Marcel Pheijffer

Marcel Pheijffer staat stil bij het proefschrift van een jurist die recent promoveerde en daarvoor onderzoek deed naar controlerend accountants bij beursfondsen.

Discussie Column

Proefschrift over de rol van de controlerend accountant

Lars in 't Veld promoveerde op 16 september jongstleden als jurist op een proefschrift getiteld De controlerend accountant van de beursvennootschap. Mooi dat er weer een proefschrift over accountancy is verschenen - zo vaak gebeurt dat immers niet - en ook goed dat een 'buitenstaander' naar 'binnen' kijkt.

In 't Veld is een promovendus die, samen met zijn leermeester en promotor Steven Hijink, als advocaat met enige regelmaat optreedt voor accountants(organisaties) die voor de rechter worden gedaagd. Bijvoorbeeld in zaken waarin de accountant wordt verweten de accountantscontrole niet goed te hebben uitgevoerd, door steken te laten vallen bij diens werkzaamheden inzake fraude. Het is goed om In 't Velds advocatenrol bij het lezen van het proefschrift in het achterhoofd te houden; zijn perspectief is er wellicht wat door gekleurd.

Kleuring zien we ook terug in het interview met de promovendus in het FD, waarin hij onder meer stelt (in cursief, met achter de quote enig commentaar van ondergetekende):

  • "Niemand heeft exact helder wat de rol van de controlerend accountant is." Dat valt denk ik wel mee: de wetgever, de rechter, de AFM als toezichthouder en de NBA als beroepsorganisatie, hebben vrij helder voor ogen en uitgeschreven wat die rol is. Bovendien steunt In 't Veld sterk op jurisprudentie van met name de Accountantskamer. Dat doet hij vast omdat hij er vertrouwen in heeft dat de rechter de rol van de accountant goed heeft begrepen.
  • "Veel kritiek op accountants in de pers en van beleggers, politici en curatoren komt voort uit de verwachtingen die bij deze rollen horen." In 't Veld refereert hier aan de rol van de accountant als adviseur van het bestuur en die als toezichthouder, onder meer ten behoeve van aandeelhouders. Een referentie naar de verwachtingskloof, bijvoorbeeld naar aanleiding van zaken zoals Wirecard, Steinhoff, Ahold en Imtech. Maar waar de journalist juist deze zaken in het artikel en interview noemt, gaat de promovendus in dat artikel niet in (en in zijn proefschrift zeer summier) op dergelijke kwesties, die hebben geleid tot tuchtrechtelijke veroordelingen, schadeclaims en schikkingen; waarmee juist wordt geïllustreerd dat de kritiek hout snijdt.
  • "Zelfs als die rol is afgebakend, blijven accountants een geliefd doelwit voor boze beleggers, curatoren en juristen, om schade te verhalen die zich heeft voorgedaan. Al was het alleen maar vanwege de vermeende diepe zakken van de big four, de vier grote accountantskantoren." Hier gaat het in feite om hetzelfde: de rolafbakening is niet het probleem. Het probleem is dat accountants(organisaties) met enige regelmaat steken laten vallen en om die reden doelwit worden. In de grote zaken is dat meestal terecht, ook als er sprake is van schikkingen van bijvoorbeeld aandeelhouders met accountantsorganisaties, die wel schikken maar geen schuld erkennen.

Zowel in het interview als in het proefschrift noemt In 't Veld de rol van de accountant bij het bestuur en toezicht een moving target, wat hij nader beschrijft als "een verschijnsel dat veranderlijk of beweeglijk, ongrijpbaar, onvoorspelbaar en ongewis is, oftewel: moeilijk te bereiken of te (be)grijpen". Het is de synthese van het proefschrift. Het zou niet de mijne zijne. In 't Veld laat in het proefschrift zien dat de accountantsrollen niet statisch, maar dynamisch zijn. En dat is maar goed ook, want er is wat mij betreft niets mis met het feit dat accountants meebewegen met maatschappelijke ontwikkelingen aangaande bijvoorbeeld duurzaamheid en de ontwikkeling van AI en evenmin met soms veranderende verwachtingen van het maatschappelijk verkeer op het gebied van de rol van de accountant inzake fraude en (dis)continuïteit. Als accountants niet (mee)bewegen, verworden zij al snel tot dinosauriërs.

Ik klink kritisch, wat ook mag bij een reflectie van een hoogleraar op een proefschrift. Daarmee is echter niet gezegd dat ik de meerwaarde van het proefschrift niet zie. Want die is er wel degelijk. Het boek is prettig geschreven, overzichtelijk met een duidelijke structuur en heeft meerwaarde omdat de promovendus meerdere perspectieven in ogenschouw neemt: historische, bedrijfseconomische, juridisch-dogmatisch en empirisch. Ook is een flinke hoeveelheid literatuur en jurisprudentie meegenomen, waarbij ik opmerk dat diverse paragrafen wel vrij eenzijdig leunen op eenzelfde artikel of boek.

Al met al sluit ik aan bij de redactie van de commerciële uitgave van het proefschrift. Die stelt namelijk: "In 't Veld heeft (…) de rol van de accountant en het spanningsveld waarin de accountant opereert, vanuit zowel dogmatisch als empirisch perspectief, zorgvuldig en gedegen in kaart weten te brengen" en stelt dat het boek een "inspiratiebron" is. En dat is het.

Wat vindt u van deze column?

Reageer

Marcel Pheijffer (1967) is hoogleraar Forensische Accountancy aan de universiteiten Nyenrode en Leiden.

Gerelateerd

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.