Opinie

Accountantseed kansrijker dan bankierseed

De invoering van de bankierseed ging gepaard met hevige discussie vooraf en blijvend grote scepsis over het nut. Of accountants hetzelfde staat te wachten is de vraag, want er zijn belangrijke verschillen.

Silvia Gawronski

Als er iets misgaat in Nederland klinkt de roep om een toezichthouder of een eed/moreel-ethische verklaring. In mijn ogen begon de 'moreel-ethisering' toen Hans-Ludo van Mierlo het idee van een bankierseed introduceerde in zijn boek Gepast en Ongepast geld: zoektocht naar het geweten van banken en andere financiële dienstverleners.

De Adviescommissie Toekomst Banken pikte dit op in haar rapport. Eén van haar aanbevelingen was bankbestuurders een mo­reel-ethische verklaring te laten ondertekenen. En toen was het hek van de dam: via de Code Banken en twee moties van de Tweede Kamer, werd de eed in een tweetrapsraket ineens door de wetgever van bovenaf opgelegd voor - nagenoeg - de hele bankensector.

Aan de invoering van de bankierseed gingen discussies vooraf over het nut, noodzaak en normbesef. Na de invoering bleef de scepsis. Nu staat de accountantswereld hetzelfde te wachten. Of toch niet? 

De accountantseed lijkt namelijk anders te zijn dan de bankierseed. Enerzijds heeft dit te maken met het beroep van accountant (al sinds jaar en dag een gereguleerd beroep). Anderzijds maakt het proces van totstandkoming (niet van bovenaf opgelegd) en inbedding van de eed (in een palet van middelen en maatregelen), deze voorgestelde eed wezenlijk anders dan de bankierseed.

Waarom nog geen eed?

De eed vormt in het algemeen zowel de toelatingseis tot als een uiting van de moreel-ethische gedragsnormen van een bepaalde kring personen. Een eed is daarmee een middel tot kwaliteitsbewaking binnen die interne kring. Hij wordt van oudsher gevonden bij wettelijk beschermde/vrije (vertrouwens)beroepen die een maat­schappelijke verantwoordelijkheid kennen, zoals advocaten en artsen.

De beroepsgroep van accountants lijkt op die van advocaten en artsen. Het is immers ook een sinds jaar en dag wettelijk gereguleerd vrij beroep, met een maatschappelijke verantwoordelijkheid. Het verbaast mij daarom eigenlijk dat accountants nog geen eed hebben, zeker omdat de gedragsregels en het tuchtrecht er al zijn.

Uit eigen kring zelf

De accountantseed is bovendien ontstaan, en groeit, binnen de eigen kring. De inhoudelijke discussies die op deze website worden gevoerd en het feit dat er inspraak is over de bewoordingen van de eed, zijn hier mooie voorbeelden van. Er is – naar ik heb begrepen – redelijke consensus over gedragsnormen van accountants en wat nodig is om de kwaliteit binnen de eigen kring te bewaken. Die normen worden door het tuchtrecht gehandhaafd.

Dit is wezenlijk anders dan bij de wettelijk verankerde bankierseed, waarover ik vooral kritisch was omdat deze een ‘van bovenaf opge­legd’ middel was en grotendeels niet een norm die in de interne kring zelf is ontstaan en gegroeid.

Inbedding

Daarnaast beoogde de ban­kierseed niet de codificatie te vormen van 'hoe-het-tot-nu-toe-ging' maar juist een cultuurverandering teweeg te brengen. Ik begrijp dat dit ook een doel is bij de accountantseed. Zo’n eed kan hiervoor op zichzelf een bruikbaar middel zijn, maar wel als onderdeel van een breder palet. Dit ontbrak bij de bankiers(eed), terwijl de accountantseed niet op zich staat. Deze past in bijvoorbeeld het sectorplan van september 2014 met daarin 53 voorgestelde maatregelen, waarvan de eed er slechts één is.

Ik heb goede hoop voor de accountantseed, omdat de symboliek daarvan de bewustmaking van de inhoud en de uitwerking door gedragsregels kan versterken.

Met de eed worden de verplichtin­gen van een ambt of beroep mede tot een persoonlijke inzet en verbintenis gemaakt, zodat overtreding daarvan niet alleen juridisch ver­wijtbaar maar ook ethisch laakbaar wordt. De eed is hierdoor zowel persoonlijk als symbolisch.

Een accountantseed tijdens bijvoorbeeld een ceremoniële diploma-uitreiking kan als toelatingseis tot de beroepsgroep en als uiting van de moreel-ethische gedragsnormen een goed sluitstuk zijn voor de reeds bestaande kwaliteitsnormen die door het tuchtrecht worden gehandhaafd.

Silvia Gawronski is advocaat bij NautaDutilh.

Noot: Silvia Gawronski is een van de sprekers tijden de Themabijeenkomst 'Van publiek belang naar persoonlijke invulling', voorafgaand aan de Algemene Ledenvergadering van de NBA op 22 juni 2015.

Wat vindt u van deze opinie?

Reageer Spelregels debat

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.