De meeste financials verklaren cashflow achteraf
Vier op de vijf finance professionals (81 procent) verklaren hun cashflow noodgedwongen pas achteraf, in plaats van die proactief te sturen.
Dat blijkt uit onderzoek van softwarehuis Onguard onder ruim 300 finance professionals. "Cashflow is in 2026 een onderwerp voor de directie geworden, maar wordt nog beheerd alsof het in de boekhouding thuishoort", zo stelt het softwarehuis.
Meer dan de helft (55 procent) kan niet verder dan twee weken met vertrouwen vooruit bijsturen op de verwachte binnenkomende betalingen. Slechts een op de vijf finance professionals (19 procent) zegt daar nooit toe gedwongen te worden. Slechts twaalf procent kan een maand of verder vooruitkijken.
Stuurinformatie schiet tekort
Finance professionals wijzen vooral naar interne oorzaken, als ze wordt gevraagd naar wat het sturen van cashflow in de weg staat. De grootste obstakels zijn te veel handmatig werk in Excel, e-mail en exports. Ook komt informatie te laat om nog bij te sturen en is data versnipperd over systemen en afdelingen.
Verder noemen de deelnemers aan het onderzoek de onduidelijke verantwoordelijkheid tussen finance, operations en IT en het missen van real-time inzicht voor besluitvorming.
Jong en oud
Jongere professionals verklaren de cashflow het vaakst achteraf: 89 procent van wie jonger is dan 35 doet dat minstens af en toe, tegen 67 procent van de 55-plussers. Maar dat speelt ook aan de top: ruim de helft van de ondervraagde cfo's (52 procent) doet dat vaak of altijd, tegen 13 procent van de financieel medewerkers.
Het onderzoek werd in april van dit jaar uitgevoerd in opdracht van creditmanagement-softwarespecialist Onguard, onder 336 finance professionals (waarvan 44 cfo's, 161 financieel managers en 131 financieel medewerkers) werkzaam bij organisaties met minimaal 50 medewerkers.
