RAL

RAL - Job

Arnout van Kempen stort zich wekelijks op literatuur. In deel elf van de reeks 'RAL' (Relevante Accountants Literatuur) gaat het over het Bijbelboek Job.

Arnout van Kempen

Job is een tamelijk uniek boek uit de Joodse wijsheidsliteratuur, dat een plaats heeft gevonden in de canon van de Bijbel. Het verhaal gaat terug op een zeer oude traditie. Het is in allerlei opzichten vrij curieus en ook wat ongemakkelijk, voor wie graag wil zien dat de Bijbel van Genesis tot Apocalyps een consistent geheel is. Zo speelt het verhaal zich af in Uz, een land dat we niet kennen. En zeker zo opmerkelijk, de Satan is bij Job een soort hoveling aan Gods hof.

In het verhaal pronkt God met Job, een zeer vrome dienaar van God. Satan schampert wat. Job heeft het ook wel erg makkelijk. Dan gaan God en Satan een soort weddenschap aan. Satan mag Job in de ellende storten en God meent dat Job dan toch vroom zal blijven.
Vervolgens zien we hoe Job inderdaad het extreem zwaar krijgt. Hij beklaagt zich en zijn vrienden verdedigen het klassieke standpunt dat lijden een straf is en Job dus wel iets fout zal hebben gedaan. Job ontkent dat en roept God ter verantwoording. God verwerpt niet alleen de vraag, maar pakt zowel Job als zijn vrienden stevig aan. De vrienden omdat ze het lijden als straf hebben gepresenteerd en Job omdat hij God ter verantwoording roept.
Opmerkelijk is wel dat Job aan de vrienden tot voorbeeld wordt gesteld, omdat Job wel juist over God sprak en de vrienden niet. Job erkent dat hij de positie niet heeft om God ter verantwoording te roepen en hij onderwerpt zich volledig.

En dat is relevant, omdat….

De voor de hand liggende les is dat Satan gelijk heeft om de vraag te stellen. Want het ís een goede vraag. Is Jobs vroomheid echt, of koopt hij haar met zijn voorspoed? Wie het goed heeft, heeft makkelijk geloven. Haal de zekerheden weg en kijk wat er overblijft. Dat is de stresstest, de adverse opinion, het georganiseerde wantrouwen waar ons vak van leeft.

Satan gelooft de vroomheid niet op haar woord en eist bewijs. Dat is geen kwaadaardigheid. Dat is zijn functieomschrijving.
En laten we eerlijk zijn over wie die Satan is. Geen duivel met horens. Het woord betekent letterlijk de aanklager, een rol aan het hof; zoiets als de officier van justitie van de hemel. Hij doet zijn werk en hij doet het goed. Hij stelt de ene vraag die niemand durft te stellen over de beste man van de stad. Wie in mijn vak werkt, herkent hem onmiddellijk en zou zich moeten schamen als hij hem niet herkent, want hij kijkt naar hem in de spiegel. De compliance officer ís de aanklager. Het organiseren van het wantrouwen, dat is wat wij doen. En de accountant in hoge mate niet anders.
Maar let nu op wie de test bestelt en wie hem ondergaat. Satan oppert de twijfel. God geeft de opdracht. En Job, de inzet van het geheel, hoort van niets. Hij is niet de verdachte. Hij is het bewijsmateriaal in een geschil tussen twee anderen, hoog boven hem, dat over hem gaat zonder dat het aan hem is. Hij verliest zijn kinderen, zijn gezondheid, zijn naam en niemand vertelt hem waarom. Er is een weddenschap en hij is de fiche.
Hier houdt de geruststelling op. Want de test slaagt. Job blijft vroom, de vroomheid blijkt echt, het wantrouwen wordt weerlegd. Het systeem heeft gewerkt: hij was integer. En om dat vast te stellen is hij vermorzeld. Dat is geen abstractie, dat is de medewerker die je een half jaar onderzoekt en die schoon blijkt. De uitkomst is een vrijspraak en de prijs is alles wat het onderzoek onderweg heeft kapotgemaakt. De aanklager had een goede vraag, de aanklager kreeg zijn antwoord en de onschuldige betaalde de rekening voor zijn eigen onschuld.

En dan, aan het eind, verschijnt God. Niet om uit te leggen. Job vraagt naar het waarom en krijgt geen waarom, hij krijgt een storm en een reeks vragen terug die hem op zijn plaats zetten. Job onderwerpt zich. Maar bedenk wat hij op dat moment niet weet en nooit te horen krijgt: dat er een weddenschap was. Dat hij geslaagd is. Dat hij gelijk had. Hij buigt voor een stilte. De getoetste verneemt niet eens dat hij getoetst werd.

Ik kan dit niet oplossen en ik ga het niet proberen. De aanklager is nodig. Ons vak zonder wantrouwen is een vak dat alles op zijn woord gelooft. En dat is geen accountancy, geen compliance. Maar Job laat zien wat de prijs van dat wantrouwen is wanneer het terechtkomt bij iemand die het niet verdiende en dat die prijs niet wordt betaald door wie hem oplegt. Wij testen de vroomheid van een ander en noemen het zorgvuldigheid. Job vraagt of we de man durven aankijken die we kapot hebben getest om te bewijzen dat hij heel was.
De vrienden hadden het mis met hun nette verdediging van God. De oncomfortabele waarheid is kennelijk dat de aanklager gelijk kan hebben en toch niet vrijuit gaat.

Arnout van Kempen is directeur compliance & risk bij aaff. Hij schrijft op persoonlijke titel.

Gerelateerd

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.