskantoren lopen in Europa voorop als het gaat om het aanbieden van adviesdiensten. Ze zien vooral kansen in advisering rondom duurzaamheid,...
Toezichthouder PCAOB volgt bij nieuwe koers meer de wens van accountantskantoren
De Amerikaanse toezichthouder op het accountantsberoep, de PCAOB, slaat onder de nieuwe voorzitter Jim Logothetis een duidelijk andere koers in. De voormalig EY-partner...
AFM pleit voor aanscherping intern kwaliteitsonderzoek bij accountantskantoren
Zes door de AFM onderzochte oob-accountantsorganisaties voeren hun intern kwaliteitsonderzoek uit volgens de wet- en regelgeving. Dat vindt de toezichthouder positief,...
Ministerie gebruikt de zomer voor consultatie kwaliteitsindicatoren
Het ministerie van Financiën heeft op 6 juli jl. de consultatie gestart van de Regeling kwaliteitsindicatoren accountancysector, ook wel bekend als Audit Quality...
Stappenplan helpt mkb-kantoren om nieuwe NVKM te vertalen naar eigen praktijk
Vanaf 1 januari 2027 zijn ook kleinere accountantskantoren verplicht om een kwaliteitsmanagementsysteem in te richten. De NBA organiseerde samen met de afdelingen...
