Marcel Pheijffer

Marcel Pheijffer is positief over de voordracht voor een nieuwe, onafhankelijke voorzitter van de NBA.

Discussie Column

Beste Kris: mijn stem heb je!

Onze NBA krijgt een nieuwe voorzitter. De beoogde kandidaat - Kris Douma - is voor de beroepsorganisatie geen onbekende: hij was betrokken bij het implementatieproces van de '53 maatregelen' uit 2014. Toch is Douma een buitenstaander, hij is namelijk geen accountant. Eindelijk draagt de NBA - na een (te) lange periode van geschutter - een voorzitter 'van buiten' voor. Op 13 december aanstaande zal de Ledenvergadering beslissen of zij die voordracht overneemt.

Douma gaat mijn stem krijgen, in tegenstelling tot zijn voorganger Marco van der Vegte. Voor de vergadering waarin laatstgenoemde als NBA-voorzitter werd benoemd, liet ik hem al weten niet op hem (maar blanco) te stemmen. Rond zijn benoeming speelde de Steinhoff-affaire op, waarbij zijn kantoor was betrokken. Ik zag en zie in Van der Vegte daarom geen goed boegbeeld om te spreken over een belangrijk onderwerp als fraude. Hij heeft de rol van Deloitte in de Steinhoff-casus altijd verdedigd en is daar bovendien later niet publiekelijk op teruggekomen, nadat de Accountantskamer alle klachtonderdelen waarover de AFM heeft geklaagd, gegrond heeft verklaard. De Accountantskamer heeft klip en klaar uitgelegd dat het in casu niet om een oordeel gaat over de vraag of Deloitte (althans de controlerend accountant) de fraude bij Steinhoff al dan niet heeft ontdekt, maar dat het vaststaat dat Deloitte in het jaar daarvoor forse steken heeft laten vallen. Overigens heeft Deloitte de zaak voor enkele tientallen miljoenen euro's geschikt.

Voorgaande benadrukt het belang van een onafhankelijke NBA-voorzitter: Deze dient de feiten onbevangen tegemoet te treden, moet los van eigen- en kantoorbelangen kunnen spreken en dient het publiek belang altijd mee te laten wegen. In die zin gaf Douma in een recent FD-interview het goede antwoord toen hij kreeg voorgelegd dat "accountants kopschuw zijn en niet goed op kritiek reageren", namelijk: "(…) Je zult mij niet heel snel de deur dicht zien gooien als ik straks gekozen ben. Ik vind dat je als sector permanent publiek moet blijven verantwoorden waar je mee bezig bent."

Zo is het. De NBA-voorzitter hoort het gezag binnen en buiten de beroepsgroep te hebben om te spreken over belangrijke onderwerpen, zonder dat er eerst allerhande overleg met en afstemming tussen accountants(kantoren) plaatsheeft. Dat gezag binnen de beroepsgroep moet Douma verdienen en waarmaken, maar de accountants(organisaties) moeten hem dat ook gunnen. Buiten de beroepsgroep tellen vooral de daden en niet de woorden van de voorzitter.

Blijkens het FD-interview is Douma geen voorstander van meer regels (hij wijst op de 53 maatregelen van de werkgroep, de MCA- en CTA-voorstellen en een voorliggend wetsvoorstel) en uit hij twijfels of die helpen: "Het probleem zit grotendeels in de cultuur, de professioneel-kritische houding, en wat wij als NBA daaraan gaan bijdragen. Om ze weerbaarder te maken. Dat gaat niet met meer regels, het gaat over hoe je werkt en of je bij problemen bij bedrijven inderdaad kritisch je rol kunt blijven vervullen als accountant."

Zo is het ook. Dat constateerden de werkgroep in 2014, de MCA en de CTA eerder namelijk ook al. De MCA kwam in haar eerste twee rapporten dan ook bewust niet met meer maatregelen. Maar omdat de sector zelf onvoldoende in staat was om adequate voortgang te maken, is in het MCA-eindrapport juist wel richting gegeven.

In dit verband heb ik een leestip voor de lockdown-periode en de decembermaand, het recent uitgekomen The behavioral code. The hidden ways the law makes us better …. or worse (Benjamin van Rooij & Adam Fine). Een boek waarin het belang van wetten wordt gerelativeerd: het gaat niet om de letters op papier, maar het gedrag dat we met de wet willen beïnvloeden en de vraag of dat ook effectief lukt. Wetten, andere regelgeving, maatregelen zijn geen doel op zich, maar een instrument om mensen de juiste richting op te laten bewegen.

Binnen onze sector zijn we wetten, andere regelgeving en maatregelen te vaak wel als een doel op zich gaan zien. De sector is te compliancegericht. Een project als de Audit Quality Indicators wordt als een stap voorwaarts gepresenteerd. Het is een noodzakelijke stap in het proces van verantwoording afleggen over prestaties. Maar wat zijn de veranderingen erdoor op de werkvloer? De sector zoekt naarstig naar maatregelen inzake fraude en continuïteit, maar zaait zelf - wederom door bestuurlijk gestuntel - twijfel over de effectiviteit ervan. Twijfel die er is omdat accountants er niet meer of anders door gaan werken, maar louter beter opschrijven wat zij aan deze onderwerpen doen. Maar wat zij moeten doen is volstrekt helder (in de woorden van Douma): "Je hebt wel een taak om een adequaat gevolg te geven aan zaken die je ziet en die niet kloppen." Niet meer, maar vooral niet minder.

Maar terug naar de kern van deze bijdrage: Kris Douma krijgt mijn stem. Waarmee ik niet wil zeggen dat hij geheel past binnen mijn voorkeursprofiel van de voorzitter. Liever had ik een nog steviger kandidaat (uit het bedrijfsleven) gezien en geen voormalig politicus. Maar Douma is wel de enige kandidaat die is voorgedragen. Ik zie zijn onafhankelijkheid bovendien als een groot voordeel. Zijn woordkeuze in het FD-interview kent wat mij betreft de juiste toonhoogte. Als hij daarvan blijk blijft geven en zijn woorden daadwerkelijk omzet in tastbare daden, heeft Douma niet alleen mijn stem maar ook mijn vertrouwen. Veel succes Kris!

Wat vindt u van deze column?

Reageer

Marcel Pheijffer (1967) is hoogleraar Forensische Accountancy aan de universiteiten Nyenrode en Leiden.

Gerelateerd

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.