Opinie

AFM-jongens en -meisjes

Hoe kan het dat de jongens en meisjes van de AFM, die dezelfde opleiding hebben doorlopen als accountants in den velde, in staat zijn in hun rapporten zoveel omissies aan te wijzen in de accountantscontroles?

Die vraag spookt al een tijdje door mijn hoofd. En, daarop voortbordurend: als je die redenen nou eens in kaart brengt, weet je dan als beroepsgroep niet wat je te doen staat?

Hoe kijken bijvoorbeeld accountants die zijn 'overgestapt' naar de toezichthoudende kant terug op hun wijze van werken toen ze nog in de professionele praktijk ploeterden? Zij moeten dat prima onder woorden kunnen brengen, lijkt me.

Zit het in de afwezigheid van de druk van targets, of dat er meer tijd is om met elkaar zo'n dossier helemaal te doorgronden, waardoor zij blijkbaar wel in staat zijn aan te wijzen waar het maatschappelijk belang in gevaar komt?

Misschien heeft het te maken met het feit dat je als professional in de zakelijke dienstverlening met meer werelden hebt te dealen dan wanneer je bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM) werkt. Dat maakt het werken in het veld leuk, en tegelijkertijd ook vaak ingewikkeld. En wellicht bestaat juist de essentie van je vak er uit, dat je als professional te midden van die vaak strijdige belangen op een goede manier kwaliteit levert en ook nog productief blijft. Een heuse uitdaging!

Een treffender omschrijving van die weerbarstige beroepspraktijk vind ik de volgende: 'The swampy lowland (in which) messy, confusing problems defy technical solutions.. in the swamp lie the problems of greatest human concern,' De uitspraak is van Donald Schön, auteur van onder meer De Ambachtsman, een boek over de professional heden ten dage.

Ik vind dit een troostrijke gedachte.

Accountants staan als vakmensen, deze uitspraak indachtig, dus niet zozeer met de poten in de klei, wat stevigheid veronderstelt, maar meer met de poten in het moeras. En daar stuit je op vraagstukken die per definitie matig zijn op te lossen met alles wat je geleerd hebt aan modellen. Dat onderkennen, dat de beroepspraktijk op zijn best lijkt op swampy lowland, helpt wellicht al.

En ervan uitgaande dat accountants een vergelijkbaar niveau van professioneel handelen hebben: staan alle bevindingen van de AFM'ers onomstotelijk vast? Ik kan me toch voorstellen dat, naast echte fouten, er op zijn minst discussiepunten tussen zitten (dit zegt iemand die over een uur al mopperend haar bonnetjes zit in te voeren, dus ik ben zo ongeveer de laatste die dit punt inhoudelijk kan vaststellen).

Stel nu dat het zo is dat accountants in den velde prima het niveau kunnen evenaren van de AFM'ers gegeven de juiste omstandigheden, dan ligt het niet aan de capaciteiten van de professional, maar is het probleem gelegen bij de dienstverlenende organisatie waar hij of zij verkozen heeft te werken.

Ik denk dat een en ander flink samenhangt met verdienmodellen, targets, tijdsdruk en afhankelijkheid van de klant, waardoor het voor de AFM nu nog prijsschieten is.

Hopelijk maken deze (pijn)punten ook deel uit van de beroepsbrede collectieve leerervaring die op stapel staat.

Wat vindt u van deze opinie?

Reageer Spelregels debat

Margreeth Kloppenburg is adviseur voor professionals in onder andere de accountancy. Zij is auteur van 'Artikel 5, de beroepseer van de Accountant'.

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.