Tuchtrecht

Accountant/advocaat tuchtrechtelijk dubbel aanspreekbaar

Een advocaat, die ook is ingeschreven als registeraccountant en tijdens een gerechtelijke procedure met de RA-titel schermt, valt zowel onder het advocaten- als onder het accountantstuchtrecht. Advocaten die dat niet willen, moeten zich maar laten uitschrijven uit het accountantsregister.

Accountantskamer

Zaaknummers:
16/1207 Wtra AK
Datum uitspraak:
24 juli 2017
Oordeel:
ongegrond
Maatregel:
geen
Status:
nog niet definitief
Vindplaats:
ECLI:NL:TACAKN:2017:47

Lex van Almelo

Belangrijkste feiten

In een groot gezin voeren enkele kinderen diverse civielrechtelijke procedures tegen elkaar. Hun oude vader procedeert eveneens tegen één van de kinderen. Hij wordt daarin bijgestaan door de zoon die hij heeft aangewezen als executeur-testamentair.

Nadat de vader op 96-jarige leeftijd overlijdt komt de executeur-testamentair onder vuur te liggen in één van de civielrechtelijke procedures. In die procedure laten twee kinderen zich bijstaan door een advocate die tevens registeraccountant is. De twee stellen hun broer zowel privé als in zijn hoedanigheid van executeur aansprakelijk wegens een vermeende onrechtmatige daad.

De advocate suggereert dat de executeur paulianeus heeft gehandeld, ofwel: geld achterover heeft gedrukt ten nadele van de andere erfgenamen. De exacte schade van haar cliënt kan nog niet worden berekend omdat haar cliënt nog wacht op stukken en inlichtingen over de nalatenschap van de vader.

Het gerechtshof stelt zijn uitspraak in deze procedure - met instemming van alle partijen - uit totdat de Hoge Raad het hoogste woord heeft gesproken in een procedure die weer een andere broer of zus heeft aangespannen tegen deze erfgenaam. Daarbij is de verdeling van vier onroerende goederen de inzet.

In deze procedure staat de executeur één van zijn broers of zussen bij als adviseur. De advocaat brengt tijdens een bespreking in het kader van deze procedure opnieuw het paulianeus handelen van de executeur ter sprake.

In 2014 begint dezelfde erfgenaam met de advocate een nieuwe civiele procedure, tegen de executeur in privé. Hij/zij eist onder meer dat de executeur rekening en verantwoording aflegt over het beheer dat hij voerde voor de vader tot aan diens overlijden.

De executeur dient een klacht tegen de accountant/advocate in bij de Accountantskamer.

Klacht

De advocate heeft hem ten onrechte beticht van paulianeus handelen en ook allerlei andere grove en onware aantijgingen aan zijn adres gedaan.

Oordeel

De klacht is ongegrond.

Accountants- vs advocatenregels

In de kern komt de twaalfdelige klacht erop neer dat de advocate namens haar cliënt bewust ongefundeerde stellingen naar voren heeft gebracht die zij had moeten verifiëren bij de klager.

De advocate vindt die verwijten niet terecht, gezien de gedragsregels die gelden voor advocaten.

De Accountantskamer gaat er op grond van artikel 42 Wab vanuit dat ook een accountant die het beroep van advocaat uitoefent, is onderworpen aan het tuchtrecht voor accountants. Volgens eerdere jurisprudentie gaat het in dat wetsartikel om beroepsmatig handelen in ruime zin, inclusief het handelen van een accountant in zijn hoedanigheid van advocaat.

Een scherp onderscheid tussen het handelen als accountant dan wel als advocaat valt ook niet altijd te maken. Zo heeft de accountant/advocate zich in de processtukken uit deze zaak mede gepresenteerd als accountant door deze titel expliciet te vermelden.

Dat het handelen van een accountant als advocaat (mogelijk) ook is onderworpen aan het tuchtrecht voor advocaten is geen reden om het accountantstuchtrecht niet toe te passen. Dat de executeur ook een klacht tegen de advocate heeft ingediend bij de Deken van de Orde van Advocaten evenmin. Ook al bestaat door de duidelijke overlap van beide klachten het risico dat de tuchtrechters van beide beroepen tot tegenstrijdige uitspraken komen. Dat risico is inherent aan het handelen in twee beroepsmatige hoedanigheden. Als je dat niet wilt, moet je je maar laten uitschrijven uit het accountantsregister.

Niet jokken

De beginselen uit de VGBA zijn ook van toepassing op de accountant die optreedt als advocaat. Volgens het fundamentele beginsel van integriteit moet dat optreden eerlijk en oprecht zijn; de accountant mag de waarheid geen geweld aandoen. Verder moet een accountant voorkomen dat hij/zij in verband wordt gebracht met informatie die materieel onjuist is, onvolledig of misleidend is. Bijvoorbeeld door zich in een mededeling te distantiëren van die informatie.

Volgens het objectiviteitsbeginsel mag een accountant zich bij zijn afwegingen niet ongepast laten beïnvloeden. Een accountant die een bijzonder belang vertegenwoordigt, moet maatregelen treffen tegen de bedreiging van zijn objectiviteit. Waarmee niet gezegd is dat een

accountant in alle situaties onpartijdig en onafhankelijk moet zijn.

Volgens het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid moet de accountant een professionele dienst nauwgezet, grondig en tijdig uitvoeren en zich onthouden van elk handelen of nalaten waarvan hij weet of behoort te weten dat dit het accountantsberoep in diskrediet brengt of kan brengen.

Vanwege de bijzondere positie van de advocaat als behartiger van uitsluitend de belangen van zijn cliënt, sluit de Accountantskamer aan bij de jurisprudentie over het innemen van civielrechtelijke standpunten in zakelijke betrekkingen. Daarbij moet de accountant het wel heel bont maken, wil hij of zij tuchtrechtelijk worden veroordeeld. Bijvoorbeeld door bewust en dus te kwader trouw een onjuiste of misleidende stelling te betrekken, die in de ogen van een objectieve, redelijke en goed geïnformeerde derde schadelijk kan zijn voor het accountantsberoep. Het is ook tuchtrechtrechtelijk verwijtbaar als de accountant zo’n standpunt niet bewust heeft ingenomen, maar dit haar of hem niettemin in sterke mate kan worden verweten.

Deze strenge maatstaven stemmen overeen met de grote vrijheid die een advocaat volgens zijn gedragsregels heeft bij het presenteren van argumenten en feiten. Maar ook een advocaat mag (volgens Gedragsregel 30) niet bewust onjuiste feitelijke gegevens verstrekken.

Verwijzing niet voldoende

De executeur onderbouwt zijn klachten door te verwijzen naar een zestal uitspraken van de rechtbank c.q. het gerechtshof. Verder verwijst hij naar grootboekkaarten, notariële akten, jaarverslagen en andere stukken die hij heeft overgelegd. Daarbij heeft hij echter niet aangegeven welke passages zijn stellingen precies onderbouwen. Met alleen ‘kale’ verwijzingen heeft hij niet aannemelijk gemaakt dat de accountant/advocate wist of moest weten dat de ingenomen stellingen onjuist waren.

Ook uit de motivering van de vonnissen, waarin de vorderingen van zijn broers of zus worden afgewezen, kun je niet afleiden dat de stellingen waarop die vorderingen mede zijn gebaseerd, niet juist zijn. Daarbij komt dat tegen enkele vonnissen hoger beroep is ingesteld en de uitspraken gaan over andere partijen. De klager heeft ook niet aannemelijk gemaakt dat de accountant/advocate de juistheid van de stellingen had moeten onderzoeken.

Maatregel

Geen.

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang vier keer per week (maandag, woensdag, donderdag en vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox..