Marcel Pheijffer

De rechter geeft beursfonds Value8 gelijk in een geschil met de controlerend accountant. Een Pyrrusoverwinning, meent Marcel Pheijffer.

Discussie Column

Controle Value8 blijft wespennest

Regelmatig verschijnen er berichten over de controle van kleine beursfondsen, die geen accountant kunnen vinden om de wettelijk verplichte accountantscontrole uit te voeren. Value8, het beursvehikel van Peter Paul de Vries, is daar een voorbeeld van. In het verleden was Mazars de accountant van dit beursfonds.

Onlangs werd een vonnis van de rechtbank Amsterdam gepubliceerd dat onder meer betrekking heeft op een declaratiegeschil over meerwerk. Mazars claimde uit dien hoofde ruim 875.000 euro, voor een controle die voor een vaste prijs van 205.000 euro was aangenomen. De claim inzake het meerwerk valt in meerdere onderdelen uiteen, maar komt er telkens op neer dat Mazars stelt dat "Value8 onjuiste en/of te laat de juiste informatie" aan de accountant heeft afgeleverd.

De meerwerkclaim wordt door de rechter afgewezen, omdat Mazars er niet in is geslaagd "concreet te stellen waaruit de tekortkoming van Value8 bestaat, dan wel van welke nieuwe feiten en omstandigheden sprake is, dan wel welke stukken Value8 niet, niet tijdig of behoorlijk heeft aangeleverd". Mazars heeft naar de mening van de rechter dus niet aan haar stel- en bewijsplicht voldaan.

Ik laat de meerwerkclaim in deze casus verder onbesproken. Mij is niet bekend of Mazars beroep heeft aangetekend en of de zaak daarmee nog onder de rechter is. Ik volsta met een verwijzing naar de uitspraak voor de geïnteresseerde lezers en met de opmerking dat accountants die met hun cliënt een verschil van inzicht dreigen te krijgen over meerwerk, een goed dossier en logboek dienen aan te leggen over het hoe en waarom van informatieverzoeken aan de cliënt en diens reactie daarop.

Wel wil ik ingaan op een ander aspect in het vonnis, namelijk de vraag of de accountant al dan niet diens geheimhoudingsplicht heeft geschonden. Waar gaat het om? Eind augustus 2017 stuurt de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) een vragenbrief aan Mazars inzake het uitblijven van de Value8-jaarrekening 2016, voorzien van een accountantsverklaring. Value8 bracht medio mei 2017 al wel een concept-jaarrekening - dus zonder accountantsverklaring - en een persbericht uit. Daaruit blijkt dat de accountant eerst nadere informatie over een deelneming van Value8 wil ontvangen. Over de deelneming zijn negatieve persberichten verschenen, samenhangende met openbaarmaking van de Panama-papers. Om die reden loopt een nader onderzoek naar de deelneming. 

So far, so good. De accountant lijkt hier het juiste te doen: negatieve publiciteit en verdachtmakingen nopen deze immers tot nader onderzoek, om te kunnen komen tot toereikende controle-informatie.

Mazars schrijft een antwoordbrief aan de VEB, waarin wordt gewezen op het fundamentele beginsel van vertrouwelijkheid, dat eraan in de weg staat om vertrouwelijke informatie over controlecliënten aan derden te verstrekken. Ook hier volgt Mazars het spelregelboekje des accountants.

De vragen van de VEB staan echter in de context van een oproep van VEB-voorzitter Paul Koster in de media, om accountants meer armslag te geven mededelingen te doen over een onderneming die te laat is met het publiceren van een door de accountant gecontroleerde jaarrekening. Een terechte oproep, die ik dan ook ondersteun. Net als Mazars, die in haar antwoordbrief het volgende schrijft: "(…) wij zijn met u van mening dat het explicieter verankeren van een formele rol van de accountant in uitzonderlijke situaties als de onderhavige verdere overweging verdient."

Met haar woordkeuze sluit Mazars aan bij de oproep van de VEB. In relatie tot Value8 en de accountant stelde de aandeelhoudersbelangenvereniging het volgende: "De accountant zou wettelijk in staat moeten worden gesteld om tussentijds meldingen te doen over de stand van zaken van zijn controle (…)." Dan gaat het dus om mededelingen over welke controlehandelingen nog moeten worden uitgevoerd om de controle af te kunnen ronden, welke zaken nog worden onderzocht en wat voor type controle-informatie nog moet worden verkregen. Maar het zou ook kunnen gaan om het beantwoorden van de vraag of mededelingen van een cliënt in een gepubliceerde conceptjaarrekening (zonder verklaring van de accountant) of in een persbericht feitelijk juist zijn. Bij mededelingen van deze aard gaat het primair om de werkzaamheden van de accountant en valt moeilijk in te zien welke vertrouwelijke informatie van de cliënt daardoor openbaar zou worden gemaakt.

Toch komt Mazars met haar antwoordbrief in de problemen. Na de hiervoor geciteerde zinsnede wordt gesteld: “Vanuit de publieke rol van de accountant – en zijn handelen in het algemeen belang – zouden financiële markten bijvoorbeeld gebaat kunnen zijn bij een accountant die een rol vervult bij het uitbrengen van belangrijke persberichten door beursfondsen in situaties als de onderhavige.” Een algemene formulering van een stellingname, behoudens de laatste vijf woorden waardoor de algemene formulering op de Value8-casus wordt betrokken.

De 'pijn' zit volgens Value8 (en naar hierna zal blijken: de rechter) vooral in de vervolgzin: "Een vergelijking kan worden getrokken met de rol die de accountant vervult als het bestuur van een rechtspersoon een mededeling doet indien de jaarrekening, nadat deze openbaar is gemaakt, in ernstige mate te kort schiet in het geven van een getrouw beeld van vermogen en resultaat."

Value8 is van mening dat zij door de geciteerde tekst in een slecht daglicht is geplaatst, reputatieschade heeft geleden en dat de mededeling in strijd was met de geheimhoudingsplicht. De rechter volgt Value 8 en is van mening dat Mazars de geheimhoudingsplicht heeft geschonden: "Door te schrijven dat de onderhavige situatie een uitzonderlijke is waarin financiële markten gebaat zouden kunnen zijn bij een rol voor de accountant bij het uitbrengen van belangrijke persberichten en direct daarna te verwijzen naar de situatie waarin het bestuur van een rechtspersoon in ernstige mate tekort schiet in het geven van een getrouw beeld van vermogen en resultaat, wordt op zijn minst geïmpliceerd dat een dergelijke situatie speelde bij Value8."

Ik deel de mening van de rechter in deze niet. Ten eerste blijkt nergens uit -ook niet uit het vonnis - dat de accountant ook maar een snipper vertrouwelijke informatie van diens cliënt Value8 openbaar heeft gemaakt. Ergo: de geheimhoudingsplicht is hier niet geschonden. Ten tweede maakt de accountant, na diens algemene formulering, een vergelijking met een situatie waarin de accountant een mededeling moet doen (namelijk: de désaveu-verklaring ex artikel 2:362 lid 6 BW). Niet meer en niet minder. De vergelijking heeft betrekking op een situatie waarin het wettelijk verplicht is een mededeling te doen. De VEB wil de mogelijkheden (of het aantal situaties) daartoe verbreden en heeft daarbij de steun van Mazars (en van ondergetekende).

Ten derde: Dat Mazars in de zinsnede vóór het maken van de vergelijking refereert aan de situatie bij Value8, wil - anders dan de rechter veronderstelt - geenszins zeggen dat Mazars van mening is dat de situatie van artikel 2:362 lid 6 BW zich bij Value8 voordoet. Sterker, Mazars geeft in haar antwoordbrief juist expliciet het tegendeel aan: "Gelet op het feit dat wij onze controleverklaring bij de jaarrekening 2015 van Value8 niet hebben ingetrokken blijkt dat wij hier op dit moment nog steeds achter staan."

Mazars lijkt alle reden te hebben om in beroep te gaan. Enerzijds om de meerwerkclaim beter te concretiseren en te onderbouwen, anderzijds om het oordeel over schending van de geheimhoudingsplicht van tafel te krijgen.

Value8 heeft voorlopig gewonnen als het gaat om de financiële claims van Mazars. De (tegen)claim van het beursfonds in verband met de schade die zou zijn geleden door de (vermeende) schending van de geheimhoudingsplicht levert echter niets op: ook Value8 heeft de schade in deze, volgens de rechter onvoldoende geconcretiseerd en onderbouwd.

Al met al laat deze kwestie zien dat Value8 niet het beursfonds is dat je als accountant graag als cliënt wilt hebben. De afgelopen jaren tonen een reeks aan negatieve berichtgeving, twijfels over de resultaten en de jaarrekening, disputen met de voormalig accountant en nog steeds moeite om een accountant te vinden, de jaarrekening van een verklaring te voorzien en deze tijdig te deponeren.

De uitspraak van de rechter maakt het er niet beter op. Het vonnis zal accountants niet enthousiaster maken om een opdracht van Value8 aan te nemen. Value8 heeft dan ook niet meer dan een Pyrrusoverwinning op accountants gehaald.

Wat vindt u van deze column?

Reageer

Marcel Pheijffer (1967) is hoogleraar Forensische Accountancy aan de universiteiten Nyenrode en Leiden.

Gerelateerd

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.