Opinie

Accountant in coffeeshop

Coffeeshop-minnende accountants werden in juli opgeschrikt door een ontnuchterende uitspraak van de Accountantskamer.

De tuchtrechter geeft de beroepsgroep 'in overweging' geen diensten meer te verlenen aan deze geestverruimende verkooppunten, omdat dit 'een onaanvaardbaar en nauwelijks te vermijden risico van niet integer handelen' met zich meebrengt. Dit omdat de overheid de verkoop van softdrugs gedoogt maar de inkoop en bevoorrading beschouwt als crimineel handelen.

De internationale war on drugs is waarschijnlijk het meest geld- en capaciteitverslindende en ineffectieve beleid op aarde. Met zijn gedoogbeleid liep Nederland jarenlang voorop. Het stond vaak onder politieke druk, vooral met een beroep op - waar hoor je dat vaker? - de internationale omgeving. Maar dat argument wordt allengs potsierlijker nu steeds meer landen het gebruik gedogen en Uruguay en diverse VS-staten cannabis zelfs legaliseren. Het liberale The Economist pleit daar overigens al vele jaren voor. Misschien is het probleem rond het tweeslachtige coffeeshopbeleid binnenkort dus uit de wereld.

De zomerse tuchtuitspraak raakt echter ook een breder en ouder thema: wie moet je als accountant willen 'bedienen'? Het is evident dat het beleid van ‘voordeur legaal, achterdeur illegaal' een hoop crimineel en financieel gerommel met zich meebrengt. Je zou zeggen dat juist in zulke omstandigheden een stevige accountant - controlerend of niet - van groot maatschappelijk belang is. Hetzelfde geldt bij andere risicobedrijven en -sectoren. Volgens de NBA zijn de beroepsregels ‘robuust' genoeg om dienstverlening aan coffeeshops mogelijk te maken, maar meer in het algemeen kan het toch niet zo zijn dat bij het Leger des Heils wel een scherpe accountant meekijkt en in notoire scharrelsectoren niet. Waarbij ik gemakshalve even uit ga van de goede intenties van die eerste, hoewel tegenwoordig niets meer zeker lijkt.

Maatschappelijk bezien heeft ook het aangescherpte 'deurbeleid' van accountantskantoren daarom een merkwaardige kant. Het afgelopen decennium hielden (onder meer) grote accountantskantoren grote schoonmaak onder 'riskante' klanten en verscherpten ze hun toelatingsbeleid voor nieuwe klanten. Maar hoewel op zichzelf positief, dat heeft ook iets onbevredigends, omdat juist de wat schimmiger bedrijven wel een scherp accountantsoog kunnen gebruiken.

Een uitweg uit dit dilemma is niet eenvoudig te vinden. Als een klant zo structureel onbetrouwbaar is dat de risico's voor de accountant echt te groot zijn, dan zou je er als optimistisch vrijemarktdenker op kunnen vertrouwen dat het ontbreken van enigerlei accountantsbemoeienis negatief zal afstralen op het bedrijf. Een complicatie is echter dat weggestuurde of geweigerde klanten vrijwel altijd weer een nieuwe accountant weten te vinden.

Hoogleraar Jaap van Manen stelde in 1989 als oplossing voor om, naar analogie van de verzekeringsbranche, voor dubieuze klanten collectief een Accountantskantoor Terminus op te richten. Dat zou behalve als laatste uitweg voor probleemgevallen ook preventief kunnen werken, want zo'n stigmatiserend stempel wil niemand onder zijn jaarrekening hebben. Er is af en toe nog wel eens gerefereerd aan het idee, maar de laatste tijd hoor ik er nooit meer over. Jammer? Daar kun je over twisten. Maar dat er een keer een oplossing moet komen is duidelijk.

Deze bijdrage is ook als column geplaatst in het septembernummer van Accountant.

Wat vindt u van deze opinie?

Reacties 0 0 Spelregels debat

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.