Magazine

Waarom pluriformiteit?

Het NIVRA-bestuur kiest nadrukkelijk voor behoud en versterking van een pluriforme beroepsorganisatie. Onwenselijk en bovendien onnodig, meent Hans Blokdijk. ‘Laat barbiers en de chirurgijns zich afzonderlijk ontwikkelen.’

Dit artikel is verschenen in de Accountant nr. 1, 2006

Bekijk alle artikelen uit dit nummer

» Download dit artikel in pdf

Vóór de Algemene Ledenvergadering van vorig jaar heeft het bestuur de nota ‘Sterk en divers’ uitgebracht, over de pluriformiteit van onze beroepsorganisatie. Dit lijkt te vroeg geschied. Juist in het afgelopen jaar is de functie van het NIVRA sterk beperkt. De nota lijkt echter geschreven vanuit de vraag: “Hoe bevestigen wij de status quo?”. Het uitgangspunt van de pluriformiteit staat niet ter discussie. Maar de tijden zijn snel en sterk veranderd, en daarmee de belangen van de verschillende ledengroeperingen. Tijd voor een iets minder zachtzinnige analyse!

De pluriformiteit is ontstaan uit de accountantsopleiding: die was tot ver in de vorige eeuw de enige opleiding op niveau, óók voor controllers. Bij de totstandkoming van de Wet op de Registeraccountants zijn NIvA en VAGA er destijds in geslaagd alle leden tot registeraccountant benoemd te krijgen, ongeacht hun functie. Toch was, en is, een publiekrechtelijk lichaam alleen zinvol voor de maatschappijgerichte controlefunctie.

Thans vervullen de leden zeer uiteenlopende functies. Wat hen bindt, is vooral de titel ‘registeraccountant’, die zij echter slechts kunnen behouden als zij lid van het NIVRA blijven. Velen, bijvoorbeeld FINAD-leden, hechten evenwel veel minder aan dat lidmaatschap dan aan de opleidingstitel. Op dit moment lijkt het NIVRA op het middeleeuwse gilde van de barbierschirurgijns.

De ontwikkelingen van de technologie en de economie leiden tot specialisatie en het ontstaan van specialismen. Chirurgen en kappers hebben allang afzonderlijke beroepsverenigingen, en zo gaat het in ons wereldje óók: er ontstaan centrifugale krachten, die worden gestimuleerd door het ontstaan van meer gespecialiseerde verenigingen, zoals de VRC en de VRO. Ook deze zijn ontstaan uit opleidingen: de registers en de titels RC en RO zijn bedacht om de opleidingen aantrekkelijker te maken!

Dus: wat is het bestaansrecht van de pluriformiteit? De functies van het NIVRA die in de nota aan de orde komen, zijn:

  • regelgeving;
  • titelverdediging;
  • dienstverlening;
  • belangenbehartiging, en
  • platform.

Ten aanzien van de regelgeving heeft het NIVRA een taak bij de controle, maar het is inmiddels verschraald tot vertaler en doorgeefluik: ingeklemd tussen de Europese en nationale overheid enerzijds en de IFAC anderzijds. Daarbinnen is de speelruimte nog maar klein, zoals blijkt uit het concept voor de nieuwe gedragscode.

De titelverdediging concentreert zich op de kwaliteitsborging. Daarbij ligt het zwaartepunt bij het College Toetsing Kwaliteit, dat verzelfstandigd wordt. Het NIVRA zelf kan nog slechts tuchtklachten indienen.

De dienstverlening blijft een belangrijke taak, maar vooral voor financial auditors. Anderen kunnen al elders terecht. Zo hebben de controllers het Controllers Instituut, de operational auditors IIA Nederland (die nu samengaat met de VRO).

De belangenbehartiging wordt bemoeilijkt door mogelijk tegenstrijdige belangen, bijvoorbeeld tussen de maatschappijgerichte financial auditors en de opdrachtgevergerichte ‘accountants’, zoals controllers, adviseurs en zelfstandig gevestigde samenstellers van jaarrekeningen. Dat vertroebelt de beeldvorming, en lijkt de oorzaak van de herhaaldelijk gesignaleerde klacht dat het NIVRA niet altijd even helder naar buiten treedt.

Belangenbehartiging kan veel eenduidiger geschieden door verenigingen per ‘beroep’. Als verenigingen als de VRC en de VRO al dan niet eenmalig een wat ruimhartiger toelatingsbeleid zouden hebben, zouden deze een aantrekkelijk alternatief kunnen zijn voor anderen dan financial auditors.

En dan de ‘openbare accountants’. Merkwaardigerwijs maakt de nota geen melding van de twee hoofdgroepen met uiteenlopende functies en belangen: de controleurs en de samenstellers, de publieke en de private taak. Dit verbaast te meer daar de Wta dit onderscheid sterk accentueert: wel of geen vergunning? Het onderscheid lijkt dus een scheiding te worden, en dan gaan ook de belangen verder uiteenlopen.

Uit de recente beleidsnota van de NOvAA hebben sommigen wellicht wat prematuur de conclusie getrokken dat men de controle laat schieten, waardoor een minder gecompliceerde belangenbehartiging mogelijk wordt. Dat zou niet onlogisch zijn.

Een platform, ten slotte, kan heel wel worden gevormd met leden van andere verenigingen; dergelijke platforms bestaan hier en daar al.

Wel is duidelijk dat er enkele categorieën leden zijn waarvoor een oplossing wat minder voor de hand ligt. Te denken valt aan financial auditors bij de overheid en in het bedrijfsleven, aan overheidsaccountants die toezien op de naleving door derden van weten regelgeving, en aan degenen die (vaak zelfstandig gevestigd) beroepsmatig hun accountantsdeskundigheid aanwenden in enigerlei ander beroep. Hun belangen behoren niet veronachtzaamd te worden, maar dat is een kleiner probleem dan het huidige.

Al met al: waarom pluriformiteit, anno 2006? Het enige echte bindmiddel is de titel RA, met als complicatie dat die niet privaatrechtelijk maar publiekrechtelijk is beschermd. Het NIVRA hangt dus aan een kunstzijden draad. Die kan heel sterk zijn, maar geleidt weinig energie!

Deze analyse is uiteraard zeer globaal, en wellicht wat hardhandig. Maar zachte heelmeesters maken stinkende wonden.

Een herbezinning op het uitgangspunt van de pluriformiteit vanuit de harde realiteit van vandaag lijkt dus zeer gewenst. Laat de barbiers en de chirurgijns zich afzonderlijk ontwikkelen!

Noot
Hans Blokdijk is oud-vennoot van KPMG, emeritus hoogleraar accountantscontrole aan de Vrije Universiteit en hoogleraar accountancy aan Universiteit Nyenrode.

Hans Blokdijk (1935-2013) was hoogleraar accountancy aan de Vrije Universiteit Amsterdam en aan Universiteit Nyenrode. Na zijn vertrek als partner bij KPMG in 1992 was hij werkzaam als zelfstandig adviseur van accountants en advocaten.

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.