Magazine

Accountant als credit rater?

Accountants maken zich op om voorzichtig het terrein van credit rating te betreden (zie ook pagina 50). In 'de Accountant' van april 2008 kwamen voor- en tegenstanders aan het woord. Hans Blokdijk analyseert de argumenten.

Dit artikel is verschenen in de Accountant nr. 9, 2008

Bekijk alle artikelen uit dit nummer

In de kredietcrisis is de rol van de grote drie credit rating-instituten stevig bekritiseerd. Geopperd is dat accountants deze rol wel konden overnemen, althans óók gaan vervullen. In het april-nummer van ‘de Accountant’ kwamen verschillende voor- en tegenstanders aan het woord. Tijd voor een eerste ruwe analyse. Hoewel menigeen zal verzuchten: ‘alwéér zo'n fantastische uitbreiding van de dienstverlening’, is het idee nog niet zo gek: er zijn namelijk sterke overeenkomsten tussen beide diensten. Beide steunen op vertrouwen van het anonieme maatschappelijke verkeer. Gegeven het huidige karakter van de financiële markten zal dat vertrouwen wereldwijd moeten zijn, maar dat geldt ook voor de grote accountantsorganisaties. Wat Roger Dassen in het aprilnummer brand permission noemt, zou dan ook heel goed aanwezig kunnen zijn. Voorts zijn beide beroepsgroepen zeer geverseerd in financiële zaken: er is dus een grote ‘overlap’ van deskundigheid.

Wel bestaat er een principieel verschil tussen de oordelen die zij afgeven. Credit raters geven hun visie op de gezondheid van situaties: is die goed of slecht? Accountants oordelen over de getrouwheid van informatie: is die betrouwbaar of misleidend?

Maar de betekenis van dat verschil is minder groot dan het lijkt: bij hun werkzaamheden vormen accountants zich ook een oordeel over de gezondheid van situaties, met name van de administratieve organisatie inclusief de toegepaste informatie- en communicatietechnologie. Sinds SOx en Tabaksblat doen zij dat ook publiekelijk, zij het op een gekunstelde wijze: zij geven hun oordeel over de getrouwheid van de informatie die het bestuur geeft over de gezondheid van de situatie, ten aanzien van de interne beheersing. Maar dat is geen wezenlijk verschil.

Kees Camfferman stelt in het april-nummer terecht dat het accountantsberoep zich de laatste jaren weer sterker heeft geprofileerd in termen van assurance. Deze kan zowel over informatie als over situaties worden gegeven. Ook over situaties moeten accountants nu al assurance geven, en wel bij dreigende discontinuïteit, zoals Camfferman ook aangeeft. Hij releveert dat accountants daar nu al mee worstelen, maar daartoe is het probleem sinds de invoering van de IFRS niet beperkt: die standaarden dwingen tot veel meer toekomstgerichte oordelen dan alleen over de continuïteit!

Er is dus geen wezenlijk verschil met de aard van de oordelen van credit raters, die immers ook toekomstgericht zijn. Dat accountants niet forward looking zouden zijn, zoals Arnold Gast stelt, lijkt mij verleden tijd.

Wel zijn credit ratings veel genuanceerder: van AAA tot en met D. Een voordeel hiervan is de grotere mate van duidelijkheid. Een nadeel is de grotere moeite om de juiste nuance te treffen. Dat zouden accountants dus nog moeten leren, maar dat lijkt mij niet onmogelijk.

Ik heb al eens te kennen gegeven dat ik IFRS een ongelukkige ontwikkeling acht (MAB, september 2005): De jaarrekening wordt door IFRS een onduidelijke mengeling van verantwoordingsdocument en prospectus. Een speelse gedachte: is het misschien zuiverder om de IFRS weer af te schaffen en te vervangen door een credit rating door accountants?

Een belangrijk aspect is natuurlijk de kwaliteit: kan die gelijkwaardig of beter zijn dan die van credit raters? Bij de eigen cliënten van de accountants denk ik met Erik Vonk dat de kwaliteit hoger zou liggen. Accountants gaan bij de controle van de jaarrekening veel breder en dieper dan credit raters. Dit geldt naar mijn smaak ook voor de door de eigen cliënten (financiële instellingen) in de markt gezette securitisaties: CDO's en dergelijke. Van doorverpakte hypotheken zullen zij tevoren de kwaliteit hebben moeten beoordelen, hetgeen ook geldt voor andere doorverkochte kredieten. Maar dan moet de rating juist niet worden afgegeven worden door een afzonderlijke adviestak, zoals ook Vonk terecht stelt.

Alleen bij niet-cliënten zie ik geen duidelijk kwaliteitsverschil. Camfferman noemt dit onderscheid ook, maar betrekt dit op de betrouwbaarheid. Of hij daarmee doelt op de kwaliteit of op de onafhankelijkheid is mij niet duidelijk.

De onafhankelijkheid is uiteraard wel het andere belangrijke facet van de kwestie. Zowel credit raters als accountants worden betaald door de ondernemingen, ook met betrekking tot de door dezen in de markt gezette securitisaties. Dat maakt dus geen verschil. Natuurlijk dient het honorarium onafhankelijk te zijn van de gegeven rating.

Maar advies is dan volstrekt uit den boze! Volgens Chris van der Oord zijn de problemen van de credit raters veroorzaakt doordat zij hun cliënten ook adviseerden over de wijze waarop zij een zo hoog mogelijke rating konden krijgen. Als de accountants dit door een aparte adviestak zouden laten doen, zouden zij naar mijn mening hun geloofwaardigheid terecht snel verliezen.

Arnold Gast noemt de grote druk waaraan credit raters bloot staan tegen verlaging van een rating. Dat probleem hebben accountants ook als zij dreigende discontinuïteit menen te constateren. Dit is dus geen wezenlijk verschil. Wel zouden accountants hun rug veel vaker recht moeten houden als zij credit ratings zouden afgeven. Dat moet het beroep goed beseffen.

In beginsel lijkt credit rating door accountants dus wel mogelijk. De vraag is dan of zij het vereiste wereldwijde vertrouwen zouden kunnen verwerven. Het vertrouwen in credit raters is nu geschokt, maar het vertrouwen in accountants is zeker nog niet volledig hersteld.

Tot zover mijn eerste globale analyse. Deze zal wel tegenspraak uitlokken. Die verwelkom ik; dat is de enige manier om tot een deugdelijke conclusie te komen.

Noot
Hans Blokdijk is oud-vennoot van KPMG, emeritus hoogleraar accountantscontrole aan de Vrije Universiteit en emeritus hoogleraar accountancy aan Universiteit Nyenrode.

Hans Blokdijk (1935-2013) was hoogleraar accountancy aan de Vrije Universiteit Amsterdam en aan Universiteit Nyenrode. Na zijn vertrek als partner bij KPMG in 1992 was hij werkzaam als zelfstandig adviseur van accountants en advocaten.

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.