Tuchtrecht

Jaarrekening en aangiften op basis van nepfacturen

Een registeraccountant stelt jaarrekeningen samen en doet ob-aangiften voor twee projectontwikkelaars zonder vragen te stellen over de onderliggende facturen, terwijl daar alle reden voor was.

Accountantskamer

Zaaknummers:
18/488 Wtra AK
Datum uitspraak:
25 januari 2019
Oordeel:
gegrond
Maatregel:
waarschuwing
Status:
nog niet definitief
Vindplaats:
ECLI:NL:TACAKN:2019:9

Lex van Almelo

Belangrijkste feiten

Een registeraccountant stelt voor drie bv’s de jaarrekeningen 2011 tot en met 2014 samen en verzorgt de ob- en ib-aangiftes van de onderneming respectievelijk de dga’s en hun echtgenotes in privé. Met ingang van 2017 stopt de accountant hiermee.

De dga’s zijn twee broers die zich bezighouden met projectontwikkeling. Tot 2012 deden ze dat (ook) via een vennootschap onder firma, die toen failliet is verklaard, net als de broers. De accountant kent deze antecedenten.

Begin 2015 opent de Belastingdienst/FIOD een strafrechtelijk onderzoek naar de drie bv’s van de gebroeders. Er wordt een boekenonderzoek ingesteld en de broers worden gehoord. In mei onderzoeken de rechercheurs het cliëntdossier in het pand van het accountantskantoor, in het bijzijn van de accountant.

De administraties van de bv’s blijken voor ruim zes ton aan valse facturen te bevatten, onder meer van een advocatenkantoor en twee andere ondernemingen. De broers geven toe dat zij de tientallen nepfacturen zelf hebben gemaakt om daarmee omzetbelasting terug te vragen bij de Belastingdienst. Van 2012 tot en met 2014 hebben zij ten onrechte in totaal 128.411 euro aan omzetbelasting ontvangen.

Het Functioneel Parket van het Openbaar Ministerie in Zwolle dient een klacht tegen de accountant in.

Klacht

De accountant is onvoldoende zorgvuldig geweest door twijfelachtige gegevens van zijn cliënten te (laten) verwerken in de ob-aangiften.

Oordeel

De klacht is gegrond.

De accountant die verantwoordelijk is voor het indienen van aangiften omzetbelasting namens de cliënt moet altijd nagaan of daarbij is voldaan aan de regels van het belastingrecht. Volgens die regels mag alleen btw worden teruggevraagd die daadwerkelijk moet worden betaald op basis van ontvangen facturen. Dat geldt zeker als de accountant namens een cliënt vraagt om teruggave van aanzienlijke bedragen.

Volgens de VGC respectievelijk VGBA moet de accountant dan waarborgen treffen of maatregelen nemen tegen bedreigingen voor het naleven van de beginselen van integriteit respectievelijk deskundigheid/vakbekwaamheid en zorgvuldigheid. De accountant en/of zijn medewerkers moeten acht slaan op signalen die wijzen op het indienen van onjuiste aangiften. En naarmate de ingediende aangiften omzetbelasting resulteren in hogere teruggaven moeten zij beter opletten.

Volgens het OM werden de bewuste facturen nooit betaald en werden er geen aanmaningen ontvangen. Daardoor bleven de facturen lange tijd als schuld op de balans staan, terwijl de drie bv’s van 2012 tot en met 2014 geen omzet van betekenis maakte en de post crediteuren met name in 2014 opliep.

De accountant voert ter verdediging aan dat:

  • de drie bv’s actief waren in de projectontwikkeling, waar het in de ontwikkelingsfase niet ongebruikelijk is om kosten te maken zonder omzet te realiseren;
  • in de facturen werd verwezen naar diverse projectnamen en –plaatsen die de accountant kende;
  • de facturen dus geen vragen opriepen;
  • de cliënten hun administratie voerden op basis van het factuurstelsel;
  • de cliënten hun bankafschriften altijd (heel) laat aanleverden;
  • bankafschriften niet noodzakelijk zijn om ob-aangiften op te stellen;
  • er geen sprake was van een oplopende crediteurenstand;
  • hij geen zicht had op betalingsherinneringen, omdat die niet naar hem maar naar zijn cliënten werden gestuurd;
  • er in 2014 geen samenstellingsopdracht meer werd uitgevoerd en hij geen bankafschriften over 2014 had;
  • facturen niet klakkeloos en kritiekloos in de administratie zijn verwerkt, omdat hij en zijn medewerkers wel degelijk vragen hebben gesteld.

De werkzaamheden voor de bv’s werden gedaan door werknemers van het accountantskantoor, die zelf geen accountant waren. Deze werkzaamheden werden verricht onder de verantwoordelijkheid en leiding van de accountant. De accountant bemoeit zich naar eigen zeggen over het algemeen niet met de verwerking van de administraties van cliënten, omdat dit praktisch onmogelijk is. De medewerkers krijgen instructies uit een handboek, waarin ook de indicatoren voor fraude zijn opgenomen.

Volgens de Accountantskamer liep de crediteurenstand bij alle drie de bv’s op, terwijl er weinig tot geen omzet werd gerealiseerd. De accountant wist dat de financiële situatie bij de bedrijven slecht was. Zelf moest hij soms twee jaar wachten tot zijn facturen werden betaald. Het slechte betalingsgedrag van zijn cliënten was voor hem uiteindelijk een reden om de jaarrekening over 2014 niet meer samen te stellen, maar alleen nog de administratie te verwerken voor zover dat nodig was om de aangiften omzetbelasting te kunnen doen.

Al met al hadden de feiten en omstandigheden in ieder geval in 2014 aanleiding moeten zijn om nadere vragen te stellen aan de broers. De accountant had de aangeleverde facturen niet zonder meer moeten verwerken in de administratie en op basis daarvan aangiften omzetbelasting mogen indienen. De accountant wist ook van het faillissement van de firma in 2012 en wist als crediteur hoe slecht de bv’s er financieel voor stonden. Hij had kunnen en moeten weten dat de crediteurenstand in 2014 opliep. En drie facturen - voor in totaal 124.360,86 euro - waren afkomstig van een huurder, terwijl een huurder in het algemeen geen facturen stuurt aan de verhuurder.

De accountant voert nog aan dat hij niet kon en hoefde te zien dat de crediteurenstand in 2014 flink opliep, omdat hij de jaarrekening over 2014 niet heeft samengesteld en de bankafschriften niet had. Maar de Accountantskamer wuift dit verweer weg. Zijn kantoor heeft wel de administraties verwerkt en aan de hand daarvan de aangiften omzetbelasting opgesteld.

De medewerkers hebben te weinig vragen gesteld bij de facturen die zij verwerkten, terwijl zij dat wel hadden moeten doen gezien de hoogte van de facturen en de uitblijvende omzet. Uit interne notities blijkt weliswaar dat medewerkers wel wat vragen hebben gesteld bij diverse facturen, maar het overzicht in deze notities is summier en bevat alleen relatief kleine bedragen.

In de jaarrekeningen over 2012 en 2013 van twee bv’s is een continuïteitsparagraaf te vinden. Daarin staat dat er een materiële onzekerheid bestaat die gerede twijfels doet rijzen over de continuïteitsveronderstelling van de bv. Deze onzekerheid is te wijten aan de kortlopende schulden die groter waren dan de totale activa. Ook roept het vragen op dat er onderhanden projecten zouden zijn, maar de kosten daarvoor niet waren geactiveerd.

De accountant was niet alert genoeg en heeft gehandeld in strijd met het vakbekwaamheids- en zorgvuldigheidsbeginsel. Ook heeft hij zijn medewerkers onvoldoende begeleid en in de smiezen gehouden.

Maatregel

Waarschuwing. De accountant heeft meerdere jaren signalen genegeerd die vragen hadden moeten oproepen. Hij heeft zijn medewerkers onvoldoende geïnstrueerd en begeleid, waardoor zij hun werkzaamheden niet zo goed hebben gedaan als van hen mocht worden verwacht.

Annotatie Lex van Almelo

Jarenlang amper omzet maken, maar wel ruim zes ton aan facturen ontvangen, is vreemd. Maar in de projectontwikkeling is het niet ongebruikelijk, meent de accountant in kwestie. Dat de onderneming de facturen niet betaalde, geen aanmaningen kreeg, de post crediteuren liet oplopen en zeer laat kwam met de bankafschriften, vond de accountant ook niet vreemd. Hem alarmeerde het ook niet dat een huurder in totaal 124.360,86 euro factureerde, terwijl een huurder geen facturen pleegt te sturen aan de verhuurder. Noch dat de kosten voor de onderhanden projecten niet waren geactiveerd. De tuchtrechter vindt dat dit had moeten leiden tot kritische vragen.

De onderneming stond er financieel zo slecht voor dat de accountant naar een deel van zijn geld moest fluiten. Misschien is dat de reden dat de accountant zelf nauwelijks naar deze klant omkeek en de ob-aangiften liet verzorgen door zijn medewerkers die hij overigens amper begeleidde en controleerde. De Accountantskamer zegt andermaal dat je bij het indienen van ob-aangiften namens de klant scherper moet opletten naarmate de terug te ontvangen bedragen hoger zijn. En dat je verantwoordelijk bent voor het werk van jouw medewerkers, die je dan ook voldoende moet aansturen en controleren.

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.