RAL

RAL - The Ones Who Walk Away from Omelas

Arnout van Kempen stort zich met 'RAL' (Relevante Accountants Literatuur) wekelijks op literatuur en soms ook op film of muziek. In deel veertien van de reeks gaat het over keuzes maken in een utopische stad.

Arnout van Kempen

Het korte verhaal The Ones Who Walk Away from Omelas werd door Ursula Le Guin gepubliceerd in 1973. Het beschrijft een utopische stad, Omelas, en het begin van het jaarlijkse zomerfestival. De stad kent een welvaart, schoonheid en geluk die zonder meer verbluffend is.

Pas gaandeweg wordt duidelijk dat de volmaakte stad een voorwaarde kent. Een voorwaarde die iedere inwoner op een bepaalde leeftijd te horen krijgt en die niemand ongedaan kan maken.

"They all know it is there, all the people of Omelas. Some of them have come to see it, others are content merely to know it is there. They all know that it has to be there. Some of them understand why, and some do not, but they all understand that their happiness, the beauty of their city, the tenderness of their friendships, the health of their children, the wisdom of their scholars, the skill of their makers, even the abundance of their harvest and the kindly weathers of their skies, depend wholly on this child's abominable misery."

(Ursula K. Le Guin, 1973)

Alleen enkelen kunnen niet leven met de wetenschap dat één kind in totale ellende in een kelder van de stad moet leven. Zij verlaten Omelas. Ze zijn degenen naar wie de titel van het verhaal verwijst. Waar zij heen gaan is niet duidelijk, wel staat vast dat zij nooit terugkomen.

En dat is relevant, omdat….

In Omelas is het kwaad geen geheim. Geen misinformatie, geen doofpot. Iedereen weet van het kind en vrijwel iedereen aanvaardt het als de prijs van het geluk van de stad. Dat is verontrustend genoeg.

Maar het verhaal heet niet 'Het kind in de kelder'. Het heet naar degenen die weglopen. En dat is geen toeval, want daar zit de moeilijkere vraag. Wie wegloopt, weigert nog langer te delen in de vruchten van het kwaad. Schone handen, een zuiver geweten, een principiële daad. En het kind zit er nog. Het weglopen redt niemand, behalve de weglopende zelf. De plek waar hij heen gaat kan Le Guin niet beschrijven; misschien bestaat zij niet eens.

Het ongemakkelijke is dat de blijver en de wegloper veel meer op elkaar lijken dan ze zouden willen. De een geniet de vruchten en laat het kind zitten. De ander weigert de vruchten en laat het kind zitten. De een sust zijn geweten met gewenning, de ander met vertrek. Geen van beiden gaat de kelder in. De tegenstelling is niet blijven of weglopen. De tegenstelling is iets doen, of je geweten redden. En zowel de blijver als de wegloper kiest het laatste.

Daar raakt het verhaal aan ons vak, want wij kennen deze keuze. Wie ontdekt dat de zaak draait op iets dat niet deugt, kan blijven en meedraaien. Of opstappen, integer, met een rechte rug, en niets verandert. Aftreden uit principe is de netste vorm van weglopen die er bestaat. Het voelt zuiver en het kost het kind niets, want het levert het kind niets op. De compliance officer die de deur achter zich dichttrekt, de accountant die de cliënt opzegt, ze lopen weg uit Omelas. Soms is dat het enige wat rest. Maar laten we onszelf niet wijsmaken dat het een daad voor het kind is. Het is een daad voor onszelf.

Door de vruchten van het kwaad te weigeren wordt het kwaad niet beëindigd. Alleen het geweten wordt gesust. En wie het kwaad niet kan stoppen, gaat kennelijk ook niet naast het kind zitten om het te troosten.

Arnout van Kempen is directeur compliance & risk bij aaff. Hij schrijft op persoonlijke titel.

Gerelateerd

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.