Tuchtrecht

Privéboekhouding doen valt onder het tuchtrecht

Een registeraccountant, die dertig jaar lang de boekhouding deed voor zijn ouders en was benoemd tot executeur van hun testament was slordig, maar heeft niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld.

Accountantskamer

Zaaknummers:
18/932 Wtra AK
Datum uitspraak:
29 maart 2019
Oordeel:
niet-ontvankelijk / ongegrond
Maatregel:
geen
Status:
nog niet definitief
Vindplaats:
ECLI:NL:TACAKN:2019:24

Lex van Almelo

Belangrijkste feiten

Een zoon is registeraccountant en door zijn ouders aangewezen als executeur-testamentair. Hij had een broer, wiens weduwe namens haar zoon de manier aanvecht, waarop haar zwager het testament executeert. De accountant zou namelijk geld achterover hebben gedrukt.

De kantonrechter ziet onvoldoende gewichtige redenen om de accountant te ontslaan als executeur. Dan dient de schoonzus een klacht tegen haar zwager in bij de Accountantskamer.

Klacht

De accountant heeft:

a. in de ruim dertig jaar dat hij de boekhouder was van zijn ouders geld van hen verduisterd;

b. de boedels van vader en moeder foutief beschreven en geweigerd de andere erfgenamen bankafschriften toe te sturen uit de periode tussen de overlijdensdata van moeder en vader, terwijl hij dat als executeur wel moet doen.

Oordeel

De klacht is deels niet-ontvankelijk en voor de rest ongegrond.

Privéboekhouding is beroepsmatig

Het verduisteren van geld van de ouders bij het doen van hun administratie is te zien als handelen in de privésfeer. Tot 1 januari 2013 was de reikwijdte van het tuchtrecht beperkt tot “beroepsmatig handelen” en het College van Beroep voor het bedrijfsleven rekende handelen in de privésfeer daar niet toe. De klacht is niet-ontvankelijk voor zover die gaat over de feiten vóór 2013.

Daarna zijn de gedragingen wel vatbaar voor tuchtrechtelijke toetsing, omdat de accountant volgens artikel 42 van de Wab onderworpen is aan tuchtrechtspraak “ten aanzien van zijn beroepsuitoefening”. Dat valt ook af te leiden uit de wordingsgeschiedenis van dit artikel en uit artikel 1 van de VGBA, waarin het begrip professionele dienst is gedefinieerd als: werkzaamheden waarvoor vakbekwaamheid als accountant wordt of kan worden aangewend.

Volgens de toelichting op dit artikel moet dat begrip ruim worden opgevat. Ook werkzaamheden die de accountant gratis en in zijn vrije tijd uitvoert voor zichzelf of een derde vallen daaronder. Als bij de uitvoering van die werkzaamheden tenminste de vakbekwaamheid als accountant wordt of kan worden aangewend.

De administratieve werkzaamheden die de zoon heeft uitgevoerd tussen 1 januari 2013 en het moment dat beide ouders waren overleden, vallen dus onder het bereik van het tuchtrecht. Ook de werkzaamheden als executeur van de nalatenschappen van zijn ouders (zie klachtonderdeel b) zijn vatbaar voor tuchtrechtelijke toetsing.

De schoonzus heeft echter niet aannemelijk gemaakt dat haar zwager geld heeft verduisterd of anderszins tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. De accountant heeft op de zitting erkend dat er fouten zaten in de boedelbeschrijvingen en dat hij die had moeten zien toen hij de beschrijvingen opmaakte. De verschillen in diverse beschrijvingen zijn dus terug te voeren op slordigheden, die te licht zijn om tuchtrechtelijk relevant te zijn.

Maatregel

Geen.

Annotatie Lex van Almelo

Een vrouw had kennelijk meer verwacht van de erfenis van haar schoonouders en klaagt haar zwager aan, die de boekhouding deed voor zijn ouders en als executeur hun nalatenschappen afwikkelde. Sinds 2013 vallen zulke werkzaamheden onder het tuchtrecht omdat de accountant daarvoor zijn vakbekwaamheid inzet of kan inzetten.

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.