Magazine

Gevaarlijke Chinezen

Hoe gevaarlijk zijn Chinezen? Volgens velen zeer gevaarlijk, net als Indiërs. Roep ‘China en India’ en je hebt een zaal vol verontruste managers, de term ‘Nederland-Jutland’ valt en er schallen kreten over ‘langer en harder werken’.

Dit artikel is verschenen in de Accountant nr. 10, 2006

Bekijk alle artikelen uit dit nummer

» Download dit artikel in pdf

Ook accountants zijn bezorgd: uit een recente poll bleek dat driekwart China ziet als bedreiging voor het Nederlandse mkb. Er zit zeker iets in, maar temidden van alle paniekverhalen - misschien is het verbeelding, maar minister Brinkhorst begint van schrik ook uiterlijk steeds meer op een Chinees te lijken - is enige relativering wel op zijn plaats.

Ten eerste wordt vaak vergeten dat de mate waarin en manier waarop je meegaat in de mondiale concurrentie, een keuze is. Of beter: een afweging, namelijk tussen materiële welvaart en wat heet de kwaliteit van het bestaan. Is het erg dat Nederlanders vaker parttime werken dan Amerikanen en meer vakantie hebben dan een Chinees? Is het leven in Jutland inderdaad een nachtmerrie, of eigenlijk wel aangenaam?

Daarnaast is er een neiging om louter de keerzijde van de internationale concurrentie te belichten: banenverlies. Natuurlijk, voor individuele bedrijven en (tijdelijk) hun werknemers, vooral in ‘maaksectoren’, kunnen de verschuivingen vervelend zijn. Maar als het gaat om de economie als geheel vergeten veel commentatoren een essentieel economisch leerstuk: Ricardo’s wet van de comparatieve kostenverschillen. Die komt er kortweg op neer dat zelfs als een land dat alles goedkoper kan produceren dan andere landen, het zich zal toeleggen op die productie waarin men het grootste kostenvoordeel heeft. Vandaar de internationale arbeidsverdeling. Economie is geen zero-sum-game. Er is internationale competitie in kennis, innovatie en werkmoraal, maar die gaat niet om het verdelen van een economische koek van vaste omvang.

Heeft de opkomst van Japan Europa gemarginaliseerd? Die van Zuid-Korea, Hongkong en Singapore? Nee natuurlijk. Net zomin als het naoorlogse Duitse Wirtschaftswunder de Nederlandse economie kwaad heeft gedaan.

De verschuiving naar geavanceerder, minder arbeidsintensieve producten en diensten, is vervelend voor de getroffen bedrijven en hun werknemers. Maar is Europa op de fles gegaan door het vertrek van de scheepsbouw, textiel- en autoindustrie? Wie dacht 25 jaar geleden dat er nu veel IT-bedrijven zouden zijn, dat Nederland toonaangevend zou worden bij de bouw van superluxe jachten?

Bovendien heeft de Aziatische opmars naast bedreigende kanten ook concrete positieve effecten. De Nederlandse toeristenindustrie profiteert nu al van de toenemende stroom Aziatische bezoekers. Ook de vraag naar andere producten zal verder toenemen. Bovendien maakt de invoer van goedkope elektronica, ICT-diensten en schoenen de Nederlandse consumenten (en bedrijven) ‘rijker’. Er blijft dus meer geld over voor andere zaken, of dat nu concrete aankopen zijn of vrije tijd.

Economieën presteren niet minder omdat het elders beter gaat. Economie is geen voetbalwedstrijd, met naast elke winnaar een onvermijdelijke verliezer. Veranderingen geven onvermijdelijk plaatselijke pijntjes, maar een macroramp voor Nederland? Hoeft helemaal niet. Als je het onderwijs maar op een hoog peil houdt. Maar dat is een ander onderwerp.

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.