Tuchtrecht

Opzettelijk onjuiste Vpb-aangifte

Een voormalig registeraccountant wordt voor de maximale termijn doorgehaald omdat hij in 2017 definitief is veroordeeld wegens belastingfraude.

Accountantskamer

Zaaknummers:
19/2341 Wtra AK
Datum uitspraak:
14 september 2020
Oordeel:
gegrond
Maatregel:
doorhaling met herinschrijvingsverbod van 10 jaar
Status:
nog niet definitief
Vindplaats:
ECLI:NL:TACAKN:2020:56

Lex van Almelo

Belangrijkste feiten

Een (inmiddels uitgeschreven) registeraccountant is financieel directeur van een nv met enkele dochter-bv’s. Hij verzorgt de administratie van een bv vanuit deze groep. In 2003 doet de bv aangifte vennootschapsbelasting over het boekjaar 1 juni 2001 tot en met 31 maart 2003. In de aangifte staat ten onrechte een bedrag aan willekeurige afschrijving voor een kantoorgebouw, dat in september 2002 is verkocht aan een andere bv.

De accountant wordt hiervoor strafrechtelijk vervolgd en de rechtbank Oost-Brabant veroordeelt hem in april 2013 tot een gevangenisstraf, een taakstraf en een geldboete wegens “opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist doen terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, begaan door een rechtspersoon, terwijl hij feitelijk leiding heeft gegeven aan de verboden gedraging”. Hij wordt vrijgesproken van het vervalsen van een factuur voor de aankoop van een vakantieresort in Montenegro voor 119 miljoen euro.

In hoger beroep bevestigt het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch het vonnis van de rechtbank, maar verlaagt de opgelegde straffen tot 66 dagen cel, 120 uur taakstraf en 8000 euro boete.

Als de accountant later in verband met een naderende kantoortoetsing wordt gevraagd of hij betrokken was bij strafrechtelijke procedures ontkent hij dit. Na het arrest van het hof dient de NBA een tuchtklacht in tegen de accountant.

Klacht

De definitieve veroordeling bewijst dat de accountant in strijd heeft gehandeld met artikel 5 van de destijds geldende Gedrags- en beroepsregels registeraccountants 1994.

Oordeel

De klacht is gegrond.

De accountant – die zich ondertussen heeft laten uitschrijven uit het register - fraudeerde in 2003 toen hij nog wel als accountant stond ingeschreven. Hij is voor die fraude dus nog onderworpen aan tuchtrechtspraak en belastingaangifte doen raakt aan de werkzaamheden die een accountant doorgaans verricht of zou kunnen verrichten.

In de strafrechtelijke procedure is bewezen dat de accountant feitelijk leiding heeft gegeven aan het opzettelijk doen van een onjuiste aangifte vennootschapsbelasting door de groeps-bv.  De accountant verweert zich niet schriftelijk, maar zegt op de zitting dat hij:

  • tijdens het opmaken van de Vpb-aangifte niet twijfelde aan de toelaatbaarheid van de willekeurige afschrijving;
  • anders dan het gerechtshof aanneemt geen kennis heeft genomen van een (waarschijnlijk voor hem achtergehouden) brief van de Belastingdienst, waaruit hij had kunnen opmaken dat de willekeurige afschrijving al was afgewezen.

Omdat de uitspraak van het hof onherroepelijk is, negeert de Accountantskamer dit verweer. Volgens de tuchtrechter is tuchtrechtelijk voldoende aannemelijk geworden dat de accountant feitelijk leiding heeft gegeven aan het doen van een onjuiste Vpb-aangifte door de groeps-bv. De veroordeling hiervoor is schadelijk voor de eer van de stand. De accountant heeft de waarheid willens en wetens geweld aangedaan en was bovendien oneerlijk tegenover de Belastingdienst.

Maatregel

Doorhaling met een niet-herinschrijvingstermijn van tien jaar. Door zijn handelwijze heeft de accountant het vertrouwen in accountants “op zeer ernstige wijze geschaad”. Hij is het publieke vertrouwen dat in een accountant moet kunnen worden gesteld zo onwaardig dat alleen een doorhaling van zijn inschrijving passend en geboden is, met de maximale termijn van tien jaar waarbinnen hij zich niet opnieuw kan inschrijven.

De doorhaling is “uitvoerbaar bij voorraad”. Dat wil zeggen dat die onmiddellijk van kracht wordt, ook al zou de accountant in hoger beroep gaan. Wel kan hij het College van Beroep voor het bedrijfsleven vragen de tenuitvoerlegging te schorsen. Dat hij zich op eigen verzoek heeft laten uitschrijven uit het register maakt een maximale doorhaling niet onmogelijk.

Annotatie Lex van Almelo

Een registeraccountant is als financieel directeur een pion in een beleggingsfraude met vastgoed aan de kust van Montenegro bij Budva. Hij zou een factuur hebben vervalst van de aankoop van een vakantieresort in de Jaz Baai voor 119 miljoen euro. Maar de rechtbank acht dit niet bewezen. Wel bewezen vindt de rechtbank dat de accountant in 2003 een onjuiste Vpb-aangifte heeft ingediend, waarin ten onrechte een willekeurig bedrag op een kantoorpand wordt afgeschreven. In hoger beroep worden de vrijspraak en de veroordeling bevestigd. Het is dan najaar 2017.

De definitieve veroordeling is voor de NBA voldoende om in januari 2018 een klacht in te dienen tegen de accountant. Het is mij een raadsel hoe die ontvankelijk kon worden verklaard. Natuurlijk wist de NBA nog maar vier maanden dat de accountant fout zat. Maar de absolute klachttermijn van tien jaar was toen toch al bijna vijf jaar verstreken, zou je zeggen. De accountant voert amper verweer en zegt ook niet dat de NBA te laat is met haar klacht. Misschien dat de Accountantskamer er daarom met geen woord over rept. Wellicht kaart de accountant de ontvankelijkheidskwestie wel aan in hoger beroep.

Zijn veroordeling door de Accountantskamer is een ABC’tje: definitief strafrechtelijk veroordeeld? Dan heb je de eer van de stand (in 2003 nog) geschaad en volgt de zwaarste maatregel. Persoonlijk vind ik de motivering van de doorhaling voor minstens tien jaar nogal mager. Natuurlijk schaadt een accountant het aanzien van het beroep als hij opzettelijk onjuiste aangifte doet. Maar foute aangiftes heb je in soorten en maten. Waarom moeten we er in dit geval zo zwaar aan tillen?

De accountant heeft tegenover de NBA overigens gelogen over de strafrechtelijke vervolging toen daarnaar werd gevraagd in het kader van de periodieke toetsing. De NBA klaagt hier niet over en de Accountantskamer negeert de leugens in haar oordeel. Kennelijk vond de kamer de fraude al erg genoeg voor de maximale douw. Maar nogmaals, het is mij niet helemaal duidelijk waarom.

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.