Tuchtrecht

Partij-accountant mag partijdig onderhandelen

Een accountant-administratieconsulent onderhandelt namens een uittredend firmant over de vergoeding die zij zal ontvangen. Zijn tactische voorstel hoefde niet objectief te zijn.

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Zaaknummers:
20/36
Datum uitspraak:
05 oktober 2021
Oordeel:
hoger beroep ongegrond / klacht ongegrond
Maatregel:
geen
Status:
definitief
Vindplaats:
ECLI:NL:CBB:2021:914

Lex van Almelo

Belangrijkste feiten

Twee vennoten van een vennootschap onder firma besluiten dat één firmant zal uittreden en dat de ander het bedrijf zal voortzetten na de ontbinding van de vof. De uittredende firmant vraagt een accountant-administratieconsulent om haar te adviseren bij de afwikkeling. Volgens afspraak zal de vof de facturen van de accountant betalen.

De adviseur van de voortgaande firmant berekent het eigen vermogen van deze firmant, maakt een winstprognose en bepaalt het gemiddeld jaarresultaat per vennoot. Hij stelt voor dat de doorgaande firmant de uittreedster onder bepaalde voorwaarden zal uitkopen voor 7526 euro.

In december 2018 doet de accountant namens de uittreedster een tegenvoorstel aan de adviseur, dat er onder meer op neer komt dat de doorgaande firmant 75.000 euro betaalt aan de uittreedster. Als de voortgaande firmante zich hierin niet kan vinden, besluiten beide partijen een andere accountant-administratieconsulent een bindend voorstel te laten doen.

De accountant van de uittreedster komt met een nieuw voorstel: 40.000 euro. De voortgaande firmante zegt dat zij hierop niet meer kan ingaan, omdat besloten is dat een tweede AA een bindend voorstel zal doen. Deze AA concludeert in een tussentijds rapport dat er geen sprake is van goodwill en dat de uittreedster een negatief eigen vermogen heeft. Een definitief eindoordeel geeft hij nog niet, omdat hij nog niet alles weet. Hij stelt verder overleg voor.

De accountant van de uittreedster vindt de conclusie van de bindend adviseur niet acceptabel en stelt voor de uittreedster tegen finale kwijting uit te kopen voor 15.000 euro inclusief de overdracht van de bedrijfsauto.

De voortgaande firmante dient een klacht tegen de accountant van de uittreedster in bij de Accountantskamer, die de klacht ongegrond verklaart. De firmante gaat hiertegen in hoger beroep.

Beroepsgronden

  1. de Accountantskamer heeft ten onrechte vastgesteld dat de vof de externe kosten van de andere vennoot, waaronder de facturen van de accountant, voor haar rekening zou nemen;
  2. de accountant heeft zijn opdracht verkeerd geïnterpreteerd en ingevuld door te onderhandelen namens de uittredende vennoot, terwijl het voor de voortgaande firmant niet duidelijk was dat hij (alleen) optrad voor de uittreedster en (alleen) haar belangen behartigde; de accountant heeft geen afweging gemaakt of hij als partijdeskundige kon en mocht optreden en of de tegenpartij in afdoende mate deskundig was; de accountant heeft bovendien geen opdrachtbevestiging opgemaakt en de opdrachtvoorwaarden niet vastgelegd;
  3. de accountant heeft zich tijdens de onderhandelingen niet opgesteld als een redelijk handelend accountant, omdat hij zijn voorstel van 75 mille niet heeft onderbouwd en meerdere keren ongefundeerd heeft verlaagd.

Oordeel

Het hoger beroep is ongegrond.

Ad 1 Facturen

Volgens vaste rechtspraak van het college hoeft de Accountantskamer niet alle gebleken feiten op te nemen in de tuchtuitspraak, maar mag zij zich beperken tot de feiten die volgens haar relevant zijn (zie bijvoorbeeld deze uitspraak). In hoger beroep heeft de vennoot niet uitgelegd hoe dit volgens haar de uiteindelijke beslissing heeft beïnvloed. Het college ziet geen aanknopingspunten voor het oordeel dat de Accountantskamer de feiten op het punt van de facturen onjuist heeft vastgesteld.

Ad 2 ‘Onduidelijke’ rol

De uittredend vennoot heeft de accountant gevraagd haar te adviseren bij de afwikkeling van de vof. In dit kader heeft de accountant namens haar onderhandeld. De accountant is hiermee niet buiten de kaders van zijn opdracht getreden. Hij heeft een voorstel gedaan voor het uittreden van de vennoot uit de vof en aangegeven dat hij het voorstel zou bespreken met de voortgaande vennoot. Daarna heeft hij een tegenvoorstel gedaan. Voor de voortgaande firmant had het dus redelijkerwijs duidelijk moeten zijn dat hij optrad voor de uittredende firmante en (alleen) haar belangen behartigde. Voor zover het de voortgaande vennoot niet duidelijk was dat hij het partijbelang diende van de uittredende firmante, kan hem dit niet worden verweten.

De accountant heeft zich ervan vergewist dat de voortgaande vennoot ook werd bijgestaan door een deskundige, te weten een adviseur die werkte bij het boekhoudkantoor van de vof. De accountant heeft voldoende maatregelen getroffen om te zorgen dat zijn objectiviteit niet werd bedreigd.

De blijvende firmante heeft niet onderbouwd op welke wijze de accountant tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld door haar niet te informeren over de voortgang van de procedure.

Ad 3 Ongefundeerde voorstellen

De fundamentele beginselen uit de VGBA, zoals die van objectiviteit en van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid, geven invulling aan de verantwoordelijkheid van de accountant om te handelen in het algemeen belang. De beginselen worden mede ingekleurd door de hoedanigheid waarin de accountant optreedt. In dit geval trad de accountant beroepsmatig op als behartiger van het belang van één der firmanten in een onderhandelingstraject met het oog op de afwikkeling van de vof.

In november stelde de adviseur van de voortgaande vennoot voor dat zijn cliënte de uittreedster zou uitkopen met een bedrag van 7526 euro. Een maand later heeft de accountant namens de uittreedster een tegenvoorstel gedaan dat neerkwam op een bedrag van 75 mille en dit bedrag onderbouwd met een berekening. Daarbij heeft hij aangegeven dat hij niet alles exact heeft berekend en dat hij er vanwege enkele schattingen en aannames wellicht op moest terugkomen. Zo had hij de voorraad niet getaxeerd, maar de waarde daarvan bepaald in overleg met de uittreedster.

De accountant heeft inderdaad hoog ingezet met zijn voorstellen, maar er ook terecht op gewezen dat de voorstellen onderdeel waren van het onderhandelingstraject, waarin hij een zo gunstig mogelijk eindresultaat voor zijn cliënte probeerde te behalen. Daarbij is het niet ongebruikelijk om in de beginfase van de onderhandelingen hoog in te zetten. Hij heeft geen onjuiste gegevens gepresenteerd of zaken bewust verkeerd voorgesteld. In de beginfase van het onderhandelingstraject waren er nog veel onzekerheden en de accountant heeft uitdrukkelijk vermeld dat de berekening voor discussie vatbaar was. Later heeft hij zijn voorstellen bijgesteld ten gunste van de voortgaande vennoot.

De voortgaande vennoot heeft niet aannemelijk dat de accountant zich in strijd met het objectiviteitsbeginsel vooringenomen heeft opgesteld, dan wel in strijd heeft gehandeld met het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid.

Maatregel

Geen.

Annotatie Lex van Almelo

Hoe vaak komt het niet voor dat een accountant ten onrechte partij kiest als de belangen van zijn klanten botsen? In september dit jaar berispte de Accountantskamer daarom nog een AA. In dit geval heeft een accountant-administratieconsulent het echter keurig gedaan. Hij is er vanaf het begin duidelijk over geweest dat hij optrad als adviseur van één van de firmanten van een vof in ontbinding. Hij is ook nagegaan of de andere vennoot zich óók liet bijstaan door een deskundig adviseur. En daarom mocht hij de partijbelangen van één hunner behartigen.

Als partij-accountant mag je geen onjuiste feiten presenteren of een verkeerde voorstelling van zaken geven. Dat heeft hij in dit geval ook niet gedaan, zodat de accountant-in-kwestie er definitief zonder kleerscheuren vanaf is gekomen.

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.